LOI-H23 Mots Flashcards Preview

Frans LOI per hoofdstuk > LOI-H23 Mots > Flashcards

Flashcards in LOI-H23 Mots Deck (136):
1

aérien

lucht-

2

compagnie aérienne f

luchtvaartmaatschappij)

3

aérodrome m (= aéroport m)

vliegveld

4

aérogare f

luchthavengebouw

5

aéronautique f (= aviation f)

luchtvaartkunde, vliegtuigbouwkunde

6

aile f

vleugel

7

atterrissage m

landing

8

atterrissage forcé m

noodlanding

9

aviateur m

vliegenier/

10

avion m

vliegtuig

11

un avion de ligne

lijnvliegtuig

12

avion de transport m, un avion-cargo m

vrachtvliegtuig (2)

13

un avion affrété

charter)

14

poser l' appareil/l'avion au sol

toestel aan de grond zetten

15

carlingue f

romp; cabine

16

poste de pilotage m

cockpit

17

les soutes à fret f

laadruimte)

18

ceinture de sécurité f

veiligheidsgordel

19

commandant de bord m

gezagvoerder

20

les commandes f

stuurinrichting

21

décollage m

opstijgen

22

descente f

daling

23

équipage m

bemanning

24

escale f

tussenlanding

25

faire escale

tussenlanding maken

26

fauteuil

stoel

27

gilet de sauvetage m

reddingsvest

28

hôtesse de l'air f

stewardess

29

levier de commande m (= manche à balai m)

stuurknuppel

30

mur du son m

geluidsmuur

31

pilote m

piloot

32

train d' atterrissage m

landingsgestel

33

traversée f

vlucht (over)

34

trou d'air m

luchtzak

35

vol m

vlucht

36

vol charter/de ligne m

charter-/lijnvlucht

37

survoler

vliegen over

38

vol d'essai m

proefvlucht

39

aéroportuaire

luchthaven

40

avionneur m

(vliegtuig)cascobouwer

41

basculer

overschakelen, kantelen

42

chiffre d'affaires m

omzet

43

commande f

bestelling, bedieningspaneel

44

concevoir

ontwerpen, bedenken

45

conception f

opvatting, ontwerp

46

échéance f

termijn

47

à longue échéance

op de lange termijn, in de verre toekomst

48

embarquement m

inscheping, aan boord gaan/brengen

49

s'envoyer en l'air

ergens fysiek plezier aan beleven | high worden

50

fort

zeer, erg

51

(four à) micro-ondes m

magnetronoven

52

fusée f

raket

53

hublot m

raampje | patrijspoort

54

hydrogène m

waterstof

55

incruster

inleggen, inbouwen

56

long-courrier

langeafstand(s)-, intercontinentaal

57

oxygène m

zuurstof

58

oxygéné

zuurstofhoudend

59

phare

eminent, speerpunt

60

secteur phare m

speerpuntsector

61

pied de nez

lange neus

62

faire un pied de nez

een lange neus trekken

63

plancher

overhoord worden; ijverig werken

64

porte-parole m

woordvoerder

65

propulsion f

aandrijving, drijfkracht

66

sigle m

afkorting, letterwoord

67

statoréacteur m

stuwstraalmotor

68

tenir tête à

het hoofd bieden aan

69

lucht-

aérien

70

luchtvaartmaatschappij)

compagnie aérienne f

71

vliegveld

aérodrome m (= aéroport m)

72

luchthavengebouw

aérogare f

73

luchtvaartkunde, vliegtuigbouwkunde

aéronautique f (= aviation f)

74

vleugel

aile f

75

landing

atterrissage m

76

noodlanding

atterrissage forcé m

77

vliegenier

aviateur m

78

vliegtuig

avion m

79

lijnvliegtuig

un avion de ligne

80

vrachtvliegtuig

un avion de transport = un avion-cargo

81

charter

avion affrété m

82

toestel aan de grond zetten

poser l' appareil/l'avion au sol

83

romp; cabine

carlingue f

84

cockpit

poste de pilotage m

85

laadruimte

les soutes à fret f

86

veiligheidsgordel

ceinture de sécurité f

87

gezagvoerder

commandant de bord m

88

stuurinrichting

les commandes f

89

opstijgen

décollage m

90

daling

descente f

91

bemanning

équipage m

92

tussenlanding

escale f

93

tussenlanding maken

faire escale

94

stoel

fauteuil

95

reddingsvest

gilet de sauvetage m

96

stewardess

hôtesse de l'air f

97

stuurknuppel

levier de commande m (= manche à balai m)

98

geluidsmuur

mur du son m

99

piloot

pilote m

100

landingsgestel

train d' atterrissage m

101

vlucht (over)

traversée f

102

luchtzak

trou d'air m

103

vlucht

vol m

104

charter-/lijnvlucht

vol charter/de ligne m

105

vliegen over

survoler

106

proefvlucht

vol d'essai m

107

luchthaven

aéroportuaire

108

(vliegtuig)cascobouwer

avionneur m

109

overschakelen, kantelen

basculer

110

omzet

chiffre d'affaires m

111

bestelling, bedieningspaneel

commande f

112

ontwerpen, bedenken

concevoir

113

opvatting, ontwerp

conception f

114

termijn

échéance f

115

op de lange termijn, in de verre toekomst

à longue échéance

116

inscheping, aan boord gaan/brengen

embarquement m

117

ergens fysiek plezier aan beleven | high worden

s'envoyer en l'air

118

zeer, erg

fort

119

magnetronoven

(four à) micro-ondes m

120

raket

fusée f

121

raampje | patrijspoort

hublot m

122

waterstof

hydrogène m

123

inleggen, inbouwen

incruster

124

langeafstand(s)-, intercontinentaal

long-courrier

125

zuurstof

oxygène m

126

zuurstofhoudend

oxygéné

127

eminent, speerpunt

phare

128

speerpuntsector

secteur phare m

129

lange neus

pied de nez

130

een lange neus trekken

faire un pied de nez

131

overhoord worden; ijverig werken

plancher

132

woordvoerder

porte-parole m

133

aandrijving, drijfkracht

propulsion f

134

afkorting, letterwoord

sigle m

135

stuwstraalmotor

statoréacteur m

136

het hoofd bieden aan

tenir tête à