Étape 9 Flashcards Preview

Frans > Étape 9 > Flashcards

Flashcards in Étape 9 Deck (73):
1

Un tremblement de terre.

Een aardbeving

2

sinon

Zo niet / anders

3

captivant

Boeiend

4

Je regrette

Het spijt me

5

Tu exagères

Je overdrijft

6

je me couche

Ik ga slapen

7

les auditeurs

De luisteraars

8

appeler

Opbellen / bellen naar

9

la animatrice

De presentatrice

10

Le/la journaliste

De journalist(e)

11

Le reportage

De reportage, het verslag

12

Messieurs dames

Dames en heren

13

Interviewer

Interviewen

14

Le journal télévisé

Het tv-journaal

15

Le numéro

Het nummer

16

Moins le quart

Kwart voor

17

Vers

Tegen (tijdstip)

18

Et quart

Kwart over

19

Diffuser

Uitzenden

20

La chaîne

Het kanaal, de zender

21

Les nouvelles (v)

De nieuwsberichten

22

International

Internationaal

23

L’interview (v)

Het interview

24

La présentatrice

De presentatrice

25

Moins cinq

Vijf minuten voor

26

L’image

Het beeld

27

La région

De landstreek, de regio

28

La caravane

De caravan

29

La météo

Het weerbericht

30

Le lendemain

De volgende dag

31

Lire

Lezen

32

Le journal

De krant

33

L’article (m)

Het artikel

34

La une

De voorpagina

35

La catastrophe écologique

De natuurramp

36

La page

De bladzijde

37

De voorstelling begint om twee uur

Le spectacle commence à deux heures

38

Hoe laat is het afgelopen?

Ça finit à quelle heures?

39

Op welke zender wordt het tv-journaal uitgezonden?

Le journal télévisé est diffusé sur quelle chaîne?

40

Wilt u naar de voorstelling gaan?

Vous voulez aller au spectacle?

41

Wanneer is mijn interview?

C’est quand, mon interview?

42

Het weerbericht al.

Déjà la météo.

43

Lees je de krant?

Tu lis le journal?

44

Is er een artikel over het circus?

Il y a un article sur le cirque?

45

Het interview

L’interview

46

Internationaal

International

47

De nieuwsberichten

Les nouvelles

48

Het kanaal, de zender

La chaîne

49

Uitzenden

Diffuser

50

Kwart over

Et quart

51

Tegen (tijdstip)

Vers

52

Kwart voor

Moins le quart

53

Het nummer

Le numéro

54

Het tv-journaal

Le journal télévisé

55

Interviewen

Interviewer

56

Dames en heren

Messieurs dames

57

De reportage, het verslag

Le reportage

58

De journalist(e)

Le/la journaliste

59

De bladzijde

La page

60

De natuurramp

La catastrophe écologique

61

De voorpagina

La une

62

Het artikel

L’article

63

De krant

Le journal

64

Lezen

Lire

65

De volgende dag

Le lendemain

66

Het weerbericht

La météo

67

De caravan

La caravane

68

De landstreek, de regio

La région

69

Het beeld

L’image

70

Vijf minuten voor

Moins cinq

71

De presentatrice

La présentatrice

72

Er is alleen maar buitenlands nieuws

Il y a seulement des nouvelles internationales

73

Op de voorpagina staat een artikel over een natuurramp

A la une, il y a une article sur une catastrophe écologique