Toetsvragen Flashcards Preview

WellnessAcademy > Toetsvragen > Flashcards

Flashcards in Toetsvragen Deck (155):
1

Wat is osmose?

Verplaatsing van water door een half-doorlaatbaar membraan

2

Uit wat bestaat cytoplasma?

Uit 80% water, en voor de rest uit voedingsstoffen (o.a. eiwitten, vetten, zouten en suikers)

3

Bouw van de cel?

Van binnen naar buiten:
Celkern, cellichaam en celmembraan

4

Wat is anatomie?

(Op)bouw van het lichaam

5

Wat is pathologie?

Ziekteleer (ontstaan en verloop van ziektes)

6

Wat is fysiologie?

Functie (werkings)leer van de organen in levende wezens.

7

Uit wat bestaat de celkern?

Uit kernplasma (samenstelling is gelijk aan cytoplasma)

8

Wat is protoplasma?

De totale plasma van een cel, dus cytoplasma + kernplasma

9

Wat is Epitheelweefsel en uit wat bestaat het?

Is een dekweefsel en bekleed alle uit- en inwendige oppervlakten van het lichaam.
(epitheelweefsel kan ingedeeld worden naar het aantal lagen, vorm van de cellen en functie)
Lagen:
- 1-lagig
- meerlagig
Vorm:
- plaveiselepitheel (platte cellen)
- kubisch epitheel (vierkante cellen)
- cilindrisch epitheel (hoge cellen)
- trilhaarepitheel (cilindrische cellen met aan oppervlakte trilharen)
Functie:
- Beschermend
- Afscheidend
Het bestaat uit epitheelcellen die dicht bij elkaar liggen; er is dus weinig tot geen celtussenstof aanwezig.

10

Welk type epitheelweefsel bestaat uit platte cellen?

Het plaveisel epitheel
(als 1-lagig komt dit voor aan de binnenkant van de bloed- en lymfevaten, het hart en aan de binnenwanden van luchtpijptakjes en longblaasjes. Als meerlagig komt het voor in de slokdarm en de opperhuid)

11

Welke (4) soorten weefsels zijn er?

- epitheelweefsel (dekweefsel)
- zenuwweefsel (Regulatie lichaamsfuncties)
- spierweefsel (maakt beweging mogelijk)
- steunweefsel

12

Wat is een weefsel?

een groep cellen vormt een weefsel, en verschillende weefsels bij elkaar vormen een orgaan.

13

Tot welk weefsel behoort de vetcel?

(reticulair "losmazig") Bindweefsel

14

Benoem de verschillende soorten huidlagen en hun functie.

- opperhuid - EPIDERMIS
Functie: vorming nieuwe cellen
- lederhuid - CORIUMCUTIS/DERMIS
Functie: souplesse & elasticiteit; stevigheid
- onderhuid - SUBCUTIS
Functie: bescherming, veerkracht, reservevoorraad en isolering tegen kou

15

Kenmerken opperhuid/epidermis?

- 0,05-0,1mm
- meerlagig epitheelweefsel (geen/weinig tussenstof)
- veranderen van levende naar dode cel
- geen zenuwen, bloed- en lymfevaten en klieren
- verhoorningsproces: ca. 28 dagen

16

Waaruit bestaat de opperhuid?

Van buiten naar binnen:
1 hoornlaag (stratum corneum)
2 doorschijnende laag (str lucidum)
3 korrellaag (str granulosum)
4 stekelcellenlaag (str spinosum)
5 basaalcellenlaag (str Cylindricum)
(6) basaalmembraam (=bindweefsellaag tussen opper- en lederhuid)

17

Kenmerken:
1 hoornlaag (stratum corneum)
2 doorschijnende laag (str lucidum)
3 korrellaag (str granulosum)
4 stekelcellenlaag (str spinosum)
5 basaalcellenlaag (str Cylindricum)

Hoornlaag:
- platte cellen liggen dakpansgewijs ook elkaar
- eleidine omzetten naar keratine (=eindfase verhoorning)
- wordt bijeengehouden door vetachtige stoffen
- bestaat uit slechts 10% water
Doorschijnende laag:
- meerlagig epitheel
- platte cellen liggen zonder structuur op elkaar
- cellen verliezen kern
- keratohyalinekorrels worden omgezet in eleidine (tussenvorm voor de keratine "hoornstof" komt)
Hygroscopische (wateraantrekkende) en hydrofile (wateropzuigende) werking
Korrellaag:
- meerlagig epitheel
- plattere cellen
- start verhoorninsproces (levende cellen maken plaats voor dode cellen)
Stekelcellenlaag:
- meerlagig kubisch epitheel met uitlopers (stekels vormen verbinding met andere cellen)
- basaalcellen- en stekelcellenlaag:
laag van Malpighi (kiemlaag)
Basaalcellenlaag:
-eenlagig cilindrisch epitheel
- zeer vochtrijk
- voedingsstoffen + zuurstof vanuit bloedvaten lederhuid
- voortdurende celdeling (naarmate ze naar boven schuiven (richting hoornlaag) worden ze platter
- pigmentvorming (melanocyten)

18

Kenmerken lederhuid?

- 0,5-3mm
- dicht bindweefsel (veel tussenstof)
- collagene vezels (steun + stevigheid)
- elastieke vezels (elasticiteit)
- reticule vezels (structuur door netwerk)

19

Waaruit bestaat lederhuid?

- papillenlaag (str papillaire)
* direct onder opperhuid
* bloedvaten voor voeding en zuurstof
basaalcellenlaag
* papilvormige uitstulpingen lederhuid
* lijntje oppervlaktehuid: cutislijsten
(vingerafdruk)
- netlaag (str reticulaire)
* ligt net onder papillenlaag en vormt
grootste gedeelte van lederhuid
* bevat bloed- en lymfevaten, zenuwen,
klieren en receptoren van de huid
* maakt huid soepel, rekbaar en stevig
* vezels liggen regelmatig geordend

20

Wat zijn mestcellen en wat is hun functie?

Mestcellen vormen een belangrijk onderdeel van de bindweefselgrondsubstantie.
Zijn belangrijk voor:
- reparatie van wonden en opbouw van de tussenstof
- vormen weefselenzymen en het weefselhormoon histamine. Histamine kan bloedvaten verwijden bij irritatie zodat de huid reageert met een allergie

Massage heeft een gunstige invloed op mestcellen dmv verbeterde doorbloeding tgv toename activiteit histamine.

21

Waaruit bestaat de onderhuid en functie?

Onderhuid (subcutis)
- losmazig bindweefsel
- met daartussen de vetcellen (deze bepalen dikte onderhuid)

Functies van deze vetten:
- bescherming lichaam
- bepalen veerkracht huis & lichaamsvormen
- dienen als reservevoorraad
- vormen isolerende laag

22

Wat zijn de functies van de huid?

- bescherming lichaam (chemische en weersinvloeden, elektriciteit (hoornlaag is slechte geleider), uitdroging, ziekteverwekkende micro-organismen, UV starling)
- graadmeter gezondheid
- uitscheiding (via zweet) schadelijke stoffen
- regulatie lichaamstemperatuur
- gevoelszintuig (dmv receptoren in leder- en onderhuid voor tast, pijn, temperatuur, druk)
- produceert vitamine D (UV stralen zetten provitamine D om in vit D= belangrijk voor botopbouw)
- opnemingsorgaan (via huid "transcutane resorptie " worden stoffen opgenomen in bloed en lymfe)
- productie weefselhormonen
* histamine (tgv irritatie, vlekkerig rood)
* acetylcholine (tgv wrijving, druk = egaal rood)

23

Huidafwijkingen, Latijnse benamingen?

Huidafwijkingen (Efflorescenties)
*Primair: huidverschijnselen die zich voordoen als gevolg van een pathologische verandering
1. Macula: vlek (verkleuring van huid zonder verhevenheid)
2. Papula: verhevenheid <1 cm, niet wegdrukbaar
3. Vesicula: blaasje met helder vocht in holte opperhuid, boven huidniveau en <1 cm
4. Pustula (puist): blaasje met pus
5. Cyste: holte, omsloten met een wand, gevuld met vloeistof (vaak serum, bloed of celafval). Kunnen op huid en in lichaam voorkomen.
6. Urtica: roze verheffing van de huid (veroorzaakt door oedeem, vaak bij allergische reacties)
7. Erytheem: roodheid van de huid (agv vaatverwijding)
8. Zwelling: vochtoproeping onder de opperhuid
9. Congenitale naevus: aangeboren moedervlek
*Secundair: huidverschijnselen die zich voordoen als indirect gevolg van een pathologische verandering.
a. Nodulus: knobbel bestaande uit goed- of kwaadaardige cellen of weefsel
- > 0,5cm
- oppervlakkig of diep in de huid
b. Squama: huidschilfers/schubben (bijv bij psoriasis of eczeem)
c. Crust: korst
d. Ragada: kloof of fissuur (bijv eeltkloven)
e. Excoratio: schaafwond
f. Ulcus: zweer
g. Cicatrix: litteken

24

Oorzaken huidafwijkingen?

- microbiologisch (bacteriën, schimmels, virussen)
- aandoeningen hoornlaag
- aandoeningen pigmentering
- verwijde bloedvaten
- parasieten
- afwijkend vetweefsel
- allergieën
- gezwellen
- huidafwijkingen door fysische invloeden
- huidafwijkingen door trauma/letsel
- huidafwijkingen door inwendige ziekten
- huidafwijkingen door afwijk. talg-&zweetklieren

25

Wat is een gerstekorrel (milia)?

Aandoening van de hoornlaag.
Kleine witte korreltjes die in de huid liggen.
Ontstaan door verstopte talg- of zweetklieren.
NIET of lichtjes masseren.

26

Wat is Ichtyosis?

Aandoening van de hoornlaag.
Een schubbenhuid.

27

Wat is Psoriasis?

Aandoening van de hoornlaag.
Een normale huid vernieuwd zich om de 27-30 dagen. Bij psoriasis (schurftigheid) vernieuwd de huid zich al om de 4-7 dagen.
Niet besmettelijk, chronische huisafwijking, erger met stress.
Witte huidschilfers en rode plekken op de huid, vrnl op ellebogen, knieën, onderrug en behaarde hoofdhuid.
GEEN massage tijdens actieve fase, LICHTE ontspanningsmassage tijdens niet-acute fase.

28

Wat is Vitiligo?

Aandoening tgv hypopigmentatie (te weinig)
Bestaat uit witte vlekken. Kan op elke leeftijd ontstaan maar meestal voor 20e levensjaar.
Precieze oorzaak onbekend, maar vaak sprake van erfelijkheid.
Emotionele stress kan symptomen verergeren.
Blootstelling aan zonlicht kan spontane genezing veroorzaken.

29

Wat zijn levervlekken?

Aandoening tgv hyperpigmentatie. Ook wel CHLOASMA of MELASMA genoemd.
Zijn egale en licht gepigmenteerde vlekken die scherp zijn begrenst.
Kunnen ontstaan door leverziekte, maar komen ook vaak voor bij verouderde huid, tijdens zwangerschap of onder invloed van hormonen (en antibiotica).
symptomen verergeren vaak door zonlicht.

30

Wat is Naevus flammeus?

Wijnvlek.
Is een bloedvataandoening. Aangeboren en onschuldige paarsrode vlek die ontstaat door verwijde bloedvaatjes aan de oppervlakte van de huid. Vlek groeit naarmate de huid groeit. Komen voor in het gezicht, op borst, armen of benen.
NIET masseren, wel gebied eromheen.

31

Wat betekend Varices?

Spataders.
Is een bloedvataandoening.
Ontstaan doordat veneuze kleppen in beenaderen niet goed sluiten. Aderen zijn duidelijk te zien en voelen, blauwpaard van kleur en lopen meanderend onder de oppervlakte van de huid.
Risico's: aderontsteking en verhoogd risico op trombose.
NIET masseren, ook niet rondom.

32

Wat is Panniculose?

Sinaasappelhuid.
Is een afwijking van het vetweefsel.
Zijn putjes in de huid (bobbelige huid), vrnl op de bovenbenen. De vetcellen slaan hierbij teveel vet op. Komt bij bijna alle vrouwen voor.
MASSAGE is aangewezen, kan probleem verminderen.

33

Wat is Cellulitis?

Panniculose MET ontstoken bindweefsel.

34

Wat is contacteczeem?

Is een huidafdoening die zowel allergisch als irritatief kan zijn (ortho-ergisch). Wordt uitgelokt door een externe stof die het afweermechanisme in de huid activeert.
Eczeem is een ontsteking van de huid.

35

Wat is urticara?

Netelroos (galbulten)

36

Noem een aantal gezwellen (tumoren)

Goedaardige gezwellen:
Epitheel:
- wratten & waterwratten
Bindweefsel:
- steelwratten,
- verheven (hypertrofische) littekens,
- xanthelasma (bruinkleurige woekering op boven- of onder ooglid)
Pigmentgezwellen: - moedervlek
Vaatgezwel: - wijnvlek
Kwaadaardige gezwellen:
snelle celvermeerdering, binnendringen en verwoesten van andere weefsels/organen

37

Wat is Berlock Dermatitis?

Pigmentvlekken onder invloed van zonlicht.
is een huisafwijking door fysische invloeden. (bijv. brandwonden of vrieswonden)

38

Wat is een hematoom?

Bloeduitstorting (blauwe plek)
is een huidafwijking door trauma/letsel

39

Wat is hyperhidrose en hypohidrose?

Hyperhidrose: overmatig zweten (Botox)
Hypohidrose: te weinig zweten
Zijn beide huidafwijkingen door afwijking aan talg-/zweetklieren
Andere vb zijn: acne en rosacea

40

Wat is degeneratie vd huid?

Huidveroudering (achteruitgang vd huid)

41

Wat is atrofie?

Celdeling neemt af en cellen verrimpelen door waterverlies
Letterlijk betekent het "zonder voeding"

42

Wat is elastosis?

Vermindering elastieke vezels. Collagene weefsels gaan domineren.
Huid wordt stugger en minder elastisch

43

Hoe ontstaan rimpels & plooien?

door een combi van atrofie & elastosis

44

Hoe ontstaan donkere kringen onder de ogen?

Ook door degeneratie vd huid. Huid wordt hier dunner en bloed wordt zichtbaar onder de huid

45

Wat zijn wallen onder de ogen?

Vet- of vochtophoping omdat huid slapper is geworden. Vocht trekt weg of laats zich weg masseren. Vet niet.

46

Wat is regeneratie?

Volledig herstel beschadigde delen (wondgenezing)

47

Wat betekenen de vlg begrippen?

Blaar= een met vocht gevulde holte onder de opperhuid of tussen opper- en lederhuid van minimaal 1 cm groot.
Blaasje= een met vocht gevulde holte onder de opperhuid
Cyste= een ongewone lichaamsholte omgeven door een vlies en gevuld met een vloeibare (soms slijmerige) substantie
Kloof (hagada)= scheur/barst in huid (diep of ondiep)
Knobbel/bult= verdikking in onder- of lederhuid. Knobbel is wel te voelen maar niet te zien. Bult zowel te voelen als zien.
Korst= stolsel van bloed, lymfe en pus
Litteken= bindweefsel dat na genezing van diepe wond (dieper dan opperhuid) in de plaats komt van opperhuid
Macula (vlek)= kleurverandering vd huid
Papula (verhevenheid)= verdikking vd huid, pukkel zonder pus
Puist (pustula)= een met pus gevuld blaasje
Roodheid (erytheem)= verwijding van haarvaten aan oppervlakte vd huid
Schaafwond= oppervlakkige beschadiging vd opperhuid door een schurende werking met puntvormige bloedinkjes
Schub (squama)= opeenhoping van schilfers
Tumor (gezwel)= woekering van cellen
Ulcus (zweer)= beschadiging vd huid die doorloopt tot aan onderhuid en gepaard gaat met ontsteking en pusvorming. Trage genezing en altijd littekenvorming

48

Wat wordt er bedoeld met huidflora?

op de hoornlaag levende bacteriën, schimmels en gisten.

49

Wat verwijder je van de huid tijden een oppervlakte reiniging? En wat bij een dieptereiniging?

Oppervlaktereiniging:
Afvalstoffen (stof, overtollige talg, make-up & ander vuil)

Dieptereiniging:
reinigen poriën
verwijderen dode huidcellen
Comedonen & milia

50

Is het nodig om te huid op te warmen voor het verwijderen van comedonen & milia?

Ja, door de warmte gaan de poriën open staan en kunnen ze gemakkelijker verwijderd worden

51

welke producten hebben de voorkeur voor de reiniging van de huid?

Dit is afhankelijk van het huidtype van de klant

52

Waar ligt de Reinse barrière en wat is de functie?

Tussen de korrellaag en de doorschijnende laag.
Zorgt voor het natuurlijk op peil houden van het vochtgehalte

53

Wat zijn de verschillen tussen een vrouwen- en mannenhuid?

Een mannenhuid:
- sterkere verhoorning
- vettere huid met vaak meer comedonen
- vaker acnelittekens
- meer transpiratie
- hogere zuurgraad
- baardgroei
- vaker geïrriteerde huid door scheren
- meer doorbloedingsafwijkingen
- meer doorbloeding aan huidoppervlak
- grovere poriën

54

Hoe controleer je het vochtgehalte? En de doorbloeding?

Vochtgehalte: door palpatie
Doorbloeding: door inspectie en palpatie

55

Welke stappen nemen we door tijdens een huidanalyse?

- Anamnese (medicatie, gebruik producten, allergieën, verwachtingen etc)
- Inspectie (huidsoort, doorbloeding, rimpels, huidafwijkingen)
- Palpatie (huidsoort, doorbloeding, spier- en huidspanning, vochtgraad)

56

Welke weefselhormonen worden gevormd door een rode huid?

Histamine (vlekkerig rood)
Acetylcholine (egaal rood)

57

Welke laag geeft de huid zijn elasticiteit?

Lederhuid

58

Wat is melanine en waar bevindt zich de melaninekorrel??

Melanine is pigment. De Melaninekorrel bevindt zich tussen de cellen van de basaalcellenlaag (opperhuid)

59

Wat zijn gewoonterimpels? Wat zijn plooien?

Gewoonterimpels: (mimiekrimpels) Rimpels die al op jonge leeftijd kunnen ontstaan doordat vaak dezelfde spieren worden aangetrokken (bijv. lachen, boos kijken etc)

Plooien: diepe rimpels

60

Hoe ontstaan horizontale rimpels?

Door spieren die verticaal samentrekken (bijv Voorhoofdspier)

61

Hoe heet de wenkbrauwspier/rimpelaar in het Latijns?

Musculus corrugator supercilii

62

Welke gelaatsspier hecht zich volledig aan de huid?

Huidspier/mimische spier

63

Wat zijn synergisten?

Spieren die bij samentrekking elkaars werking ondersteunen

64

Wat is een agonist?

Buigende spier die beweging veroorzaakt

65

Wat is een Antagonist?

Spierparen die elkaars werking tegengaan

66

Door welke stof kan tijdens massage egale roodheid optreden?

Acetylcholine
Vlekkerig rood is histamine

67

Wat is en wat is het doel van Effleurage en Petrisage?

Effleurage: (zachte en rustige) wrijvingen met volle hand of gestrekte vingers over de huid, met als doel ontspanning of extra activiteit in de huid.
Petrissage: knedingen (meestal met duim- of pinkmuis) in draaiende bewegingen die krachtig eindigen, met als doel verbeterde doorbloeding van spier (lokale voeding) en verbeterd de verwijdering van afvalstoffen.

68

Wanneer doe je een gezichtsmassage; indicaties en contra's?

Indicaties:
- gespannen huid
- slechte bloedcirculatie
-verslapte huid
-verslapt spierweefsel
Contra's:
- ontstekingen van de huid
- gevaarlijke pigmentvlekken
- gezwellen
- inwendige bloeduitstortingen
- koorts
- hoge bloeddruk
- circulatiestoornissen

69

indicaties en contra's lichaamsmassage?

indicaties:
- algehele of lokale verhoogde spanning
- lusteloosheid of te weinig spierspanning (hypotonie)
- slechte doorbloeding
- plaatselijke vermoeidheid of spierpijn
- verklevingen
Contra's:
- koorts
- slecht algehele gezondheidstoestand
- pijnen (behalve spierpijn)
- steenpuisten (ivm besmetting/uitbreiding)
- infecties (griep/ ernstige verkoudheid)
- besmettelijke huidziekten

70

Waarvoor wordt paraffine gebruikt?

- als voorbehandeling bij verwijderen comedonen (dmv verweking bovenste huidlagen)
- bij vochtarme huid

71

Welke maskers kun je geven bij actieve acne?

Pastamasker
Poedermasker

72

Noem indicaties en contra's van de verschillende maskers?

kant en klaar:
- crememasker
- gelei(gel)masker: vochtinbrengend
- pastamasker: reiningen (bv acne en vette huid) CONTRA: niet bij vochtarme huid
Aanmaken:
- poedermasker (zie pastamasker)
- gipsmasker: verhoogd temp tot 40C
CONTRA: klanten met claustrofobie
------------------------------------------------
- Plastificerend masker: bij gedegenereerde, verslapte en vermoeide huid
GEEN Contra's

73

Wat is epilatie en depilatie?

Epilatie: het verwijderen van haartjes met inbegrip van de haarwortel (tot onder de huid).
Depilatie: korte oppervlakkige (boven de huid) haarverwijdering (bv scheren, ontharingscrème).

74

Contra's voor harsen?

- spataderen
- eczeem
- trombose
- wonden op ontharingsplaatsn
- ontstekingen
- koorts
- medicijnen (roaccutane= tegen acne)
- antibioticum- en/of hormooncreme
- zeer dunne huid en/of een ernstige huidveroudering

75

welke ontharingsmethodes zijn er?

Tijdelijke:
- depileren (mechanisch; scheren, schuren, knippen of chemisch; ontharingscrème)
- epileren (pincet, hars, was, touw, sugar)
Definitief:
- diathermiemethode (apparaat met hoogfrequentie wisselstroom)
- de blendmethode (2 stroomsoorten; wissel- en gelijkstroom)
- lichtflitsontharing en laser (IPL= intense pulsed light)

76

Wat is mechanische epilatie?

Het verwijderen van haar met haarwortel, dus tot onder huidoppervlak, mbv (automatische) pincet, hars, was, touw of sugar.

77

Hoe kan je een definitieve epilatie bekomen?

dmv elctrische stroom waarbij haarpapil en haarfollikel vernietigd worden.

78

Welke ontharingsapparatuur bestaan er?

- HF apparaat (hoog frequentie)
- Harsketel
- ontharingscassettes
- Laser (foto-epilatie apparaat, flitslamp)

79

In welk deel vh lichaam bevindt zich lymfe?

Lymfe bevindt zich rond iedere cel vh lichaam in het lymfestelsel.

80

Slechte bloedcirculatie kenmerkt zich door?

- spataders
- bloeduitstorting

81

Plaats waar voedingsstoffen worden uitgewisseld met de bloedsomloop?

Haarvaatjes

82

Wat is resorptie?

Actief opnemen van voedingsstoffen in de bloedbaan.

83

In welke bloedsomloop komt het lymfe?

Grote

84

Wat is Artrose?

Aandoening aan gewrichtskraakbeen

85

Wat is het doel van het skelet?

- Geeft vorm aan lichaam
- Geeft steun aan lichaam
- Beschermt belangrijke organen
- Is oorsprong- en aanhechtingsplaats voor spieren
- aanmaak rode- en witte bloedcellen

86

Welk borstuk is de femur?

Dijbeen

87

Welk soort beenderen zijn de vingerkootjes, het scheenbeen en het dijbeen?

Vingerkootjes: korte pijpbeenderen
Scheen- en dijbeen: lange pijpbeenderen

88

Hoe heten de gewrichten in je hand?

Middenhandsbeentjes (5), vingerkootjes (14) en handwortelbeentjes (8)

89

Heeft de myelineschede een geleidende of isolerende functie?

Isolerend en beschermend

90

Wat wordt er gevormd bij anaerobe processen in de spieren?

Melkzuur
(proces is vrijmaken van energie uit glucose zonder zuurstof. Met zuurstof heet het aerobe proces)

91

Uit welk type spierweefsel bestaan mimische spieren?

Dwarsgestreepte

92

Horizontale rimpels in het voorhoofd ontstaan bij samentrekking van?

Voorhoofdspier (musculus frontalis)

93

Bij een te hoge spierspanning spreekt men van?

Hypertonie / hypertonische spier

94

Wat is de functie van de pezen?

- verbindt spieren met bot
- brengt spierkracht over

95

Welke spieren behoren tot de armspieren?

2-hoofdige armbuigspier, 3-hoofdige armbuigspier, deltaspier
Buig- en strekspieren

96

Wat maakt geen deel uit van een spiervezel?

glad spierweefsel?

97

Waar begint en eindigt de M. Sternocleidomastoideus?

O: borstbeen en sleutelbeen
I: tepelbeen

98

Wat zijn synergisten?

Spieren die bij samentrekken elkaars werking ondersteunen

99

Waar eindigt de neuriet van een zenuw die een spier aanstuurt?

Bij de synapsen (eindplaatje)

100

Wat is contractie?

Samentrekken spier

101

Uit wat is glad spierweefsel opgebouwd?

Uit spoelvormige cellen (maag, darmen en bloedvaten; willekeurig)

102

Waaruit bestaan pezen?

Bindweefsel met collagene vezels

103

Hoe ontstaan het kuiltje in de wangen?

Als de lachspier is vergroeid met de wangenhuid.

104

Een spier is van groot naar klein opgebouwd uit?

- bindweefsel (spierfascie)
- spierbundels
- spiervezels (met bindweefsel erom heen)
- spiercellen

105

Wat is innervatie?

aansturen van spieren oftewel overbrengen van een prikkel van een zenuw naar een spier.

106

Wat is het verschil (hechting) tussen skeletspieren en mimische spieren?

Skeletspieren zitten vast aan skelet met pezen en peesbladen.
Mimische spieren zitten vast aan het skelet met peesbladen of pezen EN/OF aan de huid dmv bindweefselvezels.

107

Verschillende functies van hormonen?

- synthese van stoffen
- beïnvloeden van de doorlaatbaarheid van celwanden (bv voor glucose)
- groei of vermenigvuldiging van cellen (groeihormonen)

108

Wat zijn hormonen?

chemische stoffen die in de endocriene klieren worden aangemaakt om op andere plekken in het lichaam weefsels te beïnvloeden en processen te sturen.

109

Voornaamst vrouwelijke en mannelijke hormoon?

Vrouwelijke: oestrogeen en progesteron
Mannelijke: testosteron

110

Wat is de functie van de:
- schildklier
- bijnier
- epifyse
- hypothalamus?

-SCHILDKLIER:
productie schildklierhormoon (snelheid stofwisseling en groei, bevordering geestelijke ontwikkeling en regelen lich temp)
-BIJNIER:
--bijniermerg: afscheiding epinefrine (adrenaline) en norepinefrine (verhoging bloeddruk, hartslag, ademhaling, darmwerking en bloedsuikerspiegel)
--bijschorsnier: productie mineralocorticoiden, glucocorticoiden en steroide hormonen
(zouthuishouding en bloeddruk; stofwisseling; geslachtshormonen)
- EPIFYSE:
productie melatonine (slaaphormoon) en zorgt er denkelijk voor dat de geslachtshormonen paas tot ontwikkeling komen in de pubertijd.
- HYPOFYSE:
-- afscheiding hormonen
-- regelen hormoonproductie van de meeste hormoonklieren
-- rol in functioneren van diverse organen en lichaamsfuncties
-- verbinding regelen tussen zenuwstelsel en hormoonstelsel
HYPOTHALAMUS:
- aansturen onwillekeurige zenuwstelsel en hormoonstelsel
- afgifte hormonen
- controle hypofyse

111

Wat is het gevolg van hyper- en hyposchildklier?

hyper: nervositeit en gewichtsverlies
hypo: overgewicht en vermoeidheid

112

Welke hormonen scheidt de schildklier af?

schildklierhormonen T4 en T3

113

De pancreas is een endo- exocriene klier. Welke stoffen scheidt ze af?

-å cellen: produceren glucagon (verhogen bloedsuikerspiegel)
-B cellen: produceren insuline (verlagen bloedsuikerspiegel)

114

Tot welke groep klieren behoort d alvleesklier?

Hormoonkieren of endo- exocrine kleiren?

115

Wat is doel alvleesklier?

Regelen glucose huishouding

116

Plaats waar longen zuurstof en CO uitwisselen?

Alveoli (longblaasjes)

117

Functies ademhalingsstelsel?

- zuurstof uit de lucht halen
- zuurstof aan het bloed afgeven
- kooldioxide uit het bloed halen
- kooldioxide aan de lucht afgeven

118

Wat zijn de onderste- en bovenste luchtwegen?

ONDERSTE:
- luchtpijp
- bronchiën
- longen
BOVENSTE:
- neus
- keelholte
- strottenhoofd

119

Waarvoor worden anti-oxidanten gebruikt?

Zijn essentieel voor een gezonde huid!
- bieden bescherming tegen schadelijke stoffen van buitenaf
- Neutraliseren vrije radicalen

120

Wat zijn anti-oxidanten?

Voedingsstoffen (vitamines, mineralen alsook enzymen of proteinen)

121

Wat is het verschil tussen cosmetica en medische producten?

Bij medische producten mogen alleen artsen de producten met hele sterke bijtende actieve bestanddelen gebruiken op de huid om hiermee de structuur van de huid en onderliggende weefsels te veranderen. Een schoonheidsspecialiste is hiervoor niet bevoegd.
Cosmetica: producten die we gebruiken voor lichaamsverzorging.

122

Wat zijn:
zuren, basen en zouten?

Anorganische stoffen (bevatten geen koolstof)
ZUREN:
- oplossing met een pH-waarde tussen 0-7; hoe lager pH hoe sterker het zuur.
- functie: eiwitsplitsing (zachte peeling)
BASEN (alkalien):
- samengestelde stoffen, waarvan molecule is opgebouwd uit metaalatomen en waterrest of hydroxide atomen.
- functie: verweken hoornlaag / hoornsplitsend
ZOUTEN:
- mengsel van zuren en basen

123

Wat is de pH-waarde van de huid?

5,5-5,7

124

Waaruit bestaat de beschermlaag van de huid?

- talg,
- zweet,
- lichaamseigen vetten,
- vocht

125

Samenstelling cosmetica?

- draagmiddelen (geven vorm aan product)
- actieve bestanddelen (% bepaalt werking product)
- conserveringsmiddelen (houdbaarheid)
- additieven (kleur- en geur)

126

Wat is excipienta?

Een geheel van een medium.
(bijv water, alcohol of olie oplossingen, emulsies, gels, suspensies, poeders en aerosolen)

127

Wat zijn werkstoffen?

De actieve bestanddelen in cosmetica. De concentratie die wordt gebruikt is bepalend voor de werking) Ze hebben een gunstige invloed op de natuurlijke processen in de levende cellagen en verhogen daarom de werkzaamheid van een product

128

Wat zijn mineralen?

Stoffen die ons lichaam nodig heeft in grammen. (bij micro- of milligrammen spreek je over sporen).
Worden niet door het lichaam zelf aangemaakt en komen dus via voeding of via de huid binnen.

129

Wat zijn enzymen?

Zijn stoffen die een proces in werking kunnen zetten zonder daarbij zelf verloren te gaan.
Ze zijn opgebouwd uit eiwitten.
We hebben:
PLANTAARDIGE (PAPAYOTINE= uit vruchten, bladeren van meloenachtige gewassen), die worden gebruikt in peelings, lysings en ontharingsproducten.
DIERLIJKE (HYALURONIDASE= gewonnen uit geslachtsdelen van stieren, bevordert het vloeibaarder worden van de tussenstof vh bindweefsel), en wordt gebruikt bij panniculose behandeling en in werkstofcomplexen. Hyaluronzuur zorgt ervoor dat een product sneller in de huid kan dringen.
DIERLIJKE (PEPSINE= eiwitsplitsend enzym, gewonnen uit maag van slachtrunderen) en gebruikt in peelings en lysings.

130

Wat zijn plantaardige werkstoffen en waarvoor dienen ze?

Fytohormonen, hormonen uit planten die bekend staan om hun herstellende werking.
(zie klapper voor soorten)

131

Wat is een niet vette basis-olie?

Olie in water emulsie

132

Wat is cosmetica?

Cosmetica: producten die we gebruiken voor lichaamsverzorging.

133

Wat is toxicologie?

Cosmeticaproducten die negatieve effecten kunnen geven bij gebruik zoals: irritaties, allergieën, fototoxiciteit of netelroos.
bv: reinigende en verzorgende melken, lotions en crèmes, bleekmiddelen vd huid en make-up.
~ij kunnen pas een reactie veroorzaken wanneer ze door de huidbarriere zijn heen gedrongen.

134

Dierlijke werkstoffen, werkstoffen uit de aarde en uit de zee. Welke en voor wat dienen ze?

Dierlijk:
ELASTINE= zorgt voor elasticiteit vd huid
COLLAGEEN(huid van jonge dieren)= sterk regenererend, hydrateren, verzachtend en genezend effect
LANOLINE(wolvet van schapen)= veel overeenkomsten met huidvet vd mens
OSSESERUM(weefsel van ossen)= rimpelopvullend effect
BOTOX(botulismebacterie)=wordt in de huid geïnjecteerd waar het de zenuweinden die in een spier uitkomen blokkeert (spier tijdelijk lam)
Uit zee:
Doordat zeewater veel zouten, mineralen en sporenelementen bevat, heeft het een sterk genezende werking op de huid. Goed bij:
allergieën, pigmentvlekken en psoriasis. Helende werking bij: reuma, stress en hoofdpijn.
Uit de aarde:
Gips (maskers), Marmer (peelings en scrubs), Zwavel (desinfecterend, vetten huid en acne), Aluin (adstringerend en bloedstelpend)

135

Wat is Iontoforese?

Actieve (werk)stoffen diep in de huid brengen ter huidverbetering of voor het verminderen van huidproblemen. (Dmv gelijkstroom werkstoffen in de huid brengen)

136

Welke invloed heeft blauw licht?

Kalmerende en rustgevende werking

137

Welke stralen hebben de grootste warmtewerking (zonnebescherming)?

Infrarood

138

Welke soorten apparatuur kun je onderscheiden en voor wat dienen ze?

- Hydro-app: voor behandelingen met water
- Mechano-app: behandelingen gebaseerd
op mechanische prikkels
- Elektro-app: behandelingen waarbij
elektrische stroom wordt gebruikt
- Action-app (heliotherapie/LED):
behandelingen met bestralingslampen
- Afslankapparatuur: afslanken bevorderen
- Ontharingsapp: overtollig lichaamshaar
verwijderen
- Makeup app: om lichaam permanente kleur
te geven
- Huidanalyse app: vergemakkelijken
huidanalyse
- Sterilisatie- en desinfectie app: voor
desinfecteren en steriliseren van al het
gebruiksmateriaal.

139

Wat is een
1 vapozone
2 werking
3 contra's?

1 Apparaat die stoom geeft met ozon en
actieve zuurstof
2 Vochttoediening aan vochtarme huid door uiterst fijne verneveling van geïoniseerde en geozoniseerde waterdamp op hoornlaag; dieptereiniging en desinfectie van onzuivere en vette huid; reiniging en voorverweken comedonenverwijdering en peeling; stimulering traag doorbloede en oude huid; openen poriën
3 overgevoelige huid en bij huidafwijkingen waarbij verhoogde doorbloeding vermeden moet worden (couperose)

140

Wat is werking en doel van Finse sauna?

werking:
houten cabine waarbij damp wordt verkregen door water op hete natuurstenen te gieten (eventueel met kruiden). Temp ligt tussen 90-100C. Droge lucht.
doel:
-bevorderen transpiratie en activeren bloedcirculatie
- verhogen afweersysteem
- algemeen gevoel van welbehagen
- goed voor pijnlijke spieren en gewrichten
- onzuivere huid

141

Wat is een turks stoombad?

-Meestal van kunststof of kleine tegeltjes
-Geeft stoom mbv elektriciteit
-Temp tussen 40-45C
-Hoog luchtvochtigheidsgehalte

142

Waarvoor kan je een borstelapp gebruiken?

Voor intensieve reiniging, ontspanning, prikkeling en activeren doorbloeding van de huid.

143

De verschillende soorten dermabrasie?

MicroDB I: micro aluminiumkristallen zandstralen (peelen) de huid
MicroDB II: vast schurend diamanten opzetstuk
HydroDB: serum in combi met diamanten opzetstuk

144

Wat is een hoogfrequentie apparaat?
doel, werking en indicaties?

Indicaties:
- verstevigen/stimuleren van (onder)huid, huidklieren en spieren
- ontsmettend en desinfecterend
- verbeteren metabolisme
- verbeteren doorbloeding
Werking: werkt met hoogfrequente wisselstroom.
-Elektroden indirect op afstand van de huid: komen kleine 'vonkjes' vrij die als een soort regen op de huid overspringen en zorgen voor warmte en ozon op de huid.
-Elektroden direct op de huid: zorgt voor betere doorbloeding huid en ontspanning van autonome zenuwstelsel.
Doel: spierversteviging en verbeterde doorbloeding

145

Wat is een infraroodlamp?
Indicaties en contra's?

Dmv infraroodbestraling wordt de huid opgewarmd en doorbloeding gestimuleerd. Het is warmtestraling (niet zichtbaar, wel voelbaar) Kan tot 1cm in de huid gaan.
Indicaties:
- stimuleren stofwisseling
- spieren en gewrichten worden soepeler
- verwijderen comedonen, masker, indrogen masker/peeling
contra's:
- gevoelige huid met bloedvatafwijkingen
- droge huid
- hoge bloeddruk
- koorts
- stofwisselingsziekten
- ontstekingen
- huidziekten

146

Hoe werkt een laser?

Licht wordt versterkt door gestimuleerde uitzending van straling en gebundeld in 1 straal. Hierdoor kan er heel gericht en lokaal meer gewerkt worden.

147

Wat is een huidanalyse apparaat en met welke metingen kunnen we de huid onderscheiden? korte uitleg.

Een apparaat waarmee je een betere en nauwkeurigere huidanalyse kunt maken.
Op basis van oppervlakkige huidkenmerken kunnen de apparaten onderscheid maken tussen een vette, droge of normale huid.
- corneometer= vochtgehalte
- chromameter= huidskleur
- sebummeter= vetgehalte
- pHmeter= zuurgraad

148

Alle ontharingstoestellen?

- harsverwarmer
- scheerapparaat/epilady/tondeuse
- IPL
- Diathermie (hoogfrequentie wisselstroom)
- Blendmethode (gelijkstroom + wisselstroom)

149

Wat is de invloed van zonnebestraling op de huid?

Pigmentatie/bruining (UVA)
Verbranding (UVB)
Beschadiging (UVC)
Vitamine D aanmaak
Vaatverwijding

150

Verschillende soorten UV straling?

UVA (direkte pigmentatie)
UVB (meer schadelijk, indirecte bruining, slechts klein gedeelte breikt de aarde)
UVC (zeer schadelijk, bijna geen bereik op aarde)

151

Andere werkingen van UV straling?

- pigmentatie
- hyperkerastose (verdikking hoornlaag)
- vorming vitamine D
- antiseptische werking
- immunologische toestand

- Negatief: uitdroging, huidveroudering, oppervlakkige verhoorning, vorming kanker.

152

Wat is het doel van zonneproducten?

- natuurlijke bescherming van de huid versterken
- huidveroudering vermijden en de huid hydrateren
- overmatige roodheid, verbranding vermijden
- progressieve bruining bevorderen

153

Werking UVA en UVB ivm pigmentatie?

UVA= onmiddellijke bruining. max bruining 1 uur na bestraling
UVB= indirekte bruining. max bruining 100 uren of 4 dagen na bestraling

154

Beschermingsindex en beschermingsfactor?

Aanduiding van het aantal uren dat een product bescherming geeft. (vermenigvuldigingsfactor)

155

Welke straling heeft een zonnebank?

Hoofdzakelijk UVA
Heel klein beetje UVB
Geen UVC