College 2 H6 Flashcards Preview

Ontwikkelingspsychopathalogie > College 2 H6 > Flashcards

Flashcards in College 2 H6 Deck (10)
Loading flashcards...
1
Q

Wat is een verklaring voor de observatie dat adolescenten meer angst/heftige emoties ervaren?

A

Het limbische systeem ontwikkeld sneller dan het prefrontale systeem. Zoals je weet reguleert het prefrontale systeem de boel.

2
Q

Leg de emperische methode uit voor het bepalen van angst

A

in de CBCL bestaan geen angstsyndroom (diagnoses). Er wordt een profiel opgesteld van een kind tenopzichte van een populatie. de CBCL kent aleen een cluster anxious/depressed.

3
Q

benoem 7 criteria van specifieke fobieen

A
  1. angst voor een specifiek object of situatie
  2. dit object of situatie geeft direct angst
  3. het object wordt vermeden of doorstaan met intense angst of stress
  4. de angst is buiten proportie.
  5. consistent voor 6 maanden of langer
  6. sprake van een beperking in het dagelijks leven
  7. wordt niet beter verklaard door…..
4
Q

Wat zijn de criteria voor selective mutism

A
  1. falen om te spreken in specifieke sociale situaties
  2. beperkt functioneren
  3. op ze minst een maand
  4. komt niet door gebrek aan taalbeheersing
  5. niet verklaard door andere communicatie stoornis.
5
Q

wat speelt volgens een groot zweedse paper een grotere rol bij het overdragen van angst van ouder op kind: genen of opvoeding?

A

genen spelen een grotere rol, maar opvoeding speelt ook een rol.

6
Q

Is alleen de amygdala actief bij angst?

A

Nee, ook diverse corticale en subcorticale gebieden zijn actief.

7
Q

naast CBT, exposure en relaxation therapie. wordt ook modeling en contingency management toegepast bij het behandelen van angst bij kinderen. Wat houden de therapieen in?

A

modeling: het kind observeerd iemand “juist” gedrag vertonen in een voor het kind angstige situatie. Dit kan ook symbolisch zijn (film)

contingency management operante conditionering. exposure aan een angstige stimulus en vervolgens worden beloond voor verbetering.

8
Q

Wat is de diagnostic classification?

A

classificatie systeem voor kinderen tussen 0-3 jaar.

9
Q

Waarom moet het idee dat meiden vaker angststoornissen hebben dan jongens met voorzichtigheid worden geinterpreteerd?

A

omdat ze mogelijk (deels) het gevolg zijn van seksespecifieke verwachtingen over het tonen van angst.

10
Q

Welke drie psychosociale oorzaken geeft Rachman in zijn drie-padentheorie voor het aanleren van angsten en fobieen?

A
  • klassieke conditionering
  • modeling: leren angstig te zijn voor iets omdat een ander dit ook is
  • overdracht van informatie: ouders die vertellen aan een kind dat iets bedreigend is.