Hoofdstuk 1: Giften en rechtshandelingen onder kosteloze titel Flashcards Preview

Erfrecht > Hoofdstuk 1: Giften en rechtshandelingen onder kosteloze titel > Flashcards

Flashcards in Hoofdstuk 1: Giften en rechtshandelingen onder kosteloze titel Deck (18):
1

Wat is een gift?

  • Een gift is een handeling: 
    1. ten kosteloze titel
    2. met de intentie te begiftigen
    3. met een overdracht van een zakelijk recht
  • Er moet een overdracht zijn van een zakelijk recht en er moet bovendien een verarming van het eigen vermogen zijn. 
    • Kosteloze dienstverlening is dus geen gift, omdat er slechts voordeel is voor de ontvanger, maar geen verarming van de dienstverlener. 
  • Animus donandi = intentie om te begiftigen. 
  • Gift met last: 
    • Zolang de last minder waard is dan het voordel dat de begiftigde krijgt dan blijft het een gift. 
  • Intuitu personae
    • Giften zijn uit hun aard intuit personae. 
  • Volgens Hof van Cassatie 1 doorwegende, determinerende beweegreden = oorzaak van de gift. 

2

Hoe zit het bij de toestemming om te geven bij giften?

  1. Gezond van geest: 
    • Leer van de versterkte toestemming: puur in feitelijke omstandigheden die verder gaan dan louter wilsgebreken. 
    • Swennen vindt dit niet: er is toestemming of die is er niet. 
    • Wel versterkte rechterlijke controle voor de toestemming. 
  2. Bewijs: 
    • Het bewijs dat er misschien geen vrijheid van toestemming as kunt u met alle middelen van het recht geven. 
    • Aantonen dat de wil van de schenker op het ogenblik van de schenking is aangepast: 
    1. Medisch attest?
      Beroepsgeheim dokter is niet absoluut en kan opzij worden gezet om de patiënt zelf te beschermen. 
    2. Rol van de notaris bij de notariële schenkingsakte: hij moet de nodige vragen stellen, maar dit is niet voldoende. De vaststelliing van een notaris dat iemand in staat is om een akte te tekenen is neit gedekt door de notariële authenticiteit. 
      • Tegen vaststelling in authentieke akte enkel tegenkomen met zware procedure van valsheid in geschifte. 
      • Maar appreciatie van de notaris of iemand gezond is van geest om te schenken: deze akte dus wel betwisten zonder de zware procedure van valsheid in geschrifte. 
  3. Buitengerechtelijke bescherming: 
    • Gerechtelijk statuut van bewind: mogelijk om bij volmachten een schenking te doen, maar geen testament via volmacht. 

3

Wat is bedrog bij giften?

  • Bedrog inroepen is mogelijk: ook van een derde.
  • Captatie: 
    • Erfenisbejaging, de bgunstigde zorgt ervoor dat hij bij de erflater in gunstige daglicht komt te staan zodat hij een gift verdiend. 
  • Suggestie
    • Misbruik van invloed door middel van leugens of kwaadwillige kunstgrepen. 
    • Zo beïnvloed men de erflater om een gift te doen en een testament te maken dat hij anders niet zou hebben gedaan. 
  • Bedrog wanneer de erflater zelf niet meer vrij kan beslissen en dit is dan bedrog. 
  • Geweld wordt ook snel aanvaard dan bij gewone rechtshandelingen: 
    • zware druk van ontzag voor een oudere is ook al genoeg. 

4

Hoe zit het met de onbekwaamheid om te giften?

  1. Minderjarigen
    • Onder de 16 jaar mogen geen giften doen, ook hun wettelijke vertegenwoordiger niet. 
    • Vanaf 16 jaar wel en testament maken ten belope van de helft van de goederen waarover een minderjarige kan beschikken. 
      • Uitzondering: bij huwelijkscontract schenkingen doen aan uw echtgenote. 
    • Ontvoogde minderjarige mag gelegenheidsgeschenken doen zonder bijstand van zijn curator, als het in verhouding staat. 
  2. Bewind
    • ​​Art. 905 BW: vrederechter kan machtigen. 
    • Nooit een testament via vertegenwoordiging = zeer persoonlijk dus ook niet door de bewindvoerder. 
    • Soms wel machtiging voor schenking voor een totale wilsonbekwame ouder. 
  3. Huwelijk
    • Art. 224 BW: schenking kan nietig worden verklaard indien die de belangen van het gezin in gevaar brengen. 
    • Er is ook toestemming nodig voor schenking gemeenschapsgoederen: art. 1419 BW. Als je die toestemming niet geeft eventueel nietigheid of schadevergoeding. 
  4. Vennootschap
    • Vennootschap kan schenken zolang het in overeenstemming is met haar statutair doel. 
  5. Relatieve onbekwaamheid
    • Art. 906 BW: artsen die u behandelen tijdens u ziekte waaraan je overlijdt. Gaat niet. 

5

Wat zijn de uitzonderingen waar mensen niet bestaan, maar toch begiftigd kunnen worden?

  • Contractuele erfstellingen
  • Kinderen die uit het huwelijk geboren worden die er nog niet zijn. 
  • Erfstelling over de hand. 
  • Stichting die je opricht bij testament, bij notarieel testament: 
    • Technisch gezien is dat een legaat aan een persoon die nog neit bestaat want op het moment dat de nalatenschap openvalt bestaat de stichting nog niet. 
  • Derdenbedingen van gunstigden die er nog niet zijn. 

6

Hoe zit het met de bekwaamheid om te krijgen van minderjarigen?

  • Schenking mag de minderjarige die ontvoogd is ontvangen met bijstand van zijn curator. 
  • Uitzondering op de machtigingsregel: in principe moet de minderjarige de schenking ontvangen met machtiging van de vrederechter. 
    • Art. 410 BW: ook de ouders hebben machtiging nodig normaal gezien. 
    • Maar: art. 935 BW: elke acendent mag schenking aanvaarden zonder machtiging van de rechter voor de minderjarige. 

7

Wat is de bekwaamheid om te krijgen bij rechtspersonen?

  • Art. 910 voor vzw's en instellingen van openbaar nut: controle overheid. Dit zijn instellingen die geen winstgevend doel hebben, tegen de dode hand. 
    • Als een vzw niet kan aantonen dat het het onroerend goed nodig in het kader van de realisatie van haar statutair doel, zal het het goed moeten verkopen. 
  • In aantal gevallen is de machtiging afgescherft: voor vzw's en stichtingen voor handgiften en bankgiften. 
  • Voor notariële schenkingen is er geen machtiging vereist onder de 100.000 euro. 
  • Nog steeds wel een controle overheid: maar wanneer wordt je dan eigenaar? 
    • Men kan aanvaarden, zowel een legaat als een schenking, onder voorbehoud van de goedkeuring door de overheid. 
    • Je wordt dus onmiddellijk eigenaar maar onder ontbindende voorwaarde van niet-goedkeuring overheid. Bij niet-goedkeuring wordt men geacht nooit eigenaar te zijn geweest. 
  • Machtiging gebeurt door MB: soepele vorm, maar zelfde appreciatiemarg. 
  • Goedkeuring weigeren omdat de lasten te zwaar zijn, omdat het niet in het doel past of ter bescherming van de erfgenamen = spectaculair: 
    • Wel bescherming van niet-reservataire erfgenaam. 
    • Overheid mag niet de gift wijzigen, maar wel partieel weigeren. 

8

Wat is captatie?

  • Wettelijk vermoeden: art. 909 BW. Dit is wttelijk onweerlegbaar. De persoon die aan erfenisbejaging doet is bijzonder onbekwaam om te ontvangen. Wettelijk onmogelijk omdat er onweerlegbaar ongeoorloofd misbruik van invloed is. 
  • Wie valt er onder art. 909?
    1. Artseb = betrekkelijke nietigheid = onomkeerbaar vermoeden. 
    2. Officieren van vezondheid en apothekers
      • Maar: moet bij laatste momenten zijn geweest van het leven en bijna nooit het geval dus tegen apotheker wel nog bewijs nodig van captatie en suggestie. 
    3. Verplegend team bij euthanasie en morele verzorgers; 
    4. Rust en verzorgingstehuis-personeel want afhankelijkheidspositie.
      • Verblijfsvereiste voor nodig
    5. Bewindvoerders en curatoren die hun mandaat uitoefenen. 
  • Vereisten: 
    1. Verzorging tijdens laatste ziekte
    2. Gift tijdens loop van die ziekte. 
  • Uitzonderingen op het onweerlegbaar vermoeden: 
    • Betaling voor een echte dienst. 
    • Bloedverwanten tot en met de 4de graad mogen wel begiftigd worden. 
  • Geen tussenpersonen mogelijk: art. 911 BW. 

9

Hoe zit het met de oorzaak van een gift?

  • De oorzaak van een gift = determinerende beweegredenen. 
  • Waarom van belang?
    • Er is een hele praktijk om proberen een gift terug te draaien op grond van een deficiëntie in de oorzaak. 
  1. Verkeerde oorzaak: 
    • Voorbeeld: ik legateer aan mijn buurman omdat ik maar 1 erfgenaam meer had en dacht dat deze dood was, wegens veerkeerde oorzaak de gift kunnen worden vernietigd. 
  2. Motieven in strijd met openbare orde of goede zeden: 
    • Voorbeeld: ongeoorloofd giften bij incestueuze relatie en prijs betalen voor levering van seks. 
    • Een scheking doen voor het onderhouden van seksuele diensten is ook ongeoorloofd. 
  3. Ongeoorloofde voorwaarde: 
    • Cassatiearrest van 89: man gaf een schenking aan zijn zoon en schoondochter die later scheiden. De vader probeerde de neitigheid op grond van veredwenen oorzaak. 
    • Hof van Cassatie zei: determinerende reden was het feit dat de schoondochter getrouwd was met hun zoon, oorzaak valt wag en schenking verdwijnt. 
    • Maar cassatiearrest in 2008 waarbij men compleet het tegenovergestelde zegt! 
    • Arrest van 2000: je kan het verval niet meer inroepen als oorzaak testament verdwijnt na overlijden erflater.
    • Arrest 2008: herroepen ze de rechtspraak van 1989: het bestaan van een oorzaak mag enkel beoordeelt worden bij totstankoming gift. Latere verdwijnen van de oorzaak kan geen invloed hebben op de gift. 

10

Hoe zit het met voorwaarden bij giften?

  1. Ontbindende voorwaarde
    • Alles doorgaan en later ontbonden eventueel. 
  2. Onmogelijke of ongeoorloofde voorwaarde: 
    • Art. 900 BW: in gemeen recht geheel nietig, bij giften niet dus wel mogelijk. 
    • Dit wordt wel voor ongeschreven gehouden. 
    • In een testament een clausule van bewind geldig dus beheer over mideren aan minderjarige aan bewindvoerder die beheersrechten heeft, dan komt men wel tussen in het beheer van de ouders. 
  3. Voorwaarde onbeslagbaarheid of onvervreemdbaarheid
    • Dit is een last: een huis onder de last die niet te verkopen is tegen de openbare orde. 
    • Onvervreemdbaarheidsclausule beperkt in de tijd en wettig belang is oké! 
  4. Potestatieve voorwaarde: 
    • Zuiver postestatief is geen verbintenis dus nietig. 
    • Bij giften is men strenger. 
    • Bij legaten is dit geen probleem, want een testament is permanent herroepbaar. 
  5. Schenking wegens overlijden: 
    • Delicaat want schenking is effect als je leeft. Schenking moet onherroepelijk zijn: nietig want zuiver potestatief. 
    • Art. 44 BW: nietigheid als de verwezenlijking van de voorwaarde door zijn enkele wil kan beletten, bij gemengd kan het wel geldig zijn. Het mag gewoon geen onbenullige voorwaarde zijn. 

11

Wat is het schenkingscontract?

  • Plechtig = notariële akte nodig. 
  • Onmiddellijk en onherroepelijk afstand van eigendom
  • Vermogensverarming van de schenker, ander moet zijn verrijkt. 
  • Vereiste van aanvaarding: begiftigde moet aanvaarden. 
    • Moreel belang om te weigeren: in bv. conflictsituatie en u wil u niet verzoenen. 
    • Materieel belang: je de last niet vilt of kunt voldoen. 
  • Schenkingsaanbod is nooit juridisch bindend (wel in het gemeenrecht bij aanbod). 
  • Onmiddellijke aanvaarding niet nodig, kan in een tweede akte, maar dan moet schenker ook aanwezig zijn. 
    • Anders aanvaarding via deurwaardersexploot aan de schenker en vanaf de betekening komt de schenking tot stand. 
  • Notariële akte wordt gehouden in minuut: afschrift of expeditie mee. 
  • Staat van schatting: art. 948 BW

12

Wat is schenking met voorbehoud van vruchtgebruik?

  • Schenking moet onherroepelijk zijn en er mag geen clausule opgenomen zijn die aan de schenker de mogelijkheid geeft om terug te komen op de schenking. Anders? Nietigheid. 
  • Maar de schenking onder voorwaarde kan wel, maar niet onherroepelijkheidsredenering. 
    • Bv. onder voorwaarde dat u mijn schulden betaald: mag niet want schulden zijn onbeperkt. 
    • Zelfs als er een clausule is, maar de schenker deze nooit heeft uitgeoefend, nog steeds nietig. 
  • Art. 946 BW: ook geen voorbehoud om te beschikken. 
  • Voorbehoud van vruchtgebruik is volledig geldig. 
    • Schenker of derde kan het vruchtgebruik krijgen, ook recht van bewoning mag. 
  • Schenking met voorbehoud quasi-vruchtgebruik?
    • Theoretisch kan dit, maar in praktijk risicovol omdat je contractueel moet werken met vervreemdingsvoorbehoud. 
  • Altijd koppeling aan vervreemdingsverbod, mag niet tenzij beperkt in tijd en wettig belang, maar vruchtgebruik is beperkt in tijd dus geldig. 
    • Fiscaal nu wel onder vuur genomen door Vlaamse belastingsdienst = wel contra legem en civielrechtelijk onjuist! 

13

Wat houdt bedongen terugkeer in?

  • Clausule bij schenkingen onder ontbindende voorwaarde: "ik schenk aan mijn zoon een huis, maar als hij overlijdt voor mij, moet het terugkomen". 
    • Overlijden = termijn. Een toekomstige maar zekere gebeurtenis. 
  • Terugkeer kan enkel ten aanzien van de schenker bedongen en niet ten gunste van zijn erfgenamen of de nalatenschap want dit is een verboden erfstelling, als een tweede gift. 
  • Het is een ontbindende voorwaarde. Dus terugwerkende kracht, vrij van alle lasten en eventueel rechten die derden erop zouden hebben (bv. hypotheek). 
    • Gevolg: als u iets verworven heeft op grond van een schenking is dit steeds precair. 
    • Veel meer gevolgen aan verbonden: ontbindingen wegens ondankbaarheid, voorwaarden -> daar wel derdenbescherming! 
  • Terugkeer in een anomale nalatenschap is een wettelijke terugkeer: die volgt uit de wet en is dus erfrecht. 
    • Geldt dus enkel als de goederen geschonken of in natura aanwezig zijn en heeft erfrechtelijke gevolgen: bijdragen in schulden, successierechten. 
  • Maar hier is het conventionele terugkeer die bepaald is:
    • Zaakvervanging mogelijk, ook als de goederen niet meer in natura aanwezig zijn en diegene die de goederen zou krijgen moet niet perse successierechten bepalen.  

14

Wat zijn de wettelijke uitzonderingen op de onherroepelijkheid?

  • Art. 1096 BW: alle schenkingen die gedaan werden tussen echtgenoten buiten het huwelijkscontract zijn ad nutum herroepbaar (willekeurig, zonder opgave van motieven). 
  • Art. 292 BW: alle voordelen vervallen bij schenkingen, tenzij anders bepaald. 
  • Men moet zelfs geen kennisgeving doen. 
  • Regel geldt enkel voor gehuwden: die niet voor feitelijk of wettelijk samenwonenden. 

15

Wat zijn de wettelijke oorzaken van herroeping van een schenking?

  • Eigenlijk is het geen herroeping maar een ontbinding van het schenkingscontract. Gebeurt niet van rechtswege! 
    • Ontbinding van rechtswege bedingen: art. 1183 BW: rechter controleert enkel de vereisten van het beding. 
    • Of op een later moment overeenkomsten dat de schenking van rechtswege zal zijn ontbonden, terwijl die niet ab initio. Latere toevoeging is niet aan derden tegenwerpelijk. 
  1. Niet vervullen van de lasten: Art. 954 BW
    • Voorwaarde is niet hetzelfde als last. Voorwaarde is een toekomstige en onzekere gebeurtenis waarvan partijen hun contract laten afhangen. Zuiverste is die van het toeval (art. 1069 BW). Er is hier geen 'vervulling' van de begiftigde. 
    • Last, in de enge zin, is een door de begiftigde te verrichten prestatie. Doet hij dit niet, mogelijk een sanctie, gedwongen uitvoering of ontbinding wegens niet-vervulling. 
    • Gemengde clausules: ook lasten die moeten worden uitgevoerd maar niet tot gedwongen uitvoering kunnen leiden. Bv. ik schenk je een som geld om op reis te gaan. Ook hier mag ik de ontbinding van de schenking vorderen als je niet op reis gaat. 
    • Last die aan de schenking wordt verbonden kan van alles zijn, wat de schenker van de begiftigde gedaan wil krijgen. 
    • Rol van de rechter: 
      • Herroeping niet automatisch: je moet dit vorderen, vergelijkbaar met art. 1184 BW, maar je moet geen fout aantonen. 
      • Rechter kijkt eerst na of er een link was tussen niet-uitvoering last en de schenking? Daarna mogelijk termijn van respijt. Daarna de ernst van wanprestatie. Rechter kan schadevergoeding opleggen als er een fout was.
    • Gevolgen: Schenking met terugwerkende kracht ontbonden, ook ten aanzien van derden alsof er nooit een schenking was: ex tunc. 
  2. Herroeping wegens ondankbaarheid: 
    • Gekwalificieerde ondankbaarheid want anders niet met de onherroepelijkheid: enkel in de gevallen bepaald door de wetgever: 
    1. Aanslag op het leven van de schenker: art. 727 BW: aanslag is voldoende, men moet schuldigverklaring niet hebben dus minder streng dan erfonwaardigheid. Wel met opzet. 
    2. Mishandelen, misdrijven, grote beledigingen: wel animus iniuriandi nodig: itentie om te beledigen. 
    3. Weigeren om onderhoud te verschaffen aan de schenker: schenking implicieert dus een extra onderhoudsverplichting. 
    • Uitstel niet mogelijk, schadevergoeding ook niet. Als schenker net overleden is kunnen erfgenamen ook nog vordering invoeren als schenker de feiten niet kende: zeer korte termijnen. Vergiffenis is die stilzwijgend kan blijven, ook geen vordering. 
    • Opnieuw terugwerkende kracht, maar wel derdenbescherming! Begiftigde zal dan equivalent als schadevergoeding moeten betalen als de derde het goed al heeft. 

16

Wat is de handgift?

  • Een handgift is een lichamelijk roerend goed, van hand tot hand over te geven waarbij er geen notariële akte wordt opgemaakt, dus eigenlijk contra legem. 
    • Bv. vader die een gsm koopt voor dochter. 
  • Handgift is een zakelijk contract = contract dat tot stand komt door overhandiging van de zaak, de levering is dus een constitutief onderdeel voor totstandkoming van het contract. 
    • Traditio moet gebeuren: het goed moet overdgedragen worden van hand tot hand. 
  • Lasten en modaliteiten eraan koppelen: maar enkel modaliteiten die verenigbaar zijn met de traditio = pacte adjointe. Dit is een toegeveogd geschrift aan een materiële handeling van overdracht. 
    • Bv. ontbindende voorwaarde, beding van terugkeer, een last = allemaal mogelijk.
    • Wat kan niet: opschortende voorwaarde want niet verenigbaar met traditio. 
    • Handgift met voorbehoud van vruchtgebruik is nietig want dat is een handgift van blote eigendom en dat is onlichamelijk en je kan enkel lichamelijke roerende goederen overdragen. 
  •  Pacte adjointe is ook nodig ad probationem: ten bewijze van de handgift. 
    • HvC heeft in een arrest van 2010 gezegd dat het bewijs kan worden geleverd door een geschrift dat schenker en begiftigde hebben ondertekend en waarbij er een intentie is om te schenken en aanvaard door de begiftigde. Dit is een afwijking van art. 1341 BW. 
    • Wel een begin van een bewijs door geschrift dat je kan aanvullen door vermoedens. 

17

Wat is een onrechtstreekse schenking?

  • Een schenking via een omweg: een rechtshandeling gebruiken die niet noodzakelijk gebruikt wordt om te schenken, ook om handelingen onder bezwarende titel te stellen met intentie om te geen, zodat onrechtstreeks een schenking ontstaat. 
    • bv. levensverzekering, bankgift, afstand in favorem. 
  • Aan de hand van een neutraal instrument: bv. bankrekening. 
  • Door intentie van vrijgevigheid wordt het een onrechtstreekse schenking. Andere vormvereisten, maar wel dezelfde grondvereisten. 
  1. Beding ten behoeve van een derde
    • Kan om vele redenen: animo solvendi, crenendi, donandi. 
    • Pas als er een verarming is bij mij en een verrijking bij hem, dan is er een onrechtstreekse schenking. 
    • Verschil met gewone schenking? De onrechtstreekse schenking bij derdenbeding is de aanvaarding door de begiftigde niet constitutief, terwijl dit bij rechtstreekse wel zo is. 
    • Zolang de derde niet heeft aanvaard, kan de bedinger-stipulant het beding herroepen en het voordeel dat door de derde ontstaat ook. 
    • Eens de derde-begunstigde heeft aanvaard, is het onherroepelijk geworden. 
    • Typevoorbeeld: de levensverzekering. 
      • Voorwerp: de uitkering. De verrijking is het voorwerp van de schenking (bv. 1 miljoen euro bij de begunstigde en niet de premies). 
      • Bij levensverzekering geen inbreng tenzij dit bedongen is (dus het tegenovergestelde van het eigenlijke erfrecht). 
  2. Bankoverschrijving: 
    • Neutrale handeling maar via animus donandie is het een onrechtstreekse handeling. 
    • Best een pacte adjoint van: lasten en modaliteiten bijplakken. 

18

Wat is de vermomde schenking?

  • Dit is veinzing, in principe civielrechtelijk niet verboden: maar toch delicate operatie. Hier moet voldaan worden aan de grondvereisten. 
  • Men komt overeen dat een prijs nooit betaald zal moeten worden: dat is een vermomde schenking. 
  • Een vermomde schenking is, in principe geldig omdat veinzing niet tot nietigheid leidt maar wordt afgeraden. Notarissen zullen doorhebben dat het vermomming is en hun ambt weigeren. 
  • Partijen hebben vaak geen zuivere bedoelingen: fiscus misleiden of andere erfgenamen misleiden.
    • Fiscus misleiden: zware boetes. 
    • Andere erfgenamen: volgens Hof van Cassatie eigenlijk geen probleem: wel strafrechtelijk een misdrijf van valsheid in geschriften of erger. 
  • Wat doe je bij verkoop tegen een te lage prijs?
    1. Verkoopt een huis van 300.000 aan 200.000 omdat je onder druk staat: benadeling maar dit moet voor meer dan 7/12de zijn. 
    2. Openlijk in 1 akte 2 operaties. Voor 100.000 een schenking en de rest verkoop. 
    3. Openlijk zeggen dat er verkoop is voor het verschil van 100.000, niet uidrukkelijk ga je dit niet toegeven. Als je het in de akte zet is het een rechtstreekse schenking dus voldoen aan de voorwaarden! Als je het niet zet: onrechtstreekse schenking volgens Hof van Cassatie maar je moet er wel voor uitkomen dan. 
      • Hier is het voordeel van de schenking geld: onrechtstreeks van 100.000 euro. Vermomde hier: voorwerp = onroerend goed. Dit heeft gevolgen voor inbreng, inkorting en ook tov derden. Zij mogen zich beroepen op wat het beste uitkomt voor hen.