Term die tijdgenoten gebruikten om snelle economische groei te beschrijven, vaak gebaseerd op de consumentensector, in West-Europa na de Tweede Wereldoorlog.
Economic Miracle
Naoorlogse vluchtelingen, waaronder 13 miljoen Duitsers, voormalige nazi-gevangenen en dwangarbeiders en weeskinderen
Displaced Persons
Een postkoloniaal systeem dat de westerse economische uitbuiting in voormalige koloniale gebieden bestendigde
Neocolonialism
Een economische organisatie van communistische staten bedoeld om Oostbloklanden te helpen bij de wederopbouw onder auspiciën van de Sovjet-Unie.
COMECON
Door de Sovjet-Unie gesteunde militaire alliantie van communistische Oostblok Landen in Europa
Warsaw Pact
Door de overheid geleide programma’s in West-Europa om arbeidskrachten te werven voor de bloeiende naoorlogse economie
Guest Worker Programs
De rivaliteit tussen de SU en de VS die een groot deel van Europa tussen 1945 en 1989 verdeelde in een communistisch blok dat aan de Sovjet-Unie gelieerd was en een kapitalistisch blok dat aan de VS gelieerd was.
Coldwar
De Noord-Atlantische Verdragsorganisatie, een anti-Sovjet militaire alliantie van westerse regeringen
NATO
De naoorlogse ommekeer in de overzeese expansie van Europa veroorzaakt door de stijgende vraag van de gekoloniseerde volkeren zelf, de afnemende macht van de Europese naties en de vrijheden beloofd door de idealen van de VS en de Sovjet-Unie.
De-Colonization
De naoorlogse migratie van mensen uit voormalige koloniën en de derde wereld naar Europa
Postcolonial Migration
De liberalisering van de post-Stalin SU onder leiding van Chroesjtsjov
De-Stalinazation
De Europese Economische Gemeenschap, in 1957 opgericht door zes Europese landen als onderdeel van een groter streven naar Europese eenheid.
Common Market
Centrum-rechtse politieke partijen die aan de macht kwamen in West-Europa na WO2
Christian Democrats
Beleid van postkoloniale regeringen om neutraal te blijven in de CW en zowel VS als SU te bespelen voor wat ze konden krijgen
Nonalignment
Artistieke beweging die het dictaat van de communistische idealen volgde, afgedwongen door staatscontrole in de SU- en Oostbloklanden in de jaren ‘50 en ‘60.
Socialist Realism
Amerikaans plan voor economische hulp aan West-Europa bij de wederopbouw. Communistische landen accepteerde deze hulp niet.
Marshall Plan
Amerika’s beleid gericht op het inperken van het communisme in de landen die al onder controle van de Sovjet-Unie stonden
Truman doctrine