Kennisclip 7 Flashcards

1
Q

Wie ontdekte ‘The medium is the message’?

A

Marshall McLuhan.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Wat is een gezegde van Marshall McLuhan?

A

Wat is het verschil tussen boodschap en medium? Medium is vorm, boodschap is inhoud. Vorm heeft meer invloed dan inhoud.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Waar staat een medium volgens McLuhan voor?

A

De verwijding en verbreding van de menselijke vermogens.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat valt onder de menselijke vermogens? (3)

A

Taal, zintuiglijke waarnemingen en lichamelijke ledematen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wat zijn de vier kenmerken van het typografisch discours?

A

Afstandelijke en objectieve redeneringen, rationele stijl en literaire retoriek, lineaire verhaalstructuur en nadruk op kennisverwerving en analytisch vermogen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Wat houdt ‘The Horseless Carriage Syndrome’ in?

A

Bij de introductie van een nieuw medium wordt deze in het begin op dezelfde manier gebruikt als een ouder, reeds bestaand medium. Pas als een medium ‘volwassen’ is, vervult het op eigen wijze functies.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Wanneer is een medium volwassen?

A

Wanneer 40% van de bevolking het medium gebruikt.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat betekent remediatie?

A

Ieder medium komt voort uit een ouder medium. Bij het ontwikkelen van nieuwe media speelt altijd een proces van aanpassen en opnieuw bewerken van oudere media een rol.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Wat houdt de specifieke mediawerkingtheorie in?

A

The medium is the message.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Wat betekent Global Village?

A

De wereld is een dorp geworden door de stroom van elektrische informatie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat houdt media-ecologie in?

A

Het bestuderen van de samenhang van alle gemedieerde verschijningsvormen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Op welke drie manieren kan je vanuit een mediakritisch perspectief naar de trends in het medialandschap kijke?:

A

Vanuit de politieke economie van de media, vanuit culturele studies en vanuit media-ecologie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Wat houdt de politieke economie van de media in?

A

Het uitzoeken welke machtsmechanismen schuilgaan achter mediaplatforms.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat houden culturele studies in?

A

Het achterhalen van het verband tussen alle interacties op mediaplatforms en de sociale achtergrond van deelnemers.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Waarin is de belangrijkste rol van media gelegen?

A

Construction of reality: media leveren een eigen constructie van de werkelijkheid.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Welke vraag ligt ten grondslag aan het meeste onderzoek naar massamedia?

A

Who says what in which channel to whom with what effect?

17
Q

Wat zijn de vijf deelgebieden?

A

Het zenderonderzoek (wie zendt?), het mediaonderzoek (via welk kanaal?), de inhoudsanalyse (wat is de content?), de publieksstudie (aan wie is de boodschap gericht?) en de effectenanalyse (welke invloed heeft de boodschap?).

18
Q

Op welke drie manieren krijg je meer inzicht op het medialandschap van de 21e eeuw?

A

Je kunt kijken naar de mogelijkheden om een bestaande theorie te herzien, je kunt proberen een paar bestaande theoretische concepten met elkaar te combineren of je kunt proberen nieuwe concepten te ontwikkelen.

19
Q

Wat is mediatisering?

A

Het verschijnsel van gemedieerde alomtegenwoordigheid. Media is altijd en overal te gebruiken.