Hormonen en neurotransmitters Flashcards Preview

Biochemie dingentjes > Hormonen en neurotransmitters > Flashcards

Flashcards in Hormonen en neurotransmitters Deck (30)
Loading flashcards...
1

De Classificatie op basis van chemische structuur

1. Peptide hormonen
2. Catecholamines
3.Eicosanoiden
4.Steroiden
5. Vit D

2

Peptide hormonen

Een aaneenschakeling van aminozuren. Een voorbeeld is insuline

3

Insuline

Wordt geproduceerd in de eilandjes van Lagerhans in de B-cellen als preprohormoon. Er is een deel signaalsequentie nodig voor het opslaan van pro-insuline in vesikels. Protease zorgt voor de laatste omzetting van pro-insuline naar insuline

4

Neuropeptiden

Dit zijn peptiden die voorkomen in neurale weefsels en ze hebben een rechtstreeks synaptisch/ onrechtstreeks modulatorisch effect op het zenuwstelsel. Ze spelen vooral in de hypothalamus een grote rol. De neurosecretorische cellen vormen zo de verbinding tussen het zenuwstelsel en het doelorgaan

5

Schildklierhormonen

Afgelied van thyrosine. Thyroglobuline is de pecursorproteine. Dit wordt gejodeerd door jodoperoxidase tot diiodetyrosine of monoiodotyrosine. Deze twee samen vormen T3 wat de actieve vorm is. of T4 wat nog actief moet worden gemaakt door Iodothyronine deiodinase

6

Vervoering van thyroiden

-thyroxine binding globulin
-albumine

7

Prostaglandine

zorgen voor een contractie van zacht spierweefsel. worden gemaakt bij koorts, ontstekingen en pijn. en werken vaat verwijdend

8

Throboxanen

Zorgen voor de bloedstolling en een reductie van bloedstroom naar de plaats waar de bloedstolling plaats vind

9

Prostacyclinen

Vorming van bloedplaatjes en dus de bloedstolling. maar ook voor vasodilatatie.

10

NSAIDs

Zorgen voor een inhibitie van cyclo-oxygenase en zo dus voor een inhibitie van prostanoiden

11

Werking Asperine

Dit zorgt voor een acetylatie van het Ser-residue en inactiveert COX zo permanent (er moeten dus nieuwe enzymen worden gemaakt dit duurt lang)

12

Werking Ibruprofen

Bind niet covalent en is dus een competatieve inhibitor.

13

COX-1

Zorgt voor de mucussecretie in het SVS dus bij remming hiervan zijn SVS problemen mogelijk.

14

Leukotrienen

lineaire pathway gekatalyseerd door lipoxygenases. Zorgen voor ontstekings verschijnselen en hebben een chemotactisch effect op leukocyten. Ze zijn sterke vasoconstictor en spelen een rol bij de broncho constrictie. (astmamedicatie werkt hier op in.)

15

Cholesterol

Belangrijkste steroid. Is essentieel voor membranen en is ook een precursor van galzuren en steroide hormonen

16

Androgenen

C19
Mannelijke geslachtshormonen. Worden ggemaakt in de cellen van Leydig. De bioactive voorm is dihydrotestosteron. Het wordt geconveteerd door 5-alfa-reductase

17

Oestrogenen

C18
Vrouwelijk geslachtshormonen. estradiol is hierbij de belangrijkste vertegenwoordiger

18

Progestagenen

C21
Vrouwelijke geslachtshormonen. worden gemaakt in het corpus luteum en placenta. Het onderhoud de uitgroeiende uterus wand. en verhindert de ovulatie

19

Glucocorticoiden

C21
Regelen koolhydraten en proteine metabolisme

20

Mineraalcorticoiden

C21
regelen de waterhuishouding (aldosteron)

21

Voltage gated Na kanalen

Zijn zeer selectief voor Na. Zeer snel, zijn kort open maar het sluiten duurt relatief lang. Het bestaat uit 4 homologe domeinen die bestaan uit 6 transmembranaire helices.
Hierbij is helix 4 de voltage sensor en helix 6 de activation gate.
Tussen 5 en 6 zit de selectiviteitsfilter en tussen 3 en 4 zit de inactivation gate.

22

lagand gated ionchannel

acetylcholinereceptor. Deze bestaat uit 5 homologe subunits die elk bestaan uit 4 transmembranaire helices. Hierbij is de tweede helix het belangrijkste. Deze bestaat uit een hydrofiel deel (ionen er door) en een hydrofoob deel (ionen er niet door).

23

Verschillende acetylcholine receptoren

-nicotine-acetylcholinereceptor = ligand gated ionchannel
-muscarine - acetylcholinereceptor = GPKR

24

Catecholamines

Worden gemaakt uit aromatische aminozuren (fenylalanine, tyrosine en trypthofaan) in het bijniermerg of in postganglionaire vezels van de sympaticus. Tevens wordt dopamine in de hersenstam gemaakt.

25

Synthese volghorde catecholamines

-Fenylalanine
-tyrosine
-L-dopa
-Dopamine
-Noradrenaline
-Adrenaline

26

Dopamine

Wordt gemaakt in de middenhersenen en zorgt voor een plezier ervaring. Alcohol en nicotine zorgen voor een verhoogde dopamine vrijstelling. Cocaïne zorgt voor een blokkage van de recyclage van dopamine (waardes blijven hoog) door het blokkeren van dopamine re-uptake transporter

27

Opioïden

-Endogene opioïde peptiden
Zoals morfine = prototypisch plantaardig opioïd. synthetische opioïden worden omgezet tot morfine

28

Heroïne

Wordt ook omgezet tot morfine. Het blokkeert de vrijgifte van GABA

29

GABA

Blokkert de vrijgave van dopamine

30

Amfetamine

-Stimuleert de vrijgifte van noradrenaline
-Stimuleert de vrijgifte van dopamine
-Stimuleert de productie van dopamine