Hoofdstuk 4 Flashcards Preview

Klinische Psychologie > Hoofdstuk 4 > Flashcards

Flashcards in Hoofdstuk 4 Deck (22):
1

In welk van de onderstaande 2 gevallen spreek je van een emotioneel probleem? (4.1 en 4.2)

Van der Eiken heeft met lede ogen moeten aanzien hoe zijn zaak opgeheven moest worden, omdat hij de benodigde financiën niet bij elkaar kreeg om deze extra leven in te blazen.

Vermanen piekert met grote bezorgdheid over hoe hij de benodigde financiën bij elkaar kan krijgen om zijn zaak over een dood punt heen te helpen.

In welk van de 2 voorbeelden spreek je van een emotioneel probleem?

a. bij Van der Eiken
b, bij geen van beiden
c. bij beiden
d. bij Vermanen

a. bij Van der Eiken

2

Wat is de essentiële therapeutische ingreep in rouwtherapie? (4.1 en 4.2)

a. vergeving
b. confrontatie met de realiteit van het verlies (of de achteruitgang in je leven)
c, veel emoties opwekken
d. afscheid nemen

b. confrontatie met de realiteit van het verlies (of de achteruitgang in je leven)

3

Herken de verwerkingsopgave in de volgende overpeinzing van dezelfde man (4.1 en 4.2):

"Ik had zo graag mijn bedrijf willen voortzetten en uitbouwen. Ik ben dol op tennissen, maar dat is over. Laat ik proberen een uitkering en smartengeld los te krijgen. En laat ik met dat geld gaan reizen, huizen kopen en verkopen"

a. berusting en losmaking aan de ene kant, nieuw engagement aan de andere,
b. drastische heroriëntatie t.a.v. de beperkingen die nu gelden, en de nog resterende mogelijkheden
c. lering trekken uit de gemaakte fouten
d. heroriëntatie t.a.v. de doelen die achterhaald zijn en potentieel nieuwe doelen

d. heroriëntatie t.a.v. de doelen die achterhaald zijn en potentieel nieuwe doelen

4

Herken de verwerkingsopgave in de volgende overpeinzing van dezelfde
man (4.1 en 4.2):

Een jongeman van 27 liep zenuwstelselbeschadiging op bij een zwaar verkeersongeval, veroorzaakt door een benevelde vriend bij wie hij in de auto zat. Gevolg: moeizaam lopen, niet meer sporten, arbeidsongeschikt, geen spontane erecties meer. De vriend had alleen herstelbare verwondingen.

"Met die vriend wil ik niets meer te maken hebben. Ik ga nooit meer met een benevelde figuur achter het stuur in een auto."

a. berusting en losmaking aan de ene kant, nieuw engagement aan de andere,
b. drastische heroriëntatie t.a.v. de beperkingen die nu gelden, en de nog resterende mogelijkheden
c. lering trekken uit de gemaakte fouten
d. heroriëntatie t.a.v. de doelen die achterhaald zijn en potentieel nieuwe doelen

c. lering trekken uit de gemaakte fouten

5

Herken de verwerkingsopgave in de volgende overpeinzing van dezelfde
man (4.1 en 4.2):

Een jongeman van 27 liep zenuwstelselbeschadiging op bij een zwaar verkeersongeval, veroorzaakt door een benevelde vriend bij wie hij in de auto zat. Gevolg: moeizaam lopen, niet meer sporten, arbeidsongeschikt, geen spontane erecties meer. De vriend had alleen herstelbare verwondingen.
* Herken de verwerkingsopgave in de volgende overpeinzing van deze man:
"Ik zal nooit meer goed kunnen lopen. Sporten kan ik vergeten. Mijn schoonmaakbedrijf kan ik niet voortzetten. Ik kan niet meer normaal vrijen, vrouwen zullen zich wel 2 maal bedenken voor ze met me in zee willen. Wel kan ik mijn bedrijf verkopen, ik kan geld beleggen. Ik kan mijn handen nog gebruiken, mijn hersenen zijn goed, met behulp van injecties kan ik toch nog seks bedrijven en kinderen krijgen."

a. berusting en losmaking aan de ene kant, nieuw engagement aan de andere,
b. drastische heroriëntatie t.a.v. de beperkingen die nu gelden, en de nog resterende mogelijkheden
c. lering trekken uit de gemaakte fouten
d. heroriëntatie t.a.v. de doelen die achterhaald zijn en potentieel nieuwe doelen

b. drastische heroriëntatie t.a.v. de beperkingen die nu gelden, en de nog resterende mogelijkheden

6

Herken de verwerkingsopgave in de volgende overpeinzing van dezelfde
man (4.1 en 4.2):

Een jongeman van 27 liep zenuwstelselbeschadiging op bij een zwaar verkeersongeval, veroorzaakt door een benevelde vriend bij wie hij in de auto zat. Gevolg: moeizaam lopen, niet meer sporten, arbeidsongeschikt, geen spontane erecties meer. De vriend had alleen herstelbare verwondingen.

a. berusting en losmaking aan de ene kant, nieuw engagement aan de andere,
b. drastische heroriëntatie t.a.v. de beperkingen die nu gelden, en de nog resterende mogelijkheden
c. lering trekken uit de gemaakte fouten
d. heroriëntatie t.a.v. de doelen die achterhaald zijn en potentieel nieuwe doelen

a. berusting en losmaking aan de ene kant, nieuw engagement aan de andere,

7

Wat is de functie van emotionele en depressieve reacties in emotionele
verwerking? (4.1 en 4.2)

a. die zijn disfunctioneel
b. vermijden van een puur cognitieve verwerking
c. uitdoving van de gerichtheid op de achterhaalde doelen en de verloren bindingen
d. cognitieve heroriëntatie

c. uitdoving van de gerichtheid op de achterhaalde doelen en de verloren bindingen

8

Hoe is de volgorde van emoties waarlangs de cyclus in emotionele verwerking zigzagt? (4.1 en 4.2)

a. verbijstering - angst - woede - wanhoop - verdriet - depressie - vervlakking
b. verbijstering - woede - wanhoop - angst - verdriet - depressie - vervlakking
c. verbijstering - woede - angst - verdriet - wanhoop - depressie - vervlakking
d. verbijstering - woede - angst - wanhoop - verdriet - depressie - vervlakking

d. verbijstering - woede - angst - wanhoop - verdriet - depressie - vervlakking

9

Wat is het verschil tussen rouw en emotionele verwerking? (4.1 en 4.1)

a. emotionele verwerking is een algemener begrip, dat rouw omvat
b. rouw is een algemener begrip, dat emotionele verwerking omvat
c. synoniem voor elkaar
d. emotionele verwerking betreft minder ingrijpende gebeurtenissen, rouw ingrijpend verlies

a. emotionele verwerking is een algemener begrip, dat rouw omvat

10

Wat voor kritiek zou je kunnen hebben op het door sommigen gebezigde
begrip rouwverwerking? (4.t en 4.2)

a. ongewenst begrip, want dubbelop: rouwen is verliesverwerking
b. evenwaardig begrip
c. te prefereren boven het begrip verliesverwerking
d. een op zich juist, maar eigenlijk overbodig begrip

a. ongewenst begrip, want dubbelop: rouwen is verliesverwerking

11

Waarom is een traumatische ervaring zo ingrijpend voor een mens?
(4.3)

a. omdat ze fundamentele veronderstellingen aantast
b. omdat de betrokkene haar tot een unicum uitroept
c. door de pathogene kern die het trauma bevat
d, omdat de betrokken er gemakkelijk aan gefixeerd raakt

a. omdat ze fundamentele veronderstellingen aantast

12

Herken de cognitieve strategie voor assimilatie en integratie van trauma's in het voorbeeld (4.3).

Na de Bijlmerramp dachten veel overlevenden: "Zoiets gebeurt gelukkig hooguit éénmaal in een mensenleven."

a. oorzaak zoeken, verklaring zoeken.
b. je vergelijken met anderen
c. tot unicum uitroepen
d. beklemtoning eigen controle
e. herschikken eigen waarden

c. tot unicum uitroepen

13

Herken de cognitieve strategie voor assimilatie en integratie van trauma's in het volgende voorbeeld (4.3 )

"Na een bezoek aan de 'zware gevallen- afdeling' van het tehuis voor verstandelijk gehandicapten dacht de vader van een mongooltje: "Met hen vergeleken is Jantje een genie"

a. oorzaak zoeken, verklaring zoeken.
b. je vergelijken met anderen
c. tot unicum uitroepen
d. beklemtoning eigen controle
e. herschikken eigen waarden

b. je vergelijken met anderen

14

* Herken de cognitieve strategie voor assimilatie en integratie van trauma's in het voorbeeld. (4.3)

Na het zware verkeersongeluk hield Jansen zich voor:"Maar goed dat ik zo koelbloedig was om het stuur om te gooien, anders was de ramp helemaal niet te overzien geweest."


a. oorzaak zoeken, verklaring zoeken.
b. je vergelijken met anderen
c. tot unicum uitroepen
d. beklemtoning eigen controle
e. herschikken eigen waarden

d. beklemtoning eigen controle

15

* Herken de cognitieve strategie voor assimilatie en integratie van trauma's in het voorbeeld. (4.3)

"Na de dood van zijn tienjarige dochter trok Smit veel meer tijd uit voor zijn gezin. Hij was geen workaholic meer."


a. oorzaak zoeken, verklaring zoeken.
b. je vergelijken met anderen
c. tot unicum uitroepen
d. beklemtoning eigen controle
e. herschikken eigen waarden

e. herschikken eigen waarden

16

* Herken de cognitieve strategie voor assimilatie en integratie van trauma's in het voorbeeld. (4.3)

Nadat zijn tien jaar oude kat vergiftigd was, dacht Nelis:"Ik zál er achter komen wie dat gedaan heeft, en die zal er van lusten."

a. oorzaak zoeken, verklaring zoeken.
b. je vergelijken met anderen
c. tot unicum uitroepen
d. beklemtoning eigen controle
e. herschikken eigen waarden


a. oorzaak zoeken, verklaring zoeken.

17

* Van welke soorten van fixatie aan het trauma is hier sprake? (4.3)

Sommige in de 2e WO in Duitsland in concentratiekampen geïnterneerde Nederlanders namen de Nazi-ideologie over, kregen de status van toezichthouder of iets dergelijks, en behandelden hun voormalige lotgenoten erger dan de SS-ers.

a. onbewuste herenscenering
b. dissociatie
c. identificatie met de agressor
d. zich dienstbaar maken voor andere slachtoffers

c. identificatie met de agressorontkenning van het verlies

18

Van welke van de diverse gevolgen van onvoldoende emotionele verwerking is sprake in het volgende voorbeeld? (4.4)

Nadat zijn vrouw was overleden reageerde Cor al spoedig op een contactadvertentie. Er ontstond een relatie en Cor wist te bewerkstelligen dat ze gelijk bij hem in kwam wonen, de kleren van zijn vrouw droeg, dezelfde gerechten bereidde, haar voornaam veranderde, naar dezelfde kapper ging voor hetzelfde kapsel etc.

a. niet open staan voor nieuwe mogelijkheden en doelen
b. ontkenning van het verlies
c. onbewuste her-enscenering
d. verlamming door diffuse gemengde gevoelens





b. ontkenning van het verlies

19

* Welke stoornis kan men in dit voorbeeld vermoeden?

Marietje werd door haar ouders naar de dokter gebracht, omdat het nu al meer dan een maand was, dat ze 's nachts steeds schreeuwend wakker werd zonder te weten waarover ze gedroomd had, onverwachts en onverklaarbaar op bepaalde momenten ineens in paniek kon raken en haar zo levendige interesses in haar poppenhuis, konijn en leesboeken e.d. verloren scheen te hebben. Ze trok zich erg terug en barstte gemakkelijk in huilen uit.

a. pathologische rouw
b, herbeleving van de traumatische gebeurtenis
c. posttraumatische stress-stoornis'
d. acutestress-stoornis



c. posttraumatische stress-stoornis'

20

* Van welke fase van Bowlby is hier sprake?

Toen haar dierbare man, zonder wie ze toch niet goed verder dacht te kunnen leven, zijn laatste adem had uitgeblazen, ruimde Marleen vrijwel meteen zijn kasten op, schreef de overlijdenskaartjes en ging er mee naar het postkantoor.

a. shock, verdoving, ongeloof, ontkenning
b. het missen van de verlorene
c. desorganisatie
d. herstel


a. shock, verdoving, ongeloof, ontkenning

21

Toen zijn lievelingsdochter was overleden door leukemie, hield Vermeent zich voor:"God had een extra engeltje nodig naast zich in de hemel"
Van welk aspect van de rouw taak (in de zin van Van de Wal) 'loslaten van de overledene' is hier sprake?


a. aanvaardug van de realiteit en het definitieve van het verlies
b. betekenisverlening
c. zich vormen van een beeld van de toedracht rond het overlijden
d. integratie: de draad van het maatschappelijk functioneren weer
opnemen


b. betekenisverlening

22

Wat is EMDR?

a. een oogtest
b. een manier om hypnose op te wekken
c. een gehoortest
d. een therapietechniek voor traumaverwerking


d. een therapietechniek voor traumaverwerking