ERP Flashcards

1
Q

Wat is een ERP?

A

Een klein signaal in EEG, getriggerd door een stimulus.
Een piek van ERP laat zien hoe verrassend een stimulus is.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Hoe wordt een ERP golf gecreërd?

A

ERP signaal moet eerst van EEG noise worden gescheiden –> door middel van filteren, waarbij frequenties zonder interesse worden verzwakt. Daarna wordt dit uitgelijnd tot gewilde gebeurtenis en hievan wordt het gemiddelde genomen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Welke benamingen voor ERP-golven heb je?

A

Stimulus-locked golf: P/N (+/-) en nummer (aantal ms na stimulus onset of hoeveelste golf). Bv. P300.

Response-locked golf: P/N en soort reactie. Bv. error-related negativity.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat is het N170 component?

A

Het is een negatieve golf na 170 ms, geassocieerd met visuele verwerking van gezichten.
-Gezichtsverwerking is deels automatisch, maar kan beïnvloedt worden door aandacht.
-Mensen die ergens expert in zijn hebben versterkte piek in N170.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wat is het exogene component van ERP?

A

Dit component is gestimuleerd door aanwezigheid van stimulus.
-P1: vroege verwerking van vooral visuele stimulus (100 ms na stimulus onset).
—> Deze golf wordt hoger bij gevestigde aandacht.
-N1: vroege verwerking van stimuli in verschillende modaliteiten (is iets later dan P1).
—> Deze golf wordt vaak groter bij groter contrast en bij gevestigde aandacht.
-P2: verwerking van hogere-level eigenschappen van visuele/auditore stimuli.
—> Deze golf wordt groter bij emotioneel belangrijke/taak-relevante stimuli.
-N2: meer gerelateerd aan conflict-monitoring, error detectie en respons remming (ontstaat iets later dan P2).
—> Deze golf wordt groter bij relevante stimuli of stimuli die meer verwerking vereisen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Wat is het endogene component van ERP (en waaruit bestaat dit component)?

A

P3/P300 golf: groter voor oddball dan standaard stimuli.

P3b: gevoelig voor onverwachte stimuli die taak-related zijn.
P3a: gevoelig voor onwaarschijnlijke stimuli die niet taak-related zijn.
Bv. bij onderscheiden van witte en rode ballen.
–> Je ziet steeds wit en ineens rood = P3b.
–> Je ziet ineens groen = P3a.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wat is de Readiness Potential en de LRP?

A

RP: Breinsignaal voor de initiatie van een vrijwillige beweging –> kan honderden ms voor begin van beweging worden gedetecteerd.
-Omvat onbewuste breinactiviteit gerelateerd aan motorvoorbereiding en ontstaat vóór bewustzijn om beweging te maken.

LRP: voorziet ook info over voorbereiding van vrijwillige bewegingen –> focus op asymmetrie van hersenactiviteit tussen LH en RH.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Resultaat attitude studie (P3)

A

P3 neemt vaak toe bij verrassende stimuli (pos. woord in neg. reeks)
Hogere P2 + N2 (witte mensen in reeks met zwarte en witte mensen in neg. context)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Resultaat affective priming

A

Target wordt sneller gecategoriseerd als prime woord zelfde waarde heeft.

Congruente trials –> deelnemers deden wat prime zei.
Incongruente trials –> respons conflict (niet zelfde als prime) –> proberen prime to overwinnen –> grotere N2.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Resultaat gezichtsperceptie

A

N170 betrokken bij vroege codering van gezichtsherkenning

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Resultaat sociale categorisatie

A

Geslacht + ras wordt snel gedifferentieerd (binnen 200 ms)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Resultaat stereotypering

A

Grotere P3 voor stereotypische verschillen.
Grotere N400 bij schenden van sociale + geslachtsstereotypen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Resultaat zelfregulatie

A

Mensen met angst om vooroordelend over te komen hebben meer moeite met remmen van stereotypen (minder gevoelig voor conflict controle) –> kleinere ERN (volgt na fout).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat zijn de voordelen van ERP?

A

-Kunnen voor veel domeinen worden gebruikt (zonder gedragsreactie is ook mogelijk)
-Hoge temporale resolutie (geen vertraging)
-Lagere kosten t.o.v. neuro-imaging

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat zijn de nadelen van ERP?

A

-Lage spatiale resolutie (niet voor specifieke locatie)
-Niet altijd makkelijk om gemiddelde te nemen van EEG
-Langzamere processen zijn lastig te zien
-Inconsistente benaming

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly