hfd 15 Flashcards

1
Q

Wat wordt onder een ontbrandingstemperatuur verstaan?

A

Onder ontbrandingstemperatuur verstaat men de laagste temperatuur waarbij ontbranding van een stof zal plaatsvinden en waarbij de brandbare stof niet dooft.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Noem minimaal vijf brandoorzaken

A

1) open vuur o fhete oppervlakken zoals roken, lassen en snijden, solderen, kachels, en waakvlammen of hete gloeispiralen.
2) vonkvorming door elektrische sluiting of ontlading van statische energie, dan wel door slijpen, slag, stoot of val.
3) oververhitting door het weigeren van thermostaten of een ander technisch defect, zoals wrijving van drijfriemen, of door scheikundige reacties.
4) Zelfontbranding door broei, zoals bij hooi.
5) natuurlijke oorzaken, bv blikseminslag.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat kunnen zoal de redenen zijn om te komen tot brandstichting?

A

door een pyromaan
uit vandalisme
om sporen van braak te verbergen
om financieel voordeel te halen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Noem de drie stadia van een vastestofbrand

A

de ontwikkelingsfase
de brandfase
de dooffase.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Op welke wijze kan een brand zich uitbreiden?

A

Na het intreden van de gehele brandfase is de temperatuur zo hoog opgelopen dat naastgelegen stoffen ook snel vlam zullen vatten.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Wat kan de invloed van luchttoevoer zijn op het verloop van een brand?

A

De invloed kan dan zijn dat de brand zich niet zal beperken tot het object waar de brand is ontstaan maar zich uitbreiden naar alle objecten die zich in de directe omgeving bevinden

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Op welke wijze kan men branduitbreiding voorkomen?

A

1)Door goede bouwkundige voorzieningen te installeren. Zoals:
brandcompartimentering – rookafvoerinstallaties – vaste blusinstallaties – brandmeldinstallatie – brandveilige opslag gevaarlijke stoffen.
2) Door goede organisatorische maatregelen te treffen
goede brand- en sluitrondes uitvoeren – zogenaamde schriftelijke vuurvergunningen – goede alarmprocedures bij brand en dergelijke.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat verstaan we onder brandcompartimentering?

A

of extra muren plaatsen tussen de verschillende ruimten
of de bestaande muren uitvoeren in brand en rookwerende uitvoering.
glas moet draadglas zijn.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Wat is de functie van een rookafvoerinstallatie en wanneer treedt deze in werking?

A

Deze treedt in werking nadat een brand is vastgesteld door het systeem. Vervolgens zal de installatie dan in een razend tempo de rook afvoeren zodat de mensen in de buurt minder gevaar lopen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Hoe kan men een brand blussen?

A

Door een element uit de piramide weg te nemen. bv:
het verwijderen van de brandbare stof.
het verwijderen van de temperatuur (afkoelen tot onder de ontbrandingstemperatuur.
Het verwijderen van zuurstof. (afdekken of verstikken)
Als laatste is negatieve katalysatie een manier om de brand te blussen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wanneer is er sprake van het verwijderen van een brandbare stof?

A

Bijvoorbeeld bij een gasbrand als men dan de kraan weet dicht te doen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Welke waterstraal heeft het meeste effect bij een brand in het vlammenstadium en waarom?

A

Sproeistraal ivm het hoge koelende vermogen.

De druppeltjes nemen snel warmte op.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Welke waterstraal moet men toepassen bij een brand in het gloedstadium (kernbrand) en waarom?

A

De krachtige waterstraal dringt dieper door in het materiaal. Dus dieper in de kern.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Op welke wijze kan men de zuurstof wegnemen?

A

Door afdekken of verstikking.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Welke brandklassen kent u en waarom zijn deze ingesteld?

A

De klassen A - B - C - D - F

Vast/vloeibaar/gas/metalen/vetten of bakolie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Hoe kan men zien voor welke brandklasse een bepaald blustoestel geschikt is?

A

Door naar het etiket te kijken. Hier staat de nodige info op.

17
Q

Welke groepen blusstoffen kent u?

A

Natte blusstoffen – droge blusstoffen – blusgassen.

18
Q

Noem de voor- en nadelen van de blusstof water

A

het is goedkoop, in NL voldoende voorradig en een goede blusstof door het vermogen om branden snel af te koelen. Water neemt veel warmte op.
Water heeft ook een verstikkende werking. dit komt doordat water ook stoom produceert tijdens het blussen wat weer verstikkend werkt. Gebruik hiervoor de hogedruknevelstraal.
Nadeel van water is: Niet bruikbaar bij branden met vloeistoffen die lichter zijn dan water.
Elektrisch geleidend
veroorzaakt waterschade
gevaarlijk bij metaalbranden.

19
Q

Wat zijn de voordelen van een AFFF-blusser en voor welke branden is deze blusstsof zeer geschikt?

A

Zeer geschikt voor vloeistofbranden ivm het dunne laagje schuim (film) wat op de vloeistof komt te liggen en daardoor de brand verstikt. Verdamping lukt nu niet meer.

20
Q

Waarop berust de blussende werking van bluspoeder?

A

negatief-katalitisch of ook genoemd vlamafbrekend.

21
Q

Met welke gevaar dient men rekening te houden bij de blusstof CO2?

A

Dat het verstikkend is voor mensen – moet worden opgeslagen in zware hogedrukcilinders.

Verder heeft het geen indringinsvermogen en is het slechts anderhalf keer zwaarder dan lucht waardoor het snel verwaait.