Les 5 (5.1) Flashcards Preview

Bedrijfseconomie 2e bach 1e sem > Les 5 (5.1) > Flashcards

Flashcards in Les 5 (5.1) Deck (34)
Loading flashcards...
1
Q

wat zegt de theorie van het comparatieve voordeel

A

land specialiseert zich in producten/diensten de men efficiënter kan produceren of leveren dan een ander product/dienst in vergelijking met andere landen

2
Q

op welke 2 manieren kan de internationale handel kunnen worden gemeten

A

handelsbalans

betalingsbalans

3
Q

leg de handelsbalans uit (formule + wanneer de waarde < of > dan 0)

A
4
Q

formule bij de betalingsbalans + 3 soorten nationale rekeningen

A
5
Q

welke 4 soorten lopende rekeningen heb je

A

goederenrekening

dienstenrekening

inkomensrekening

inkomensoverdrachtenrekening

6
Q

leg de goederen- en dienstenrekening uit bij de lopende rekening

A

de goederen- (of diensten-) rekening = alle transacties die te maken hebben met export (= ontvangsten) en import (= betalingen) van goederen (of diensten)

7
Q

leg de inkomensrekening uit bij de lopende rekening + vb.

A

de inkomensrekening = productiefactoren die geleverd worden aan (= ontvangsten) of gebruikt van (= betalingen) het buitenland

+ vb. Belgische werknemer die werkt in Nederland, de betaling van het loon komt dan als ontvangst op de inkomensrekening

8
Q

leg de inkomensoverdrachtrekening uit bij de lopende rekening + vb.

A

de inkomensoverdrachtenrekening = bedragen die betaald worden aan of ontvangen van het buitenland, maar waar geen directe tegenprestatie voor wordt verwacht. het geld wordt gebruikt voor consumptie doeleinden

+ vb. ontwikkelingshulp

9
Q

welke 2 soorten kapitaalrekeningen zijn er

A

financiële rekening

vermogensoverdrachtrekening

10
Q

leg de financiële rekening uit bij de kapitaalrekening

A

financiële rekening = alle transacties die te maken hebben met buitenlandse investeringen, beleggingen en kredietverlening

11
Q

leg de vermogensoverdracht rekening uit bij de kapitaalrekening + vb.

A

vermogensoverdrachtrekening = bedragen die betaald worden aan of ontvangen van het buitenland, maar waar geen directe tegenprestatie voor wordt verwacht. het geld wordt gebruikt voor investerings-doeleinden

+ vb. ontwikkelingshulp via bedragen voor investeringen voor waterputten

12
Q

leg de salderingsrekening uit + gevolg

A
13
Q

wat is formeel evenwicht

A
14
Q

wat is materiaal evenwicht

A

materiaal evenwicht = totale betalingen aan het buitenland zijn gelijk aan de totale ontvangsten uit het buitenland (in dezelfde periode)

15
Q

wat zorgt voor beperkingen op de internationale handel + 2 onderverdelingen

A

protectionistische maatregelen

+ tariff barriers en non-tarrif barriers

16
Q

welke soort tarrif barrier gaan we zien + uitleg

A
17
Q

welke 6 soorten non-tariff barriers gaan we zien

A

quota’s

embargo’s

sancties

beperkende importstandaarden

subsidies

dumping

18
Q

leg quota’s uit bij de beperkingen op internationale handel + vb.

A

beperkingen in de hoeveelheid van een product dat gedurende een jaar ingevoerd mag worden

+ vb. VS met de staalindustrie

19
Q

leg embargo’s uit bij de beperkingen op internationale handel + vb.

A

compleet verbod op import of export van een bepaald goed of zelfs handel tussen 2 landen

+ vb. Russisch embargo tegen Europese landbouwproducten

20
Q

leg sancties uit bij de beperkingen op internationale handel + vb.

A

politiek gemotiveerde embargo’s die alle relaties stopzetten, dikwijls in het kader van oorlog

+ vb. sancties tegen Rusland me Oekraïne ofcourse again

21
Q

leg beperkende importstandaardaarden uit bij de beperkingen op internationale handel a.d.h.v. een vb.

A

vb. buitenlandse producenten moeten aan een licentie voldoen om te mogen importeren, en de procedure om de licentie te verkrijgen is zo zwaar dat de meeste bedrijven er niet aan beginnen

22
Q

leg subsidies uit bij de beperkingen op internationale handel

A

overheid geeft subsidies aan eigen producten, buitenlandse producenten kunnen hierdoor moeilijk concurreren

23
Q

leg dumpen uit bij de beperkingen op internationale handel + voordeel

A

in grote hoeveelheden verkopen tegen prijzen die ver onder de kostprijs liggen

+ voordeel bij export: product goedkoper dan lokaal geproduceerd product

24
Q

op welke andere manier kan je protectionistische maatregelen indelen

A

in handelsbeperkingen

en andere vormen van protectionisme

25
Q

geef de protectionistische maatregelen onderverdeeld in handelsbeperkingen (4)

A

invoerrechten

quota’s

embargo’s

sancties

26
Q

geef de protectionistische maatregelen onderverdeeld in ‘andere vormen van protectionisme’ (3) + algemene uitleg

A

algemeen: eigen producenten ‘voortrekken’, door hen een concurrentieel voordeel te geven via:

beperkende importstandaarden

subsidies

dumpen

27
Q

wat is de wisselkoers

A

de relatieve prijs van verschillende geldsoorten, waarbij de prijs van een valuta wordt uitgedrukt in een andere valuta

28
Q

leg harde of sterke munt uit bij de wisselkoers + 2 voordelen en nadelen

A
29
Q

leg zwakke munt uit bij de wisselkoers + 2 voordelen en nadelen + waar moet je op letten

A
30
Q

welke 3 soorten wisselkoersen zijn er

A

zwevende wisselkoers

beheerst zwevende wisselkoers

vaste wisselkoers

31
Q

leg de zwevende wisselkoers uit

A

wisselkoers wordt bepaald door mondiale vraag en aanbod. Dit verschilt van dag tot dag

32
Q

leg beheerst zwevende wisselkoers uit

A

ongewenste schommelingen in wisselkoers worden opgevangen door monetaire autoriteiten (vb. National bank) door verkoop of aankoop eigen valuta

33
Q

leg vaste wisselkoers uit

A

monetaire autoriteiten interveniëren met eigen valutareserves om wisselkoers tussen bepaalde marges te houden, om koersschommelingen tussen voornaamste handelspartners te beperken.

34
Q

welke 2 andere grote handelsblokken zijn er naast de EU + uitleg

A

NAFTA: North American Free Trade Agreement: VS, Canada, Mexico

APEC: Asia-Pacific Economic Council: landen rond de pacific he