hepatitis C: een behandelbare infectieziekte? Flashcards Preview

2b3 > hepatitis C: een behandelbare infectieziekte? > Flashcards

Flashcards in hepatitis C: een behandelbare infectieziekte? Deck (16)
Loading flashcards...
1
Q

HCV

  • wat voor virus
  • waardoor omgeven
  • wat gebeurt er na afschrijiving
A

HepC: small single strand RNA virus van 9600 nucleotides:
- is omgeven door een kapsel van eiwitten met een lipide envelop met 2 envelop-eiwitten

  • Na afschrijving RNA-virus–> polyproteïne–> structurele eiwitten (nucleocapside en envelop GP) en niet-structurele eiwitten (betrokken bij de replicatie van het virus)
2
Q

ontdekking HCV

  • wanneer
  • hoe heette het toen
  • hoeveel genotypen en welke in NL en egypte
  • ga je bepalen genotype en waarom?
A
  • Ontdekt in 1989
  • in 1970 omschreven als non-A non-B hepatits
  • 6 genotypen HCV (misschien ook 7, 8 & 9)
  • in NL vnl type 1 en 3,
  • Egypte: hoge preva type 4
  • Bepalen genotype niet relevant want geen consequenties voor beh
3
Q

HCV wereldwijd

  • hoeveel geinfecteerd
  • hoeveel extra/ jr
  • hoeveel doden/ jr en stijgt of daalt dit
  • hoeveel % mensen in NL met HCV
  • hoeveel % mensen in Egypte met HCV
  • zijn veel mensen in NL gediagnosticeerd
A

Wereldwijd:

  • 70miljoen geïnf
  • +1-2miljoen/jr,
  • 500.000 doden/jr en stijgt ondanks goede beh
  • NL: 0,2%
  • Egype: 6-28% preva,

meesten in NL met HCV zijn niet gediagnosticeerd

4
Q
  • HCV overdracht + 3 voorbeelden
  • diagnostiek
  • – 2 typen en wat vertellen ze je
  • – genotype registratie NL?
  • – ASAT en ALAT?
  • – leverbiopt of fibroscan?
A

overgedragen via bloed-bloed contact door IV-drugs, tattoos, seks (weinig maar wel bij MSM) en nog meer

Diagnostiek:
- anti-HCV-IgG AS na 8wk aantoonbaar en blijven hele leven posi,
- als IgG posi–> HCV-RNA (=actieve infectie)
HCV-RNA: na 1-2wk te meten,

NL: genotype HCV voor registratie

ASAT en ALAT: gestegen: niet specifiek maar geven wel aan dat er hepatitis is

Via leverbiopt of fibroscan–> bepalen of leverfibrose of -cirrose

5
Q
  • vaak symp?
  • prognose?
  • genezing?
  • chronisch HCV: bij hoeveel? wat geeft dit?
  • wanneer snelle ziekteprogreessie: 7
  • wanneer normale ziekteprogressie: 2
  • waar overlijden mensen aan
A

HCV besmetting: vaak zonder/ weinig symp en goede prognose:

  • 20% geneest spontaan–> HCV RNA verdwijnt
  • 80%: ontwikkelt <6mnd chronische infectie, hiervan:
  • – 80% stabiel
  • – 20% cirrose

Ziekteprogr sneller: <20jr: man, oud, niet-kaukasisch, HCV type 3, obesitas, DM en HBV co-infectie

Ziekteprogr >30jr: normaal koffiegebruik (tot 6 kopjes) en normaal ALAT

Omdat ziekteprogressie zo lang duurt overlijden mensen meestal aan andere dingen

6
Q

HCV symp

  • normaal: 4
  • aspecifiek: 2
  • extrahepatisch: 3
A
  • malaise,
  • moe,
  • koortsig,
  • icterus,

aspecifiek:
- buikpijn,
- spierpijn,

extrahepatisch:
- nierinsuff,
- artritis,
- PCT (=huid ziekte met licht)

Bij eindstadium levercirrose:

  • ook lever-gerelateerde symp,
  • HCV-RNA kan nega zijn met anti-HCV IgG posi,
  • vaak ontdekt door HA bij routine bloedonderzoek
7
Q

Chronische HCV:

  • wanneer
  • klachten?
  • ASAT en ALAT
  • diagnose makkelijk?
A
  • als HCV-RNA >6mnd aantoonbaar
  • geen klachten of alleen aspecifieke extrahepatische
  • met mild verhoogde ALAT (30% normaal ALAT)
  • lastig te diagnosticeren
8
Q

klachten levercirrose: 5
klachten leverfalen: 3

A

levercirrose:

  • gynaecomastie,
  • erythema palmare,
  • caput medusae,
  • spider naevi en
  • tandvleesbloedingen

leverfalen:

  • diepe icterus,
  • asitis met navelbreuk
  • varicesbloeding slokdarm
9
Q

leverfibrose

  • hoe bepaalde ze vroeger ernst + nadelen hiervan –> wat doe je ipv dit nu en hoe werkt dit
  • 4 stadia
A

Leverfibrose: ernst bepaald met biopt maar risico op bloedingen–> hogere mortaliteit–> gebruiken nu fibroscan: tussen ribben–> mechanische tik–> snelheid door de lever = mate stijfheid = mate fibrosering lever

F0: geen
F1: in portale driehoek
F2: portale fibrose met een aantal septa
F3: septale fibrose–> verbinding portale driehoeken
F4: cirrose, verdringt normaal

10
Q

Extrahepatische manifestaties HCV

  • bij hoeveel %
  • 6 tekenen
A

bij tot 74%

  • slechte QOL,
  • depressie want moe,
  • vasculitis, vooral in nier–> nierfalen,
  • DM door verstoorde vethuishouding,
  • cardiovasculaire- events en
  • maligne lymfomen (tot 20jr na genezing)
11
Q

Prognose:

  • gecompenseerde cirrose
  • gedecompenseerde cirrose
A

gecompenseerde cirrose = goede prog: >12jr mediane overleving,

gedecompenseerde cirrose: mediane overleving <2jr

12
Q

behandeling

  • 2 en waarom doe je dit eigenlijk niet
  • wat is SVR
  • wat zegt SVR
  • wanneer SVR
  • kans op cirrose en HCC na SVR
  • fibrose en cirrose reversibel?
A

Beh: antivirale therapie: peg-IFN en ribavirine, maar veel bijw

Kan–> SVR (sustained virological response),

SVR = succesvolle therapie

SVR als: HCV-RNA niet in circulatie 12-24wk na antivirale therapie

Na SVR is kans op cirrose klein maar kans op HCC blijft aanwezig
- SVR is niet doel beh!

Leverfibrose is <5jr reversibel, ook levercirrose kan verdwijnen maar kost meer tijd

13
Q

DAA’s:

  • wat zijn het
  • wat doen ze
  • 3 typen + naam
  • wat doe je bij resistentie
  • wat is dan je uiteindelijke beh, hoe lang duurt dit, bijw?, waneer kan je dit gebruiken, nadeel
  • wat is het doel van je behandeling: 3
A

direct antiviral agents:
- remmen virus direct in verschillende fasen van zijn ontwikkeling

–Protease remmers (-previr) –> asuna-, dano-, sova-, sime-, falda-, boce- en telaprevir

    • NS5A remmers (-asvir)–> daclatasvir en ledipasvir
  • —– bij falen beh: NS5A-remmers resistentie

– Polymerase remmers (-buvir)–> deleo-, setro-, fili-, sofosbuvir

Resistentie: triple therapy: combo sofosbuvir, velpatsavir en voxilaprevir

Beh: combi 2 remmers:

  • duurt gem 8-12wk,
  • weinig bijw
  • enkan je ook gebruiken bij aanwezige levercirrose of na transplantatie
  • maar duur: buvir >> savir >> previr

Doel beh:

  • betere levensverw,
  • minder lever-gerelateerde morbi
  • betere QoL
14
Q

Gecompenseerde levercirrose:
- beh goed of slecht

gedecompenseerde levercirrose

  • beh goed of slecht
  • kans op SVR
  • bijw?
A

Gecompenseerde levercirrose: goed beh met DAA

gedecomp veel minder goed beh met DAA:

  • SVR-kans maar 85%
  • hoger risico op bijw,
  • ook als pt op LTx wachtlijst–> lager op lijst door beh–> nadenken of HCV behandeld moet worden voor of na Tx
15
Q

HCV voor of na levertransplantatie beh?

voor:
- biochemie?
- sterfte?
- HCC?
- MELD-score?
- SVR?
- transplantatie urgentie?

na:
- MELD-score?
- transplantatie urgentie?

A

Beh voor Tx:

  • verbetering biochemie,
  • minder sterfte op wachtlijst
  • tegen HCC
  • Lage MELD-score (<17),
  • lagere SVR na LTx,
  • lage transplantatie urgentie
  • bijwerkingen

Beh na Tx:

  • hoge MELD-score (>17)
  • en hoge transplantatie urgentie
16
Q

risico HCC en fibrose bij succesvolle HCV-beh

A

Ondanks succesvolle HCV-beh alsnog:

  • verhoogd risico op HCC
  • fibrose: na 8jr <2%
  • maar bij levercirrose na 8jr 8,5% = stijging 1% per jaar