L9 : Aard, doelen en soorten van dwangmiddelen Flashcards Preview

Formeel Strafrecht > L9 : Aard, doelen en soorten van dwangmiddelen > Flashcards

Flashcards in L9 : Aard, doelen en soorten van dwangmiddelen Deck (18):
1

Omschrijf HR 6 september 2005, LJN AT 3993

Arrest 2005 LJN, AT3993: Alleen t.a.v. een persoon die wordt verdacht van overtreding van art. 8 WVW 1994 kan de procedure strekkende tot een onderzoek van diens bloed worden toegepast, welke procedure aanvangt met het vragen van diens toestemming daartoe door een opsporingsambtenaar. Het hof heeft vastgesteld dat jegens verdachte, toen hem toestemming werd gevraagd, geen verdenking bestond en heeft daarvan uitgaande geoordeeld dat het verzoek onbevoegd is gedaan. Dat oordeel is juist. ’s Hofs oordeel dat bedoeld verzuim in dit geval - waarin niet zonder toestemming inbreuk is gemaakt op verdachtes lichamelijke integriteit - niet tot bewijsuitsluiting behoeft te leiden, waarbij het hof verschillende de ernst van het verzuim relativerende factoren in aanmerking heeft genomen (verbalisant heeft niet willekeurig gehandeld en verdenking kon waarschijnlijk eenvoudig onderbouwd worden), is onjuist noch onbegrijpelijk.

2

Wat is het verschil tussen opsporingsbevoegdheden en dwangmiddelen?

Worden in deze cursus door elkaar heen gebruikt

3

Noem de kenmerken van  dwangmiddelen?

- Kunnen worden uitgeoefend zonder toestemming van degene tegenover wie de bevoegdheid wordt uitgeoefend. (vrijwillig meewerken is geen toepassing dwangmiddel)

- er wordt inbreuk gemaakt op mensenrechten tbv strafprocessuele doelen (ook hier: toestemming neemt de inbreuk weg)

4

Is verhoor een dwangmiddel?

Wordt niet als zodanig door de wetgever gezien, meer een bijzonder soort van gesprek

--> Pressie mag niet, daarom cautie

--> psychische druk wordt geaccepteerd

5

- Moeten aan vormvereisten en voorwaarden voor toepassing van een dwangmiddel worden voldaan bij toestemming?

- Wat betekent het subsidiariteitsbeginsel bij toepassing dwangmiddelen?

- Nee,

bij toestemming ook geen redelijk vermoeden van schuld vereist

- Als dwang niet noodzakelijk is, moet de toepassing ervan zoveel mogelijk achterwege blijven

6

Worden er hoge eisen gesteld aan toestemming van een burger?

Nee, toestemming wordt geacht redelijk snel gegeven te zijn

Er mag alleen geen ongeoorloofde pressie zijn uitgevoerd

In de literatuur is hier veel kritiek op en is de roep om meer waarborgen.

Ook is vrijwillige toestemming als in de WVW niet vrijwillig, anders wordt er een bevel gegeven en het weigeren daarvan is strafbaar.

7

Is het uitgangspunt dat vrijwillige toestemming meebrengt dat geen sprake is van een inbreuk op een grondrecht absoluut?

Nee, zie arrest 6 september 2005

- als iemand geen verdachte is in de zin van art 27 Sv kan er geen verzoek tot bloedonderzoek gedaan worden.

Aangenomen moet worden dat burgers niet vrijelijk over alle grondrechten kunnen beschikken. En toestemming betkent niet altijd geen inbreuk.

8

Is er sprake van vrijwilligheid als iemand liever niet wil meedoen aan een grootschalig onderzoek, maar geen keus heeft omdat de rest van de doelgroep wel meewerkt?

Rechtspraak: vrijwilligheid

Literatuur: niet

9

Wat zijn de doelen van dwangmiddelen?

- Informatieverschaffing (waarheidsvinding)

-- zowel bij beantwoording vragen ex art 350 Sv, als bij bv inverzekeringstelling, schouw, etc

- Veiligstelling tenuitvoerlegging

-- om tenuitvoerlegging van straf/maatregel veilig te stellen, bv voorwerpen in beslag nemen, verbeurd verklaren, onttrokken aan het verkeer, voorlopige hechtenis bij vluchtgevaar, ontneming wederrechetlijk verkregen voordeel

- Andere doelen

-- Bij voorlopige hechtenis (onder strikt omschreven voorwaarden): voorkomen publieke onrust bij invrijheidsstelling, voorkomen opnieuw begaan; preventie is ook van toepassing in de WVW (invordering rijbewijs); fouilleren

10

- Hoeveel bepalingen kent de Gw voor grondrechten?

- en het EVRM & IVBPR?

- Gw 5 bepalingen: art 10,11,12,13,15

- EVRM, etc: 2 bepalingen:

-- recht op persoonlijke vrijheid en veiligheid (art 5 EVRM; art 9 IVBPR)

-- recht op eerbiediging persoonlijke levenssfeer (art 3 EVRM & art 7 IVBPR)

eventueel: art 3 EVRM & art 7 IVBPR: folterverbod

Indelingen zijn van belang omdat een dwangmiddel niet een individueel iets is in Sv of een bijzondere wet, maar telkens samenhangt met een bepaald grond- of mensenrecht

11

Noem een andere manier om dwangmiddelen in te delen?

- vrijheidsbenemende

- niet-vrijheidsbenemende

12

Kan er ook sprake zijn van een indeling naar personen bij dwangmiddelen?

Ja

- verdachte

- getuige (gedeeltelijk andere dwangmiddelen)

- tolk/deskundige (weer minderdwangmiddelen)

- een persoon (als die bv sporen van een strafbaar feit met zich meedraagt)

13

Wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen mbt dwangmiddelen?

- Uitgangspunt Wetboek Sv 1926: veel wijzigingen, aanvullingen (nieuwe dwangmiddelen, bv dna)

- Sv heeft als exclusieve bron van strafprocesrecht ingeboet; bv door grote hoeveelheid ordeningswetgeving, extra opsoringsbevoegdheden voor speciale ambtenaren, bv WVW, Opiumwet, etc

-- ook zou Sv onoverzichtelijk zijn geworden als alle regelingen hierin zouden zijn opgenomen

-- Verhouding Sv-bijzondere wet hersteld door wetHerziening GVO: wel ruimere bevoegdheden opsporingsambtenaren daardoor

- Mensenrechtenverdragen en hun rechstreekse werking in NL (art 94 Gw) (In NL kan naast het Europees Hof en het VN-comite voor de mensenrechten ook de nl rechter worden geroepen tot intepretatie van verdragsbepalinegn)

- Grondwetsherziening 1983 Toeveogen bepalingen art 10 t/m 15. Hoewel het de rechter verboden is in de grondwettigheid van wetten te treden vloeieden uit deze wetten consequenties voort: verschillende baplingen vereisten een regeling bij wet in formele zin.

- Toegenomen belang rechtspraak

Dit door:

-- maatschappelijke ontwikkelingen

-- inhoudelijke soberheid wetboek

-- aanvaading door de HR van het uitgangspunt dat onrechtmatig verkregen bewijsmateriaal (onder omstandigheden) niet voor het bewijs kan worden gebruikt

-- invloed internationale mensenrechtenverdragen

14

Ongeschreven recht bij dwnagmiddelen?

In principe niet agv art 1 Sv.

HR heeft een enkele uiztondering aangehouden (staande houden van een getuige). Strafprocesrecht gaat er tegenwoordig van uit dat alle dwangmiddelen een wettelijke grondslag dienen te hebben

15

Kent het NL strafprocesrecht ook dwangmiddelen die niet hun grondslag vinden in een uitdrukkelijke wettelijke bepaling?

Ja, bv staande houden van getuigen = uitzondering

16

Wat is het belang van mensenrechtenverdragen voor de regeling van de dwangmiddelen in het nederlands strafprocesrecht?

o.a. Art 3, 8, 5 & 6 EVRM

Het Europees Hof heeft uit de tamelijke algemene en vage bewoordingen van de gestelde bepalingen van het EVRM meer concrete regels afgeleid, die ook van belang kunnen zijn voor de toepassing van dwangmiddelen

17

Waarom bevatten bijzondere wetten ook regelingen van dwangmiddelen?

Sv zou onoverzichtelijk zijn geworden als alle maatregelen daar in verwerkt hadden moeten worden.

18

Invoegen vraag 1 Zelftoets p 181