Hfst 2 Flashcards

1
Q

Descriptoren

A

Inhoudelijke rubrieken waarmee we iemands werk beschrijven en analyseren, bestaande uit taken en verantwoordelijkheden, psychologische vereisten en contextuele aspecten.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

SME’s =

A

Subject Matter Experts die info over werkdescriptoren kunnen verschaffen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

voordelen observatie

A
  • We zien wat iemand doet itt tot wat ze enkel zeggen
  • Geschikt voor observeerbare psychomotorische taken wanneer men deze niet goed kan beschrijven
  • Biest aanknopingspunten voor een interview
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

Nadelen observatie

A
  • Enkel observeerbare taken
  • Niet voor functies met mentale processen
  • Aanwezigheid van de observator kan een invloed hebben
  • Observator met vakkennis is vereist
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Voordelen interview

A
  • individuen zijn sneller bereid zich te laten interviewen
  • vooral geschikt voor functies met veel mentale processen
  • kwalitatieve info
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Nadelen interview

A
  • sociale wenselijkheid
  • tijdrovend en dus duur
  • soms weinig standaardisatie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

Voordelen vragenlijst

A
  • Vergt weinig tijd van de werknemer
  • Groot publiek te bereiken
  • Kwanititatieve info
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Nadelen vragenlijst

A
  • Sociale wenselijkheid
  • Lage responsrates
  • Opstellen duur
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Voordelen logboek

A
  • Vergt weinig voorbereiding
  • Goedkoop en makkelijk
  • Voor moeilijk te observeren functies
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

Nadelen logboek

A
  • Als het nieuwe eraf is wordt het een sleur

- Onvolledig invullen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

Voordelen bestaand materiaal

A
  • Handig, goedkoop en snel

- Interessant als aanvullend materiaal want is redelijk objectief

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Analyse-eenheden

A

Functie > opdrachten > taken > elementen > bewegingen

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

functiebeschrijving =

A

De systematische en gedetailleerde beschrijving van de inhoud en alle activiteiten in een functie. Dit is vooral taakgeoriënteerd.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

functieanalyse =

A

Het systematisch bepalen van alle eisen die een functie aan zijn beoefenaar stelt en de mate waarin de eisen gesteld worden. Dit is vooral persoonsgeoriënteerd.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Functional Job Analysis (FJA)

A

Steunt op de premisse dat alle functies betrekking hebben op data, people en things. SME’s vullen beoordelingsschalen in en beoordelen de relatieve betrokkenheid op elk domein.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Taakvragenlijst

A

Het opstellen van een vragenlijst via observatie met een reeks taken en deze vervolgens laten beoordelen door functiehouders. De uiteindelijke taken bepalen de vereiste kennis, attitudes en vaardigheden.

17
Q

Job Element Method (JEM)

A

SME’s de persoonskenmerken laten bepalen van werknemers die hun job zeer goed uitvoeren. Deze methode heeft echter een zeer lage betrouwbaarheid.

18
Q

Narratieve taakbeschrijving

A

Uit een interview met functiehouder en leider worden verschillende taken geïdentificeerd.

19
Q

Narratieve functiebeschrijving

A

Specificatie van persoonskenmerken voor een taak of over taken heen.

20
Q

Kritische incidententechniek

A

Nadenken over specifieke voorbeelden waarin werknemers zich aanvaardbaar of onaanvaardbaar gedragen.

21
Q

Competentie-analyse

A

Competenties worden top-down bepaald obv de organisatiestrategie. Er worden gedragsindicatoren opgesteld per competentie via focusgroepen of interviews. Er wordt minder aandacht besteed aan traditionele taken en meer aan kennis, vaardigheden en attitudes. Vooral geschikt voor ontwikkelingsgerichte HR-activiteiten.

22
Q

Kritiek op competentiemanagement

A
  • Wat zijn competenties precies?
  • Nauwelijks empirisch bewezen
  • Organisaties gebruiken allemaal dezelfde individuele competenties terwijl deze bedrijfsspecifiek zouden moeten zijn (want gebaseerd op organisatiestrategie)
  • niet handig om eenvoudige eigenschappen af te leiden
23
Q

Competentiemanagement

A

Vanuit de kerncompetenties en individuele competenties (functiespecifiek) wordt een competentieprofiel opgesteld. Deze wordt vergeleken met een personeelsevaluatie en er wordt een gap-analyse uitgevoerd, die aanleiding geeft tot bepaalde HR-technieken.

24
Q

Cognitieve taakanalyse

A

Wilt inzicht verwerven in de mentale activiteiten die experts gebruiken om hun functie uit te oefenen. Deze techniek beoogt in te spelen op de ontwikkeling van de kenniseconomie, teamwerk en nieuwe technologie zoals robots en machines.

25
Q

Takenhomogenisering

A

Taken bundelen van dezelfde functie van dezelfde moeilijkheidsgraad.

26
Q

Het nieuwe werken

A

Tijd- en plaatsonafhankelijk werken waarbij werknemers in een Results Oriented Work Environment werken, waar de nadruk vooral ligt op het behalen van doelstellingen en resultaten.