Om overgewicht bij kinderen terug te dringen, willen de wethouders van de 4 grote steden in Nederland dat de regering een
suikertaks gaat invoeren. Hierin worden suikerhoudende dranken extra belast.
Welke beleidscriteria uit de ‘public health aanpak’ kunnen de wethouders gebruiken in hun pleidooi voor een
suikertaks? (4p)
Noem 2 beleidscriteria en geef hierbij een toelichting.
Nadat rond 1950 wetenschappelijke studies verschenen over de relatie tussen roken en longkanker, heeft de tabaksindustrie
volgens de historicus Allan Brandt een krachtige, effectieve en doelbewuste campagne van ‘wetenschappelijke desinformatie’
gevoerd. Hij wijst onder andere op een intern beleidsdocument van het tabaksbedrijf Brown & Williamson waarin, onder het
adagium ‘doubt is our product’, uiteen werd gezet op welke manier twijfel gezaaid kon worden over met name
wetenschappelijke inzichten over (mogelijke) gezondheidsschade door roken.
Wat waren volgens dit document de twee manieren waarop de tabaksindustie die twijfel kon zaaien over deze
wetenschappelijke inzichten?
Twee van onderstaande argumenten of manieren:- Benadrukken van complexiteit door te wijzen op variabiliteit en multicausaliteit- Evalueren van risico’s op individueel, klinisch niveau, dus vraagstuk buiten sfeer van public health houden- Benadrukken erfelijkheid in theorieën over carcinogenese- Marginaliseren van statistische inferentie- Produceren en ondersteunen van wetenschappelijk scepticisme en wetenschappelijke controverse: benadrukken van noodzaak van meer onderzoek.
goede antwoorden zijn
Huisarts
Kinderarts
Specialist in het ziekenhuis, zoals KNO arts, kinderneuroloog, kindercardioloog e.d.
Extramurale specialisten zoals revalidatieartsen, arts verstandelijk gehandicapten e.d.
GGZ instellingen
Paramedici zoals logopedist/fysiotherapeut/etc
Eventueel mogen andere benamingen gebruikt worden, mits ze op hetzelfde neerkomen
2:
2 goede antwoorden = 1 punt
3 goede antwoorden = 2 punten
goed antwoorden zijn
School
Peuterspeelzaal
Kinderdagverblijf/ opvang
Wijkteam
Veilig Thuis
Vroeghulp
Welzijnsorganisaties zoals veilig thuis, vrijwilligersorganisaties etc.
Met de invoering van de Zorgverzekeringswet (2006) vervullen zorgverzekeraars de rol van “zorginkoper”. Door deze rol bij
zorgverzekeraars neer te leggen hoopt de overheid doelmatigheid in het zorgstelsel te bevorderen. Verzekeraars kunnen deze rol alleen
waarmaken als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Twee van deze voorwaarden zijn de ‘beschikbaarheid van informatie over de
kwaliteit van zorg’ en ‘een adequate risicoverevening’.
Leg uit waarom deze twee voorwaarden belangrijk zijn voor zorgverzekeraars om hun rol als zorginkoper te kunnen
waarmaken?
Om overgewicht bij kinderen terug te dringen, willen de wethouders van de 4 grote steden in Nederland dat de regering een suikertaks gaat
invoeren. Hierin worden suikerhoudende dranken extra belast.
In een brief in de NRC van december 2019 wezen deze wethouders erop dat meer dan de helft van de kinderen in de 4 grote steden kampt
met overgewicht. Daarbij wezen ze ook op dat de frisdrankconsumptie en het overgewicht bij kinderen in Engeland is gedaald na invoering
van een suikertaks.
1. Welke twee beleidscriteria uit de ‘public health aanpak’ gebruiken de wethouders in hun pleidooi?
Vanwege tegenargumenten uit onder meer de industrie en de detailhandel heeft de regering nog géén suikertaks ingevoerd in Nederland.
2. Op welke beleidscriteria uit de ‘public health aanpak’ zouden deze tegenargumenten betrekking kunnen hebben? (4p)
Noem twee van deze criteria en licht deze kort toe met betrekking tot de invoering van een suikertaks als beleidsmaatregel.
De acute effecten van luchtverontreiniging op sterfte aan hart- en vaatziekten worden vastgesteld door een studie met een case-crossover
design.
Geef een omschrijving van dit studie design, en leg uit hoe de blootstelling aan luchtverontreiniging in dit studie design
bepaald wordt.
Case persoon die overlijdt aan HVZ op een bepaalde dag, cross-over dezelfde persoon op een andere dag. (1p)
Blootstelling vaststellen op de dag van overlijden en op andere dagen rondom dag van overlijden. (1p
Noem vier onderzoeken/screenings die uitgevoerd worden door de JGZ. 6x
Hielprikonderzoek
Hartonderzoek
Heuponderzoek
Visus/oogonderzoek
Gehooronderzoek
Groei
Uit de evaluatie van de Zorgverzekeringswet is gebleken dat zorgverzekeraars voorspelbare winsten maken op gezonde verzekerden en
voorspelbare verliezen lijden op chronisch zieken. Deze voorspelbare winsten en verliezen geven zorgverzekeraars een financiële prikkel
om aan risicoselectie te doen.
Noem twee nadelige effecten van risicoselectie en licht deze toe
Risicoselectie vormt een bedreiging voor de kwaliteit van zorg. Toelichting: voorspelbare verliezen op chronisch zieken ontmoedigen zorgverzekeraars
om te investeren in de kwaliteit van zorg voor chronisch zieken. Zie ook het artikel “Zorgstelsel spoort nog onvoldoende aan tot goede kwaliteit” bij het
college.
Risicoselectie vormt een bedreiging voor de doelmatigheid van zorg. Toelichting: naarmate risicoselectie voor verzekeraars profijtelijker is dan het
investeren in doelmatigheid, wordt mogelijk niet (volledig) ingezet op doelmatigheidsverbetering.
Risicoselectie vormt een bedreiging voor de risicosolidariteit. Toelichting: naarmate gezonde verzekerden zich concentreren in andere zorgpolissen
dan chronisch zieken, zullen er premieverschillen tussen zorgpolissen ontstaan die te maken hebben met de gezondheid van verzekerden.
Verzekeraars met relatief veel chronisch zieken zullen een hogere premie moeten vragen dan verzekeraars met relatief veel gezonde verzekerden,
hetgeen ten koste gaat van de risicosolidariteit in het zorgstelsel.
Bij gedeelde besluitvorming worden drie elementen geïntegreerd.
Welke drie elementen zijn dat?
–het best beschikbare bewijs–klinische expertise van de arts –voorkeuren van de geïnformeerde patiënt
Van Gestel YR et al. (2012) bespreken in hun artikel zowel redenen om te stoppen als door te gaan met het publiceren van
gestandaardiseerde ziekenhuissterfte (de zgn. ‘hospital standardised mortality ratio’, HSMR) voor zorgverzekeraars, de overheid en
patiënten.
Noem twee redenen om te stoppen met het publiceren hiervan
aarde te beschrijven. Het is ontwikkeld door wetenschappers om aan te geven hoeveel druk de aarde kan weerstaan zonder dat de
stabiliteit van haar systemen ernstig wordt bedreigd.
Omdat we afhankelijk zijn van onze ecosystemen bedreigt de overschrijding van Planetaire grenzen onze gezondheid. Bij
klimaatverandering gaat het om meer gezondheidsgevolgen door hitte of extreem weer, bij luchtvervuiling om hart en longschade.
Als een planetaire grens wordt overschreden, kunnen er onomkeerbare veranderingen optreden in ecosystemen en het klimaat, wat
ernstige gevolgen kan hebben voor het leven op aarde.
x Op wereldschaal verloopt de strijd niet goed: experts verwachten dat er in de 21e eeuw tien keer zoveel mensen in de wereld
zullen sterven aan roken-gerelateerde ziekten dan in de 20e eeuw.
In 2006 is in Nederland de Zorgverzekeringswet (Zvw) ingevoerd. De Zvw is gebaseerd op het model van ‘gereguleerde
concurrentie’.
Hoe komt onder de Zvw de concurrentie tussen zorgverzekeraars tot stand?
‘Hoe’: De concurrentie tussen zorgverzekeraars komt tot stand doordat verzekerden jaarlijks de mogelijkheid hebben om te wisselen van
zorgpolis. (1p)
Motivering: 3p, 1p punt voor het noemen van de genummerde antwoorden.
Zorgpolissen kunnen verschillen 1) op basis van premie, 2) gecontracteerde zorg en 3) de vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg
Noem vier drempels voor gedeelde besluitvorming: minimaal 1 arts-gerelateerde drempel, minimaal 1 patiënt
gerelateerde drempel en minimaal 1 systeem-gerelateerde drempe
Sleutel:
Artsen:
1. Niet onderkennen van preferentie-sensitieve beslissingen
2. Bewijs over effecten van behandeling is moeilijk te extraheren, interpreteren, communiceren
Patiënten:
1. Variatie in wel of niet mee willen beslissen
2. Minder geletterd zijn
3. Onvoorbereid zijn op beslisproces
Systeem:
1. Logistiek: tijdsdruk
2. Financieel: soms is extra consult nodig voor gedeelde besluitvorming, waar niet altijd vergoeding voor is
De adviseur van de lokale beleidsbepaler komt met het volgende advies:
We moeten de zorg integreren. Alle middelen, voor zowel HIV als andere aandoeningen, moeten op één hoop worden gegooid,
en daarmee moeten we de HIV klinieken omvormen tot klinieken voor algemene basiszorg, inclusief HIV, voor iedereen.
Benoem twee argumenten vóór, en twee argumenten tégen dit advies
Argumenten voor:
1. Meer gelijkheid in toegang tot zorg, ongeacht de aandoening
2. Alle zorg op één plek is patiëntvriendelijker
3. Door middelen in te zetten voor meerdere aandoeningen optimaliseer je de efficiëntie
Argumenten tegen:
1. De goede zorg voor HIV zal waarschijnlijk lijden onder de integratie, omdat de zorg minder gespecialiseerd wordt
2. Er is een risico op lange rijen en wachtlijsten, omdat de middelen beperkt zijn en er veel gezondheidsproblematiek is
3. Omdat er minder duidelijk meetbare impact is van donorgeld, kan donorgeld voor bijvoorbeeld HIV gaan afnemen, waardoor er op lange
termijn minder middelen zijn.
Leg in maximaal 100 woorden uit welke verantwoordelijkheid je als arts hebt aangaande het tegengaan van de
klimaatcrisis en waarom
Artsen hebben een belangrijke verantwoordelijkheid in de klimaatcrisis, ook in Nederland, omdat de gezondheid van mensen nauw
verbonden is met de natuurlijke omgeving waarin we leven. De ecologische crisis veroorzaakt directe en indirecte gevolgen voor de
volksgezondheid. (1p)
Artsen hebben een rol in het beschermen van de natuurlijke omgeving, in verduurzaming van de zorg (1p),
en het agenderen van de gezondheidsgevolgen van klimaatverandering (
3x JGZ
B Elke euro die je investeert in de JGZ levert 11 euro op.
D Door adviezen rondom wiegendood worden 170 overlijdens per jaar voorkomen.
E Door het rijksvaccinatieprogramma worden 6000 ziektegevallen per jaar voorkomen
Doordat rond het midden van de 20e eeuw het roken van sigaretten (in Westerse landen) een wijdverbreide gewoonte was
geworden, ontstond er volgens historici een paradox.
1. Op welke paradox doelen deze historici? (1p)
2. Kun je een concreet voorbeeld noemen waaruit deze paradox blijkt?
Antwoordmodel:
1.Het roken van sigaretten was zo alomtegenwoordig, sociaal geaccepteerd en ‘normaal’ geworden (ook onder artsen), dat het als het ware
‘onzichtbaar’ was (en waardoor ook artsen ‘blind’ waren voor de gezondheidsrisico’s ervan). (Zie bijvoorbeeld citaat van Courtwright:
“Smoking among adults became so widespread as to be unremarkable, unexceptionable, socially invisible”)
2. Mogelijke voorbeelden van het normale, alomtegenwoordige en daardoor niet meer als gezondheidsprobleem zichtbare fenomeen van
het roken van sigaretten:
Artsen in reclames voor sigarettenmerken.
Rookkamers (gesponsord door tabaksbedrijven) als ‘loungeplek’ op medische congressen.
Foto’s van rokende leden van het Koninklijke Huis.
Verzamelingen (ook door kinderen) van ‘parafernalia’ die met roken te maken hadden.
Nederlandse artsen rookten massaal (meer dan gemiddeld), zelfs bijvoorbeeld tijdens kraamvisites (Longarts De Kanter).
De medische bibliotheek van de medische faculteit in Rotterdam (voorloper Erasmus MC) was in 1990 nog een ‘rookhol’
Je bent als arts bezig met het ontwikkelen van een preventieprogramma voor zowel jongeren als volwassenen met een mobiele
telefoonverslaving. Je doel is om met behulp van alternatieve activiteiten de sociale druk van gebruik van mobiele telefoon tegen te gaan. Je
wilt hiervoor geld ophalen om dit programma uit te kunnen voeren.
Met welke wetten heb je dan te maken?
JW bij jongeren, omdat daar naast preventie ook psychiatrie onder valt. Zvw bij volwassenen omdat hier innovatiegelden beschikbaar zijn, of
het soms al een erkende interventie is die vergoed wordt. In uitzonderlijke gevallen kan Wpg bijdragen als een gemeente hiervoor projecten
heeft lopen (GALA)
jgz 4x
A Infecties waren een reden om de JGZ op te richten.
D Opsporen van medische problemen blijft een belangrijke taak van de JGZ.
E Sociale problematiek kreeg in de loop der jaren een grotere rol binnen de JGZ.
F Huidige onderwerpen waar de JGZ zich op richt zijn onder andere overgewicht en psychosociale problemen
In de basisliteratuur is het artikel van Hibbard et al. opgenomen. In dit artikel wordt beschreven op welke mogelijke manieren
kwaliteitsverbetering kan plaatsvinden als kwaliteitsindicatoren openbaar worden gemaakt.
Noem de 3 pathways en leg per pathway uit hoe ze kwaliteit van zorg zouden kunnen verbeteren
Onderaan drie verschillende personen die op een bepaald moment uit hun land zijn gevlucht en in Nederland asiel hebben
aangevraagd:
1. De persoon krijgt asiel van de Nederlandse overheid en ontvangt een verblijfsvergunning.
2. De persoon verblijft in een asielzoekerscentrum van het COA in afwachting van de uitslag van het asielverzoek.
3. De persoon krijgt geen asiel, is uitgeprocedeerd en verblijft illegaal in Nederland.
Stel deze drie personen presenteren met acute appendicitis op de Spoedeisende Hulp.
Hoe wordt de mogelijke chirurgische zorg die hierop volgt vergoedt?
1) Via de zorgverzekeringswet: De persoon heeft recht op een zorgverzekering via de zorgverzekeringswet en betaalt (is
verplicht) zorgkosten zoals een reguliere inwoner van Nederland.
2) Via Regeling Medische zorg Asielzoekers (1p): asielzoekers vanuit de COA locaties hebben recht op zorg via deze regeling (1p).
3) Zelf betalen, indien niet in staat daartoe, kan de zorginstelling de verleende zorg vergoed krijgen via Regeling onverzekerbare
vreemdelingen
In 2006 is in Nederland de Zorgverzekeringswet (Zvw) ingevoerd. De Zvw is gebaseerd op het model van ‘gereguleerde concurrentie’.
Hoe komt onder de Zvw de concurrentie tussen zorgaanbieders tot stand?
Antwoord: De concurrentie tussen zorgaanbieders komt tot stand doordat verzekeraars aan ‘selectief contracteren’ kunnen doen. (1p)
Motivering: 3p
Met andere woorden: verzekeraars zijn niet verplicht om alle zorgaanbieders te contracteren. (1p) Als verzekerden gebruikmaken van niet
gecontracteerde zorgaanbieders dan hoeven verzekeraars die zorg niet volledig te vergoeden (1p) waardoor die aanbieders minder
aantrekkelijk zijn voor verzekerden. (1p)De mogelijkheid voor verzekeraars om aan ‘selectief contracteren’ te doen zorgt ervoor dat
zorgaanbieders concurreren om een contract met verzekeraars