Deel 3: Familiaal Vermogensrecht Flashcards

0
Q

Huwelijksvermogensrecht: wettelijk stelsel

A

Drie vermogens:

a. Eigen vermogen 1
b. Eigen vermogen 2
c. Gemeenschappelijk vermogen

Elk van die vermogens bevatten zowel positieve als negatieve bestandsdelen:

  • positief: (baten), activa
  • negatief: (lasten), passiva
  1. Samenstelling van de vermogens:
    * baten en lasten van het eigen vermogen:
    a. Goederen die eigen zijn uit hun aard:
    => eigen karakter moet niet bewezen worden
    => hieronder vallen ondermeer kleding, voorwerpen voor strikt eigen gebruik, literaire of artistieke eigendomsrechten (meer bepaald het recht zelf, …)
    => ook het recht op herstel van persoonlijke lichamelijke of morele schade en het recht op een pensioen, … Vallen onder het eigen vermogen

b. Goederen die eigen zijn mits bewijs:
=> eigen karakter moet bewezen worden
=> hieronder vallen de goederen die de echtgenoten hebben op het moment van het aangaan van het huwelijk en ook de goederen die ze ‘om niet’ verkrijgen (als er geen tegenprestatie voor moet worden geleverd bv. Schenking of erfenis) tijdens het huwelijk
=> de echtgenoot die inroept dat het goed behoort tot het eigen vermogen, moet dit bewijzen: bv. Marc huwt met Cindy, Cindy kocht voor haar huwelijk met haar spaargeld een eiken eetkamer. De echtgenoten maakten geen huwelijkscontract op. In dat geval zal de eetkamer behoren tot cindy’s eigen vermogen op voorwaarde dat zij het eigen karakter kan bewijzen. Er bestaat een (weerlegbaar) vermoeden dat goederen behoren tot het gemeenschappelijk vermogen. Kan zij het eigen karakter niet bewijzen, dan valt de eetkamer onder het gemeenschappelijk vermogen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
1
Q

Huwelijksvermogensrecht

A
  • Regels mbt huwelijksvermogensrecht:
  • primair stelsel:
    a. Wederzijdse rechten en plichten echtgenoten
    b. Voor alle echtgenoten
    c. Geen afwijking mogelijk (dwingend recht van openbare orde - goede zeden)
  • secundair stelsel:
    a. Vrije keuze
    b. Maar geen afbreuk primair stelsel
    c. 3 stelsels:
    > 1. Wettelijk stelsel: ik trouw met iemand, je hebt beiden je eigen vermogen (spaargeld) en je hebt een gemeenschappelijk vermogen (spaargeld samen)
    > 2. Scheiding van goederen: geen gemeenschappelijk vermogen, enkel een eigen vermogen van de man en een eigen vermogen van de vrouw
    > 3. Algehele gemeenschap: alles komt samen (eigen + gemeenschappelijk vermogen)

Huwelijk => primair stelsel: rechten (bescherming) en plichten van alle echtgenoten

Huwelijk => secundair stelsel: vermogensrechten gevolgen huwelijk: zie 3 stelsels hierboven

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Huwelijksvermogensrecht: baten en lasten van het gemeenschappelijk vermogen

A

Eigen vermogen: Actief (= goederen):

  • voorhuwelijkse goederen
  • goederen om niet verkregen tijdens het huwelijk
  • strikt persoonlijke goederen
  • accessoira van eigen goederen
  • beroepsgoederen
  • goederen verkregen door (weder)belegging van eigen goederen

Eigen vermogen: passief (= schulden):

  • voorhuwelijkse schulden
  • lasten op goederen om niet verkregen tijdens het huwelijk
  • schulden in uitsluitend belang eigen vermogen
  • schadevergoeding/boete

Gemeenschappelijk vermogen: actief (= goederen):

  • beroeps- of vervangingsinkomsten
  • inkomsten uit eigen goederen
  • goederen om niet aan beide echtgenoten
  • goederen onder bezwarende titel verkregen tijdens huwelijk behalve beroepsgoederen
  • vermoeden van gemeenschap

Gemeenschappelijk vermogen (passief) = schulden:

  • gezamenlijke of hoofdelijke schulden
  • huishoudelijke schulden
  • lasten giften aan beide echtgenoten
  • schulden in belang gemeenschappelijk vermogen o.a. Beroepsschulden
  • vermoeden van gemeenschap

=> als er eigen goederen werden aangekocht met het gemeenschappelijk geld
=> als er gemeenschappelijke goederen aangekocht werden met eigen geld
==> bij de vereffening van het huwelijksstelsel moet een vergoeding betaald worden aan het gemeenschappelijk vermogen / eigen vermogen!

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Huwelijksvermogensrecht: 2. Bestuur van de vermogens - eigen vermogen

A
  • alle bevoegdheden van beheer, genot en beschikking
    => elke van de echtgenoten bestuurt in beginsel volledig vrij zijn eigen vermogen
    => op dit principieel vrij bestuur bestaan wel enige beperkingen:
    Bv. Regels in verband met de bescherming van de gezinswoning (primair stelsel)
  • volledige gelijkheid tussen beide partners. Bij dit alles kunnen 3 verschillende vormen van bestuur onderscheiden worden:
    a. Alleen bestuur: bv. Zo kan elk van de echtgenoten alleen de inkomsten uit de uitoefening van zijn beroep ontvangen en deze besteden volgens een voorgeschreven rangorde
    b. Gezamenlijk bestuur: toestemming van beide partners is nodig voor bepaalde betrekking op belangrijke goederen van de gemeenschap
    Bv. Het verkopen van een huis dat behoort tot het gemeenschappelijk vermogen, het sluiten van Huurovereenkomsten voor meer dan 9 jaar, het aangaan van leningen
    c. Gelijklopend bestuur (meerderheid van de gevallen):
    Elk van de echtgenoten kunnen afzonderlijk betreffende handelingen stellen. De mede-echtgenoot moet deze handeling dan respecteren.
    Bv. De aankopen verrichten door 1 van de echtgenoten in het kader van de huishouding
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Huwelijksvermogensrecht: 3. Verhaal van de schuldeiser

A
  • uitgangspunt: man gaat schuld aan
  • eigen schulden:
    a. Regel: eigen vermogen (man) + zijn inkomsten
  • gemeenschappelijke schulden:
    a. Regel: eigen vermogen (man) + eigen vermogen (vrouw) + gemeenschappelijk vermogen
    b. Uitzondering:
    => eigen vermogen man / eigen vermogen vrouw + gemeenschap van goederen
    => de schulden die door een van de echtgenoten worden aangegaan ten behoeve van de huishouding en de opvoeding van kinderen, als deze buitensporig zin
    => beroepsschulden: schulden door een van de echtgenoten aangegaan bij uitoefening van zijn beroep
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Huwelijkscontracten: 1. Vorm

A
  1. Vorm:
    * plechtig contract
    => moet voor een notaris worden opgemaakt waarbij beide aanstaande echtgenoten aanwezig moeten zijn
    * voor / tijdens het huwelijk:
    Een huwelijkscontract wordt opgemaakt voor het huwelijk
    => de echtgenoten kunnen ook tijdens het huwelijk een wijzigend huwelijkscontract laten opmaken
  • in huwelijksakte + trouwboekje: bestaan en datum huwelijkscontract vermeld + welke notaris
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Huwelijkscontracten: 2. Algemene inhoud

A
  • afsluiten huwelijkscontract: echtgenoten hebben een grote vrijheid
  • maar er zijn grenzen:
    => contract mag niet strijdig zijn met openbare orde en goede zeden
    => er mag niet afgeweken worden van bepaalde regels van dwingend recht, van het primair stelsel
    => ook afwijkingen aan de regels betreffende het ouderlijke gezag en de voogdij zijn verboden
    => verder mag niet afgeweken worden van de regel die de wettelijke rangorde van erfopvolging bepalen
  • volledig ander stelsel dan wettelijk stelsel is mogelijk
  • invoegen bepaalde clausules van wettelijk stelsel is mogelijk
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Huwelijkscontracten: 3. Scheiding van goederen

A

=> echtgenoten beperken de gevolgen van een huwelijk op hun vermogen tot het minimum

  • twee vermogens:
    => vermogen van de ene echtgenoot en vermogen van de andere echtgenoot (geen gemeenschappelijk vermogen) wel kunnen er onverdeelde goederen zijn
  • verhaal schuldeiser (schulden):
    => schulden die 1 echtgenote aanging zowel voor als tijdens het huwelijk, blijven persoonlijk. De andere echtgenoot is hier dus niet toe gehouden, tenzij hij natuurlijk de schuld mee zou hebben aangegaan
  • bestuur: alleen bestuur
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Huwelijkscontracten: 4. Algehele gemeenschap van goederen - bedingen tot uitbreiding van de gemeenschappelijke baten

A
  • gemeenschappelijk vermogen uitbreiden:
    => kan een algehele gemeenschap overeenkomst worden
    => in het eigen vermogen zitten enkel de goederen die strikt van persoonlijke aard zijn bv. Kleding, juwelen voor gebruik, …
  • bedingen worden opgenomen tot uitbreiding gemeenschappelijke goederen:
    => echtgenoten kunnen overeenkomen dat de tegenwoordige en toekomstige roerende of onroerende goederen geheel of ten dementst het gemeenschappelijk vermogen zullen behoren
    => in dat geval komen de schulden ten laste van het gemeenschappelijk vermogen naar verhouding van de waarde van de gemeenschappelijk geworden goederen ten tijde van hun inbreng, vergeleken met de waarde van de gezamenlijke goederen
    => bv. Als een van de echtgenoten eigenaar is van een bouwgrond voor het huwelijk waarop de echtgenoten na het huwelijk samen zouden willen bouwen, wordt wel eens voor een inbreng geopteerd en dit op de gevolgen van een natrekking en vergoedingsregeling te vermijden
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Huwelijkscontracten: 5. Wijzigingen van het huwelijkscontract tijdens het huwelijk

A

Tijdens het huwelijk kunnen echtgenoten een huwelijkscontract sluiten waarbij ze het huwelijksstelsel wijzigen:
a. Akkoord beide echtgenoten vereist
b. Geen rechterlijke tussenkomst meer vereist (2008)
=> soepele regels voor echtgenoten die tot een wijziging willen overgaan
=> vanaf 1 november 2008 kan namelijk elke wijziging van het huwelijkscontract (hoe groot of klein die wijziging ook is) gebeuren zonder tussenkomst van de rechter
c. Notaris: men moet wel naar de notaris stappen voor het opmaken van een wijzigingsakte
d. Inventaris:
=> niet verplicht: als een van de echtgenoten dit wil kan er een inventaris gemaakt worden van de roerende en onroerende goederen van de echtgenoten en van hun schulden
=> verplicht: als de wijziging de vereffening van het vorig stelsel tot gevolg heeft

=> de notaris die de wijzigingsakte opstelt, zal de wijzigingen ter kennis brengen van de ambtenaar van de burgerlijke stand, van de notaris die het origineel van het oorspronkelijke huwelijkscontract bijhoudt en van de griffie van de rechtbank van koophandel als een Van de echtgenoten handelaar is. Bovendien zal de wijziging gepubliceerd worden in het Belgisch staatsblad.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Schenkingen en testamenten: schenking: 1. Definitie en 2. Voorwaarden

A

Def. = akte waarbij de schenker zich dadelijk en onherroepelijk ontdoet van de geschonken zaak, ten voordele van de begiftigde die ze aanneemt.

  1. Voorwaarden:
    * schenking is akte:
    => in werkelijkheid gaat het echter om een overeenkomst, maar omdat de prestatie uitgaat van slechts 1 van de partijen vond de wetgever het beter te spreken over een akte
  • schenker moet zich dadelijk ontdoen van de geschonken zaak:
    => een schenking van een toekomst goed is bijgevolg niet mogelijk
    => uitzondering op deze regel vormt evenwel de contractuele erfstelling. Langs de zijde van de schenker moer er dus dadelijk verarming zijn die in hoofde van de begiftigde aanleiding geeft tot een verrijking
  • niet herroepbaar: zodra een schenking werd gedaan, kan ze in beginsel niet worden herroepen. Uitzondering: een schenking kan herroepen worden wegens niet-vervulling van de voorwaarden waaronder zij gedaan is, wegens ondankbaarheid (bv. Als de begiftigde een aanslag op het leven van de schenker heeft gepleegd) en wegens geboorte van kinderen
  • aanvaarding begiftigde: als diegene aan wie de schenking gedaan is, deze aanvaard
  • handelingsbekwaam:
    => om een schenking te kunnen doen, moet men gezond zijn van geest. Bv. Een hoogbejaard persoon die niet meer over al zijn geestelijke vermogens beschikt, kan voor problemen zorgen
    => ook met handelingsbekwaam om te schenken: een minderjarige kan geen schenkingen doen en iemand anders kan dit al evenmin namens of voor hem doen. Ook gehuwden zijn beperkt in de schenkingen die ze zonder akkoord van de andere echtgenoot kunnen doen bv. Zo kan een gehuwde niet zomaar de gezinswoning wegschenken, ook al is dat een goed dat enkel in zijn eigen vermogen valt
  • iedereen kan schenkingen ontvangen: uitzondering voor bepaalde categorieën personen bv. Dokters in de genees-, heel- en verloskunde, officieren van gezondheid en apothekers die een persoon hebben behandeld gedurende de ziekte waaraan hij overleden is, kunnen geen voordeel genieten van beschikkingen.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Schenkingen en testamenten: 3. Vorm

A

Elke schenking onder levenden moet in beginsel gebeuren in een notariële akte
* uitzondering: bepaalde roerende goederen kunnen immers ge.dog worden overgedragen zonder dat een notariële akte moet worden opgemaakt. Deze goederen worden dan overgedragen door wat men een gift van hand tot hand noemt (of zogenaamde handgift)
Bv. Indien iemand via een handgift een som geld wil schenken aan een kind wordt vaak gewerkt met twee aangetekende brieven. In de eerste nodigt de schenker de begiftigde uit om op een bepaalde plaats en datum een som geld te ontvangen bij wege van schenking. Na ontvangst stuurt de begiftigde op zijn beurt een aangetekend schrijven waarin hij de schenking aanvaard.

  • bankgift: hierbij worden gelden overgeschreven door de begiftigde op de rekening van de schenker
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Schenkingen en testamenten: 4. Enkele fiscale afspraken:

A
  1. Schenkingsrechten: bij een schenking moeten schenkingsrechten betaald worden: afhankelijk van de waarde van de schenking en de vraag aan wie de schenking gebeurd.
    => tarieven verschillen naargelang het gaat om de schenking van roerende of onroerende goederen => verschillen naargelang de fiscale woonplaats van de schenker.
  2. Bij handgift:
    => hier moeten er geen schenkingsrechten betaald worden. Wel moeten er in dat geval successierechten worden betaald als de schenker binnen de drie jaar overlijd.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Testament: 1. Definitie - 2. Onderscheid testament en schenking

A

= een akte waarbij de erflater voor tijd dat jij niet meer in het leven zal zijn, over het geheel of een deel van zijn goederen beschikt, en die hij kan herroepen

Onderscheid tussen schenking en testament:

  • schenking is een overeenkomst waarvoor instemming van beide partijen vereist is testament: is een eenzijdige akte: gaat immer alleen uit van de erflater
  • bij schenking gaat de eigendom van het goed onmiddellijk over testament eigendomsoverdracht gebeurt pas na overlijden
  • schenking uitzonderlijk herroepbaar (uitzondering: schenking in de relatie tussen echtgenoten is altijd herroepbaar) testament kan ten alle tijde teruggeroepen worden
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Testament: 3. Soorten

A
  1. Eigenhandig testament: een testament dat door de testator (= diegene die het testament opmaakt) zelf wordt geschreven
    => opdat dergelijk testament geldig zou zijn, is vereist dat het volledig door de erflater eigenhandig geschreven is (niet getypt!), en dat het werd ondertekend en gedagtekend. Als aan deze vereisten niet werd voldaan brengt dat de nietigheid van het testament mee.

Voor- en nadelen:
A. Voordelen: er moeten geen plechtige formaliteiten worden nageleefd om het testament tot stand te brengen, zodat iedereen een dergelijk testament kan opstellen. Bij het opmaken van een eigenhandig testament moeten dan ook geen notaris, getuigen, … Worden betrokken. => testament is eenvoudig te herroepen. Het volstaat immer het te vernietigen of eventueel een nieuw testament op te maken.

B. Nadelen: omdat het veelal wordt opgesteld door niet-juristen is het woordgebruik niet altijd duidelijk, wat tot interpretatieproblemen kan leiden.
=> testament geeft slecht een geringe bewijskracht. De erfgenamen kunnen immer weigeren het geschrift van de testator te erkennen
=> het gevaar bestaat dat door erfgenamen die ontevreden zijn over de inhoud, het verduisterd wordt. Dat laatste probleem kan opgelost worden door te kiezen voor het systeem van het internationaal testament.

  1. Notarieel / authentiek / openbaar testament:
    => authentiek testament komt tot stand doordat de erflater het dicteert aan de notaris die acteert, wat sinds kort onder meer ook met tekstverwerker kan. Na voorlezen door de notaris ondertekent de erflater het stuk.
    => bij het opmaken van een dergelijk testament moeten twee getuigen of twee notarissen aanwezig zijn

Voordelen:
A. Omdat dit testament geschreven wordt door een notaris die juridische kennis heeft, worden interpretatieproblemen in grote mate vermeden
B. Er rust op de notaris een bewaringsplicht, zodat het wegmaken van het testament door erfgenamen nagenoeg onmogelijk wordt

  1. Internationaal testament:
    => een testament dat wordt afgegeven aan de notaris in de aanwezigheid van twee getuigen of van een tweede notaris.
    => testament wordt opgemaakt door de erflater zelf
    => testament moet schriftelijk opgemaakt zijn. Het moet niet noodzakelijk door de erflater met de hand geschreven zijn.
    => taal waarin het testament geschreven wordt speelt geen rol
    => voordeel: er bestaat geen risico dat het ‘verloren’ gaat doordat bv. Iemand die er niet in begunstigd wordt, het vindt en het vernietigt.
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Testament: 4. Inhoud

A
  1. Legaten:
    a. Algemeen legaat:
    => legaat dat de hele nalatenschap betreft met uitzondering van die zaken waarover op een andere wijze wordt beschikt. De algemene legataris krijgt dus alles wat niet uitdrukkelijk geregeld wordt door de wet of het testament.
    Bv. Een erflater bepaalt bij testament dat Jos de antieke kast krijgt bij zijn overlijden. De rest van het nalatenschap komt, volgens het testament, toe aan Paul. In dat geval krijgt Paul een algemeen legaat.

b. Legaat ten algemene titel:
=> in dit geval geeft de testator niet de hele nalatenschap aan de legataris, maar slechts een deel ervan.
Bv. De testator stelt dat hij een derde van zijn goederen aan zijn neef geeft

c. Bijzonder legaat:
=> heeft als voorwerp een specifiek goed of een specifiek aantal goederen
Bv. De testator bepaald dat zijn televisietoestel toekomt aan een vriend

Andere zaken bv. Begrafenis, voogd, …