Toetsvragen Flashcards Preview

WellnessAcademy > Toetsvragen > Flashcards

Flashcards in Toetsvragen Deck (87):
1

Wat is osmose?

Verplaatsing van water door een half-doorlaatbaar membraan

2

Uit wat bestaat cytoplasma?

Uit 80% water, en voor de rest uit voedingsstoffen (o.a. eiwitten, vetten, zouten en suikers)

3

Bouw van de cel?

Van binnen naar buiten:
Celkern, cellichaam en celmembraan

4

Wat is anatomie?

(Op)bouw van het lichaam

5

Wat is pathologie?

Ziekteleer (ontstaan en verloop van ziektes)

6

Wat is fysiologie?

Functie (werkings)leer van de organen in levende wezens.

7

Uit wat bestaat de celkern?

Uit kernplasma (samenstelling is gelijk aan cytoplasma)

8

Wat is protoplasma?

De totale plasma van een cel, dus cytoplasma + kernplasma

9

Wat is Epitheelweefsel en uit wat bestaat het?

Is een dekweefsel en bekleed alle uit- en inwendige oppervlakten van het lichaam.
(epitheelweefsel kan ingedeeld worden naar het aantal lagen, vorm van de cellen en functie)
Lagen:
- 1-lagig
- meerlagig
Vorm:
- plaveiselepitheel (platte cellen)
- kubisch epitheel (vierkante cellen)
- cilindrisch epitheel (hoge cellen)
- trilhaarepitheel (cilindrische cellen met aan oppervlakte trilharen)
Functie:
- Beschermend
- Afscheidend
Het bestaat uit epitheelcellen die dicht bij elkaar liggen; er is dus weinig tot geen celtussenstof aanwezig.

10

Welk type epitheelweefsel bestaat uit platte cellen?

Het plaveisel epitheel
(als 1-lagig komt dit voor aan de binnenkant van de bloed- en lymfevaten, het hart en aan de binnenwanden van luchtpijptakjes en longblaasjes. Als meerlagig komt het voor in de slokdarm en de opperhuid)

11

Welke (4) soorten weefsels zijn er?

- epitheelweefsel (dekweefsel)
- zenuwweefsel (Regulatie lichaamsfuncties)
- spierweefsel (maakt beweging mogelijk)
- steunweefsel

12

Wat is een weefsel?

een groep cellen vormt een weefsel, en verschillende weefsels bij elkaar vormen een orgaan.

13

Tot welk weefsel behoort de vetcel?

(reticulair "losmazig") Bindweefsel

14

Benoem de verschillende soorten huidlagen en hun functie.

- opperhuid - EPIDERMIS
Functie: vorming nieuwe cellen
- lederhuid - CORIUMCUTIS/DERMIS
Functie: souplesse & elasticiteit; stevigheid
- onderhuid - SUBCUTIS
Functie: bescherming, veerkracht, reservevoorraad en isolering tegen kou

15

Kenmerken opperhuid/epidermis?

- 0,05-0,1mm
- meerlagig epitheelweefsel (geen/weinig tussenstof)
- veranderen van levende naar dode cel
- geen zenuwen, bloed- en lymfevaten en klieren
- verhoorningsproces: ca. 28 dagen

16

Waaruit bestaat de opperhuid?

Van buiten naar binnen:
1 hoornlaag (stratum corneum)
2 doorschijnende laag (str lucidum)
3 korrellaag (str granulosum)
4 stekelcellenlaag (str spinosum)
5 basaalcellenlaag (str Cylindricum)
(6) basaalmembraam (=bindweefsellaag tussen opper- en lederhuid)

17

Kenmerken:
1 hoornlaag (stratum corneum)
2 doorschijnende laag (str lucidum)
3 korrellaag (str granulosum)
4 stekelcellenlaag (str spinosum)
5 basaalcellenlaag (str Cylindricum)

Hoornlaag:
- platte cellen liggen dakpansgewijs ook elkaar
- eleidine omzetten naar keratine (=eindfase verhoorning)
- wordt bijeengehouden door vetachtige stoffen
- bestaat uit slechts 10% water
Doorschijnende laag:
- meerlagig epitheel
- platte cellen liggen zonder structuur op elkaar
- cellen verliezen kern
- keratohyalinekorrels worden omgezet in eleidine (tussenvorm voor de keratine "hoornstof" komt)
Hygroscopische (wateraantrekkende) en hydrofile (wateropzuigende) werking
Korrellaag:
- meerlagig epitheel
- plattere cellen
- start verhoorninsproces (levende cellen maken plaats voor dode cellen)
Stekelcellenlaag:
- meerlagig kubisch epitheel met uitlopers (stekels vormen verbinding met andere cellen)
- basaalcellen- en stekelcellenlaag:
laag van Malpighi (kiemlaag)
Basaalcellenlaag:
-eenlagig cilindrisch epitheel
- zeer vochtrijk
- voedingsstoffen + zuurstof vanuit bloedvaten lederhuid
- voortdurende celdeling (naarmate ze naar boven schuiven (richting hoornlaag) worden ze platter
- pigmentvorming (melanocyten)

18

Kenmerken lederhuid?

- 0,5-3mm
- dicht bindweefsel (veel tussenstof)
- collagene vezels (steun + stevigheid)
- elastieke vezels (elasticiteit)
- reticule vezels (structuur door netwerk)

19

Waaruit bestaat lederhuid?

- papillenlaag (str papillaire)
* direct onder opperhuid
* bloedvaten voor voeding en zuurstof
basaalcellenlaag
* papilvormige uitstulpingen lederhuid
* lijntje oppervlaktehuid: cutislijsten
(vingerafdruk)
- netlaag (str reticulaire)
* ligt net onder papillenlaag en vormt
grootste gedeelte van lederhuid
* bevat bloed- en lymfevaten, zenuwen,
klieren en receptoren van de huid
* maakt huid soepel, rekbaar en stevig
* vezels liggen regelmatig geordend

20

Wat zijn mestcellen en wat is hun functie?

Mestcellen vormen een belangrijk onderdeel van de bindweefselgrondsubstantie.
Zijn belangrijk voor:
- reparatie van wonden en opbouw van de tussenstof
- vormen weefselenzymen en het weefselhormoon histamine. Histamine kan bloedvaten verwijden bij irritatie zodat de huid reageert met een allergie

Massage heeft een gunstige invloed op mestcellen dmv verbeterde doorbloeding tgv toename activiteit histamine.

21

Waaruit bestaat de onderhuid en functie?

Onderhuid (subcutis)
- losmazig bindweefsel
- met daartussen de vetcellen (deze bepalen dikte onderhuid)

Functies van deze vetten:
- bescherming lichaam
- bepalen veerkracht huis & lichaamsvormen
- dienen als reservevoorraad
- vormen isolerende laag

22

Wat zijn de functies van de huid?

- bescherming lichaam (chemische en weersinvloeden, elektriciteit (hoornlaag is slechte geleider), uitdroging, ziekteverwekkende micro-organismen, UV starling)
- graadmeter gezondheid
- uitscheiding (via zweet) schadelijke stoffen
- regulatie lichaamstemperatuur
- gevoelszintuig (dmv receptoren in leder- en onderhuid voor tast, pijn, temperatuur, druk)
- produceert vitamine D (UV stralen zetten provitamine D om in vit D= belangrijk voor botopbouw)
- opnemingsorgaan (via huid "transcutane resorptie " worden stoffen opgenomen in bloed en lymfe)
- productie weefselhormonen
* histamine (tgv irritatie, vlekkerig rood)
* acetylcholine (tgv wrijving, druk = egaal rood)

23

Huidafwijkingen, Latijnse benamingen?

Huidafwijkingen (Efflorescenties)
*Primair: huidverschijnselen die zich voordoen als gevolg van een pathologische verandering
1. Macula: vlek (verkleuring van huid zonder verhevenheid)
2. Papula: verhevenheid <1 cm, niet wegdrukbaar
3. Vesicula: blaasje met helder vocht in holte opperhuid, boven huidniveau en <1 cm
4. Pustula (puist): blaasje met pus
5. Cyste: holte, omsloten met een wand, gevuld met vloeistof (vaak serum, bloed of celafval). Kunnen op huid en in lichaam voorkomen.
6. Urtica: roze verheffing van de huid (veroorzaakt door oedeem, vaak bij allergische reacties)
7. Erytheem: roodheid van de huid (agv vaatverwijding)
8. Zwelling: vochtoproeping onder de opperhuid
9. Congenitale naevus: aangeboren moedervlek
*Secundair: huidverschijnselen die zich voordoen als indirect gevolg van een pathologische verandering.
a. Nodulus: knobbel bestaande uit goed- of kwaadaardige cellen of weefsel
- > 0,5cm
- oppervlakkig of diep in de huid
b. Squama: huidschilfers/schubben (bijv bij psoriasis of eczeem)
c. Crust: korst
d. Ragada: kloof of fissuur (bijv eeltkloven)
e. Excoratio: schaafwond
f. Ulcus: zweer
g. Cicatrix: litteken

24

Oorzaken huidafwijkingen?

- microbiologisch (bacteriën, schimmels, virussen)
- aandoeningen hoornlaag
- aandoeningen pigmentering
- verwijde bloedvaten
- parasieten
- afwijkend vetweefsel
- allergieën
- gezwellen
- huidafwijkingen door fysische invloeden
- huidafwijkingen door trauma/letsel
- huidafwijkingen door inwendige ziekten
- huidafwijkingen door afwijk. talg-&zweetklieren

25

Wat is een gerstekorrel (milia)?

Aandoening van de hoornlaag.
Kleine witte korreltjes die in de huid liggen.
Ontstaan door verstopte talg- of zweetklieren.
NIET of lichtjes masseren.

26

Wat is Ichtyosis?

Aandoening van de hoornlaag.
Een schubbenhuid.

27

Wat is Psoriasis?

Aandoening van de hoornlaag.
Een normale huid vernieuwd zich om de 27-30 dagen. Bij psoriasis (schurftigheid) vernieuwd de huid zich al om de 4-7 dagen.
Niet besmettelijk, chronische huisafwijking, erger met stress.
Witte huidschilfers en rode plekken op de huid, vrnl op ellebogen, knieën, onderrug en behaarde hoofdhuid.
GEEN massage tijdens actieve fase, LICHTE ontspanningsmassage tijdens niet-acute fase.

28

Wat is Vitiligo?

Aandoening tgv hypopigmentatie (te weinig)
Bestaat uit witte vlekken. Kan op elke leeftijd ontstaan maar meestal voor 20e levensjaar.
Precieze oorzaak onbekend, maar vaak sprake van erfelijkheid.
Emotionele stress kan symptomen verergeren.
Blootstelling aan zonlicht kan spontane genezing veroorzaken.

29

Wat zijn levervlekken?

Aandoening tgv hyperpigmentatie. Ook wel CHLOASMA of MELASMA genoemd.
Zijn egale en licht gepigmenteerde vlekken die scherp zijn begrenst.
Kunnen ontstaan door leverziekte, maar komen ook vaak voor bij verouderde huid, tijdens zwangerschap of onder invloed van hormonen (en antibiotica).
symptomen verergeren vaak door zonlicht.

30

Wat is Naevus flammeus?

Wijnvlek.
Is een bloedvataandoening. Aangeboren en onschuldige paarsrode vlek die ontstaat door verwijde bloedvaatjes aan de oppervlakte van de huid. Vlek groeit naarmate de huid groeit. Komen voor in het gezicht, op borst, armen of benen.
NIET masseren, wel gebied eromheen.

31

Wat betekend Varices?

Spataders.
Is een bloedvataandoening.
Ontstaan doordat veneuze kleppen in beenaderen niet goed sluiten. Aderen zijn duidelijk te zien en voelen, blauwpaard van kleur en lopen meanderend onder de oppervlakte van de huid.
Risico's: aderontsteking en verhoogd risico op trombose.
NIET masseren, ook niet rondom.

32

Wat is Panniculose?

Sinaasappelhuid.
Is een afwijking van het vetweefsel.
Zijn putjes in de huid (bobbelige huid), vrnl op de bovenbenen. De vetcellen slaan hierbij teveel vet op. Komt bij bijna alle vrouwen voor.
MASSAGE is aangewezen, kan probleem verminderen.

33

Wat is Cellulitis?

Panniculose MET ontstoken bindweefsel.

34

Wat is contacteczeem?

Is een huidafdoening die zowel allergisch als irritatief kan zijn (ortho-ergisch). Wordt uitgelokt door een externe stof die het afweermechanisme in de huid activeert.
Eczeem is een ontsteking van de huid.

35

Wat is urticara?

Netelroos (galbulten)

36

Noem een aantal gezwellen (tumoren)

Goedaardige gezwellen:
Epitheel:
- wratten & waterwratten
Bindweefsel:
- steelwratten,
- verheven (hypertrofische) littekens,
- xanthelasma (bruinkleurige woekering op boven- of onder ooglid)
Pigmentgezwellen: - moedervlek
Vaatgezwel: - wijnvlek
Kwaadaardige gezwellen:
snelle celvermeerdering, binnendringen en verwoesten van andere weefsels/organen

37

Wat is Berlock Dermatitis?

Pigmentvlekken onder invloed van zonlicht.
is een huisafwijking door fysische invloeden. (bijv. brandwonden of vrieswonden)

38

Wat is een hematoom?

Bloeduitstorting (blauwe plek)
is een huidafwijking door trauma/letsel

39

Wat is hyperhidrose en hypohidrose?

Hyperhidrose: overmatig zweten (Botox)
Hypohidrose: te weinig zweten
Zijn beide huidafwijkingen door afwijking aan talg-/zweetklieren
Andere vb zijn: acne en rosacea

40

Wat is degeneratie vd huid?

Huidveroudering (achteruitgang vd huid)

41

Wat is atrofie?

Celdeling neemt af en cellen verrimpelen door waterverlies
Letterlijk betekent het "zonder voeding"

42

Wat is elastosis?

Vermindering elastieke vezels. Collagene weefsels gaan domineren.
Huid wordt stugger en minder elastisch

43

Hoe ontstaan rimpels & plooien?

door een combi van atrofie & elastosis

44

Hoe ontstaan donkere kringen onder de ogen?

Ook door degeneratie vd huid. Huid wordt hier dunner en bloed wordt zichtbaar onder de huid

45

Wat zijn wallen onder de ogen?

Vet- of vochtophoping omdat huid slapper is geworden. Vocht trekt weg of laats zich weg masseren. Vet niet.

46

Wat is regeneratie?

Volledig herstel beschadigde delen (wondgenezing)

47

Wat betekenen de vlg begrippen?

Blaar= een met vocht gevulde holte onder de opperhuid of tussen opper- en lederhuid van minimaal 1 cm groot.
Blaasje= een met vocht gevulde holte onder de opperhuid
Cyste= een ongewone lichaamsholte omgeven door een vlies en gevuld met een vloeibare (soms slijmerige) substantie
Kloof (hagada)= scheur/barst in huid (diep of ondiep)
Knobbel/bult= verdikking in onder- of lederhuid. Knobbel is wel te voelen maar niet te zien. Bult zowel te voelen als zien.
Korst= stolsel van bloed, lymfe en pus
Litteken= bindweefsel dat na genezing van diepe wond (dieper dan opperhuid) in de plaats komt van opperhuid
Macula (vlek)= kleurverandering vd huid
Papula (verhevenheid)= verdikking vd huid, pukkel zonder pus
Puist (pustula)= een met pus gevuld blaasje
Roodheid (erytheem)= verwijding van haarvaten aan oppervlakte vd huid
Schaafwond= oppervlakkige beschadiging vd opperhuid door een schurende werking met puntvormige bloedinkjes
Schub (squama)= opeenhoping van schilfers
Tumor (gezwel)= woekering van cellen
Ulcus (zweer)= beschadiging vd huid die doorloopt tot aan onderhuid en gepaard gaat met ontsteking en pusvorming. Trage genezing en altijd littekenvorming

48

Wat wordt er bedoeld met huidflora?

op de hoornlaag levende bacteriën, schimmels en gisten.

49

Wat verwijder je van de huid tijden een oppervlakte reiniging? En wat bij een dieptereiniging?

Oppervlaktereiniging:
Afvalstoffen (stof, overtollige talg, make-up & ander vuil)

Dieptereiniging:
reinigen poriën
verwijderen dode huidcellen
Comedonen & milia

50

Is het nodig om te huid op te warmen voor het verwijderen van comedonen & milia?

Ja, door de warmte gaan de poriën open staan en kunnen ze gemakkelijker verwijderd worden

51

welke producten hebben de voorkeur voor de reiniging van de huid?

Dit is afhankelijk van het huidtype van de klant

52

Waar ligt de Reinse barrière en wat is de functie?

Tussen de korrellaag en de doorschijnende laag.
Zorgt voor het natuurlijk op peil houden van het vochtgehalte

53

Wat zijn de verschillen tussen een vrouwen- en mannenhuid?

Een mannenhuid:
- sterkere verhoorning
- vettere huid met vaak meer comedonen
- vaker acnelittekens
- meer transpiratie
- hogere zuurgraad
- baardgroei
- vaker geïrriteerde huid door scheren
- meer doorbloedingsafwijkingen
- meer doorbloeding aan huidoppervlak
- grovere poriën

54

Hoe controleer je het vochtgehalte? En de doorbloeding?

Vochtgehalte: door palpatie
Doorbloeding: door inspectie en palpatie

55

Welke stappen nemen we door tijdens een huidanalyse?

- Anamnese (medicatie, gebruik producten, allergieën, verwachtingen etc)
- Inspectie (huidsoort, doorbloeding, rimpels, huidafwijkingen)
- Palpatie (huidsoort, doorbloeding, spier- en huidspanning, vochtgraad)

56

Welke weefselhormonen worden gevormd door een rode huid?

Histamine (vlekkerig rood)
Acetylcholine (egaal rood)

57

Welke laag geeft de huid zijn elasticiteit?

Lederhuid

58

Wat is melanine en waar bevindt zich de melaninekorrel??

Melanine is pigment. De Melaninekorrel bevindt zich tussen de cellen van de basaalcellenlaag (opperhuid)

59

Wat zijn gewoonterimpels? Wat zijn plooien?

Gewoonterimpels: (mimiekrimpels) Rimpels die al op jonge leeftijd kunnen ontstaan doordat vaak dezelfde spieren worden aangetrokken (bijv. lachen, boos kijken etc)

Plooien: diepe rimpels

60

Hoe ontstaan horizontale rimpels?

Door spieren die verticaal samentrekken (bijv Voorhoofdspier)

61

Hoe heet de wenkbrauwspier/rimpelaar in het Latijns?

Musculus corrugator supercilii

62

Welke gelaatsspier hecht zich volledig aan de huid?

Huidspier/mimische spier

63

Wat zijn synergisten?

Spieren die bij samentrekking elkaars werking ondersteunen

64

Wat is een agonist?

Buigende spier die beweging veroorzaakt

65

Wat is een Antagonist?

Spierparen die elkaars werking tegengaan

66

Door welke stof kan tijdens massage egale roodheid optreden?

Acetylcholine
Vlekkerig rood is histamine

67

Wat is en wat is het doel van Effleurage en Petrisage?

Effleurage: (zachte en rustige) wrijvingen met volle hand of gestrekte vingers over de huid, met als doel ontspanning of extra activiteit in de huid.
Petrissage: knedingen (meestal met duim- of pinkmuis) in draaiende bewegingen die krachtig eindigen, met als doel verbeterde doorbloeding van spier (lokale voeding) en verbeterd de verwijdering van afvalstoffen.

68

Wanneer doe je een gezichtsmassage; indicaties en contra's?

Indicaties:
- gespannen huid
- slechte bloedcirculatie
-verslapte huid
-verslapt spierweefsel
Contra's:
- ontstekingen van de huid
- gevaarlijke pigmentvlekken
- gezwellen
- inwendige bloeduitstortingen
- koorts
- hoge bloeddruk
- circulatiestoornissen

69

indicaties en contra's lichaamsmassage?

indicaties:
- algehele of lokale verhoogde spanning
- lusteloosheid of te weinig spierspanning (hypotonie)
- slechte doorbloeding
- plaatselijke vermoeidheid of spierpijn
- verklevingen
Contra's:
- koorts
- slecht algehele gezondheidstoestand
- pijnen (behalve spierpijn)
- steenpuisten (ivm besmetting/uitbreiding)
- infecties (griep/ ernstige verkoudheid)
- besmettelijke huidziekten

70

Waarvoor wordt paraffine gebruikt?

- als voorbehandeling bij verwijderen comedonen (dmv verweking bovenste huidlagen)
- bij vochtarme huid

71

Welke maskers kun je geven bij actieve acne?

Pastamasker
Poedermasker

72

Noem indicaties en contra's van de verschillende maskers?

kant en klaar:
- crememasker
- gelei(gel)masker: vochtinbrengend
- pastamasker: reiningen (bv acne en vette huid) CONTRA: niet bij vochtarme huid
Aanmaken:
- poedermasker (zie pastamasker)
- gipsmasker: verhoogd temp tot 40C
CONTRA: klanten met claustrofobie
------------------------------------------------
- Plastificerend masker: bij gedegenereerde, verslapte en vermoeide huid
GEEN Contra's

73

Wat is epilatie en depilatie?

Epilatie: het verwijderen van haartjes met inbegrip van de haarwortel (tot onder de huid).
Depilatie: korte oppervlakkige (boven de huid) haarverwijdering (bv scheren, ontharingscrème).

74

Contra's voor harsen?

- spataderen
- eczeem
- trombose
- wonden op ontharingsplaatsn
- ontstekingen
- koorts
- medicijnen (roaccutane= tegen acne)
- antibioticum- en/of hormooncreme
- zeer dunne huid en/of een ernstige huidveroudering

75

welke ontharingsmethodes zijn er?

Tijdelijke:
- depileren (mechanisch; scheren, schuren, knippen of chemisch; ontharingscrème)
- epileren (pincet, hars, was, touw, sugar)
Definitief:
- diathermiemethode (apparaat met hoogfrequentie wisselstroom)
- de blendmethode (2 stroomsoorten; wissel- en gelijkstroom)
- lichtflitsontharing en laser (IPL= intense pulsed light)

76

Wat is mechanische epilatie?

Het verwijderen van haar met haarwortel, dus tot onder huidoppervlak, mbv (automatische) pincet, hars, was, touw of sugar.

77

Hoe kan je een definitieve epilatie bekomen?

dmv elctrische stroom waarbij haarpapil en haarfollikel vernietigd worden.

78

Welke ontharingsapparatuur bestaan er?

- HF apparaat (hoog frequentie)
- Harsketel
- ontharingscassettes
- Laser (foto-epilatie apparaat, flitslamp)

79

In welk deel vh lichaam bevindt zich lymfe?

Lymfe bevindt zich rond iedere cel vh lichaam in het lymfestelsel.

80

Slechte bloedcirculatie kenmerkt zich door?

- spataders
- bloeduitstorting

81

Plaats waar voedingsstoffen worden uitgewisseld met de bloedsomloop?

Chylvaten / Haarvaatjes

82

Wat is resorptie?

Actief opnemen van voedingsstoffen in de bloedbaan.

83

In welke bloedsomloop komt het lymfe?

Grote?

84

Wat is Artrose?

Aandoening aan gewrichtskraakbeen

85

Wat is het doel van het skelet?

- Geeft vorm aan lichaam
- Geeft steun aan lichaam
- Beschermt belangrijke organen
- Is oorsprong- en aanhechtingsplaats voor spieren
- aanmaak rode- en witte bloedcellen

86

Welk borstuk is de femur?

Dijbeen

87

Welk soort beenderen zijn de vingerkootjes, het scheenbeen en het dijbeen?

Vingerkootjes: korte pijpbeenderen
Scheen- en dijbeen: lange pijpbeenderen