Thema 9: H10 Flashcards

1
Q

Noem 2 redenen waarom compartibiliteitsanalyses van mathematische algoritmen nauwelijks empirische ondersteuning vinden

A
  1. We hebben vaak geen idee waarom we doen wat we doen en wat ons gelukkig maakt
  2. Algoritmen gericht op persoonlijkheidskenmerken of andere stabiele karakteristieken terwijl. veel voorspellers van een goede relatie, zoals communicatiestijl en seksuele comptabiliteit, pas toegankelijk zijn wanneer mensen elkaar leren kennen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat is het nabijheidseffect?

A
  1. Eenvoudigste determinant van aantrekkelijkheid
  2. Hoe meer we mensen zien en met ze omgaan, hoe groter de kans dat ze onze vrienden worden. vb bevriend met dichtbijzinde buren.
  3. Fysieke + functionele afstand vb dichtst bij de brievenbus wonen meeste vrienden in het pand
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Noem 4 determinanten van de partnerkeuze, (~23 km)

A
  1. Sociaal-economische positie. Lager opgeleiden vinden hun partner dichtbij
  2. Hechtheid vd gemeenschap. Vb Volendam dichtbij
  3. Leeftijd. 30+ in groter gebied
  4. Bevolkingsdichtheid. Stad meer kans
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat is het blootstellingseffect (mere exposure effect)

A

Hoe meer we worden blootgesteld aan een stimulus, hoe groter de kans dat we er sympathie voor gaan opbrengen. De vertrouwdheid bevordert aantrekkelijkheid en sympathie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat is gelijkenis?

A

Een match van onze belangen, attitudes, waarden, achtergrond of persoonlijkheid met die van een ander.

Onderzoek: gelijkenis brengt mensen samen, niet complementariteit

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat is complementariteit?

A

Tegenpolen die elkaar aanvullen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Noem 4 aspecten van gelijkenis die mensen samenbrengen

A
  1. Meningen en persoonlijkheid
  2. Interesses en ervaringen
  3. Uiterlijk
  4. Genetica
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Noem 3 aspecten van meningen en persoonlijkheid die mensen samenbrengt

A

Gelijkenis in
1. Demografisch. bv van platteland komen
2. Attitudes en waarden
3. Karakter

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wat is tracking?

A

Groepering van studenten adv hun academische capaciteiten.

Onderzoek: sneller vrienden eigen niveau (gelijkenis en nabijheid). Gelijker ervaringen –> boost vriendschap. gEdeelde ervaringen bevorderen de aantrekkelijkheid

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Hoe wordt gelijkenis in genetica bij vriendschap verklaard?

A
  1. Bij elkaar in de buurt wonen, gemeenschappelijke voorouders
  2. Fysieke eigenschappen kan mensen samenbrengen in dezelfde activiteit, bv hardlopen

Voortplanting: genetische gelijkheid is nadeel. Vrouwen blijken mannen te verkiezen die qua immuniteit in grote mate van hen verschillen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Noem 2 kanttekeningen aan aantrekkelijkheid door gelijkenis

A
  1. Onderscheid tussen FEITELIJKE en WAARGENOMEN gelijkenis. Waargenomen gelijkenis is belangrijker en betere voorspeller van sympathie en aantrekkelijkheid dan feitelijke gelijkenis
  2. Gelijkenis belangrijk bij hechte, vaste relatie. Bij losse relaties voorkeur naar iemand die weinig gelijkenis vertoont
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Hoe bepaalt wederzijdse genegenheid aantrekkelijkheid?

A
  1. Weten dat iemand ons aardig vindt maakt dat we die persoon aantrekkelijker vinden.
  2. Genegenheid kan afwezigheid van gelijkenissen compenseren.
  3. Onderzoek: Wederzijdse genegenheid is krachtig genoeg om onze neiging om meer aandacht te schenken aan aantrekkelijke gezichten te neutraliseren.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Hoe bepaalt fysieke aantrekkelijkheid de aantrekkelijkheid? Sekseverschillen

A
  1. AANDACHT voor fysieke aantrekkelijkheid =, maar mannen hechten er meer WAARDE aan (attitudes, niet daadwerkelijke gedrag)
  2. Reactie op aantrekkelijkheid van anderen =
  3. Fysieke aantrekkelijkheid belangrijkste kenmerk voor opwekken seksueel verlangen, =
  4. Vertrouwdheid. Voorkeur voor gezichten die het meest op eigen gezicht lijken
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Welke fysieke kenmerken vinden we aantrekkelijk?

A

Grote ogen, prominente jukbeenderen en brede glimlach (=)
v: kleine neus
m: grote kin

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Hoe verschillen schoonheidsnormen per cultuur?

A
  1. overeenkomsten over culturen
  2. baby’s: voorkeur aantrekkelijke gezichten en voorkeur zelfde gezichten als volwassenen
  3. symmetrische gezichten voorkeur –> gezondheid en vruchtbaarheid
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Benoem 3 voordelen van aantrekkelijke mensen

A
  1. Meer aandacht. Onderzoek ZH baby’s: aantrekkelijkheid betere voorspeller gezondheidsontwikkeling dan medische conditie want meer aandacht.
  2. Meer verdienen
  3. Betere beoordelingen. Verkiezingswinst
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat is het halo-effect?

A

Mensen schrijven aantrekkelijke mensen eigenschappen toe die niets met hun uiterlijk te maken hebben. (cogn bias).

vb aantrekkelijke mensen zijn sociaal vaardiger en vriendelijker.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Hoe verschillen waarden aan aantrekkelijkheid tussen culturen?

A

Kenmerken die mensen toeschrijven aan aantrekkelijke mensen laat zien wat belangrijk en waardevol is in een bepaalde cultuur.

Individualistische: persoonlijke kracht
Collectivistische: integriteit en empathie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
17
Q

Klopt het halo-effect?

A

Ja, wss door selfulfulling prophecy (van jongs af aan vele sociale aandacht krijgen – sociale vaardigheden).

Onderzoek: bellen met ‘aantrekkelijke’ vrouw

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
18
Q

Noem 3 evolutionaire aspecten over sekseverschillen bij aantrekkelijkheid

A
  1. Verklaring: Genderrollen –> verschillende agenda’s; vrouwen hoge kosten voortplanting zoeken man die middelen en steun kan leveren –> ECONOMISCHE SITUATIE; mannen lage kosten voortplanting zoeken vrouwen die in staat lijken te zijn voor hun nageslacht te zorgen –> UITERLIJK ‘bepaalt’ geschiktheid om te reproduceren.
  2. = : eerlijkheid, betrouwbaarheid, plezierige persoonlijkheid
  3. Vrouwen rond ovulatie: voorkeur voor mannen die uiterlijke tekenen van reproductieve fitheid vertonen, zoals mannelijk gezicht en gespierd lichaam
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
19
Q

Benoem 5 alternatieve verklaringen over sekseverschillen bij de benadering van aantrekkelijkheid en liefde

A
  1. Meerdere seksuele partners –> vrouwen meer mogelijkheden waarbij ze bv voor genen van aantrekkelijke partner kiezen en opvoeding andere
  2. Mannen hechten alleen maar waarde aan fysieke aantrekkelijkheid doordat het is aangeleerd door media
  3. Fysieke aantrekkelijkheid voor vrouwen bij huwelijkspartner minder en bij sekspartner net zoveel waarde als mannen
  4. Ondergeschiktheid vrouwen en financiele afhankelijkheid vio partnerkeuze. Onderzoek: meer economische macht vrouwen –> prioriteit fysieke aantrekkelijkheid mannen
  5. Sekseverschillen soms te verklaren door standaard rolverdeling mannen benaderen vrouwen. bv speeddaten situatie omkeren –> mannen selectiever dan vrouwen

Verschil NATURE (aangeboren voorkeuren( en NURTURE (culturele normen, genderrollen)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
20
Q

Wat is scheidingsgraad?

A

Maatstaf voor sociale afstoand tussen mensen

1 graad verwijderd van iedereen die je kent, 2 van iedereen die zij kennen.

Onderzoek: gemi lengte van personenketen 7.

Online tijdperk –> nabijheid en aantrekkelijkheid dichterbij

21
Q

Noem 3 kenmerken van misleidende profielen

A
  1. Minder voornaamwoorden in 1e persoon (ik, mij)
  2. Meer ontkenningen (niet bevooroordeeld ipv open-minded)
  3. minder woorden
22
Q

Noem de 2 soorten liefde en culturele verschillen

A
  1. Kameraadschappelijke liefde
  2. Hartstochtelijke liefde

Amerikanen: hartstochtelijke
Chinese stellen: kameraad
Kenia: beide soorten even belangrijk

23
Q

Beschrijf kameraadschappelijke liefde

A

De intimiteit en affectie als we veel om iemand geven, maar geen passie of opwinding voelen in zijn of haar aanwezigheid. Hechte vriendschappen of romantische relaties waarin mensen zich zeer intiem met elkaar voelen maar niet meer zo gepassioneerd als vroeger

24
Q

Beschrijf hartstochtelijke liefde

A

Intens verlangen dat we naar iemand voelen, dat gepaard gaat met fysieke opwinding. Wederzijds –> voldoening en extase. Onbeantwoord –> verdrietig en wanhopig

25
Q

Hoe verschillen individualistische en collectivistische culturen in opvattingen over romantische liefde?

A
  1. Invidivudalistische: romantische liefde cruciale basis huwelijk. Persoonlijke keuze
  2. Collectivistische: Wensen familie en groepsleden. Geranggeerd huwelijk. Meer Westers nu.
26
Q

Noem culturele verschillen in liefde, algemeen

A

Concept en definitie van romantische liefde is cultuurspecifiek.

vb Japan: amae

27
Q

Wat is amae?

A

Positieve, emotionele toestand waarin iemand een volledig passief liefdesobject is en verwend en verzorgd wordt door een liefdespartner (moeder-kind relatie). Lijkt op afhankelijkheid, een emotionele toestand die in westerse culturen als ongezond wordt beschouwd in een volwassen relatie

28
Q

Wat zijn hechtingsstijlen?

A

De verwachting die mensen ontwikkelen tav relaties met anderen, gebaseerd op de relatie die zij als baby hadden met hun primaire verzorgers. Schema.

29
Q

Noem de 4 hechtingsstijlen (Ainsworth)

A
  1. Veilig: in staat duurzame relaties op te bouwen, meest tevreden in hun relatie
  2. Vermijdend: afstand en minst gecommiteerd
  3. Angstig-ambivalent: dichtbij partner komen, bang dat hun affectie niet beantwoord zal worden. Korte relaties, gaan snel relaties aan. Kwaad als liefde onbeantwoord
  4. Gedesorganiseerd en gedesoriënteerd/ inconsistent: tegenstrijdig gedrag in hun liefdesrelaties
30
Q

Beschrijf de hechtingsstijlen vanuit observaties bij kinderen

A
  1. Veilig: huilen + onbehagen wanneer ouder weg en blij als weer terug. Vertrouwen, ontbreken van angst om in de steek gelaten te worden en gevoel dat emn geliefd en de moeite waard is
  2. Vermijdend: kinderen reageren weinig op terugkeer ouder. Afgewezen eerdere pogingen –> moeite aangaan intieme relaties
  3. Angstig-ambivalent: Snel overstuur, moeilijk te kalmeren na terugkeer. Woede + onverschilligheid, angstig. Angst dat anderen het verlangen naar intimiteit niet zullen beantwoorden –> angst
  4. Gedesorganiseerd: tegenstrijdig gedrag, niet noodzakelijk agressief. Gaan naar moeder maar niet aankijken. Inconsistent en tegenstrijdig gedrag.
31
Q

Noem 4 opmerkingen over hechtingstijlen en intieme relaties

A
  1. Hechting bepaalt niet alles. Mensen kunnen veranderen.
  2. Verschillende hechtingsstijlen mogelijk, afh van situatie
  3. fMRI: geliefde –> VTA en nucleus caudatus actief –> dopamine en motivatie/beloning. VTA actief bij cocaine –> lust, euforie, rusteloosheid, slapeloosheid, gebrek eetlust (= verliefdheid)
32
Q

Noem 2 theorieën over tevredenheid in relaties

A
  1. Sociale uitwisselingstheorie
  2. Gelijkheidstheorie
33
Q

Beschrijf de sociale uitwisselingstheorie (social exchange theory)

A

Hoe meer sociale beloningen als gelijkheid, aardig gevonden worden en fysieke aantrekkelijkheid van de ander iemand ons verschaft en hoe minder ons dat kost, hoe aardiger we die persoon vinden.

Het idee dat de gevoelens die mensen over een relatie hebben afhankelijk zijn van
1. kosten-baten van de relatie
2. soort relatie ze verdienen
3. kansen op betere relatie met iemand anders

Fundatmentele begrippen:
baten, kosten, resultaen, vergelijkingsniveau, vergelijkingsniveau van alternatieven

Empirisch bewijs!

34
Q

Wat zijn baten? volgens sociale uitwisselingstheorie

A

Positieve, bevredigende aspecten van een relatie die haar de moeite waard maken en haar versterken zoals karaktereigenschappen en gedragspatronen van onze liefdespartner of vriend maar ook toegang tot externe bronnen als geld, status en andere interessante mensen

35
Q

Wat zijn kosten volgens sociale uitwisselingstheorie

A

vb ergelijke gewoonten en eigenschappen van een andere die je voor lief moet nemen

36
Q

Wat is vergelijkingsniveau volgens sociale uitwisselingstheorie

A

Verwachtingen van mensen over de kosten en baten die hen in een bepaalde relatie deel zullen vallen. Sommige mensen hebben een hoog vergelijkingsniveau en verwachten veel baten en weinig kosten. Laag vergelijkingsniveau gaan mensen er standaard van uit dat relaties moeilijk zijn en veel kosten

37
Q

Beschrijf het vergelijkingsniveau van alternatieven volgens de sociale uitwisselingstheorie

A

De verwachtingen van mensen over de kosten en baten waarmee men te maken krijgt indien men de huidige relatie zou inruilen voor een andere relatie. Hoog –> sneller contacten met anderen en ontmoeten sneller nieuwe vrienden of liefdespartners. Laag –> blijven eerder in relatie die ze veel kost omdat ze verwachten dat het elders niet beter is

38
Q

Wat is het investeringsmodel?

A

Theorie die stelt dat commitment aan een relatie niet alleen afh is van hoe tevreden mensen zijn maar ook wat ze in de relatie hebben geïnvesteerd; investering die verloren gaat als de relatie wordt beëindigd. Tastbaar (financiele middelen en bezittingen) en niet-tastbaar (tijd, emotionele energie, welzijn kinderen)

39
Q

Noem 3 voorspellers van blijven in e en intieme relatie

A
  1. Tevredenheid relatie
  2. Opinie alternatieven
    3 Hoeveel ze in de relatie hebben geïnvesteerd
40
Q

Noem een kritiek op de sociale uitwisselingstheorie

A

Gaat voorbij aan de rechtvaardigheid of gelijkheid

41
Q

Wat stelt de gelijkheidstheorie?

A

Idee dat mensen het gelukkigst zijn met relaties waarin de waargenomen kosten en baten en de bijdragen die beide partijen leveren ongeveer gelijk zijn. Kosten en baten vergelijken met die van de partner. Gelijkwaardige relaties zijn het bevredigendst en stabielst volgens de theorie.

Bij ongelijkheid beide gemotiveerd gelijkwaardigheid te herstellen.

Gelijkheid is sterke sociale norm.

Langdurige realties: lossere op vatting geven-nemen.

42
Q

Beschrijf uitwisselingsrelaties

A

Relaties waarin een behoefte is aan gelijkheid, dwz gelijke verhouding tussen. kosten en baten. Vaak bij nieuwe kennissen.

43
Q

Beschrijf communale relaties

A

Relaties waarbij mensen vooral willen inspringen op de behoeften van een ander, los van het feit of we daar iets voor terugkrijgen. Allerlei soorten relaties waarbij we geleid worden door de wens elkaar in tijden van nood bij te staan ipv gelijkheidsnorm. Ze gaan er vanuit dat er op langere termijn een zekere mate van gelijkheid zal zijn

Ongelijkwaardigheid als tijdelijke situatie en vertrouwen dat de gelijkwaardigheid zich op termijn zal herstellen

44
Q

Noem de 4 stadia van het proces van een relatie verbreken

A
  1. Intra persoonlijk stadium: individu denkt na over ontevredenheid met de relatie
  2. Didactische stadium: bespreekt relatiebeëindiging met partner
  3. Sociale stadium: beëindiging gedeeld met anderen
  4. 2e intra persoonlijke stadium: individu herstelt en formuleert een versie van het waarom van de breuk
45
Q

Noem 4 gedragstypen obv sociale uitwisselingsmodel waar sprake van is in getroebleerde relaties

A
  1. Destructief actief: actief schade aan relatie brengen. vb mishandeling, dreigen, weggaan
  2. Destructief passief: relatie op passieve manier verslechteren vb weigeren aan. problemen te werken of partner negeren
  3. Constructief actief: trachten te veranderen, in therapie gaan
  4. Constructief passief: loyaal aan relatie blijven vb afwachten en hopen dat het beter gaat

Destructief gedrag brengt een relatie veel meer schade aan dan dat constructief gedrag de relatie verbetert. Beide partners zich destructief –> relatie vaak kapot.

46
Q

Wat is fatale aantrekkelijkheid?

A

Eigenschappen die in het begin zo aantrekkelijk leken worden uiteindelijk de reden waarom de relatie stukloopt

47
Q

Wat is een voorspeller voor het beëindigen van een relatie?

A
  1. Niet sekse. =
  2. Manier waarop een stel met een conflict omgaat. Stellen die wachten tot de situatie gekalmeerd is voor ze een onenigheid uitspitten en die in staat zijn naar elkaar te luisteren zonder in de verdediging te schieten lijken beter conflicten te doorstaan dan mensen die minachting of sarcasme vertonen
48
Q

Wat is een voorspeller voor het ervaren van een liefdesbreuk?

A

Verantwoordelijkheid die ze hadden over de beslissing om uit elkaar te gaan.

  1. Dumpers: veel verantwoordelijkheid. Voelden zich eenzaam, depressief, ongelukkig en boos en hadden 1e weken na de breuk ook lichamelijke klachten
  2. Gedumpten: weinig verantwoordelijkheid. Voelden de breuk het minst heftig en pijnlijk maar voelde zich wel schuldig en ongelukkig. Minst last van fysieke symptomen als hoofdpijn en slaapstoornissen
  3. Gemeenschappelijken: samen besloten. Niet zo van streek als gedumpten maar het deed hen meer dan de gedumpten.
49
Q

Noem 3 diensten die datingapps voor hun gebruikers garanderen

A
  1. VERZAMELEN van een groot aantal profielen om te doorzoeken,
  2. Mogelijk maken van communicatie met potentiële partners die wordt gefaciliteerd door computers
  3. Matchen van gebruikers obv compatibiliteitsanalyses
50
Q

Noem 3 aantrekkelijkheidsfactoren waar online dating van invloed op is

A
  1. Nabijheid. Door blootstellingseffect
  2. Vertrouwdheid. Door veilige en laagdrempelige manier met elkaar in contact komen
  3. Gelijkenis door compartibiliteitsanalyses. Match tussen onze belangen, attitudes, waarden, achtergrond of persoonlijkheid maakt die persoon aantrekkelijker
51
Q
A