Algemeen en eerste lijn Flashcards Preview

Ziekteleer > Algemeen en eerste lijn > Flashcards

Flashcards in Algemeen en eerste lijn Deck (55)
Loading flashcards...
1

Meestvoorkomende klachten bij huisarts

Hypertensie en urineweginfecties

2

Shared decision making

Wordt steeds belangrijker. Door de techniek wordt er steeds meer mogelijk. Met de patiënt in gesprek gaan wat wijsheid is.

3

Communicatiemethoden huisarts

Je gebruikt verschillende methoden. We gaan steeds meer toe naar deliberatief model.

4

Context specifieke communicatie

Daarin zitten consultfactoren, patiëntfactoren, artsfactoren.

5

Uitgangspunt huisarts en POH-GGZ

- Huisarts als poortwachter
- (vermoeden op) DSM-diagnose noodzakelijk voor verwijzing naar GGZ

6

Ouder worden van de hersenen:

verminderde bloedtoevoer > flauwvallen treedt vaker op

verandering van gehalten van veel chemische stoffen > verwardheid treedt vaker op

verminderd functioneren van het centrale zenuwstelsel > geestelijk functioneren gaat achteruit en bijv het vermogen om het evenwicht goed te bewaren en goed
te lopen neemt af

7

Ouder worden van de ogen

Verstijving van de lens > moeite met scherpstellen op voorwerpen op korte afstand

Netvlies is minder gevoelig voor licht > moeite met zien bij zwak licht

Staar > licht komt moeilijker door de lens > moeite met zien bij zwak licht

Pupillen reageren trager > moeite met snelle aanpassing aan veranderingen in
lichtsterkte

8

Ouder worden van de oren

minder goed in staat om hoge frequenties te horen > moeite met verstaan van
stemmen

9

Ouder worden van het hart

Het hart kan minder versnellen, harder pompen en minder goed aanpassen.

verminderde versnelling van de hartslag > flauwvallen treedt vaker op

Afname maximaal hartminuutvolume > minder goed in staat om inspannende activiteiten uit te voeren

Verstijving van hartspieren > hartfalen treedt vaker op
verminderde reactie op bepaalde stimulerende prikkels > verminderde toename van hartslag

10

Ouder worden van de longen

Minder luchtverplaatsing bij iedere ademhaling > minder goed in staat om inspannende activiteiten uit te voeren

Minder zuurstof afgestaan aan het bloed> moeite met ademhalen op grote hoogten

11

Ouder worden van het bloed

Het bloed 'slijt', waardoor je minder goed tegen bloedverlies kunt.

Verminderde aanmaak van rode bloedcellen > verminderde reactie op bloedverlies
of lage zuurstofwaarde

12

Ouder worden van de gewrichten:

Arthrose (kraakbeendegeneratie)

gewrichten verliezen kraakbeen > slijtage
(arthrose) > pijn en stijfheid

Gewrichten hebben ook last van overgewicht. Vet in het bloed zorgt voor versnelde slijtage.

13

Operatieve mogelijkheden voor arthrose:

Bij alle gewrichten: vastzetten, prothese of pijnstilling

• Schoonmaken gewricht (nettoyage)
• Standsverandering botten (osteotomie)
• Vervanging gewricht (kunstgewricht,
gewrichtsprothese, totaal of half)
• Stijfzetten gewricht (arthrodese)
• Verwijdering gewricht (resectieplastiek)

14

Complicaties bij gewrichtsprothese

Slijtageproducten van de prothese lossen het bot op (chemisch proces, ontstekingsreactie van het lichaam op slijtageproducten, dat vocht maakt het bot kapot)

- Infectie (vroeg of laat)
• Luxatie
• Malpositie
• Loslating (vroeg of laat)
• Slijtage

15

Ouder worden van de botten:

• botten verliezen dichtheid en massa >
botontkalking (osteoporose) > fracturen

16

Gebroken heup:

• Probleem: Brabant  NL  Wereldwijd
• 1.66 miljoen (1990)  6.26 miljoen (2050)
• Steeds meer
• Ouder en zieker
• Kost veel geld
• Quality of Life?


• Doelen interventie:
- verbeteren kwaliteit van leven
- minimaliseren complicaties / invaliditeit

17

Wel/niet opereren

Vroeger ging je bij een gebroken heup altijd opereren, want anders zouden mensen doodgaan. Tegenwoordig wordt er meer naar de kwaliteit van leven gekeken. Bijv als mensen van te voren al niet meer konden lopen.

Korte en lange termijn uitkomsten t.a.v.:
- mortaliteit
- lichamelijk-, psychisch-, sociaal functioneren
- (HR)QoL
- zorgkosten

18

gevolgen van multimorbiditeit voor de
zorg

• Multimorbiditeit leidt tot minder positieve
uitkomsten van de zorg.
• De zorg voor mensen met multimorbiditeit leidt tot
meer complicaties van behandelingen, tot langduriger
verblijf in het ziekenhuis, tot hogere zorgkosten en tot
een hogere sterfte in vergelijking met de zorg voor
mensen met één chronische aandoening.
• Soms is hierbij sprake van een additief effect (de
uitkomsten zijn een optelsom van de uitkomsten van
de zorg voor de afzonderlijke ziekten), maar soms is
het effect groter.

19

Verschil multimorbiditeit en comorbiditeit

• Multimorbiditeit = meerdere ziekten, maar die niet aan elkaar gerelateerd zijn.

• Comorbiditeit = meerdere ziekten die gerelateerd zijn aan elkaar.

20

Toename van het aantal
chronisch zieken en multimorbiditeit

• vergrijzing
- meer screening en aandacht voor symptomen
• meer aandacht, behandeling en overleving
- betere registratie
- toename niet alleen in totale bevolking, maar ook binnen leeftijdsgroepen (we vinden/screenen meer chronische ziekten en we kunnen er meer aan doen)

21

Multitraumatise

ISS = injury severity scale (hoe meer punten hoe slechter je eraan toe bent)

ISS >16

• Golden hour
• ATLS Advanced trauma life
support

Protocol is defensief, vrijwel niets wordt
gemist

22

Posttraumatische dystrofie

• ook wel ‘complex regionaal pijnsyndroom’
genoemd
• is een aandoening die op kan treden na een
letsel of een operatie aan een arm of been
• abnormaal sterke reactie van het lichaam op
een letsel of operatie

• ontstaanswijze nog niet goed bekend
• in Nederland ca. 8000 mensen per jaar
symptomen
• begint met snel optredende pijn, die op den
duur chronisch wordt
• pijn komt niet overeen met de ernst van het
letsel

Aanraking doet pijn, pijn is buitenproportioneel.

• pijn (die bij inspanning toeneemt),
• een gezwollen lichaamsdeel,
• verschil in huidtemperatuur (warm bij een
warme dystrofie, koud bij de koude dystrofie),
• huidverkleuring van het aangedane gebied
(rood of blauw),
• verminderde beweeglijkheid en pijn bij het
aanraken van de huid.

23

Kosten zorg NL

In vergelijking met de rest van Europa is de zorg niet eens heel duur, maar het percentage kosten voor de ouderen is hoger in NL

Percentage boven de 65 wordt steeds groter

24

Slijtage:

80% van alle slijtage is aanleg, zit in je DNA. 10% is roken en 10% is ongeval.

Meestvoorkomende slijtage is bij je duim.

25

Reuma

Auto-immuunziekte. Je eigen afweer breekt cellen af.

26

Boodschap uit artikelen slijtende mens

We moeten patiënten in zijn geheel zien. Maar als we een beeld hebben hoe hoog het risico op morbiditeit is bij die patiënt, wat moet je daar dan mee doen?

(oudere) kwetsbare patiënten hebben maar weinig compensatieruimte, dus je moet ze nauw regelen. Daarom moet je naar de patiënt risico-kaart kijken en naar de patiënt als geheel. Door kleine veranderingen (bijv. foto familie, klok ophangen etc) kun je een delirium voorkomen.

Als mensen ouder worden en chronisch ziek zijn kost dat veel geld.

27

De complexe zorg voor patiënten met
multimorbiditeit heeft idealiter de volgende
kenmerken:

- medisch-generalistisch (totaalplaatje) én medisch-specialistisch
- zoveel mogelijk extramuraal (goedkope setting, niet in het ziekenhuis)
- multidisciplinair
- zorg-op-maat (bijv. andere behandeling bij iemand met veel levensvreugde tov een dement persoon)
- aandacht voor de rol van de informele zorg (foto van gezin op het nachtkasje)
- patiëntgerichte bekostiging

28

Traumatologie

Ongeveer een miljoen op de SEH per jaar.

29

Gecompliceerd en niet-gecompliceerd

Gecompliceerd = gebroken met open wond (daar houd je altijd iets aan over)

Niet-gecompliceerd = niet open

30

Van werk naar werkloos/inactief

Groot negatief effect op geestelijke gezondheid (mannen > vrouwen). Het effect is groter in vergelijking met een ongeval of verlies van partner.

Andersom (werkloos naar werk) verbetert de geestelijke gezondheid.