Verlichting Begrippen deel 1 Flashcards Preview

Geschiedenis > Verlichting Begrippen deel 1 > Flashcards

Flashcards in Verlichting Begrippen deel 1 Deck (22):
1

Absolutisme

Regeringsvorm waarin de vorst alle macht in handen heeft en zich daarbij op het 'droit divin' beroept

2

Agnosten

Mensen die niet weten of ze wel of niet in een God moeten geloven

3

Ancien Regime

Periode in de geschiedenis van Frankrijk tussen 1660 en 1789, het oude bewind genoemd. Deze periode kenmerkt zich door absolute macht van de Franse koning en een ongekende pracht en praal aan zijn hof

4

Bastille

Vestiging in Parijs die in de tijd van de Franse koningen diende als gevangenis. Bij het uitbreken van de Franse Revolutie bestormd en kort daarna afgebroken. De bestorming wordt vanaf die tijd jaarlijks in Frankrijk gevierd als nationale feestdag

5

Belgische opstand

Opstand of revolutie die in 1830 geleid heeft tot onafhankelijkheid in België. De opstand in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden maakte deel uit van een aantal opstanden in Europa die gericht waren tegen gevolgen van de Restauratie van het Congres van Wenen. Geïnspireerd door de Julirevolutie van 1830 in Frankrijk kwamen ook de Polen in opstand tegen de Russen, de Italianen tegen de Oostenrijkers en die Ieren tegen de Engelsen

6

Bill of rights

Willem 3 en Maria Stuart moesten bij hun troonsbestijging een verklaring ondertekenen, waarin zij instemden met de macht van het parlement. Deze verklaring werd in december 1689 door het parlement omgezet in de Bill of Rights. Door de Bill of Rights werd Engeland definitief een parlementaire monarchie, waarin het parlement het laatste woord had.

7

Cahiers des doléances

Naar oud gebruikt kregen de drie standen ter voorbereiding van de vergadering van de SG de mogelijkheid voor de koning klachten en wensen te formuleren in Cahiers des doléances

8

Censuur

Het door de overheid controleren van berichten of uitingen die de media willen verspreiden. Onderwelgevallige berichten of uitingen kunnen worden verboden of gewijzigd. De media staan door middel van censuur onder toezicht van de overheid.

9

Centralisatiebeleid

Het streven van vorsten hun macht te vergroten door de verschillende delen van hun rijk vanuit één plaats (centrum) te besturen. Zij hadden daartoe de beschikking over een ambtenarenapparaat en beroepslegers. Godsdienstige eenheid verkregen de vorsten door de Kerk geheel of voor een groot deel onder hun toezicht te stellen.

10

Code napoléon

Nieuwe wetgeving op initiatief van Napoleon, waarin veel verlichte ideeën werden uitgewerkt.
-iedereen werd gelijk voor de wet
-niemand mocht gevangen genomen worden zonder dat er een rechtszaak op volgde, deze moest openbaar zijn en je moest je kunnen verdedigen. Een jury van burgers sprak het vonnis uit.

11

Congres van Wenen

Na de overwinning op Napoleon begonnen de Europese mogendheden in 1814 te Wenen overleg op het congres van Wenen. Dat eindigde in Juni 1815 met de slotakte waarin alle overeenkomsten werden samengevat (vooral herstel van de macht van vorsten en herstel van Europees machtsevenwicht)

12

Communisme

Politieke stroming, gebaseerd op het marxisme, de ideeën van Karl Marx. In praktijk gebracht door de bolsjewieken in Rusland (Oktoberrevolutie 1917)
-nationalisatie van alle productiemiddelen
-stichten klasseloze maatschappij geleid door communistische partij

Dit liep uit op de dictatuur van Stalin

13

Communistisch manifest

Pamflet geschreven door Karl Marx en Friedrich Engels en gepubliceerd in februari 1848 in Londen.
Het pamflet wordt gezien als het begin van het internationale socialisme

14

'Concert van staten'

Europa werd na het congres van Wenen door de Grote Alliantie gezien als het concert van staten, die in harmonie samen moesten werken.
Europese crises werden in ministerconferenties besproken en door internationale samenwerking in bedwang gehouden

15

Conservatisme

Stroming die veranderingen uiterst langzaam en voorzichtig wil doorvoeren en daarbij alles wat van waarde wil behouden.

16

Directoire

Periode 1795-1799
In Frankrijk
Na de terreur
-gematigde revolutionairen kregen de macht in handen
-leiding kreeg 5 personen -> directeuren
-het directoire moest moeilijk op te lossen problemen oplossen: hongersnood, oorlog en een opstand van de adel

17

Droit Divin

Goddelijke recht
-De overtuiging dat de absolute vorst door God was aangesteld om zijn onderdanen te besturen
-hij was daarom alleen aan god verantwoording verschuldigd

18

Duitse bond

-Politiek bondgenootschap van alle Duitstalige vorstendommen, inclusief Duitstalig Oostenrijk (tot 1866)
- De Duitse bond kreeg in 1834 een economische aanvulling: het Tolverbond

19

Edict van Nantes

-Hiermee maakte de Franse koning Hendrik IV in 1598 een einde aan de godsdienstoorlogen tussen katholieken en hugenoten (protestanten)
-het Edict kende de hugenoten veel rechten toe -> een staat in de staat
-in 1685 ingetrokken door Lodewijk XIV -> hugenoten op de vlucht


20

Empirisme

Het streven van Renaissance-onderzoekers elk onderzoek van de natuur te willen baseren op
-waarneming,
-ervaring
-experiment

21

Encyclopedie

Belangrijkste boek van de verlichting
-geschreven door Fransman Denis Diderot samen met een aantal andere verlichters
-alle kennis in artikelen en tekeningen vast te leggen
-veel kritiek op eigen tijd

22

Frankfurter parlement

Duits parlement dat na de verkiezingen in de Paulskirche in Frankfurt in 1848 bijeenkwam om een grondwet op te stellen en de vele Duitse staatjes samen te brengen in een nieuwe Duitse eenheidsstaat