M8 Flashcards Preview

TT 2 > M8 > Flashcards

Flashcards in M8 Deck (20)
Loading flashcards...
1

Wat moet je alleen kennen bij het vergelijken van gemiddelden?

We kijken alleen naar gemiddelden, proporties worden niet getentamineerd.

2

Hoe kleiner de P des te 'sterker of zwakker' het bewijs? En waartegen?

Des te sterker het bewijs tegen H0.

3

Welke type steekproeven zijn er?

Afhankelijke en onafhankelijke steekproef.

4

Leg uit: wat zijn twee onafhankelijke steekproeven?

De waarnemingen in de ene groep, hebben geen invloed op de waarnemingen in de andere groep (klassieke experiment, controle groep).

5

Leg uit: wat zijn twee afhankelijke steekproeven?

De waarnemingen zijn gecorreleerd. Er is een samenhang tussen de waarnemingen in de twee groepen. Alle proefpersonen doen beide condities.

6

De steekproeven worden ook anders behandeld. Wat is het verschil tussen de steekproeven?

Onafhankelijke steekproeven
- Steekproeven worden afzonderlijk behandeld
- We bestuderen de ''difference of means'' (het verschil tussen twee gemiddeldes)

Afhankelijke steekproeven:
- De steekproeven worden gezamenlijk behandeld
- We bestuderen de ''mean difference'' van gepaarde waarnemingen (het gemiddelde van een reeks verschilscores).

7

Hoe ziet de hypothese eruit en hoe kan je deze herformuleren?

H0: U1 = U2
HA: U1 (gek tekentje) U2

IDEM:

H0: U1 - U2 = 0
HA: U1 - U2 (gek tekentje) 0

8

Is de steekproevenverdeling tussen twee gemiddelden normaal verdeeld?

Ja, dat is normaal verdeeld. Heeft te maken met de Centrale Limietstelling.

9

Waarom staat bij de formule van de teststatistic er een ''-0'' achter?

Dit is de waarde van de nulhypothese. H0 zegt dat er geen verschil is tussen beide groepen.

10

Gebruik je bij het vergelijken van gemiddelde een eenzijdige of tweezijdige toetsing?

Dat ligt aan de hypotheses.

11

Wat zou je in plaats van een hypothesetoets kunnen uitvoeren?

Een betrouwbaarheidsinterval.

12

Waar kijkt het betrouwbaarheidsinterval naar?

Het verschil tussen de twee gemiddelden.

13

Wat is de uitspraak die je daarna kan doen op basis van het betrouwbaarheidsinterval?

We kunnen met ''95%'' zekerheid zeggen dat het verschil tussen de twee populaties tussen de ... en ... fouten ligt.

14

Waar staat de Xd voor in de formule van de test statistic > twee gemiddelden > afhankelijke steekproeven?

Dat staat voor de gemiddelde verschilscore. X1 - X2.

15

Toets je één of tweezijdig bij een betrouwbaarheidsinterval?

ALTIJD tweezijdig!

16

Wat wordt er bedoelt met een significant verschil?

Bijvoorbeeld: mensen worden gelukkiger van een kat.

17

Er staat in SPSS: sig 2 tailed. Wat betekent dat?

SPSS geeft de kansen van beide staarten samen.

18

Samengevat, geobserveerde P-waardes in SPSS. Wat moet je wel en niet doen bij de 2-tailed P-waarde.

* Als je éénzijdig toetst / 2
* Als je tweezijdige toetst, dan laat je het gewoon staan

SPSS geeft bijeen indep en dep t-test altijd de 2 tailed p-waarde (dus tweezijdig).

19

Noem vier waarschuwingen bij hypothesetoetsing.

1. H0 'niet' verwerpen, betekent niet hetzelfde als H0 aannemen.
2. De test-statistic en p-waarde zijn afhankelijk van de steekproefgrootte.
3. Soms maken we fouten, zie Type 1 en Type 2 error.
4. Er is een verschil tussen statistische en praktische significantie.

20

Teken de type 1 en type 2 error in een tabel.

Zie samenvatting.