AN thema 4 Flashcards Preview

thema 4 > AN thema 4 > Flashcards

Flashcards in AN thema 4 Deck (200):
1

Wat is de origo van m. rectus femoris?

spina iliaca anterior inferior (SIAI)

2

Wat is de insertie van m. rectus femoris?

tuberositas tibiae (via lig. patellae)

3

Wat is de functie van m. rectus femoris?

heup: flexie
knie: extensie

4

Wat is de innovatie van m. rectus femoris?

n. femoralis

5

Wat is de origo van m. sartorius?

Spina iliaca anterior superior (SIAS)

6

Wat is de insertie van m. sartorius?

mediaal van tuberositas tibae

7

Wat is de functie van de m. sartorius?

heup: flexie, abductie, exorotatie
knie: flexie, endorotatie

8

Wat is de innervatie van de m. sartorius?

n. femoralis

9

Wat is de origo van de m. iliopsoas?

m. psoas major:
oppervlakkig: wervellichaam th12 - L5 en bijbehorende tussenwervelschijven
diep: wervel L1 - L5

m. iliacus
fossa iliaca

10

Wat is de insertie van de m. iliopsoas?

trochanter major

11

Wat is de functie van de m. iliopsoas

heup: flexie, exorotatie
LWK: unilateraal --> samentrekken buigt de romp lateraal naar dezelfde kant.
Bilateraal --> samentrekken tilt de romp op uit een geseponeerde positie.

12

Wat is de origo van de m. pectineus?

pecten ossis pubis

13

Wat is de insertie van de m. pectineus?

femur (linea pectinea en de proximale linea aspera)

14

Wat is de functie van m. pectineus?

heup: adductie, exorotatie, lichte flexie
stabilisatie van het bekken in het coronale en sagittale vlak

15

Wat in de innervatie van m. pectineus?

n. femoralis + n. obturatorius

16

Wat is de origo van de m. adductor longus?

r. superior ossis pubis en ventrale kant van de symphisis pubica

17

Wat is de insertie van de m. adductor longus?

femur (labium mediale lineae asperae op het middengedeelte van het femur

18

Wat is de functie van de m. adductor longus?

heup: adductie, flexie (tot 70 graden), extensie (vanaf 80 graden flexie)
stabilisatie bekken in het coronale en sagittale vlak

19

Wat is de innervatie van de m. adductor longus?

n. obturatorius

20

Wat is de origo van de m. gracilis?

r. inferior ossis pubis onder de symphysis pubica

21

Wat is de insertie van de m. gracilis?

tibia (mediale rand van de tuberositas tibiae)

22

Wat is de functie van de m. gracilis?

Heup: adductie, flexie
Knie: flexie, endorotatie

23

Wat is de innervatie van de m. gracilis?

n. obturatorius

24

Wat is de origo van de m. adductor brevis?

r. inferior ossis pubis

25

Wat is de insertie van de m. adductor brevis?

femur (labium mediale lineae asperae op het middengedeelte van het femur)

26

Wat is de functie van de m. adductor brevis?

heup: adductie, flexie (tot 70 graden), extensie (vanaf 80 graden flexie)
stabilisatie bekken in het coronale en sagittale vlak

27

Wat is de innervatie van de m. adductor brevis?

n. obturatorius

28

Wat is de origo van de m. adductor magnus?

r. inferior ossis pubis, r. ossis ischii, tuber ischiadicum

29

Wat is de insertie van de m. adductor magnus?

diep gedeelte: labium mediale linea asperge
oppervlakkige gedeelte: tuberculeus adductorium

30

Wat is de functie van de m. adductor magnus?

heup: adductie, extensie, lichte flexie de pees aanhechting ondersteunt ook de endorotatie
stabilisatie van het bekken in het coronale en sagittale vlak

31

Wat is de innervatie van de m. adductor magnus?

diep gedeelte: n. obturatorius
oppervlakkig gedeelte: n. tibialis

32

Wat is de origo van de m. biceps femoris, caput longum?

tuber ischiadicum, lig. sacrotuberale

33

Wat is de insertie van de m. biceps femoris, caput logum?

caput fibula

34

Wat is de functie van de m. biceps femoris, caput longum?

heup: extensie, stabilisatie van het bekken in het sagittale vlak
knie: flexie, exorotatie

35

Wat is de innervatie van de m. biceps femoris, caput longum?

n. tibialis

36

Wat is de origo van de m. biceps femoris, caput breve?

labium mediale linea asperae op het middengedeelte van het femur

37

Wat is de insertie van de m. biceps femoris, caput breve?

caput fibula

38

Wat is de functie van de m. biceps femoris, caput breve?

knie: flexie, exorotatie

39

Wat is de innervatie van de m. biceps femoris, caput breve?

n. fibula's communis

40

Wat is de origo van de m. semimembranosus?

tuber ischiadiucum

41

Wat is de insertie van de m. semimembranosus?

condylus medialis tibiae, lig. popliteum obliquus, fascia poplitea

42

Wart is de functie van de m. semimembranosus?

heup: extensie, stabilisatie van het bekken in het sagittale vlak
knie: flexie, endorotatie

43

Wat is de innervatie van de m. semimembranosus?

n. tibialis

44

Wat is de origo van de m. semitendinosus?

tuber ischiadicum en lig. sacrotuberale

45

Wat is de insertie van de m. semitendinosus?

mediaal van de tuberositas tibea in de pes anserinus

46

Wat is de functie van de m. semitendinosus?

Heup: extensie, stabilisatie van het bekken in het sagittale vlak
knie: flexie, endorotatie

47

Wat is de innervatie van de m. semitendinosus?

n. tibialis

48

Wat is de origo van de m. gluteus maximus?

os sacrum (dorsaal vlak, lateraal gedeelte) os ilium (gluteaal vlak, dorsaal gedeelte), fascia thoracolumbalis, lig. sacrotuberale

49

Wat is de insertie van de m. gluteus maximus?

bovenste vezels: tractus ilioitibialis
onderste vezels: tuberositas glutea

50

Wat is de functie van de m. gluteus maximus?

Hele spier: extensie, exorotatie van de heup in het sagittale vlak
bovenste vezels: abductie
onderste vezels: adductie

51

Wat is de innervatie van de m. m. gluteus maximus?

n. gluteus inferior

52

Wat is de origo van de m. piriformis?

bekken oppervlak van het os sacrum

53

Wat is de insertie van de m. m. piriformis?

apex van de trochanter major van het femur

54

Wat is de functie van de m. piriformis?

exorotatie, abductie, extensie, stabilisatie van het heupgewricht

55

Wat is de innervatie van de m. piriformis?

directe takken van de plexus sacralis

56

Wat is de origo van de m. gemellus superior?

spina ischiadica

57

Wat is de insertie van de m. gemellus superior?

samen met de pees van de m. obturatorius internus

58

Wat is de functie van de m. gemellus superior?

exorotatie, adductie, extensie van de heup (ook actief bij de abductie afhankelijk van de positie van het gewricht)

59

Wat is de innervatie van de m. gemellus superior?

directe takken van de plexus sacralis

60

Wat is de origo van de m. obturatorius int.?

inwendig oppervlak van de membrana obturatoria en de benige begrenzingen daarvan

61

Wat is de insertie van de m. obturatorius int.?

mediaal opp. van de trochanter major

62

Wat is de functie van de m. obturatorius int.?

exorotatie, adductie, extensie van de heup (ook actief bij de abductie, afhankelijk van de positie van het gewricht)

63

Wat is de innervatie van de m. obturatorius int.?

directe takken van de plexus sacralis

64

Wat is de origo van de m. gemellus inf.?

tuber ischiadicum

65

Wat is de insertie van de m. gemellus inf.?

samen met de pees van de m. obturatorius internus

66

Wat is de functie van de m. gemellus inf.?

exorotatie, adductie, extensie van de heup (ook actief bij de abductie, afhankelijk van de positie van het gewricht)

67

Wat is de innervatie van de m. gemellus inf.?

directe takken van de plexus sacralis

68

Wat is de origo van de m. quadratus femoris?

laterale rand van het tuber ischiadicum

69

Wat is de insertie van de m. quadratus femoris?

crista intertrochanterica

70

Wat is de functie van de m. quadratus femoris?

exorotatie, adductie van de heup

71

Wat is de innervatie van de m. quadratus femoris?

directe takken van de plexus sacralis

72

Wat is de origo van de m. gluteus medius?

os illi (gluteaal vlak onder de crista iliaca tussen de linea gluteae anterior en posterior)

73

Wat is de insertie van de m. gluteus medius?

trochanter major van het femur

74

Wat is de functie van de m. gluteus medius?

gehele spier: abductie, stabilisatie van het bekken in het coronale vlak
ventraal: flexie, endorotatie
dorsaal: extensie, exorotatie

75

Wat is de innervatie van de m. gluteus medius?

n. gluteus superior

76

Wat is de origo van de m. gluteus minimus?

os illi (gluteaal oppervlak onder de oorsprong van de m. gluteus medius)

77

Wat is de insertie van de m. gluteus minimus?

trochanter major van het femur (ventrolateraal vlak)

78

Wat is de functie van de m. gluteus minimus?

abductie, stabilisatie van het bekken in het coronale vlak
ventraal: flexie, endorotatie
dorsaal: extensie, exorotatie

79

Wat is de innervatie van de m. gluteus minimus?

n. gluteus superior

80

Wat is de origo van de m. tensor fascia latae?

SIAS

81

Wat is de insertie van de m. tensor fascia latae?

tractus iliotibialis

82

Wat is de functie van de m. tensor fascia latae?

aantrekken van de fascia lata
heup: abductie, flexie, endorotatie

83

Wat is de innervatie van de m. tensor fascia latae?

n. gluteus superior

84

Wat is de origo van de m. vastus lateralis?

labium mediale linea asperae trochanter major (lateraal oppervlak)

85

Wat is de insertie van de m. vastus lateralis?

beide kanten van het tuberculeus op de mediale en laterale condylen

86

Wat is de functie van de m. vastus lateralis?

extensie van de knie

87

Wat is de innervatie van de m. vastus lateralis?

n. femoralis

88

Wat is de origo van de m. vastus intermedius?

fascies anterior van het femur

89

Wat is de insertie van de m. vastus intermedius?

tuberositas tibiae

90

Wat is de functie van de m. vastus intermedius?

extensie van de knie

91

Wat is de innervatie van de m. vastus intermedius?

n. femoralis

92

Wat is de origo van de m. gastrocnemius?

femur (epicondylus medialis en lateralis)

93

Wat is de insertie van de m. gastrocnemius?

tuber calcanei via tendo calcaneus

94

Wat is de functie van de m. gastrocnemius?

art. talocruralis: plantaire flexie
art. genus: flexie (gastrocnemius)

95

Wat is de innervatie van de m. gastrocnemius?

n. tibialis

96

Wat is de origo van de m. popliteus?

epicondylus lateralis van het femur, dorsale hoorn van de meniscus lateralis

97

Wat is de insertie van de m. popliteus?

tibia (facies posterior, boven de oorsprong van de m. soleus)

98

Wat is de functie van de m. popliteus?

art. genus: flexie, endorotatie, stabilisatie van de knie

99

Wat is de innervatie van de m. popliteus?

n. tibialis

100

Benoem de bovenbeen spieren in de ventrale spiergroep

sartorius, vastus medialis, vastus intermedius, rectus femoris, vastus lateralis

101

Benoem de bovenbeen spieren in de dorsale spiergroep

biceps femoris caput breve, biceps femoris caput longum, semitendinosus, semimembranosus

102

Benoem de bovenbeen spieren in de mediale spiergroep oppervlakkige laag

adductor longus, adductor breve, gracilis, pectineus

103

Wat voor soort gewricht is art. genus?

scharniergewricht

104

Welke bewegingen kun je maken in de knie?

flexie, extensie, endorotatie- exorotatie (MITS de knie in flexie is)

105

Bij welke beweging komt lig. collaterale laterale op spanning?

varus stand, exorotatie, extensie

106

Bij welke beweging komt lig. collaterale mediale op spanning?

valgus stand, exorotatie, extensie

107

Wat zijn de aanhechtingspunten van lig. cruciatum ant.?

area intercondylaris ant. en mediale zijde van de condylus femoralis lat.

108

Wat zijn de aanhechtingspunten van lig. cruciatum post.?

area intercondylaris post. en de condyles femoralis mediale.

109

Wat is de remming van lig. cruciatum ant.?

tegenaan van voorste schuiflade
flexie, extensie, endorotatie

110

Wat is de remming van lig. cruciatum post.?

tegenaan van achterste schuiflade
flexie, extensie, endorotati

111

Welke structuren in de knie remmen extensie?

structuren aan de achterkant van de knie (kapsel, en lig. en spieren die daar lopen)

112

Welke structuren in de knie remmen flexie?

structuren aan de voorkant van de knie (retinaculum pattelae, pees quadriceps, kapsel)

113

Welke structuren in de knie remmen valgus?

structuren aan de mediale kant van de knie (lig. collaterale mediale/ pas anserinus/kapel)

114

Welke structuren in de knie remmen varus?

structuren aan de laterale kant van de knie (lig. collaterale laterale/ tractus ilioitibialis/kapsel)

115

Welke structuren in de knie remmen de voorste schuiflade?

behalve lig. cruciatum ant. ook de tractus ilioitibialis en de les anserinus

116

Welke structuren in de knie remmen de achterste schuiflade?

naast lig. cruciatum post. geen verdere beperking

117

Hoe heet de verbinding proximaal tussen de tibia en de fibula?

art. tibiofibularis proximalis
kop: tibia
kom: fibula

118

Hoe heet de verbinding 'midden' tussen de tibia en de fibula?

membrana interossea cruris (syndesmossis)

119

Hoe heet de verbinding distaal tussen de tibia en de fibula?

art. tibiofibularis distalis
(= syndesmossis tibiofibularis)

120

Zijn er bewegingsmogelijkheden mogelijk tussen de tibia en de fibula? Zo ja welke?

bijna geen beweging mogelijk

121

Enkelgewricht 2 spronggewrichten. benoem deze

art. talocruralis (BSG)
art. talocalcaneonavicularis (OSG)

122

Wat is de kop en de kom van art. talocrualis?

kop: talus
kom: tibia en fibula

123

benoem de bewegingsmogelijkheden in art. talocrualis

plantairflexie - dorsaalflexie

124

Waar bestaat art. talocalcaneonavicularis uit?

complex gewricht tussen talus en os naviculare + calcaneus

125

Benoem de bewegingsmogelijkheden in art. talocalcaneonavicularis

dorsaalflexie - plantairflexie
pronatie - supinatie
abductie - adductie
eversie - inversie

126

Wat is de origo van de m. soleus?

caput fibulae, facies posterior en margo posterior van de fibula, tibia Marcus tendineus musculi solei

127

Wat is de insertie van de m. soleus?

tuber calcanei via tendo calcanus

128

Wat is de functie van de m. soleus?

art. talocruralis: plantairflexie
art genus: flexie (gastrocnemius)

129

Wat is de innervatie van m. soleus

n. tibialis

130

Wat is de origo van de m. plantaris?

femur (epicondylus lateralis, proximaal van caput laterale van de m. gastrocnemius

131

Wat is de insertie van de m. plantaris?

tuber calcanei

132

Wat is de functie van de m. plantaris?

verwaarloosbaar, voorkomt mogelijk compressie van de dorsale onderbeen spieren tijdens flexie van de knie

133

Wat is de innervatie van de m. plantaris

n. tibialis

134

Welke spieren horen bij de m. triceps surae?

m. gastrocnemius en m. soleus

135

Wat is de origo van de m. flexor digitorum longus?

tibia (facies posterior, middelste derde deel)

136

Wat is de insertie van de m. flexor digitorum longus?

2e t/m 5e eindkootje (bases)

137

Wat is de functie van de m. flexor digitorum longus?

art. talocruralis: plantairflexie
art. subtalaris: inversie (supinatie)
artt. interphalangeae en metatarsophalangeae van de 2e t/m 5e teen: plantaire flexie

138

Wat is de innervatie van de m. flexor digitorum longus?

n. tibialis

139

Wat is de origo van m. tibialis posterior?

membrana interossea, facies posterior van tibia en fibula

140

Wat is de insertie van de m. tibialis posterior?

tuberositas ossis navicularis; ossa cuneiforme, 2e t/m 5e middenvoetsbeentje (bases)

141

Wat is de innervatie van m. tibialis posterior?

n. tibilias

142

Wat is de functie van m. tibialis posterior?

art. talocruralis: plantairflexie
art. subsalaris: inversie (supinatie)
ondersteunt het longitudinale en dwarse voetgewelf

143

Wat is de origo van m. flexor hallucis longus?

fibula (facies posterior, distaal tweederde deel), membrana interossea

144

Wat is de insertie van de m. flexor hallucis longus?

1ste eindkootje (basis)

145

Wat is de innervatie van de m. flexor hallucis longus?

n. tibilais

146

Wat is de functie van de m. flexor hallucis longus?

art. talocruralis: plantairflexie
art. subsalaris: inversie (supinatie)
artt. interphalangeae en metatarsophalangeae van de 1e teen: plantair flexie
ondersteunt het mediale longitudinale voetgewelf

147

Wat is de orgie van de m. peroneus longus?

fibula (caput fibulae en proximaal twee derde deel van de facies lateralis fibulae, gedeeltelijk voortkomend uit de intermusculaire septa)

148

Wat is de insertie van m. peroneus longus?

os cuneiforme intermedium, tuberositas ossis metatarsi I

149

Wat is de innervatie van de m. peroneus longus?

n. fibula's superficialis

150

Wat is de functie van de m. peroneus longus?

art. talocruralis: plantairflexie
art. subsalaris: eversie (pronatie)
ondersteund het dwarse voetgewelf

151

Wat is de origo van de m. peroneus brevis?

fibula (distale helft van de facies lateralis fibulae), intermusculaire septa)

152

Wat in insertie van de m. peroneus brevis?

tuberositas ossis metatarsi V

153

Wat is de innervatie van de m. peroneus brevis?

n. fibularis superficialis

154

Wat is de functie van de m. peroneus brevis?

art. talocruralis: plantairflexie
art. subsalaris: eversie (pronatie)

155

Wat is de origo van de m. tibialis ant.?

facies lateralis tibiae, membrana interossea, en fascia cruris

156

Wat is de insertie van de m. tibialis ant.?

os cuneiforme mediale, mediale basis van 1e middenvoetsbeentje

157

Wat is de innervatie van de m. tibialis ant.?

n. fibularis profundus

158

Wat is de functie van de m. tibialis ant.?

art. talocruralis: dorsaal flexie
art. subsalaris: inversie (supinatie)

159

Wat is de origo van de m. extensor hallucis longus?

facies medialis fibulae, membrana interossea

160

Wat is de insertie van de m. extensor hallucis longus?

eerste teen

161

Wat is de innervatie van de m. extensor hallucis longus?

n. fibularis profundus

162

Wat is de functie van de m. extensor hallucis longus?

art. talocruralis: dorsaal flexie
art. subsalaris: inversie + eversie (supinatie + probatie), afhankelijk van de beginstand van de voet
extensie van de MTP en IP van de grote teen

163

Wat is de origo van de m. extensor digitorum longus?

caput fibulae, facies medialis fibulae, tibia (condyles lateralis) en membrana interossea

164

Wat is de insertie van de m. extensor digitorum longus?

2e t/m 5e teen

165

Wat is de innervatie van de m. extensor digitorum longus?

n. fibularis profundus

166

Wat is de functie van de m. extensor digitorum longus?

art. talocruralis: dorsaal flexie
art. subsalaris: eversie (probatie)
extensie van de artt. MTP en IP van de 2e en 5e teen.

167

Welke passieve ligamenten/peesplaten en structuren kunnen het lengtegewelf van de voetboog spannen?

aponeurosis plantaris
lig. plantare longum
lig. calcaneonaviculare plantare
pezen van de m. flexor hallucis longus
m. flexor digitorum longus

168

Welke actieve spier structuren kunnen het lengtegewelf van de voetboog spannen?

m. abductor hallicus
m. flexor hallucis brevis
m. flexor digitorum brevis
m. quadratus plantae
m. abductor digitiminimi

169

Plexus lumbosacralis. Uit welke tak komt deze zenuw? N. femoralis

L2-L4

170

Plexus lumbosacralis. Uit welke tak komt deze zenuw? N. obturatorius

L2-L4

171

Plexus lumbosacralis. Uit welke tak komt deze zenuw? N. ischiadicus (n. tibialis)

L4-S3 (dikste zenuw in het lichaam)

172

Plexus lumbosacralis. Uit welke tak komt deze zenuw? N. gluteus inf.

L4-S1

173

Plexus lumbosacralis. Uit welke tak komt deze zenuw? N. gluteus Sup.

L4-S1

174

Plexus lumbosacralis. Uit welke tak komt deze zenuw? Directe takken plexus sacralis

L5-S2

175

Welke twee zenuwen komen uit N. ischiadicus?

n. fibularis communis en n. tibalis

176

Welke twee zenuwen komen uit n. fibula's communis?

n. fibularis profundus en n. fibularis superficialis

177

Welke twee zenuwen komen uit de n. tibialis?

n. plantaris medialis en n. plantaris lateralis

178

Beschrijf de ligging van de n. femoralis

Achter lig. inguinale: lacuna musculorum
Rr. muscularis: richting quadriceps
sensibele tak (n. saphenus): via canalis adductorius naar mediale knie gewricht onderbeen en voet

179

Beschrijf de ligging van de n. obturatorius

In formanen obturatorius door membrana obturatorius: canalis obturatorius
Gevoelig bij bekkenfracturen

180

Beschrijf de ligging van foramen supra en infrapiriforme

ligging van de foramina ischiadica malus en minus

181

Beschrijf waarom het 'foramen supra en infra' wordt genoemd

de piriformis loopt aan de achterzijde en daar ontstaat een lege ruimte. Dit zijn ruimtes waar een aantal zenuwen doorheen lopen.

182

Wat is het teken van een trendelenburg (welke beweging in de heup ontstaat?)

de abductoren zijn te zwak om de heup op zijn plek te houden waardoor je door je heup heen zakt

183

Door uitval van welke spier(en) ontstaat het teken van trendelenburg?

de adductoren van de bovenbeen

184

De uitval van welke zenuw kan een tredelenburg veroorzaken?

n. gluteus superior

185

Wat is de functie van de meniscus?

Vezelig kraakbeen
Wigvormig
Schokabsorptie
Contactvergroting
Stabiliteit
Verdeling synovia

186

Hoe beweegt de meniscus bij flexie?

mediale meniscus: schuift naar voren op het tibia plateau
laterale meniscus: schuift naar voren op het tibia plateau

187

Hoe beweegt de meniscus bij extensie?

mediale meniscus: schuift naar achteren op het tibia plateau
laterale meniscus: schuift naar achteren op het tibia plateau

188

Hoe beweegt de meniscus bij endorotatie van de tibia?

mediale meniscus: naar voren op tibia plateau
laterale meniscus: naar achteren op tibia plateau

189

Hoe beweegt de meniscus bij exorotatie van de tibia?

mediale meniscus: naar achteren op tibia plateau
laterale meniscus: naar voren op tibia plateau

190

Welke meniscus is beweeglijker?

laterale meniscus

191

Waarom is de laterale beweeglijker?

De aanhechtingspunten zijn dichter bij elkaar waardoor er meer beweeglijkheid is.
Het mediale kapsel is meer verbonden met het mediale ligament. Hierdoor is hij sterker waardoor hij minder beweeglijk is.

192

Bij welke meniscus treffen we de meeste letsels aan?

Mediale meniscus, omdat deze minder mobiel is

193

Op welke manier kan de extensie in de knie tijdens het gaan gecompenseerd worden?

de knie op slot zetten

194

Wat betekend pes (plano) valgus?

doorgezakte voet

195

Wat betekend pes (cavus) varus

bolvoet

196

N. ischiadicus : n. tibialis. Langs welke 3 regio's loopt deze?

Door formaten infrapiriforme
Langs fossa poplitea
Door canalis melleolaris (tarsale tunnel)

197

Waar gaat de N. tibialis zich splitsen?

in de tarsale tunnel

198

Welke spieren van het onderbeen heffen de voetboog en vormen de "stijgbeugel"?

m. peroneus longus
m. tibialis posterior

199

Wat is de innervatie van de m. iliopsoas?

m. psoas major:
directe takken van de plexus lumbalis
m. iliacus:
n. femoralis

200

Benoem de bovenbeen spieren in de mediale spiergroep diepe laag

m. obturatorius externen
m. adductor magnus