8. Genitale ontwikkeling en DSD - Antonio Flashcards

1
Q

Hoe wordt het geslacht bepaalt?

A

Biologische kenmerken:
- genotypische geslacht: XX en XY
- gonadaal geslacht: ovaria en testes
- fenotypisch geslacht: externe genitalia: penis-scrotum en clitoris-ovaria
- incongruentie tussen verschillende biologische kenmerken: Differences in Sex Development

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat zijn mogelijke karyotypes?

A
  • 46, XX
  • 46, XY
  • varianten
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Hoe verloopt de normale genitale ontwikkeling? (man)

A

Bipotentiële gonaden
- De interne genitalia hebben de mogelijkheid om zowel in vrouwelijke als mannelijke richting te ontwikkelen

Week 6
- Tot week 6 van de gonadale ontwikkeling kunnen de genitalia nog in mannelijke of vrouwelijke richting evolueren

SRY
- De Testis Determinerende Regio van Y (TDY) of Sex Reversal Y (SRY): de aan of afwezigheid van Y zorgt voor de ontwikkeling naar respectievelijk testes of ovaria

Hormonen: week 8
- De testes maken hormonen aan en zorgen voor de ontwikkeling in mannelijke richting.
- Androgenen in de Leydigcellen: testosteron en DHT
- Anti-Müllerhormoon in de sertolicellen: gaat vrouwelijke ontwikkeling tegen
- Testosteron-piek in het tweede trimester van de zwangerschap is zeer belangrijk voor een normale genitale ontwikkeling
- AMH en T zorgen voor de ontwikkeling van de interne genitalia vanuit de buis van Wolff: epididymis, vas deferens, zaadblaasjes

Externe genitalia: week 14
- De urogenitale plooi ontwikkelt zich in de mannelijke richting onder invloed van DHT.
- De prostaat ontwikkelt zich eveneens onder invloed van DHT

Indalen testes: week 26
- de testis ontwikkelen intra-abdominaal, tegenaan de nier
- migratie naar lies-kanaal gebeurt onder invloed van INSL3, wat geproduceerd wordt door de Leydigcellen in de testis
- onder invloed van testosteron start de migratie van de testis rond week 26 naar het lieskanaal
- de testis zijn in het scrotum tussen week 32-40 van de zwangerschap
- mogelijke disfuncties zijn hypospadie en cryptorchidie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat is Testiculair Dysgenisis Syndrome?

A
  • omgevingsfactoren zouden hormoonverstoorders bevatten (ook door genetische defecten)
  • deze zorgen tijdens de ontwikkeling in utero voor problemen
  • verstoorde sertolicel: verminderde cel differentiatie: verminderde zaadkwaliteit en testiskanker
  • verstoorde leydigcel: androgeen insufficiëntie: hypospadie en chryptorchidie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Welke zijn stoornissen van de genitale ontwikkeling?

A

DSD afhankelijk van de geslachtschromosomen
- 47, XXY (klinefelter)
- 45, X (turner)

DSD: genotype komt niet overeen met gonadaal of fenotypisch geslacht: 46, XY
- androgeen insensitiviteitssyndroom
- 5-alfa-redustase deficiëntie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Wat is het Klinefelter syndroom?
Geef karyotype en oorzaak, gonadaal, fenotype, klinische tekens en behandeling

A

Karyotype: 47, XXY
- extra X-chromosoom (problemen tijdens meiose)
- andere varianten mogelijk: 48XXYY, 48XXXY, 49XXXXY
- kan zowel van vader als moeder komen
- meest frequente chromosomale afwijking bij mannen 1:500
- hoge mortaliteit (vooral CV problemen)

Gonadaal
- kleine testes

Fenotype
- mannelijke uiterlijk

Klinische tekens
- testisatrofie
- azoöspermie
- gynaecomastie
- cryptorchidie
- verminderd testosteron
- gestegen gonadotropinen
- leermoeilijkheden als kind
- verminderde vruchtbaarheid
- diagnose wordt vooral gesteld tijdens adolescentie

Behandeling
- geen hormonale behandeling mogelijk

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wat is Turner syndroom?

A

Karyotype: 45, X0
- 1:2000
- hoge mortaliteit (vooral CV problemen)

Gonadaal
- eierstokken

Fenotype
- vrouwelijk

Klinische tekens
- kort gestalte
- puberteit afwezig of vertraagd
- ovariële dysfunctie (meestal geen eicellen)
- onvruchtbaarheid
- verminderde borstontwikkeling
- geen menstruatie
- diagnose wordt vooral gesteld tijdens puberteit

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat is Androgeen InsensiviteitsSyndroom?

A

Oorzaak
- mutatie in androgeen receptor
- concentratie van T en DHT liggen in mannelijke range
- lichaam is niet of minder gevoelig aan androgenen

Genetisch
- 46, XY

Gonadaal
- SRY aanwezig, testes
- geen effect van T en DHT op externe en interne genitaliën
- T wordt wel nog omgezet naar oestrogenen

Fenotype
- vrouwelijk uiterlijk

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Wat is Compleet Androgeen InsensitiviteitsSyndroom?

A

Oorzaak
- alle weefsels zijn ongevoelig voor androgenen (interne en externe genitaliën, bot, spieren)
- wel aanmaak van AMH: geen interne vrouwelijke genitaliën

Fenotype
- vrouwelijk

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Wat is Partieel Androgeen InsensitiviteitsSyndroom?

A

Fenotype
- variabel: externe vrouwelijke genitaliën met virilisatie (grotere clitoris), ambigue genitaliën, externe mannelijke genitaliën met hypospadie,…

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat is 5-alfa-reductase deficiëntie?

A

Oorzaak
- defect in 5a wat normaal zorgt voor de omzetting van testosteron in DHT

Karyotype: 46, XY

Gonadaal
- aanwezigheid testes
- normale aanmaak testosteron
- geen aanmaak DHT

Fenotype
- geen of minder effect van DHT bij vorming externe genitaliën
- kan variabel zijn: vrouwelijke externe genitaliën, ambigue genitaliën, abnormale mannelijke externe genitaliën,…
- wel AMH: geen interne vrouwelijke genitaliën
- onderontwikkelde zaadblaasjes en prostaat
- geen of weinig lichaams- en gelaatsbeharing

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly