H19: Het voortplantingsstelsel Flashcards

1
Q

Wat is een meiotische deling?

A

= verloopt in 2 fases: meiose1 / meiose 2
Bij dit proces ontstaan 4 cellen of gameten die elk 23 afzonderlijke chromosomen bevatten. Deze cellen bevatten slechts 1 exemplaar van elk chromosomen paar = haploïd bij versmelting van de kernen van een mannelijk haploïde spermacel en een vrouwelijke haploïde eicel ontstaat een cel met de normale chromosomen aantal.(46)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Welk soort deling kennen de geslachtscellen en waarom?

A

Een meiotische deling omdat de cellen dan slechts 1 exemplaar van elk chromosomenpaar bevatten (haploïd). Bij het versmelten van de zaadcel en eicel ontstaat zo weer een cel met de normale chromosomenaantal (46)

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Wat is het verschil tussen mitose en meiose?

A

Meiose verloopt in twee fases, mitose in één.
Meiose zorgt voor haploiden, mitose voor diploiden
Meiose zorgt voor vier dochtercellen die verschillen, mitose zorgt voor twee identieke dochtercellen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Welke drie verschillen zijn er tussen de meiotische deling bij vrouwen en bij mannen?

A

Eicellen zijn al aanwezig voor de geboorte, zaadcellen niet
Zaadcellen zijn rijp als ze de testes verlaten, eicellen rijpen pas na bevruchting
1 stamcel zorgt voor 1 eicel (en drie poollichaampjes) of 4 zaadcellen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Wat zijn de drie mannelijke accessoire klieren?

A

Zaadblaasjes, prostaatklier en cowperklieren
> Zorgen voor de rest van het zaadvocht

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Welke functie heeft de musculus cremaster?

A

Het is een laag spierweefsel dat kan samentrekken om de testes verder/dichter bij het lichaam te brengen.
De aanmaak van zaadcellen gebeurt het best in een temperatuur die 1,1°C onder de kerntemperatuur ligt.
Afhankelijk van omgevingswarmte kan de musculus cremaster samen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Bespreek de bouw van een spermacel

A

Kop, hals, midden en staart
23 chromosomen in celkern
Zweephaar/flagella om voort te bewegen (ATP nodig)
Bovenaan de kop een acrosoom: die bevat enzymen die nodig zijn voor bevruchting

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Wat is capacitatie van spermacellen?

A

Het beweeglijk maken van de flagella

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Welke twee voorwaarden zijn er voor een goede capacitatie?

A
  1. Spermacellen zijn gemengd met klierproducten van de vesica seminales/zaadblaasjes
  2. Komen in contact met het interne milieu van de vrouwelijke vagina
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Wat is de functie van de zaadblaasjes?

A

Maakt een klierproduct dat belangrijk is voor de eerste stap in capacitatie van zaadcellen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Wat is de functie van de prostaatklier?

A

Maakt oa een eiwit aan met antibiotische eigenschappen. Voorkomt infectie in urinewegstelsel

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Wat is de functie van de cowperklier?

A

Geeft een slijm af dat restjes urinezuur neutraliseert en smeert de glans

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Uit welke bestanddelen bestaat ejaculaat?

A

Zaadcellen (tenzij de man een vasectomie kreeg)
Enzymen
Zaadvocht afkomstig van zaadblaasjes, prostaat, cowperklier, steuncellen en epididymis

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Hoeveel ejacultaat wordt gemiddeld geloosd?

A

2-5ml

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Wat is de epididymis?

A

Bijbal, opslagplaats voor aangemaakte zaadcellen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Waar wordt een zaadcel gemaakt? Waar rijpt hij?

A

De meiosedeling van stamcel naar zaadcellen gebeurd aan de rand van een testiskanaaltje. De rijping zorgt ervoor dat de zaadcel naar het midden van een testiskanaaltje gestuwd wordt

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
17
Q

Waar kunnen rijpe zaadcellen opgeslagen worden?

A

Epididymis of begin van ductus deferens

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
18
Q

Wat zijn sertolicellen?

A

Cellen die zich ontwikkelende zaadcellen voeden.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
19
Q

Wat zijn interstitiële cellen?

A

Cellen die rond het testiskanaaltje liggen. Cellen die hormonen aanmaken als testosteron.

20
Q

Waarom heeft een zaadcel buitengewoon veel mitochondriën?

A

Om ATP aan te maken zodat er energie is voor de flagella.

21
Q

Latijnse naam van zaadblaasje

A

Vesica seminales

22
Q

Latijnse naam voor cowperklier

A

Glandulau Bulbourethralis

23
Q

Bespreek het erectief weefsel van de man

A

Zwellichamen.
2x corpus cavernosum
1x corpus spongiosum: omvat de urethra en vormt de glans

24
Q

Wat is nodig om een erectie te bekomen?

A

Parasympatische stimulering

25
Q

Wat zijn vijf belangrijke functies van testosteron?

A
  1. Stimuleren van sertolicellen
  2. Verhogen van libido
  3. Stimuleren van groei van spieren en botweefsel
  4. Stimuleren van secundaire geslachtskenmerken
  5. Stimuleren van klieren en organen van mannelijk voortplantingsstelsel
26
Q

Welke fasen kent de ovariële cyclus?

A

Folliculaire fase en luteale fase (ertussen ovulatie)

27
Q

Welke fasen kent de menstruatiecyclus? Wanneer doen ze zich voor als je uitgaat van een menstruatiecyclus van 28 dagen?

A

Dag 1-7: Menstruatiefase
Dag 7-14: Proliferatiefase
Dag 14-28: Secretiefase

28
Q

Welke hormonen werken in op de ovaria? Vanwaar komen die?

A

FSH en LH
Komen vanuit de hypofyse voorkwab. De hypothalamus werkt in op de hypofyse voorkwab door GnRH af te geven.

29
Q

Ovaria produceren op hun beurt ook twee hormonen die invloed hebben op de uturus. Welke?

A

Oestrogenen en progesteron

30
Q

Bespreek de ovariële cyclus

A

Al voor de geboorte start de oögenese: meiose 1 begint voor de geboorte en is pas voltooid na de puberteit. Je krijgt dan een secundaire oöcyt en follikelcellen. Samen vormt dat een secundair follikel.

Cyclus duurt gemiddeld 28 dagen. Start bij menarche.
Folliculaire fase: dag 0-14
FSH stimuleert het secundair follikel en dat ontwikkelt zich verder tot een tertiair follikel/graafs follikel. Die ontwikkeling is vermenigvuldigen van follikels. Secundaire oöcyt blijft hetzelfde. Het Graafs follikel geeft oestrogenen af.
LH stimuleert het follikel om een eicel af te geven en nadien stimuleert het het lege follikel om zich te ontwikkelen tot een corpus luteum/geel lichaam.

Luteale fase: dag 14-28
Het corpus luteum ontwikkelt zich. Het maakt een hormoon aan: progesteron.
Zonder bevruchting begint na een week de degeneratie van corpus luteum (en dus ook steeds minder progesteron). Progesteron houdt niet langer de functionele laag van het endometrium in stand > afbraak/menstruatie

31
Q

Hoe noem je het als een meisje de eerste keer menstrueert?

A

De menarche

32
Q

Wat zijn de 6 functies van oestrogenen?

A
  1. Effect op geslachtsdrift
  2. Effect op spier en botgroei
  3. Secundaire geslachtskenmerken
  4. Werken in op klieren en organen van vr voortplantingsstelsel
  5. Stimuleren groei van functionele laag van endometrium van uturus
  6. Regelt mee de afgifte van LH (voor dag 10 remming en na dag 10 stimulering)
33
Q

Welke functies heeft progesteron?

A
  1. Groei en secretie van het endometrium
  2. Stijging van lichaamstemperatuur (0,3-0,5°C) door verhoging van stofwisseling
34
Q

Bespreek de mentruele cyclus adhv zijn fases.

A

Proliferatiefase: groei van functionele laag van het endometrium onder invloed van oestrogeen (aangemaakt door graafs follikel)
Secretiefase: groei en secretie van klierproduct van het endometrium wordt gestimuleerd door progesteron (aangemaakt door corpus luteum)
Menstruatie: oestrogeen en progesteron dalen waardoor functionele laag van endometrium niet wordt onderhouden en wordt afgestoten.

35
Q

Wat zijn de functies van een ovarium?

A

Vorming van eicellen
Afgifte van vrouwelijke geslachtshormonen (oestrogenen en progestagenen)
Afgifte van inhibine

36
Q

Uit welke vier delen bestaat de tuba uterina?

A
  1. Filmbriae (vingervormige uitstulpsels)
  2. Infundibulum (trechter)
  3. Ampulla
  4. Isthmus
37
Q

Hoe lang blijft een eicel in de eileider?

A

3 à 4 dagen

38
Q

Waar vindt de bevruchting plaats?

A

In de tuba uterina.

39
Q

Welke twee delen heeft de uterus?

A

Corpus uteri met fundus, cavum en isthmus
en cervix uteri

40
Q

Hoe heet de baarmoedermond/opening van uterus naar vagina?

A

Ostium uteri

41
Q

Uit welke drie lagen bestaat de wand van de uterus?

A

Van buiten naar binnen:
Perimetrium
Myometrium (glad spierweefsel)
Endometrium (slijmvlies) met basale laag en functionele laag (met cyclische veranderingen)

42
Q

Wat zijn de functie van de vagina?

A

Doorgang menstruatiebloed
Ontvangen penis geslachtsgemeensschap
Doorgang voor foetus

43
Q

Wat is het vestibulum?

A

Afgebakende zone van de kleine schaamlippen dat clitoris, urethra en vagina bevat

44
Q

Uit welke delen bestaat de clitoris?

A

Corpus, glans en crus

45
Q

Wat is het velletje dat de glans bedekt?

A

Preputium

46
Q

Wat zijn bulbi vestibuli?

A

Zwellichamen van de vrouw
Worden gestimuleerd door parasympatisch zenuwstelsel.

47
Q

Wat zijn de functies van de bekkenbodemspieren?

A
  • Afsluiten van de onderkant van de bekkenholte. (preventie van lage rugpijn)
  • Vaste basis vormen voor de sfincters
    (preventie van incontinentie)
  • Ondersteunen van zwellichamen om bloed vast te houden
    (preventie seksuele disfuncties)