les 3 Flashcards Preview

Nederlands > les 3 > Flashcards

Flashcards in les 3 Deck (28):
1

le paon

de pauw

2

servir à table

opdienen

3

arriver, se passer

voorkómen

4

acheter, acquérir

aanschaffen

5

casser, briser

inslaan

6

sélectionner, choisir

uitzoeken

7

mettre en marche

inschakelen

8

manger

opeten

9

réapparaître

opduiken

10

immédiatement

meteen

11

empêcher

voorkomen

12

étaler, exposer

uitstallen

13

procurer

verstrekken

14

payer, régler

voldoen

15

s'imaginer

zich voorstellen

16

attendre impatiemment

uitzien

17

distinguer

onderscheiden

18

s'apercevoir

zich onderscheiden

19

survivre

overleven

20

catastrophe aérienne

de vliegramp

21

abuser de

misbruiken

22

dépenser

uitgeven

23

faire attention

oppassen

24

toucher

aanraken

25

se passer, se produire

toegaan

26

complexe

ingewikkeld

27

exposé

voordracht

28

??

aanslaan bij