Hoorcollege 5 Flashcards Preview

Wetenschapsfilosofie > Hoorcollege 5 > Flashcards

Flashcards in Hoorcollege 5 Deck (24):
1

Recapitulatie

Recapitulatie
In het debat wat kennis is zijn twee posities: rationalisme & empirisme (& Kants alternatieve
combinatie);
Men is het eens: echte kennis wordt geleverd door de wetenschap (logisch positivisme).
Empiristische demarcatiecriteria falen (verifieerbaarheid & confirmeerbaarheid).
Vandaag: een rationalistisch alternatief – dat van Karl Popper.
“Everybody knows nowadays that logical positivism is dead. But nobody suspects that there
may be a question to be asked here – the question „Who is responsible?‟, or, rather, „Who has
done it? [...] I fear that I must admit responsibility.”
Karl Popper
Popper zegt dat hij het logisch positivisme om zeep heeft geholpen. Hij is zeker geen logisch
positivist. In sommige aspecten lijkt hij wel op een logisch positivist.
“Naturally, one is inclined to adduce Sir Karl Popper's work [...], but though Popper carried
on an intensive and fruitful exchange of ideas with various logical positivists [...] he has
consistently represented himself as an outside critic of the movement, and he cannot,
therefore, be reckoned among its proponents.”
Carl G. Hempel (1969/2001): 253 = logisch positivist.

2

Popper is als eerste erin geslaagd om een demarcatiecriterium te stellen waarin in beide
kanten van de categorie “wetenschap” en “niet-wetenschap” wat zit.
Popper stelt de volgende 2 vragen

Popper stelt de volgende 2 vragen
1. Kunnen we wetenschap redden van de irrationaliteit van inductie? Bij inductie
accepteer je een algemene wet op basis van inductie, dit moet je volgens Popper juist
buiten de wetenschap houden. Volgens Popper is het in principe wel mogelijk de
inductie buiten de wetenschap te houden.
2. Kunnen we een ander demarcatiecriterium geven dan verifieerbaarheid of
confirmeerbaarheid?
Popper beantwoordt beide vragen met “ja”.
Dat dit zo is, volgt uit zijn kritisch rationalisme.

3

Relevante biografische gegevens popper

Relevante biografische gegevens
1902: geboren in Wenen. 1917: gaat van de middelbare school af. 1918: demonstratie loopt
uit de hand. Popper schrijft later in zijn biografie het volgende over deze aanvaring met het
Marxisme:
I was horrified and shocked at the police, but also at myself. For I felt that as a Marxist I bore
part of the responsibility for the tragedy – at least in principle. Marxist theory demands that
the class struggle be intensified, in order to speed up the coming of socialism. Its thesis is that
although the revolution may claim some victims, capitalism is claiming more victims than the
whole socialist revolution.
That was the Marxist Theory – part of so-called “scientific socialism”. I now asked myself
whether such a calculation could ever be supported by “science”.
Deze sociale confrontatie leidt dus volgens Popper tot vragen over de wetenschap. (Hij is dan
16 jaar!?)

4

Wat heeft Popper hiervan geleerd?

Wat heeft Popper hiervan geleerd?
1.Dat de mens feilbaar is. Misschien klopt het allemaal niet wat Marx verteld. Hij kan het fout
hebben.
2.Dat er een groot verschil is tussen dogmatisme (zomaar achter iemand aanlopen) & zelf
kritisch denken.

5

Aanvaring met Alfred Adler

Aanvaring met Alfred Adler
Popper was begaan met de armen en werkte in een kinderopvanghuis met Alfred Adler.
Popper legt hem een geval voor (welk?): “Licht geschokt vroeg ik hem hoe hij zo zeker kon
zijn. „Vanwege mijn duizendvoudige ervaring‟, antwoordde hij, waarop ik het niet kon
nalaten te zeggen: „En met dit nieuwe geval is uw ervaring zeker duizend-en- éénvoudig
geworden.” (1978: 59).
HD: Ziehier Poppers aanval op [1] empirisme & [2] inductie als kennisbron (van duizend
gevallen, naar duizend en een gaan, dus de theorie klopt).

6

Popper en de logisch positivisten: overeenkomsten en verschil
Overeenkomst:

Popper en de logisch positivisten: overeenkomsten en verschil
Overeenkomst:
 Ondanks dat KP dus geen empirist is: de empirie is van groot belang: ervaring is
een manier om kennis te verwerven (maar de logisch positivisten zijn te radicaal
volgens Popper).
 Logica en wiskunde kunnen worden gebruikt: de geldigheid staat niet ter discussie,
maar ze leveren geen kennis op (vs. Kant dus. Kant zegt dat logica en wiskunde wel
kennis opleveren, want ze zijn synthetisch a priori). Bij logisch positivisme gebruik je
de logica als instrument.

7

Verschil:
Heel ander wetenschappelijk model:

Verschil:
Heel ander wetenschappelijk model:
 Logisch positivisten: eerst observaties, dan via inductie opstellen van wetten, die
weer via inductie verifiëren / confirmeren.
 Context of discovery (algemene wet) / context of justification (rechtvaardigen van
algemene wet). Allebei door inductie.
 Popper: eerst is er een probleem (waarom valt de appel naar beneden?), er wordt een
gissing gedaan (hypothese) en die ga je dan proberen te weerleggen. Wat moet er nu
het geval zijn als de algemene wet niet waar is. Kun je de algemene bewering/wet
weerleggen?
(Je kunt hierbij wel inductie gebruiken, maar dit is niet nodig. Je kunt het doen door te
gokken).

8

Falsificationisme voor Popper

Feilbaarheid
We hebben gezien: Popper concludeert al jong dat mensen feilbaar zijn. Dit is – zoals we
zullen zien – een belangrijk element in Poppers wetenschapsfilosofie. Popper is natuurlijk niet
de eerste die gezien heeft dat de mens feilbaar is:
But as for certain truth, no man has known it. Now will he know it; neither of the gods, Nor
yet of all the things of which I speak. And even by chance if he were to utter
The perfect truth, he would himself not know it; For all is but a woven web of guesses.
Xenophanus zag dit al

9

Falsificationisme

Falsificationisme
We zullen straks zien dat Popper stelt dat falsifieerbaarheid (= weerlegbaarheid) het
demarcatiecriterium is. Wetenschap moet uitspraken doen die in principe weerlegbaar zijn.
Ook dit is iets dat hij niet als eerste bedacht heeft.
According to [...] falsificationists, like Richard Braithwaite (1900-1990), science grows by
overthrowing theories with hard facts.” (EH: 298). HD: Dit veronderstelt een onfeilbare
empirische basis. RB gaat dus (net als de LP) uit van een onfeilbare empirische basis: je
kijkt gewoon naar de wereld en neemt die dan waar zoals die is - je neemt probleemloos de
feiten waar. Je maakt geen fouten in je observaties.
Maar: we hebben gezien dat de waarneming theoriegeladen is & dat je dus niet zomaar kan
zeggen dat je de harde feiten kent. Popper neemt die theoriegeladenheid van de
waarneming dan ook serieus (en daar wijkt hij dus af van Braithwaite).

10

Poppers 4 kenmerken van het kritisch rationalisme

falsificationisme, ingeboren ideen en inductie, kritisch rationalisme en kritisch rationalisme

11

Falsificationisme

Falsificationisme.
Volgens Popper: Marx, Freud & Adler zijn voorbeelden van pseudo-wetenschappers.
Newton & Einstein voorbeelden van echte wetenschappers. Maar wat is nu het
verschil tussen wetenschap en niet-wetenschap?
Suggestie: Is het demarcatiecriterium wellicht waarheid? Nee. Je streeft wel naar
waarheid, maar een wetenschappelijke theorie hoeft helemaal niet waar te zijn. Oude
astronomische theorieën waren vaak wel wetenschappelijk, maar onjuist.
Falsificationisme levert het juiste demarcatiecriterium – falsifi(c)eerbaarheid: de
mogelijkheid tot falsificatie. De mogelijkheid om iets tegen te komen dat onjuist is.

12

4 kenmerken van Poppers falsificationisme:

 Feilbaarheid van de mens.
Aanvaring met Marxisme, want hij had ongelijk. Nog een voorbeeld
feilbaarheid: Aristoteles‟ fysica was fout en werd vervangen door die van
Newton, en die weer door die van Einstein.
Popper: “We do not know we can only guess.”. We kunnen niet weten, we
kunnen alleen maar gissen.
Als de mens inderdaad feilbaar is, heeft dat heel veel consequenties. Je kunt
niet zomaar zeggen: “ik weet hoe het zit”.
Sociale consequentie: niemand weet hoe een rechtvaardige samenleving eruit
ziet. Ergo: Wees voorzichtig met politieke ideologieën (Plato, Marx, Mao).
Ergo: “We moeten niet rechtvaardigheid bewerkstelligen, maar
onrechtvaardigheid elimineren.”. Je moet proberen te falsifiëren.
 Falsifieerbaarheid als demarcatiecriterium.
Neem een onfalsifieerbare mini-theorie (morgen regent het of niet (A of niet
A)). Dit is waar - niet falsifieerbaar - maar het is geen wetenschap. Waarheid,
verificatie, confirmatie vallen direct af als mogelijke demarcatiecriteria.
Hetzelfde geldt voor de theorieën van Adler & Freud: die zijn ook
onwetenschappelijk.
Adler: Een man die een kind van de verdrinkingsdood redt, heeft een
minderwaardigheidscomplex en overwint dat op deze manier. Een man die
opzettelijk een kind verdrinkt, heeft een minderwaardigheidscomplex, en
overwint dat op deze manier.
Mythologie: Het orakel voorspelde dat Oedpius zijn vader zou vermoorden en
met zijn moeder zou trouwen. Freud: Alle jongetjes hebben een Oedipuscomplex,
of ze zijn in denial. Elk antwoord dat je krijgt, bevestigt je theorie.
Conclusie # 1: De theorieën van Freud en Adler kunnen alle gevallen
verklaren – dat is een zwakte.
Conclusie # 2: Deze theorieën zijn dus zo geformuleerd dat ze nooit te
weerleggen / falsificeren zijn.

13

marx hisoriscme

Het ligt iets genuanceerder met de geschiedenistheorie van Marx. In eerste
instantie was deze falsifieerbaar, en in de ogen van Popper dus wel
wetenschappelijk. Marx historicisme: als de socialistische revolutie komt dan
veranderen eerst de: [1] productiemiddelen veranderen; [2] sociale condities
veranderen; [3] politieke macht verandert; [4] ideologische overtuigingen
veranderen. Dit wordt weerlegd als deze dingen veranderen in een
verschillende volgorde. Maar: in de Russische revolutie veranderde de
politieke macht eerst. Ad hoc herinterpretatie redde de theorie van falsificatie.
Er zijn dingen toegevoegd aan de theorie; het mag in een andere volgorde
voorkomen. Zonder herinterpretatie was de theorie onjuist, maar
wetenschappelijk. Nu is de theorie altijd juist, maar niet langer
wetenschappelijk, dus een pseudowetenschap. De theorie is geïmmuniseerd;
hij is immuun geworden voor falsificatie.
“The criterion of falsifiability is a solution to this problem of demarcation, for
it says that statements or systems of statements, in order to be ranked scientific,
must be capable of conflicting with possible, or conceivable, observations.”

14

Het gaat erom dat het in principe falsifieerbaar is. Wat moet je waarnemen om
de theorie te kunnen weerleggen? Al het ijzer zet uit bij verhitting is
falsifieerbaar, want je weet wat je moet doen om te kijken of de theorie
falsifieerbaar is; namelijk een stukje ijzer vinden dat niet uitzet bij verhitting.

A. Claim Newton: licht gaat in een bijna rechte lijn. (Als het langs grote
objecten gaat, buigt het een heel klein beetje af).
B. Claim Einstein: licht wordt afgebogen door grote lichamen (zoals de zon).
C. Eddington: maakt twee foto‟s van de sterren: ‟s nachts en met
zonsverduistering (maan staat tussen aarde en zon; zo kun je de sterren zien).
D. Newton had ongelijk (dus ook Kants idee dat Newtons wetten a priori waar
waren). Einsteins resultaten gecorroboreerd.
Deze onderzoekers lopen het risico dat experimenten laten zien dat hun
theorieën ongelijk zijn.
Heeft Einstein nou gelijk? Dit kun je niet zeggen. Je kunt alleen zeggen dat in
dit ene geval Einsteins theorie ondersteunend bewijsmateriaal heeft. Alleen in
dit geval is Einsteins voorspelling bevestigd. Ondersteunend bewijsmateriaal
zegt niet zo veel. Het laat alleen zien dat je geprobeerd hebt de theorie te
weeleggen, maar dit is mislukt. Het is niet gelukt de zaak te falsifieren. Dit
betekent dan niet dat een theorie waar is, want dan gebruik je inductie.
“Now the impressive thing about this is the risk involved in a prediction of this
kind. If observation shows that the predicted effect is definitely absent, then the
theory is simply refuted. The theory is incompatible with certain possible
results of observation – in fact with results which everybody before Einstein
would have expected.”
“Confirming evidence should not count except when it is the result of a
genuine test of the theory; and this means that it can be presented as a serious
but unsuccessful attempt to falsify the theory. (I now speak in such cases of
„corroborating evidence‟.)”

15

Is psychologie volgens dit demarcatiecriterium een wetenschap?

Is psychologie volgens dit demarcatiecriterium een wetenschap? Ja.
 Enkel falsifieerbare theorieën zijn informatief.
Nogmaals: Morgen regent het of regent het niet. Is dit informatief? Nee, je hebt
er niets aan. We komen zo niet tot meer kennis. Een voorspelling moet scherp
zijn, to the point. Horoscoop: “Op het werk kunnen communicatieproblemen
ontstaan.”  niet falsifieerbaar.
 Enkel door falsificatie kunnen we kennis vergroten.
Wat Popper “corroboratie” noemt, wordt niet gezien als inductief bewijs voor
een theorie, want: Inductie is irrationeel & de wetenschap is rationeel. Je kunt
niet zeggen dat het waar is, want dan gebruik je inductie. „Corroborating
evidence‟ = inductieve ondersteuning voor de theorie, maar je mag niet zeggen
dat de theorie waar is.
M.a.w. wetenschappers houden een theorie voor waar zolang deze niet
gefalsificeerd is. Je gebruikt het om voorspellingen te doen, maar je bent er niet
absoluut zeker van.
We kunnen wel van onze fouten leren: de negatieve weg naar de waarheid: je
zal nooit weten of iets waar is, maar alleen wat niet waar is.

16

De negatieve weg naar de waarheid:

De negatieve weg naar de waarheid:
“Ik vind mijn ideeën zelf zo eenvoudig, dat zij mij bijna triviaal voorkomen.
Het fundamentele idee is dat wij van onze fouten leren, of beter gezegd, dat
onze kennis toeneemt door onze poging fouten te verbeteren.” (Popper 1978: 7)
Alle “ware kennis” heeft betrekking op theorieën die de confrontatie met de
werkelijkheid tot nu toe hebben weerstaan;

17

Omweg naar de waarheid

Omweg naar de waarheid
Wetenschappelijke kennis is hypothetisch en heeft een voorlopig karakter. Het
enige wat je kunt doen is iets gokken en dan kijken of je dit kunt weerleggen.
Als je dit kan weerleggen, ben je alweer een stapje dichterbij, want je weet in
ieder geval dat dat niet waar is. We houden de theorieën voorlopig voor waar,tot dat er iets is dat het kan falsifiëren. Maar je zal nooit weten of iets waar is.
De wetenschap bewijst niets.

18

(*) Let op: Bij Popper is het demarcatiecriterium voor wetenschap geen
betekeniscriterium

(*) Let op: Bij Popper is het demarcatiecriterium voor wetenschap geen
betekeniscriterium
Wittgenstein I: Scheiding zin van onzin;
Logisch positivisten: demarcatiecriterium scheidt zowel [1] wetenschap van
pseudowetenschap & [2] zin van onzin. Zin van onzin onderscheiden is hetzelfde als
wetenschap van pseudowetenschap onderscheiden.
Popper: demarcatiecriterium scheidt enkel wetenschap van pseudo-wetenschap.
(1978: 66). Sterker nog: Ook onwetenschappelijke beweringen zijn betekenisvol:
mythen. Evolutie-theorie is ook als mythe begonnen (Empedocles).
Onwetenschappelijke theorie kan evt. wel iets opleven. Onbewuste: Jacoby & Merikle.
Je kunt er dan falsifieerbare claims van maken. Als iets niet falsifieerbaar is, is het niet
meteen betekenisloos.

19

2. Ingeboren ideeën (& inductie).

2. Ingeboren ideeën (& inductie).
College 1: rationalisme accepteert ingeboren ideeën. Probleem: Sinds Locke geloven
we dat toch niet meer?
Hoe zit dat dan bij Popper? Popper nuanceert de zaak:“The theory of inborn ideas is
absurd, I think; but every organism has inborn reactions or responses; and among
them, responses adapted to impeding events. These responses we may describe as
„expectations‟ without implying that these „expectations‟ are conscious.”
Ingeboren ideeen zijn idioot volgens Popper. Er is wel ingeboren kennis; ingeboren
verwachtingspatronen. Hiervan hoeven we ons niet bewust te zijn. Als je geboren
wordt, dan verwacht het brein al dingen over de wereld.
Voorbeelden
Jongen van veel dieren kunnen direct na de geboorte lopen, zodat ze een moeilijker
prooi zijn (eend, cavia, olifant). Pasgeborenen verwachten tevens gevoed en
beschermd te worden.
Gibsonian affordances.
“Thus we are born with expectations; with „knowledge‟ which, although not valid a
priori, is psychologically or genetically a priori, i.e. prior to all observational
experience. One of the most important of these expectations is the expectation of
finding a regularity. ”
De verwachtingspatronen zijn psychologisch a priori. Het belangrijkste is de
verwachting om regelmaat aan te treffen in de wereld. We zitten instinctief zo in
elkaar dat we verwachten dat de wereld regelmatig is. Dan zijn wij van te voren
inductie-machines. We worden geboren met de verwachting dat de wereld regelmatig
is.

20

Popper over inductie

Popper over inductie
Empiristen als Hume meende dat inductie gebaseerd is op het ervaren van de
correlatie tussen A‟s en B‟s (zwaan 1 was wit, zwaan 2 was wit, ...zwaan n was wit:
de constante conjunctie). Het moet een constante conjunctie zijn. Vervolgens
concludeert men dat: alle A zijn B. Maar dat klopt helemaal niet volgens KP: [1] empirisch & [2] logisch argument tegen:
 Empirisch argument: Puppy met sigaret (1x is voldoende). 1x een A zien die
B is, is al genoeg om te zeggen dat alle A‟s zijn B. M.a.w.: de constantheid uit
de constante conjunctie is niet nodig. 1x is voldoende.
 Logisch argument: herhaling-voor-ons. M.a.w.: Het was geen echte herhaling
(er was geen conjunctie van hetzelfde de tweede keer). Het leek een sigaret.

21

3. Kritisch rationalisme.

3. Kritisch rationalisme.
We hebben gezien bij de aanvaring met het Marxisme dat Popper meent dat men op
moet passen voor dogmatische theorieën.
Onze neiging naar regelmaat te zoeken en de natuur wetten op te leggen, leidt tot een
psychologisch verschijnsel: dogmatisch denken[.] (1978: 78). Je neemt iets waar en
bekritiseert dit vervolgens niet.
We weten nu: die regelmaat is er vaak enkel in de interpretatie, maar niet in de
werkelijkheid. We denken dat we weer zo‟n situatie waarnemen, maar dit is vaak niet
zo in de werkelijkheid.
Oppassen dus! Niet alles zomaar aannemen maar kritisch naar waarnemingen,
beweringen & theorieën kijken.
Kritisch zijn = kijken of een theorie te falsificeren is.
Wel te falsificeren, maar nog niet gefalsifieerd: voorlopig accepteren.
Is dat irrationeel? Nee, want je gebruikt in je kritische methode geen inductie, maar
deductie.Vb. Alle zwanen zijn wit, dit is een zwaan, dus moet hij ook wit zijn. Als het
een zwarte zwaan is, is de algemene zin niet waar (redeneer terug). Kritische methode:
opzoek gaan naar de zwarte zwaan. Tot dat je de zwaan gevonden hebt, hou je de
theorie voor waar (theorie die op zijn best ondersteund is). Alle algemene
wetenschappelijke beweringen hebben allemaal de status van hypothesen, tot dat ze
weerlegd worden.

22

4. Kritisch rationalisme.

4. Kritisch rationalisme.
Rationalisme accepteert ingeboren kennis. Popper doet dat ook. De wetenschap is
rationeel omdat ze typisch niet toegeeft aan het natuurlijke dogmatische denken: de
ratio zorgt ervoor dat we niet alles wat we uit de ervaringen af zouden willen leiden,
klakkeloos accepteren;
De wetenschap is rationeel, omdat ze gebruikt maakt van deductie.

23

Een aantal problemen met Poppers opvattingen

Een aantal problemen met Poppers opvattingen
1. Tijdelijke immunisering is niet verwerpelijk
Newton & de baan van Uranus (7, 8: Neptunus). Als je theorie gefalsifieerd wordt,
kun je deze immuun maken. Je voegt iets aan de theorie toe; maar je verandert het op
zo‟n manier dat hij nog steeds gefalsificeerd kan worden. Popper: toegevoegde
hypothese moet wel falsifieerbaar zijn.
Ergo: Geen groot probleem – complete immunisering mag nog steeds niet. Tijdelijke
immunisering mag wel.
2. Pseudo-wetenschappen doen vaak ook falsifieerbare uitspraken
Astrologie doet soms ook falsifieerbare uitspraken.
The Kansas City Committee for Sceptical Inquiry nam de de geboortedag, , -tijd &
-plaats mee naar vijf astrologen om te vragen de horoscoop te trekken (Indian Sceptic
1989, vol 1[11]); Wat zeiden deze mensen? Deze persoon: is een goed rol model; kan goed met
kinderen omgaan. Deze uitspraken zijn falsifieerbaar, maar ook gefalsifieerd. John
Wayne Gacy (1942-1994): seriemoordenaar (Chicago U.S.A.); 33 jongetjes & jonge
mannen vermoord; Trad op als Pogo the Clown; Kreeg in 1994 de doodstraf.
M.a.w. de uitspraken van de astrologen zijn gefalsifieerd - en zijn dus
wetenschappelijk.
3. Is vervanging van de ene foute theorie door een andere wel vooruitgang?
Popper: “Nou. Af en toe heb je wel een succesje (bevestiging) nodig....”. Maar dat is
inductie!
4. Het vaststellen van het tegendeel van een theorie is gebaseerd op inductie
Hoe stel je vast dat dit hier een zwarte zwaan is. Gebaseerd op theorie: alle beesten
met vleugels, een langen nek, die in het water zwemmen, zijn zwanen. Dit weerlegd
mijn wetenschappelijke theorie dat alle zwanen wit zijn. Er is een botsing tussen de
wetenschappelijke theorie en de theorie die je gebruikt voor de waarneming (om waar
te nemen dat dit een zwaan is die zwart is). Er zit inductie in, want je zegt: alle beesten
met deze kenmerken zijn zwart. Hoe weet je dit?
Bovendien: is dit niet een waarneming die feilbaar is – waarom die gebruiken om een
theorie te weerleggen?
5. Wetenschappers trekken zich vaak van falsificatie niets aan
De baan die uit de theorie van Newton zou volgen voor Mercurius klopte niet met de
werkelijke baan. Om de anomalie te verklaren werd een andere planeet gepostuleerd:
Vulcanus. Die bestond niet. Wetenschappers interesseerde dat niet.

24

Conclusie

Conclusie:
We moeten de pure anti-inductivistische falsificationistische conceptie van wetenschap
afwijzen. Ze lijdt aan een fatale kwaal: ze kan haar pretenties niet waarmaken zonder haar
anti-inductivisme te verloochenen. Zonder inductieve argumenten kan ze ons geen reden
geven ooit te geloven dat de wetenschap vooruitgang heeft geboekt. Falsificationisme alleen
leidt tot niets.
Ton Derksen
Zowel de moderne versie van het empirisme (Logisch Positivisme, zie vorig college) als de
moderne versie van het rationalisme (Popper) zitten met een groot probleem: Beide posities
zijn van mening dat kennis wordt geleverd door de wetenschap, maar geen van beide kunnen
ze een demarcatiecriterium leveren;
Vraag: Moeten we dat project dan niet opgeven?
Volgende keer zullen we zien dat Thomas Kuhn meent dat we dat project inderdaad maar
beter opgeven.