Orthopedie 2 Flashcards

1
Q

Welke opnames worden gebruikt om heupdysplasie te diagnosticeren?

A

Ventrodorsaal (achterpoten naar achter gestrekt) of kickforce (ook ventrodorsaal, maar dan met de poten gebogen).

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Op welke plaats in het heupgewricht worden het eerst osteofyten waargenomen?

A

Aan de craniolaterale acetabulaire aflijning.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Hoe kun je aan het bekken zien of het om een kat of een hond gaat?

A

Bij de kat is het bekken veel meer langgerekt, bij de hond is het meer afgerond.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Wat zijn de voornaamste aandoeningen aan de heup van kleine huisdieren?

A

Vasculair: avasculaire necrose van de femurkop bij de hond (Legg-Perthes, vooral bij kleine rassen) of de femurnek bij de kat.

Infectieus: septische artritis.

Degeneratief: osteoartrose.

Inflammatie: epifysiolyse.

Congenitaal: heupdysplasie (vooral bij grote rassen).

Traumatisch: fractuur, coxofemorale luxatie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wat zijn de gevolgen van heupdysplasie op lange termijn?

A

De honden ontwikkelen artrose. Door chronische belasting ontstaan vervormingen in het gewricht.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Gebeurt het nemen van foto’s voor de beoordeling van heupdysplasie bij kleine huisdieren onder anesthesie of niet?

A

Ja, want het is belangrijk dat de symmetrie perfect is. Door spierrelaxatie kan men ook de poten beter positioneren.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Waarom is er een normale verwijding in het heupgewricht?

A

Dit is voor aanhechting van het ligamentum capitis ossis femoris.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat zijn de voornaamste aandoeningen van de heup bij paarden?

A

Infectieus: septische artritis, osteïtis.

Neoplasie (zeer zeldzaam in het gehele skelet).

Degeneratie: osteoartrose (zeldzaam in de heup).

Congenitaal: heupdysplasie (komt weinig voor, soms bij Shetlanders), osteochondrose, cysteus letsel.

Trauma: fractuur.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Zijn de menisci zichtbaar?

A

Normaal niet, maar ze zijn wel zichtbaar als ze gaan mineraliseren. Ze bevinden zich tussen de condylen en de tibia.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Hoe wordt een laterale opname van de knie gemaakt?

A

Vanuit mediaal. De knie die gefotografeerd zal worden, ligt op de tafel.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat ligt er caudaal van de patellaband?

A

Het infrapatellair vet. Vet is iets luscenter dan weke delen. De normale knie heeft altijd een interpatellair vetkussen. Bij een hevige vochtaccumulatie zal vocht het vet verdrukken.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Zet de volgende zaken op volgorde van meest luscent (zwart) naar meest opaak (licht):

Vet, bot, metaal, lucht, weke delen en vocht.

A
  • Lucht
  • Vet
  • Weke delen / vocht
  • Bot
  • Metaal
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

De tuberositas tibiae heeft veel variatie in zijn vorm. Hoe weet je zeker of er sprake is van een fractuur?

A

Door het beeld te vergelijken met dat van de andere kant. Normaal gezien zijn beide kanten symmetrisch.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Wat is er opvallend aan de patella bij honden?

A

Er zijn zo veel anatomische variaties, dat het nodig kan zijn om het beeld te vergelijken met dat van de andere kant.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat zijn de foramina nutricia en waar zijn deze zichtbaar?

A

Dit zijn de voedingskanalen van het bot. Op RX zijn ze zichtbaar als kleine opklaringszones. Meestal zijn ze zichtbaar op 1/3 van de femur (vanuit proximaal). Ze komen ook voor in de fossa intercondylaris.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Welke plaats in de knie wordt regelmatig verward met osteochondrose?

A

De fossa extensoria aan de laterale kant van de laterale epicondyl.

17
Q

Wat is er opvallend aan de patella van de kat ten opzichte van die van de hond?

A

De patella is langer.

18
Q

Zijn mineralisaties van de menisci van katten klinisch belangrijk?

A

Nee, wel bij honden en paarden.

19
Q

Hoeveel sesamsbeentjes bevinden zich in het kniegewricht? Wat is de functie van sesamsbeentjes?

A
  1. De functie is krachtoverdracht van pees op spier.
20
Q

Wat zijn de voornaamste aandoeningen van de knie bij honden en katten?

A

Infectieus: septische artritis.

Neoplasie: osteosarcoom.

Degeneratief: ruptuur kruisband, osteoartrose.

Inflammatie: synovitis.

Congenitaal: patella instabiliteit / luxatie, osteochondrose.

Trauma: fractuur, luxatie.

21
Q

Bij welke diersoort komen kruisbandletsels vaak voor?

A

Bij honden, door trauma en secundair artrose. Door trauma ontstaat synovitis en op lange termijn osteoartrose.

22
Q

Wat zijn de drie gewrichtscompartimenten in de knie van het paard?

A

Femeropatellair, femerotibiaal lateraal en femerotibiaal mediaal. Soms zijn de drie compartimenten met elkaar verbonden, soms zijn er slechts twee met elkaar verbonden.

23
Q

Hoeveel patellabanden heeft het paard?

A

Drie, de mediale, de middelste en de laterale.

24
Q

Hoe worden bij het paard opnames van de knie gemaakt?

A

Meestal wordt de cassette tussen de achterbenen geschoven. Als dat te gevaarlijk is, dan wordt de cassette aan de buitenkant tegen de knie gelegd en wordt de buis onder de buik gebracht. De kwaliteit is in het laatste geval slechter.

25
Q

Hoe is een lateromediale projectie van de knie van het paard te herkennen?

A

De twee condylen liggen op elkaar gesuperponeerd. De buitenste wordt altijd iets vergroot.

26
Q

Hoe kan het paard de knie op slot zetten?

A

Door het tuberculum ossis femoris van de mediale trochlea femoris.

27
Q

Wat zijn de twee meestvoorkomende aandoeningen van de knie van het paard?

A

Subchondrale botcystes van de mediale femurcondyl en osteochondrose van de laterale trochleakam femur.

28
Q

Welke opname is nodig om cystes in de knie van het paard te diagnosticeren?

A

Een caudocraniale opname.

29
Q

Welke opname wordt gemaakt bij het screenen van de knie van het paard?

A

Een Cd60 opname.

30
Q

Wat is een skyline opname van de knie?

A

Er wordt een foto genomen langs het oppervlak van de patella, terwijl de knie gebogen is. Deze opname wordt gemaakt om fracturen van de patella te diagnosticeren.

31
Q

Waarvoor kan een lateromediale opname in flexie makkelijk zijn?

A

Deze opname geeft een beter zicht op de area condylaris cranialis van de tibia. Dit is de zone waar de craniale kruisband vast hecht en ook de meniscotibiale ligamenten.

32
Q

Is een onregelmatigheid van het oppervlak van de patella en trochleakammen normaal bij een jong paard?

A

Ja, tot een leeftijd van 5 maanden. De oppervlakken zijn dan nog aan het verbenen.

33
Q

Wat is een apofyse en geef hier een voorbeeld van.

A

Een ossificatiecentrum dat niet deelneemt aan een gewricht, bijv. de tuberositas tibiae.

34
Q

Hoe verloopt de normale versmelting van de tuberositas tibiae?

A

Deze versmelt eerst met de epifyse en daarna met de metafyse.

35
Q

Wat zijn de meest voorkomende aandoeningen aan de knie van het paard?

A

Infectieus: infectieuze artritis, osteitis.

Neoplasmie.

Degeneratief: osteoartrose (meestal secundair).

Congenitaal: osteochondrose.

Trauma: fractuur, luxatie.

36
Q

Aandoeningen aan de tarsus: Wat is het verschil tussen de hond en het paard wat betreft de plaats waar deze voorkomen?

A

Bij de hond komen vooral plantair aandoeningen voor, bij het paard vooral dorsaal.

37
Q

Welke anatomische variatie kan er voorkomen op het os tarsi centrale van de hond?

A

Een mooi afgelijnde prominentie.

38
Q

Wat zijn de voornaamste aandoeningen aan de tarsus van kleine huisdieren?

A

Infectieus: auto-immune (katten) of septische artritis.

Degeneratie: osteoartrose.

Inflammatie: synovitis.

Congenitaal: osteochondrose, angulaire deformatie.

Traumatisch: fractuur, luxatie.

39
Q

Welk gewricht ontwikkelt relatief snel osteoartrose?

A

Het tarsaal gewricht van hond en kat. Als je osteoartrose op RX ziet, dan is het al vergevorderd.