Practicum 9 - C Flashcards Preview

Digestie > Practicum 9 - C > Flashcards

Flashcards in Practicum 9 - C Deck (43):
1

Waardoor karakeristeerd de samengestelde maag van het varken zich?

Doordat het cutane slijmvlies slechts een zeer klein deel van de maag bekleedt. Ook bevindt er zich een klein diverticulum ventriculi aan de linker dorsale zijde. Het cutane slijmvlies reikt vanuit de cardia naar dig ventriculum.

2

Hoe wordt de pyloris van het varken afgesloten?

Door de sphincter pylori en een extra verdikking, de torus pylori.

3

Waaruit bestaat het duodenum van het varken? En waar ligt de pancreas?

Uit een descenderend en een ascenderend deel. De rechter lop van de pancreas ligt langs het duodenum descendens.

4

Hoe ziet het jejunum van het varken eruit? Waar zijn de lymfeknopen?

Het jejunum is vrij lang en hangt in vele, beweeglijke darmslingers. De lymphonodi jejunalis bevindt zich ongeveer halverwege de darmscheil (mesojejunum) en loopt evenwijdig aan het jejunum.

5

Met welke plooi is het ileum verbonden met het caecum?

Met de plica ileocaecalis.

6

Hoe ziet het caecum van het varken eruit?

Het caecum is stomp, kegelvormig. Het oppervlak wordt gekarakteriseerd doordat de longitudinale spierlaag gerangschikt is in drie banden (taeniae). Hiertussen puilt de wand uit (haustra). De in het lumen uitstekende insnoeringen verplaatsen zich in het levende dier en zorgen daarmee voor transport van de ingesta.

7

Hoe ziet het colon ascendens van het varken eruit?

Het colon ascendens is sterk verlengd ten opzichte van die vin de kat en is kegelvormig opgerold (bijenkorf). De opstijgende windingen (gyri centripetales) liggen aan de buitenzijde van de kegel. Ze zijn voorzien van taeniae en haustra. De afdalende windingen (gyri centrifugales) liggen dieper en hebben een glad oppervlak.

8

Hoe noem je de opstijgende en afdalende windingen van het colon ascendens?

Opstijgende windingen heten gyri centripetales en afdalende windingen heten gyri centrifugales.

9

Hoe ziet het colon transversum en colon descendens van het varken eruit?

Het colon transversum is kort, het colon descendens is recht en is opgehangen met een kort en vetrijk darmscheil (mesocolon).

10

Vergelijk het TNO model C met een echte darm zoals in A en B. Hoe zijn in een echte darm vertering en absorptie gekoppeld qua plaats en tijd en hoe in het TNO model?

In een echte darm vindt vertering plaats in de darm en aan de darmwand, vooral in de dunne darm. De absorptie van nutriënten kan overal in die dunne darm plaatsvinden. Dit is anders dan in het TNO model, waar de absorptie maar op een paar verschillende plaatsen kan plaatsvinden. Secretie van verteringsenzymen wordt voor het grootste gedeelte gedaan door de pancreas, maar sommige enzymen worden aan de darmwand gemaakt. Dit kan TIM niet nabootsen, alle verteringsenzymen komen via een buisje binnen.

11

Vergelijk het TNO model C met een echte darm zoals in A en B. Hoe verhouden de afmetingen van de maag-darm compartimenten in het model zich met de afmetingen van de echte darm compartimenten? Hoe zou je kunnen zorgen dat het model ondanks de andere afmetingen het vertering/absorptieproces goed nabootst?

De lengte van een bepaald darm compartiment in een dier is belangrijk voor de tijd die het voedsel daarin doorbrengt. Hoe langer het compartiment, hoe langer het voedsel er in zit. In het TNO model wordt het jejunum niet langer dan het ileum gemaakt. Om dit toch na te kunnen bootsen, kun je het voedsel gewoon langer in het jejunum compartiment laten zitten en korter in het ileum compartiment.

12

In welke compartimenten kun je de maag van het schaap onderverdelen?

In vier compartimenten: de pens (rumen), de netmaag (reticulum), de boekmaag (omasum) en de lebmaag (abomasum). De eerste drie compartimenten vormen het voormaagcomplex (pars proventricularis) en zijn bekleed met cutaan slijmvlies.

13

Wat is de pens?

Dit is de fermentatiekamer. Het vormt het grootste gedeelte van dit maagtype. Hij vult de linker helft van de buikholte ruimschoots.

14

Hoe wordt de pens onderverdeelt?

De pens wordt door schotten (penspijlers) verder onderverdeeld in twee penszakken (dorsaal en ventraal), die caudaal worden aangevuld met de dorsale en ventrale blinde penszakken. Rostraal bevindt zich de voorhof van de pens (de craniale penszak of atrium ruminis).

15

Hoe ziet het slijmvlies van de pens eruit?

Het slijmvlies van de pens bevat karakteristieke vlokken voor de resorptie van vetzuren. De ventrale vlokken zijn het grootst. Het dak van de pens zit vast aan het buikdak door middel van een retroperitoneale verbinding. De pens is vrijwel continu gevuld met vocht en ingesta, ongeveer tot het niveau van de inmonding van de oeophagus.

16

Wat gaat er allemaal weer richting de mond vanuit de pens?

Het bij de fermentatie vrijkomende gas verlaat de pens via de oesophagus, de lichtere (onvoldoende verteerde) pensinhoud blijft drijven en wordt via de oesophagus naar de mond teruggestuurd voor het herkauwen.

17

Met wat voor slijmvlies is de netmaag bekleed?

Met cutaan slijmvlies, dat karakteristieke netvormige lijsten vormt.

18

Wat vormt de mogelijkheid voor directe passage vanuit de oesophagus naar de netmaag?

De slokdarmsleuf of sulcus reticuli. Dit is handig met drinken.

19

Waar wordt water geresorbeerd in de maag van het schaap?

In de boekmaag.

20

Beschrijf de boekmaag.

De boekmaag vormt een grote bolvormige structuur die tegen de rechter buikwand aanligt. De wand is voorzien van boekmaagbladen. Deze bladen zitten aan de curvatura major, bij de curvatura minor is een passage uitgespaard, de canalis omasi, met daarin een voortzetting van de slokdarmsleuf, die rechtstreekts leidt tot de lebmaag.

21

Beschrijf de lebmaag.

De lebmaag is bekleed met glandulair epitheel. Het slijmvlies bevat een aantal, niet verstrijkbare plooien. Het pars pylorica van de lebmaag leidt tot de pylorus met een duidelijke torus pyloru. De lebmaag ligt V-vormig op de buikbodem onder de pens. Slechts de ingang (vanuit de boekmaag) is op zijn plaats gefixeerd, de rest kan van zijn plaats (problemen met lebmaagdislocatie).

22

Waaruit bestaat het duodenum van het schaap?

Uit een descenderend en ascenderend deel, die caudaal om de scheilswortel draaien.

23

Hoe ziet het jejunum van het schaap eruit en wat vind je hierin?

Het jejunum is zeer lang en bevindt zich in darmslingeringen aan het eind van het mesojejunum. De lymphonodi jejunales liggen in een rij dicht langs het jejunum.

24

Hoe ziet het caecum van het schaap eruit?

Het caecum bestaat uit een langerekte zak met een gelijkblijvende diameter. De wand is slap.

25

Hoe ziet het colon ascendens van het schaap eruit?

Het colon ascendens is spiraalvormig opgewonden in een verticale, platte schijf (colonschijf), die met het mesojejunum is vergroeid. Ook hier onderscheiden we centripetale en centrifugale gyri.

26

Hoe zien het colon transversum en colon descendens van het schaap eruit?

Het colon transversum en colon descendens hangen aan een kort en vetrijk scheil. Taeniae en haustra zijn niet aanwezig.

27

Welke maag van de koe is analoog aan de maag van de hond?

De lebmaag.

28

Waarom heeft een koe/schaap dit ingewikkelde magencomplex nodig?

Om te zorgen dat hij de fermentatie van het opgenomen eten zo optimaal mogelijk kan laten plaatsvinden. Daarvoor is heel veel ruimte nodig (grote pens) en veel contact (pens motiliteit). Ook wordt er erg veel water verbruikt wat weer moet worden opgenomen (boekmaag) en moeten uiteindelijk de bacteriën worden gedood voordat zij in de darmen terecht komen (lebmaag).

29

Wat is de functie van de slokdarmsleuf?

Drinken kan direct door naar de lebmaag. Dit is vooral handig bij jonge kalveren. Als de melk naar de pens zou gaan, zouden bacteriën die lactose omzetten enorm de overhand krijgen en omdat zij lactaat maken, zou dan de pens verzuren. Het gevolg hiervan is sterfte van de andere bacteriën in de pens.

30

Wat doet amylase? En hoe controleer je dus de activiteit van amylase?

Amylase breekt zetmeel af tot grensdextrines, maltose en maltotriose. Zetmeel vormt met jodium een blauw complex. De afbraakproducten van zetmeel (grensdextrines) vormen daarentegen vrijwel kleurloze lichtbruine verbindingen met jodium. Het verdwijnen van het blauwgekleurd complex is dus indicatief voor amylase-activiteit. Op een ELISA-plaat invuberen we verdunningsreeksen van monsters van darminhoud met zetmeel en tonen aan het eind van de incubatietijd niet-afgebroken zetmeel aan met jood-joodkali oplossing. In de welletjes waar de inhoud niet blauw kleurt was volgoende amylase activiteit aanwezig om alle zetmeel af te breken.

31

Waar is de verhouding tussen kliermaag en spiermaag vooral van afhankelijk bij vogels?

De verhouding tussen de proventriculus en de ventriculus is afhankelijk van het dieet. De spiermaag is bij vleeseters en viseters in het algemeen veel minder ontwikkeld dan bij insecteneters en graaneters.

32

Waarmee is de spiermaag aan de binnenzijde bekleed?

Met een dunne, leerachtige laag ingedikt, eiwit-achtig secreet (cuticula) geproduceerd door de mucosaklieren van de spiermaag.

33

Waarin verdelen we de dunne darm van vogels?

De dunne darm wordt verdeeld in duodenum, jejunum en ileum, maar er bestaan anatomisch geen duidelijke verschillen. Het duodenum loopt tot het einde van de lus, het ileum begint bij het restant van de vitelline divertikel. In de literatuur wordt ook wel gesproken van een jejunoileum.

34

Waaruit bestaat de dikke darm van een vogel?

De dikke darm bestaat meestal uit een rectum (einddarm) en gepaarde caeca. Een duidelijk colon ontbreekt bij de meeste vogels. De opbouw van het darmkanaal lijkt sterk op die bij krokodillen, de reptielensoort waarmee vogels dezelfde afstamming gemeen hebben.

35

Waaraan is de lengte van de darmen van vogels gerelateerd?

Aan de lichaamslengte en kan per soort sterk verschillen. De diameter van het darmkanaal neemt af van duodenum tot aan het rectum. Het rectum is bij de meeste vogels recht en kort, eindigend in het coprodeum van de cloaca.

36

Hoe lang is de pens van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud.

60 cm, bruin/geel, vieze koeienstal, vloeibaar vaste delen

37

Hoe lang is de lebmaag van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud.

30 cm, bruingeel, zuur, vloeibaar

38

Hoe lang is het duodenum van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud.

80 cm, bruingeel, zuur, vloeibaar

39

Hoe lang is het jejunum van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud

14,8 meter, groen, zoetzuur, stroperig

40

Hoe lang is het ileum van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud.

20 cm, bruin, sterke scherpe doordringende geur, pappig

41

Hoe lang is het caecum van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud

1,5 m, groen, ontlasting zwak, pasteus

42

Hoe lang is de colonschijf van een schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud.

5,2 m, bruingroen, sterke ontlasting, pasteus

43

Hoe lang is het colon descendens en de anus van het schaap? Geef ook de geur, kleur en consistentie van de inhoud.

1,5 m, bruin, ontlasting, vast.