Gedragsrecht en Beroepsattitude Flashcards

1
Q
  1. De stagiaire kan de bronnen van het gedragsrecht benoemen.
A

Hierbij wordt uitgegaan van het onderscheid ‘gedragsrecht’ als het materiële recht en ‘tuchtrecht’ als formeel (proces)recht.

De bronnen van het gedragsrecht van de advocaat zijn:
− De Advocatenwet;
− De Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (‘Wwft’);
− Verordening op de advocatuur (hierna: ‘Voda’);
− Regeling op de advocatuur;
− Gedragsregels 2018
− Jurisprudentie van de lokale Raden van Discipline en het Hof van Discipline.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q
  1. De stagiaire kan de rol van de advocaat in de rechtsstaat toelichten.

Welke functies heeft een advocaat?

A

De rechtsstaat wordt opgevat als de staatsvorm die de overheid aan het recht bindt door:
− grondrechten te erkennen
− voor het overheidsoptreden een grondslag in de wet te verlangen
− een machtenscheiding tussen wetgever, bestuur en rechter tot stand te brengen
− de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te garanderen.

Een van de pijlers van onze rechtsstaat is de waarborg voor een eerlijk proces. Een onlosmakelijk onderdeel daarvan is de waarborg van goede rechtshulp: een proces is pas een eerlijk proces als alle betrokkenen toegang hebben tot (deskundige) juridische bijstand.

Rol advocaat:

1) waarborgen rechtspositie cliënt
2) begeleiden cliënt bij procedure
3) adviseren cliënt / bijstand in een procedure (denk ook aan art 18 GW igv strafbare feiten)

Advocaten vervullen in wezen twee functies:

  1. door burgers juridisch advies te geven en hen bij te staan in juridische procedures draagt een advocaat bij aan de realisering van rechtsstatelijke verhoudingen tussen burgers en overheid en burgers onderling.
  2. Daarnaast draagt de advocaat bij aan een rechtsstatelijke cultuur; aan een rechtsbewustzijn, onder burgers en bij de overheid, dat het recht en niet (louter) sociale, economische of politieke krachten de verhoudingen in een samenleving bepalen.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q
  1. De stagiaire kan de kernwaarden voor de advocatuur uitleggen.

Leg uit: Partijdigheid

Is dit nog complementair aan een andere kernwaarde en waar is de grens?

A

Partijdigheid, GR 2 lid 2, 12-19

Een advocaat is partijdig. In juridische geschillen steunt de advocaat zijn cliënt door dik en dun. Hij is dé raadsman voor de betreffende cliënt en staat enkel en alleen deze cliënt bij. Het is dus niet mogelijk dat de advocaat ook de tegenpartij bijstaat. De advocaat dient partijdig te zijn en dient zich slechts te laten leiden door het cliënt belang. Wat dit concreet inhoudt, betreft een professionele inschatting van de advocaat, namelijk op welke wijze de zaak op goede gronden en te goeder trouw behandeld kan worden.

Partijdige belangenbehartiging en onafhankelijkheid zijn echter complementair aan elkaar. De hier bedoelde kernwaarde betekent dat de advocaat het partijbelang van zijn cliënt naar zijn beste vermogen tot uitdrukking brengt in een zaak en dat hij van niemand anders opdrachten
ontvangt dan van zijn cliënt. Hij voorkomt belangenverstrengeling.

De op grond van artikel 3, tweede lid, van de Advocatenwet afgelegde eed of belofte stelt duidelijke grenzen aan de uitvoering van opdrachten van een cliënt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q
  1. De stagiaire kan de kernwaarden voor de advocatuur uitleggen.

Leg Onafhankelijkheid uit.

Hoe moet je dit zien in verhouding met het behartigen van de belangen van je client?

A

Onafhankelijkheid – GR 2, 10

Een advocaat is onafhankelijk ten opzichte van een ieder: zijn cliënt, de overheid, de rechter en anderen. Bij het behandelen van een zaak is een advocaat uw raadsman. Hij laat zich leiden door het belang van zijn cliënt. De advocaat opereert onafhankelijk van de overheid (dus ook van politie en justitie). Hierdoor kan de advocaat zijn cliënt in alle eerlijkheid en openheid adviseren.

Zijn onafhankelijkheid geeft de advocaat de ruimte om bij de uitoefening van zijn beroep grenzen te trekken. Hij past de aan hem, ten behoeve van zijn cliënt, toekomende privileges slechts toe voor het doel waarvoor deze zijn toegekend. Dit aspect van onafhankelijkheid bindt ook de partijdige belangenbehartiging die van de advocaat wordt verlangd aan beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit.

De relatie mag echter niet zover gaan dat deze afbreuk kan doen aan zijn verantwoordelijkheid om een cliënt zo nodig van kritisch advies te dienen, zijn vrijheid om een cliënt te weigeren, een zaak te weigeren of om te besluiten dat hij niet langer de belangen van een cliënt zal behartigen. In dat verband kan worden gewezen op de relatie met de beëdiging van de advocaat op grond van artikel 3, lid 2 Advocatenwet: de advocaat zweert of belooft bij zijn beëdiging dat hij geen zaak zal aanraden of verdedigen die hij in gemoede niet gelooft rechtvaardig te zijn.

Zo nodig confronteert de advocaat zijn cliënt met gerechtvaardigde belangen van anderen.

De advocaat moet er steeds voor waken dat hij ten opzichte van zijn cliënt, de wederpartij, derde-financiers (zoals RvR, rechtsbijstandverzekeraars of commerciële procesfinanciers) en de overheid, de onafhankelijkheid bezit om deugdelijk te adviseren en in rechte te vertegenwoordigen..

Verder dient de advocaat in zijn relatie met derde-financiers te waken voor voorwaarden die zijn onafhankelijkheid onder druk zetten. De omstandigheden van het geval zullen steeds doorslaggevend zijn. Dat geldt ook voor het antwoord op de vraag of het een kantoorgenoot wél vrijstaat in een voorkomend geval als advocaat op te treden.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q
  1. De stagiaire kan de kernwaarden voor de advocatuur uitleggen.

Leg uit: Integriteit,

A

Integriteit, GR 1, art. 3 lid 2, 10a en 46 Advocatenwet

Een advocaat is integer. Een advocaat moet zich netjes en ethisch verantwoord gedragen. De advocaat moet een realistisch beeld schetsen van de juridische procedure, de slagingskansen van de zaak en de te verwachte kosten. Een goede, betrouwbare en fatsoenlijke advocatuur is een maatschappelijk belang en iedere advocaat dient daar in de praktijkuitoefening aan bij te dragen.

Het gaat er niet alleen om of een rechtsregel iets gebiedt of verbiedt, maar of de advocaat handelt volgens die professionele normen

Integriteit behelst ook financiële integriteit. Daartoe behoort dat de derdengeldenrekening op een inzichtelijke en integere wijze wordt gebruikt. De recente Verordening op de administratie en financiële integriteit geeft daartoe voorschriften. Denk ook aan de wwft.

Het toezicht op het integer handelen door advocaten berust in eerste instantie bij de lokale dekens.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q
  1. De stagiaire kan de kernwaarden voor de advocatuur uitleggen.

Leg uit: Vertrouwelijkheid

Hoe verhoudt dat zich tot het verschoningsrecht en de geheimhoudingsplicht =

A

Vertrouwelijkheid, GR 3, art. 10a, 11a Advocatenwet

Een advocaat gaat vertrouwelijk om met uw zaak. Een advocaat zal met niemand anders spreken over de zaak. Alles wat besproken wordt, blijft tussen de advocaat en de betreffende cliënt. Daardoor kan de cliënt samen met zijn raadsman vertrouwelijk spreken over de zaak wat de belangenbehartiging ten goede komt. De advocaat heeft een wettelijk beroepsgeheim / geheimhoudingsplicht.

Ter borging van deze geheimhoudingsplicht beschikt de advocaat over een verschoningsrecht.

Een advocaat kan vanwege zijn geheimhoudingsplicht niet verplicht kan worden om in rechte een verklaring af te leggen over wat tussen hem en de rechtzoekende is gewisseld aan informatie.

De advocaat kan – tenzij de cliënt daarin expliciet toestemt – niet gedwongen worden als getuige te verklaren over zaken die hem IN ZIJN FUNCTIE worden TOEVERTROUWD. Dan kan de advocaat een beroep doen op zijn verschoningsrecht.

Het verschoningsrecht van de advocaat is echter niet absoluut. Er kunnen zich namelijk ‘zeer uitzonderlijke omstandigheden voordoen waarin het belang dat de waarheid aan het licht komt en waarheidsvinding moet prevaleren boven het verschoningsrecht.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wanneer geldt het verschoningsrecht niet?

A

Het uitgangspunt is de vertrouwelijkheid van de communicatie tussen advocaat en cliënt. In dergelijke situaties is bepalend of het in dit geval gaat om informatie die hem is ‘toevertrouwd in zijn hoedanigheid van advocaat’.

In geval van betwisting is het aan de deken of aan de (tucht)rechter om te oordelen of de advocaat met recht en reden een beroep heeft gedaan op zijn verschoningsrecht en of dat beroep gehonoreerd kan worden of juist niet.

Een beroep op het verschoningsrecht gaat dus niet op wanneer het gaat om om:

− het ‘inkopiëren’ van een advocaat in de cc-regel van een e-mail met geen ander doel dan de inhoud van de e-mail onder de vertrouwelijkheid te brengen;

− het laten deelnemen van een advocaat aan een gesprek met het enige doel om wat tijdens het gesprek ter tafel komt vertrouwelijk te laten zijn.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wanneer geldt het de geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht niet?

A

Het uitgangspunt is de vertrouwelijkheid van de communicatie tussen advocaat en cliënt. In dergelijke situaties is bepalend of het in dit geval gaat om informatie die hem is ‘toevertrouwd in zijn hoedanigheid van advocaat’.

In geval van betwisting is het aan de deken of aan de (tucht)rechter om te oordelen of de advocaat met recht en reden een beroep heeft gedaan op zijn verschoningsrecht en of dat beroep gehonoreerd kan worden of juist niet.

Een beroep op het verschoningsrecht gaat dus niet op wanneer het gaat om om:

− het ‘inkopiëren’ van een advocaat in de cc-regel van een e-mail met geen ander doel dan de inhoud van de e-mail onder de vertrouwelijkheid te brengen;

− het laten deelnemen van een advocaat aan een gesprek met het enige doel om wat tijdens het gesprek ter tafel komt vertrouwelijk te laten zijn.

Daarnaast staat het de advocaat in zekere mate vrij om vertrouwelijke informatie te gebruiken in het geval de cliënt een klacht tegen hem heeft ingediend. De advocaat heeft in een tuchtprocedure namelijk ook de verdedigingsrechten op grond van artikel 6 EVRM.

De geheimhoudingsplicht (en daarmee het verschoningsrecht) strekt zich ook niet uit tot de zogenaamde corpora et instrumenta delicti. Inbeslagneming kan daarom zonder toestemming plaatsvinden als het gaat om brieven en geschriften die voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q
  1. De stagiaire kan de inhoud en strekking van de geldende regelgeving, zoals de Advocatenwet, de verordeningen, de Wwft en de gedragsregels toelichten.
A

OPEN

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q
  1. De stagiaire kan de inhoud en strekking van de geldende regelgeving, zoals de Advocatenwet, de verordeningen, de Wwft en de gedragsregels toelichten.
A

Advocatenwet

Verorderingen

WWFT

Gedragsregels

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q
  1. De stagiaire kan in een concrete situatie een gedragsrechtelijk dilemma signaleren.
A

OPEN

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q
  1. De stagiaire kan in een concrete situatie een financieel-gedragsrechtelijk dilemma signaleren.

denk aan de financiële regels uit de Voda, de gedragsregels en jurisprudentie.

A

de financiële regels uit de Voda, de gedragsregels en jurisprudentie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q
  1. De stagiaire kan in een concrete situatie een financieel-gedragsrechtelijk dilemma signaleren.

denk aan de financiële regels uit de Voda, de gedragsregels en jurisprudentie.

A

OPEN

voor financieel-gedragsrechtelijk dilemma’s moet je kijken naar de financiële regels uit de Advocatenwet, Voda, de gedragsregels, WWFT en jurisprudentie.

Bestudeer:
- Declaratieafspraken (waaronder no cure no pay); wat kan wel en niet?

  • Excessief declareren; in beginsel is de tuchtrechter niet bevoegd te oordelen over de hoogte van een declaratie, maar waakt wel voor excessieve declaraties
  • Specificeren van de declaratie: Gedragsregel 17 lid 4. Niet specificeren leidt tot een tuchtrechtelijke maatregel. Daarnaast dient niet alleen op verzoek een declaratie te worden toegezonden, maar moet te allen tijde duidelijk zijn wanneer en op welk moment tijd aan de zaak is besteed (adequaat tijd schrijven!;
  • Incasseren: lichtvaardig dagvaarden om betaling van een declaratie te bewerkstelligen kan klachtwaardig zijn.
  • Verrekenen: het zonder toestemming verrekenen met een voor de cliënt geïncasseerd bedrag is klachtwaardig
  • Toevoegingsmogelijkheden onvoldoende onderzocht: Zie ook Gedragsregel 24 18 lid 8.
  • Betalingsafspraak ondanks toevoegingsmogelijkheid: Gedragsregel 218lid 3. Een afspraak tot betaling is op zichzelf niet ongeoorloofd als de cliënt ondanks de toevoegingsmogelijkheid wenst te betalen, maar de advocaat mag de cliënt niet in die richting beïnvloeden en moet zich integendeel deugdelijk ervan vergewissen dat de cliënt weet welke rechten hij prijsgeeft,
    dat ook werkelijk wil en de consequenties daarvan kan dragen.
  • − Zich door een toevoegingscliënt laten betalen mag nooit: Gedragsregel 18lid 2. Indien een cliënt in een bepaalde zaak voor toevoeging in aanmerking komt, dient de advocaat zijn werkzaamheden in die zaak kosteloos te verrichten, ook wanneer het werkzaamheden betreft die reeds zijn verricht voordat de toevoeging is afgegeven.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q
  1. De stagiaire kan in een concrete situatie vaststellen welke gedragsrechtelijke normen toepasselijk zijn, in algemene zin en ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden of in financiële zin.
A

OPEN

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q
  1. De stagiaire kan in een concrete situatie vaststellen of aan de gedragsrechtelijke normen voldaan wordt, in algemene zin als ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden of in financiële zin.
A

OPEN

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q
  1. De stagiaire kan bij twijfel over de juiste handelwijze in een concrete situatie in algemene zin of ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden of in financiële zin, een goede oplossing vinden met inachtneming van het gedragsrecht.
A

OPEN

17
Q
  1. De stagiaire kan, indien in een concrete situatie niet voldaan wordt aan de gedragsrechtelijke norm in algemene zin of ten opzichte van de cliënt, de rechter, andere advocaten, derden of in financiële zin, een juiste en praktische oplossing kiezen met inachtneming van het gedragsrecht.
A

OPEN

18
Q
  1. De stagiaire kan uitleggen waarom het tuchtrecht noodzakelijk is voor het functioneren van de advocaat in de rechtsstaat.
A

OPEN

19
Q
  1. De stagiaire kan uitleggen waarom het tuchtrecht noodzakelijk is voor het functioneren van de advocaat in de rechtsstaat.
A

Met het (advocaten)tuchtrecht kunnen de aan de advocaat te stellen eisen en regels worden getoetst en ook worden gehandhaafd. Een rechtsstaat waarin geen handhaving plaatsvindt, is geen rechtsstaat.

de wettelijke procedures waarborgen een behoorlijke beroepsuitoefening door advocaten. Wat aan de tuchtrechter wordt voorgelegd, wordt getoetst aan de grenzen die artikel 46 Advocatenwet stelt. Soms leidt dat tot een nadere invulling, een aanvulling of aanscherping van de gedragsregels.

In art. 46 Advocatenwet zijn vier elementen te onderscheiden die onder tuchtrechtelijke toetsing vallen:

  1. De zorg die de advocaat voor zijn cliënt heeft te betrachten;
  2. inbreuken die advocaten maken op de Advocatenwet en de Wwft;
  3. inbreuken die advocaten maken op de door de advocatuur aan zichzelf opgelegde verplichtingen zoals neergelegd in de Voda;
  4. inbreuken die advocaten maken op de - wettelijke, en dus toetsbare – betamelijkheidsnorm (enig handelen of nalaten dat een behoorlijk advocaat niet betaamt).
20
Q
  1. De stagiaire kan de hoofdlijnen van de tuchtrechtprocedure, zoals beschreven in de Advocatenwet, benoemen.
A

Procedure:

OPEN - CHECK = ONVOLLEDIG

  1. De Deken (taak: klacht, toezicht, bezwaar, overig)
    Iedere tuchtzaak begint bij de Deken. Hetzij de Deken brengt zelf bezwaren tegen een advocaat ter kennis van de Raad van Discipline (‘RvD’), hetzij – en dat is veruit het meest gebruikelijk – de zaak begint met een bij de Deken ingediende klacht (art 46c en 46 d Aw).
  2. De Voorzitter van nde RvD (zie 46g en 60c Aw)
    De voorzitter van de raad van discipline kan een klacht, nadat deze is ontvangen van de deken, zelf schriftelijk afdoen, bijvoorbeeld als deze naar het oordeel van de voorzitter kennelijk ongegrond, (kennelijk) niet-ontvankelijk of kennelijk van onvoldoende gewicht is. Als de klager het niet met deze beslissing eens is, kan hij daartegen in verzet komen.

De zaken waarin geen Voorzittersbeslissing is gegeven, worden gebracht op een zitting van de RvD.

  1. Hof van discipline

De procedure in beroep geschiedt ingevolge artikel 56 lid 1 bij het Hof van Discipline (‘HvD’). Ingevolge artikel 56 lid 4 Advocatenwet bestaat het HvD uit vijf leden, waarvan drie uit de rechterlijke macht en twee advocaat.

  1. Voorzitter HvD - Ingevolge artikel 56a lid 1 Advocatenwet kan de voorzitter van het HvD kennelijk niet- ontvankelijke en kennelijk ongegronde beroepen, alsmede beroepen die nar zijn oordeel niet zullen leiden tot een andere beslissing dan die van de RvD, binnen dertig dagen nadat zij zijn ingesteld, bij met redenen omklede beslissing afwijzen.
21
Q
  1. De stagiaire kan de partijen die betrokken zijn bij de tuchtrechtprocedure en hun rollen daarin, beschrijven.
A

OPEN - CHECK = ONVOLLEDIG

De klager start de procedure door middel van een schriftelijke klacht bij de deken. Die klacht moet voldoen aan bepaalde vorm- en inhoudelijke vereisten.Als de klager geen behandeling door de deken wil, kan hij bij het indienen van de klacht verzoeken om directe doorgeleiding naar de RvD.

De deken (46c, 46d en 46e Advocatenwet)

Als de klager kiest voor de tuchtrechtelijke weg, moet een tuchtklacht worden ingediend bij de deken van de orde van advocaten in het arrondissement waarin de advocaat over wie wordt geklaagd is gevestigd. In de voorprocedure bij de deken worden de standpunten van partijen onder leiding vna de deken schriftelijk en soms ook mondeling uitgewisseld en probeert de deken dus waar mogelijk te bemiddelen. Als de klager dat wil kan de deken ook helpen bij het op schrift stellen of verduidelijken van de klacht.

Raad van Discipline (46g en verder Advocatenwet)
De behandeling door de raad van discipline eindigt met een voorzittersbeslissing of een beslissing van de raad.

Hof van Discipline
Als de klager of verweerder het met het oordeel van de RvD niet eens zijn, kunnen zij zich wenden tot het Hof van Discipline. Het Hof toetst (net als de deken en de RvD) aan artikel 46 Advocatenwet. De normen van artikel 46 Aw worden grotendeels door de gedragsregels ingekleurd

22
Q
  1. De stagiaire kan uitleggen wat verstaan wordt onder ‘handelen of nalaten dat een behoorlijk advocaat niet betaamt’ als bedoeld in art. 46 Advocatenwet.
A

OPEN - CHECK = ONVOLLEDIG

De Gedragsregels kunnen worden gezien als een uitwerking van de norm handelen overeenkomstig hetgeen een behoorlijk advocaat betaamt.

Ook de Kernwaarden uit artikel 10a Advocatenwet geven een aanwijzing over wat dient te worden verstaan onder ‘betamelijk handelen’ (of: niet betamelijk handelen):

23
Q
  1. De stagiaire kan de grondtrekken van het toezicht door de deken, als bedoeld in art. 45a Advocatenwet, alsmede de procedure inzake onbehoorlijke praktijkuitoefening, als bedoeld in art. 60b e.v. Advocatenwet benoemen.
A

OPEN

24
Q
  1. De stagiaire kan benoemen wanneer de Wwft van toepassing is op zijn dienstverlening.
A

OPEN

25
Q
  1. De stagiaire kan benoemen wanneer de Wwft van toepassing is op zijn dienstverlening.
A

OPEN - CHECK ACTUALITEIT

Reikwijdte van de Wwft valt, zie artikel 1 lid 1 onder 12 en 13. Hierin staat een limitatieve opsomming van de diensten op basis waarvan een advocaat Wwft-plichtig is. In artikel 1 lid 2 Wwft is bepaald bij welke diensten de advocaat de Wwft niet van toepassing is;

STAPPEN:
De identificatie van de cliënt

Verifieer dat de opgegeven identiteit overeenkomt met de werkelijke identiteit;

idenitficatie UBO - PEP

Signaleer risico’s: wil de cliënt? Waarom? Hoe en is dit logisch? Wees alert!;

In de toekomst: Check of transacties afwijken van het normale gedragspatroon. Voldoet de cliënt nog aan het risicoprofiel dat je ooit van hem/haar maakte?

26
Q
  1. De stagiaire kan uitleggen hoe hij dient te handelen in geval de Wwft van toepassing is op zijn dienstverlening.
A

OPEN - CHECK ACTUALITEIT

De identificatie van de cliënt

Verifieer dat de opgegeven identiteit overeenkomt met de werkelijke identiteit;

idenitficatie UBO - PEP

Signaleer risico’s: wil de cliënt? Waarom? Hoe en is dit logisch? Wees alert!;

In de toekomst: Check of transacties afwijken van het normale gedragspatroon. Voldoet de cliënt nog aan het risicoprofiel dat je ooit van hem/haar maakte?

vermoedens van een ongebruikelijke transactie=

Melding maken?

27
Q

Licht de samenhang van de volgende artikelen toe:

Artikel 46 Advocatenwet
Artikel 10a Advocatenwet
Artikel 60a ev. Advocatenwet

A

Bijzondere aandacht verdient artikel 46 van de Advocatenwet, waarin de algemene tuchtnorm – ‘Zoals het een behoorlijk advocaat betaamt’ – is neergelegd.

De tuchtrechtelijke norm van artikel 46 is nader uitgewerkt in bijvoorbeeld de Gedragsregels, maar ook door middel van de reeds besproken Kernwaarden uit artikel 10a van de Advocatenwet.

In artikel 60ab en verder van de Advocatenwet staat het nodige over spoedmaatregelen en tijdige
maatregelen (voorlopige voorzieningen, directe schorsingen enz.).

28
Q

Licht het doel van de WWFT toe.

A

De Wwft is dus bedoeld om het witwassen van gelden en het financieren van terrorisme tegen te gaan. De Wwft bevat de wettelijke plicht om voor bepaalde aangewezen diensten de cliënt te identificeren en in het kader van hun dienstverlening verrichte of voorgenomen ongebruikelijke transacties te melden. De lokale deken is per 1 januari 2015 formeel toezichthouder op de naleving van de Wwft door advocaten (artikel 45a Advocatenwet jo. artikel 24 lid 6 Wwft).

Het verrichten van cliëntenonderzoek draagt bij aan het herkennen en beheersen van risico’s die bepaalde cliënten of bepaalde soorten dienstverlening met zich meebrengen. Het vormt derhalve een belangrijk onderdeel van de maatregelen om witwassen en financieren van terrorisme te voorkomen.

Een belangrijk onderdeel van de bestrijding van witwassen en financieren van terrorisme is de verplichting om ongebruikelijke transacties te melden aan het Meldpunt ongebruikelijke transacties (tbv opsporing en heeft een preventieve werking).

29
Q

Wat is de reikwijdte van de wwft voor eena advocaat?

Wanneer moet je ogv de WWFT een melding maken en wanneer niet?

A

OPEN

30
Q

Waarvoor dient de Voda?

A

De Voda (Verordening op de advocatuur) is van toepassing op alle advocaten en op alle dienstverlening van de advocaat.

Een van de doelen van deze verordening is om regels te stellen aangaande het voorkomen van betrokkenheid van advocaten bij criminele handelingen.

In de toelichting op de Voda is letterlijk opgenomen dat de regelgevende bevoegdheid uit de Advocatenwet (onder meer) is aangewend om invulling te geven aan de in artikel 10a Advocatenwet vervatte kernwaarden.

31
Q

Wat zijn de belangrijkste bepalingen van de Voda?

A

Belangrijkste bepalingen Voda:
− hoe u moet omgaan met de derdengeldenrekening (art 6.18 tot 6.20);
− welke prijsafspraken u mag maken en onder welke voorwaarden (art. 7.7 e.v.);
− een verbod op het aannemen en uitbetalen van contant geld (art. 6.27);
− de verplichting om te onderzoeken met wie u van doen heeft (cliëntenonderzoek) (art. 7.1 en 7.2)
− de verplichting om te onderzoeken of de opdracht die u krijgt niet strekt tot onwettige activiteiten, en zo nodig de opdracht niet aan te nemen of neer te leggen (art. 7.1 tot 7.3).

32
Q

Licht het karakter van de advocatenwet toe.

A

Advocatenwet

De Advocatenwet heeft een algemeen regulerend en normstellend karakter. In de Advocatenwet worden algemene regels gesteld over de inschrijving van advocaten op het tableau, hun beëdiging, de uitschrijving van advocaten (artikelen 1-9), de bevoegdheden en verplichtingen van advocaten (artikel 10-16), de instelling van de NOvA, haar organen en regionale orden en haar organen (waaronder de deken) (artikel 17-45). In artikel 45a-45i Advocatenwet staat de wijze waarop toezicht wordt uitgeoefend. In artikel 46 en verder staat het tuchtrecht beschreven.

33
Q

Licht het karakter van de gedragsregels als ‘rechtsbron’ toe.

Zijn deze regels bindend?

A

De Gedragsregels kunnen worden gezien als een uitwerking van de eerste en vooral ook van de ruim geformuleerde derde regel, in dat artikel genoemd. Zij zijn niet bindend in die zin, waarin de regels van de door de Nederlandse orde van advocaten vastgestelde voerordeningen bindend zijn. Zij zijn bedoeld als richtlijn voor de advocaat voor zijn handelen bij de uitoefening van de praktijk. Zij kunnen tevens dienen als richtlijn voor de tuchtrechter, al binden zij deze niet zoals het Hof van Discipline meermalen heeft beslist.

De Gedragsregels
De Gedragsregels brengen normen onder woorden, die naar de heersende opvatting in de kring der advocaten behoren te worden in acht genomen bij de uitoefening van het beroep van advocaat.
Uitdrukkelijke opmerking verdient dat de Gedragsregels niet de vastlegging van het voor de advocaten geldende tuchtrecht vormen.

34
Q

Licht het karakter van de Voda toe

A

OPEN

De Voda is bindend voor advocaten ( art 29 lid 1 Advw)

35
Q

Wanneer hebben privégedragingen tuchtrechtelijke gevolgen?

A

privégedragingen van een advocaat blijkens vaste rechtspraak van het Hof van Discipline zijn alleen tuchtrechtelijk van belang zijn indien er voldoende aanknopingspunten zijn of verband bestaat of verwevenheid is met de praktijkuitoefening om de daarvoor geldende maatstaven toe te passen, dan wel de gedraging voor een advocaat in het licht van zijn beroepsuitoefening absoluut ongeoorloofd moet worden geacht.