HC 24 Diagnostiek AML – cytogenetica Flashcards

1
Q

Cytogenetica

A
  • Constitutioneel: genetisch aangeboren afwijkingen
    o Prenatale cytogenetica: vruchtwater en vlokken diagnose voor de geboorte
    o Postnatale cytogenetica: bloed en weefsel diagnose na geboorte
  • Verkregen
    o Tumor cytogenetica: beenmerg/tumorweefsel diagnose van de leukemie of tumor
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Chromosomale en genetische afwijkingen (verkregen)

A
  1. Numerieke afwijkingen: chromosoom teveel/ te weinig
  2. Structurele afwijking
    a. Gebalanceerd: er gaat geen genetisch materiaal verloren (Translocatie, inversie en insertie)
    b. Ongebalanceerd: er gaat wel genetische informatie verloren (Deletie, amplificatie, ongebalanceerde translocatie en genmutatie)
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

CML chromosoom afwijking

A
  • De philadelphia translocatie: t(9:22)(q34;q11)
    o Zorgt voor het oncogene eiwit BCR-ABL
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

AML chromosoom afwijking

A

a. t(8:21)/(q22:q22): goede prognose
b. inv(16)/t(16:16): goede prognose

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Karyotypering

A
  • Metafasen opnemen, analyseren en karyogram maken
  • Karyotype: chromosomen bij elkaar opzoeken en dan kijken of ze wel geheel kloppen
  • Er zijn goede en slechte risico afwijkingen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

FISH

A
  • Probe: stukje DNA waarvan je exact weet waar het ligt
  • Labelen met fluorescerende stof
  • Metafase FISH: FISH op gekweekte (delende) cellen
    o lymfocyten, leukocyten (beenmerg/bloed), solide tumoren
  • Interfase FISH: FISH op kernen van niet/slecht delende cellen
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

FISH voordelen

A
  • De cellen hoeven niet te delen om zichtbaar te zijn
  • Het is een snelle analyse
  • Detectie cryptische translocaties
  • Er zijn weinig cellen nodig
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

FISH nadelen

A
  • Je kan alleen zoeken naar al bekende mutaties
  • Gelimiteerde gevoeligheid voor afwijkingen
  • Er kunnen niet veel targets tegelijk worden onderzocht
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

SNP-array

A
  • Er wordt gekeken naar het hele genoom ipv kleine
    stukjes
  • De DNA streng van de moeder wordt vergeleken met die van de vader
  • Zit er een mutatie in één streng dan zijn ze niet gelijk en
    kleurt het geel
  • Alleen ongebalanceerde mutaties → er kunnen deleties
    en amplificaties mee bekeken worden
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly