5. Experimentele psychologie Flashcards

1
Q

Wilhelm Wundt (1832-1920

A
  • onderzoek van Wundt liet zien dat ook de exacte duur van een centrale neurologische activiteit, verantwoordelijk voor aandacht, gemeten kon worden
  • merkte op in onderzoek dat als twee verschillende stimuli onze zintuigen bereiken, dat dit afzonderlijke aandacht vereist
  • deed onderzoek naar zicht en waarneming, werk had overlap met Helmhotz. Onderzochten reactietijden
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
2
Q

Friedrich Wilhelm Bessel (1784-1846)

A

Astronoom. Gebruikten tijdmetingen en vaak traden verschillen in metingen op tussen verschillende observanten.
Persoonlijke formules zodat astronomen hun metingen konden vergelijken

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
3
Q

Gebruik van persoonlijke formules door Helmhotz vs Wundt:

A

Helmholtz dacht dat de verschillen in persoonlijke formules bij observanten te verklaren waren door verschillen in de lengte van hun zintuiglijke en motorische zenuwen, maar Wundt
meende dat deze variaties het gevolg waren van verschillende verwerkingssnelheden in hun
hersenen. Hij kon deze hypothese aannemelijk maken door zijn eerste experiment, waaruit
bleek dat voor een centraal proces als aandacht een meetbare hoeveelheid tijd nodig is

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
4
Q

mentale chronometrie

grondslag voor experimentele psychologie

A

Wundt merkte dat stimuli eerst bewust aandacht kregen, doordat er tijd verstreek tussen het ontvangen van een stimulus en het reageren erop.
-> onderzoeken van de tijd die nodig is voor dergelijke processen. als de snelheid van informatiewerking gemeten werd, vanzelf conclusies konden worden getrokken over de basiselementen van bewustheid en andere centrale processen. Deze benadering kan samen met Fechners psychofysica en Helmholtz’ onderzoek naar sensatie en perceptie, als grondslag voor de experimentele psychologie beschouwd worden

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
5
Q

Völkerpsychologie

Wundt

A

Wundt was er van overtuigd dat experimenten nooit de enige methode voor psychologie waren. Experimentele methoden moesten volgens hem beperkt blijven tot individuele bewustheid en konden niet zomaar toegepast worden op mentale processen die meer collectief of sociaal van aard zijn. Met Völkerpsychologie wilde hij een soort niet-experimentele psychologie aanduiden die gemeenschappelijke en culturele kanten van de menselijke natuur onderzoekt, zoals religie, gewoonten en vooral talen.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
6
Q

Grundzüge der Physiologischen Psychologie

A

Publicatie Wundt.

doel was het samenvoegen van fysiologie en psychologie en gedetailleerd hoe dat gedaan kon worden

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
7
Q

fysiologische psychologie:

A

discipline zijn waarin de methoden van de experimentele fysiologie worden toegepast op de waarneming van interne sensaties, zodat ze net zo
systematisch en betrouwbaar observeerbaar zijn als externe. Tot deze methoden behoorde
de herhaalde blootstelling aan gestandaardiseerde stimuli (zoals de gedachtemeter), onder
voorwaarde dat de observanten meteen hun waarnemingen rapporteerden. Het was de bedoeling dat de observanten door oefening steeds preciezer werden. Omdat de fysiologische
psychologie experimentele methoden combineerde met waarneming van het innerlijk, stelde
Wundt dat deze discipline ook ‘experimentele psychologie’ genoemd kon worden

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
8
Q

Instituut voor Experimentele Psychologie

A

Laboratorium Wundt, eerste voor experimentele psychologie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
9
Q

Het vroege experimentele onderzoek in Leipzig viel uiteen in drie aandachtsgebieden:

A
  • psychofysica: toetsten de wet van Fechner op tot dan toe niet onderzochte zintuiglijke stimuli
  • tijdsbesef: bestudeerden de tijdsintervallen die vereist waren om onderscheid te kunnen maken tussen twee of meer stimuli
  • mentale chonometrie: lagen Wundt het
    meest na aan het hart, omdat ze niet alleen nieuwe observaties opleverden maar ook gerelateerd waren aan zijn eigen innovatieve psychologische theorie
How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
10
Q

subtractiemethode

A

onderzoeksmethode ontwikkeld door Nederlandse fysioloog F.C. Donders
mat eerst de reactietijd op een eenvoudige visuele stimulus, daarna op een samengestelde stimulus. trok de eerste reactietijd van de tweede af en zag het verschil als de tijd die vereist is voor een mentale onderscheidingstaak.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
11
Q

James McKeen Cattell (1860-1944)

A

systematiseerde het werk van FC Donders
ontwikkelen meetinstrumenten
voerde duizenden reactietijdmetingen uit, naar onderscheidingstijd en ‘bewegingstijd’. Hij gebruikte ook verbale stimuli, en ontdekte verrassende verschillen in reactietijden bij verschillende letters, maar ook dat de reactietijden voor korte woorden nauwelijks langer zijn dan voor afzonderlijke letters. Cattell mat ook verbale ‘associatietijden’ door verbale stimuli voor te leggen en ermee geassocieerde woorden als respons te vragen. Hij bracht naar aanleiding van de verschillen tussen personen die hij hierbij opmerkte, verschillen in reactietijd in
verband met verschillen in intelligentie. p187

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
12
Q

Ludwig Lange
experimenten reactietijden
apperceptie

A

Hij vergeleek reactietijden waarbij de proefpersoon zich richtte op een verwachte stimulus respectievelijk op een respons. In het eerste geval waren
de reactietijden een tiende tot een seconde langer dan in het tweede geval. Bij het interpreteren van deze resultaten gebruikte Wundt de onderscheiding die Leibniz aanbracht tussen
eenvoudige perceptie en ▌apperceptie, waarbij iemands volledige aandacht is gericht op de
stimulus (zie ook pagina 24). Als een proefpersoon zich concentreert op een stimulus, vraagt
een volledig bewuste gewaarwording een fractie van een seconde meer tijd. Apperceptie
werd een belangrijk begrip in Wundts psychologie.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
13
Q

Tot welke ontdekking kwam Cattell nav experiment van Ludwig Lange?

A

experimenten met het
onthouden van reeksen letters en woorden, waarbij opviel dat proefpersonen steeds vier tot
zes eenheden onthielden, bevestigden Cattells bevinding dat op woorden wordt gereageerd
als gehelen en niet als een verzameling afzonderlijke letters.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
14
Q

Op grond van welke redenen kan Wundt inderdaad aangemerkt worden als de stichter van de moderne experimentele psychologie?

A

Wundt was niet de eerste die experimenteel onderzoek deed naar psychische processen. Helmholtz en Fechner waren hem bijvoorbeeld voor. Wundt was echter wel de eerst die constateerde dat zijn eigen mentale chronometrie en het onderzoek van Helmholtz en Fechner gezamenlijk gezien konden worden als een nieuwe wetenschappelijke discipline.

In zijn Beiträge zur Theorie der Sinneswahrnehmung uit 1862 stelde hij dit voor het eerst voor en vanaf dat moment werkte hij dat idee verder uit. Ook het boek Grundzüge der Physiologischen Psychologie kan in dat proces gezien worden als mijlpaal. Daarin vatte hij namelijk niet alleen zijn onderzoek en dat van anderen samen, maar bood hij ook gedetailleerde instructies over hoe dit soort onderzoek uitgevoerd kon worden. Bovendien suggereerde hij daarin ook dat deze nieuwe discipline aangeduid kon worden als experimentele psychologie.

Belangrijkste moment in deze ontwikkeling is echter de oprichting van zijn laboratorium in Leipzig in 1879. Dat moment van institutionalisering van de experimentele psychologie door de opening van een officieel erkend laboratorium aan een gerenommeerde universiteit, is de reden dat Wundt echt gezien kan worden als de aartsvader van de experimentele psychologie

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
15
Q

Het is gemakkelijk om een beginpunt aan te wijzen, dan is duidelijk waar de geschiedenis moet beginnen. In het geval van de moderne psychologie wordt dat beginpunt dus gewoonlijk bij de oprichting van het laboratorium van Wilhelm Wundt gelegd. Toch moet dat beeld wel wat genuanceerd worden. Kunt u enkele redenen bedenken waarom het arbitrair is om dit moment als de start van de moderne psychologie aan te wijzen?

A

Wundt is zeer zeker een katalysator geweest in het institutionaliseren van de wetenschappelijke psychologie, maar daar waren natuurlijk wel meer mensen bij betrokken, en collega’s die hem voorgingen. Wundt is dus een mooi beginpunt, maar hij heeft dat natuurlijk niet alleen gedaan.

Voor iemand die gezien wordt als de stichter van de wetenschappelijke psychologie, was Wundt eigenlijk behoorlijk behoudend in de onderwerpen die met zijn experimentele methoden onderzocht konden worden. Veel van onze hogere mentale functies zoals denken en redeneren waren volgens Wundt onlosmakelijk met taal verbonden, en taal was in essentie een collectief en sociaal fenomeen dat zich niet leende voor zijn experimentele aanpak.

Wundt is dus wel te beschouwen als de grondlegger van de experimentele psychologie, maar sloot vervolgens veel psychische fenomenen uit van studie.Voor het bestuderen van die fenomenen stelde hij een vrijwel tegenovergestelde vorm van psychologie voor: de Völkerpsychologie. Dat was een meer exploratieve, beschrijvende studie van culturele fenomenen, die we nu zouden aanduiden met een term als cultuurpsychologie.

Tot slot vond Wundt dat psychologie een onderdeel zou moeten zijn van filosofie, en niet van de natuurwetenschappen. Dat is een stellingname die absoluut niet strookt met de natuurwetenschappelijke identiteit die de psychologie zich inmiddels heeft aangemeten. Vanuit dat oogpunt is het eigenlijk vreemd om Wundt aan te wijzen als grondlegger.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
16
Q

Kunt u redenen noemen die ertoe hebben geleid dat het werk van Wundt pas recentelijk volledig en accuraat wordt geïnterpreteerd, zodat Wundt ook pas recentelijk die rol heeft gekregen in de geschiedenisboeken?

A

Een belangrijke inhoudelijke aanleiding voor misvattingen over het werk van Wilhelm Wundt, is dat men diens werk ten onrechte associeerde met het structuralisme van Titchener. Dat structuralisme stond op zijn beurt onder druk vanwege de sterke hang naar praktische, effectieve, objectieve psychologie aan het begin van de vorige eeuw. Deze ontwikkeling zorgde ervoor dat Titchener werd afgeschreven, en daarmee abusievelijk ook het werk van Wundt.

Een meer persoonlijke aanleiding is dat William James, als Amerikaanse grondlegger, weliswaar inhoudelijk onder de indruk was van het werk van Wundt, maar de schrijfstijl onaantrekkelijk vond. Daardoor deed hij weinig om het werk onder de aandacht te brengen van zijn studenten, die gezamenlijk een belangrijk rol zouden spelen in de ontwikkeling van de Amerikaanse psychologie.

Tot slot speelde de Eerste Wereldoorlog een rol. Wundt was een uitgesproken Duitse patriot, wat er door de oorlogsstemming van die tijd voor zorgde dat het werk van Wundt in het (vijandelijke) Engeland en Amerika al snel genegeerd werd.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
17
Q

Wat zijn bijvoorbeeld de bepalende kenmerken van een hedendaags psychologisch experiment, en zijn die kenmerken terug te vinden in het werk van Wundt?

A

zorgvuldig opgezette en nauwkeurige observatie van een stukje van de werkelijkheid
Hij werkte in zijn laboratorium zeer systematisch aan zijn onderzoek naar perceptie en apperceptie. Hij gebruikte daarbij zorgvuldig ingerichte proefopstellingen die een zo nauwkeurig mogelijke observatie mogelijk maakten.
sprake van manipulatie van onafhankelijke variabelen (de stimuli) om te zien hoe daarmee een onafhankelijke variabele (de waarneming) beïnvloedt wordt.
maar: nergens in het boek verteld dat hij deelnemers aan zijn experimenten random aan condities toewees. Integendeel: in veel gevallen lijkt het erop dat hij met stimuli varieerde binnen een persoon, en dus niet verschillende personen aan verschillende variaties blootstelde.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
18
Q

Hoe vergeleek Wundt het apperceptieconcept met wat er in ons gezichtsveld gebeurt?

A

Slechts een
klein deel daarvan is scherp, en de rest verdwijnt naar de periferie. Wundt stelde dat iets
soortgelijks gebeurt bij bewustheid in het algemeen. Een maximum van ongeveer zes ideeën
kan de onmiddellijke en volledige aandacht krijgen, de rest alleen perifeer en vaag. Net als
met visuele focus, kan ook onze aandacht snel verschuiven naar andere groepen ideeën.

How well did you know this?
1
Not at all
2
3
4
5
Perfectly
19
Q

creatieve synthese

A

Wundt was verder van mening dat door perceptie of apperceptie waargenomen ideeën verschillende regels voor organisatie en combinatie kennen. Bij perceptie organiseren de ideeën zich mechanisch en automatisch, volgens associaties die iemand eerder had. Bij apperceptie kunnen ideeën echter op allerlei manieren worden gecombineerd en georganiseerd, ook op niet eerder ervaren manieren.

20
Q

psychische causaliteit

A

vind plaats bij creatieve synthese. in plaats van mechanistische fysische causaliteit. reacties op door apperceptie waargenomen stimuli niet voorspelbaar, omdat ze onderworpen zijn aan niet-waarneembare, innerlijke invloeden zoals motieven,
voorliefde, emoties en de wil

21
Q

voluntaristische psychologie

A

Benadering van Wundt. bewuste ervaring van wil en wilsvrijheid. Hij meende ook dat mentale processen die worden bepaald door psychische in plaats van fysische causaliteit, niet kunnen worden onderzocht met
laboratoriumexperimenten. Dit pleitte sterk voor de ontwikkeling van een Völkerpsychologie

22
Q

Hoe dacht Wundt over gedachten en taal?

A

Meerdere theoretici schakelden gedachten gelijk aan taal. Wundt niet. We moeten vaak ons best doen om onze gedachten onder woorden te brengen. dus woorden en gedachten niet hetzelfde. gedachte is algemene indruk of idee, onafhankelijk van woorden. Spreken begint met apperceptie van een algemeen idee, gevolgd door linguïstische structuren die het idee min of meer correct weergeven. Luisteren begint met de
apperceptie van taal, en verbindt die vervolgens met een bijpassend algemeen idee. Wat betreft de taal zelf stelde Wundt dat de fundamentele linguïstische eenheid niet het woord is, maar de zin, een structuur die een complete gedachte of algemeen idee bevat. Wundt beschreef de zin als een structuur die tegelijkertijd simultaan en sequentieel is.

23
Q

debat rond de rol van introspectie

A

introspectie = observatie en verslaglegging van eigen innerlijke ervaringen
Wundt beschouwde introspectie als de belangrijkste bron van veel psychologische gegevens. Op basis van introspectie beschreef hij de inhoud van het bewuste als een wisselende combinatie van sensaties en gevoelens.
- sensaties konden worden ingedeeld naar soort, hoedanigheid, intensiteit en duur.
- gevoelens classificeren drie dimensies aangenaamheid-onaangenaamheid, spanning-ontspanning en activiteit-passiviteit.
Wundt: 1. introspectieve dimensies van bewustheid niet moeten worden beschouwd als ‘elementen’, analoog aan scheikundige elementen. De dimensies van sensatie en gevoel bestaan uitsluitend in combinatie met elkaar, en zijn meer abstracties dan concrete, bewuste ervaringen
2. het weergeven van iemands innerlijke toestand vaak retrospectief van aard is en dat het geheugen vaak de herinneringen van deze toestand vervormt. Hij beperkte introspectie daarom tot eenvoudige en
meteen op te roepen situaties. Volgens Wundt waren de hogere mentale processen veel te
complex om precies herinnerd te worden, reden waarom ze nooit experimenteel onderzocht
zouden kunnen worden.
Titchener: oneens en ontwikkelde daarom een vorm van experimentele psychologie die zich de atomistische analyse van de elementen van bewustheid ten doel stelde

24
Q

Engelsman Edward Bradford Titchener (1867-1927)

A

had zich de empirische en associationistische traditie al eigen gemaakt voor hij bij Wundt ging studeren.
pleitte sterk voor een introspectieve benadering van de psychologie die hij ▌structuralisme noemde. Hij koos voor die naam omdat hij meende dat het de taak van de experimentele psychologie is om eerst de structuur van verschijnselen te onderzoeken, voordat men zich bezighield met de functie ervan.

25
Q

Denkwijze van Titchener over introspectie van Wundt:

A

Feitelijk nam Titchener maar een deel van het gedachtegoed van Wundt over. Hij
was het met zijn leermeester eens dat introspectie voorzichtig en onder gecontroleerde omstandigheden gebruikt moet worden, maar stelde ook dat introspectieve analyse van bewuste
ervaring in de basiselementen sensatie en gevoel het primaire doel van de experimentele psychologie is. Voor Titchener bestond introspectie uit een rigoureuze procedure waarvoor
zorgvuldige training noodzakelijk was. Op basis van uiterst nauwkeurige introspecties schatte Titchener het aantal elementen van zintuiglijke ervaring op meer dan 43.000, waarvan 30.000 visueel en 11.000 auditief. Voor smaak vond hij er maar vier, voor sensaties in het spijsverteringskanaal drie

26
Q

Stimulusfout

Titchener

A

het opleggen van een betekenis of interpretatie, voorkomen worden. gebruiken bij introspectie.

27
Q

Eleanor Acheson McCulloch Gamble (1868-1933)

A

Zij onderzocht de toepasbaarheid van de wet van Weber op reuk. Haar onderzoek motiveerde Titchener om zijn eigen reuksensaties introspectief te analyseren.

28
Q

Waarop stond de stimulusfout te voorkomen en ervaring van haar betekenis te ontdoen haaks?

A

op Wundts algemene benadering van de psychologie, maar ook op de holistische benadering van de Gestaltpsychologen en Freuds psychoanalytische benadering. Het structuralisme kwam, samen met andere op introspectie gebaseerde psychologiën, ook onder vuur te liggen van de sterke behavioristische beweging die de Amerikaanse psychologie halverwege
de twintigste eeuw domineerde. Desondanks had Titcheners benadering veel invloed.

29
Q

Welk doel streefde Titchener na met zijn structuralisme, en hoe gebruikte hij daarbij de introspectie als onderzoeksmethode?

A

Het doel van Titchener was om de inhoudelijke structuur van de menselijke geest te achterhalen. Hij was ervan overtuigd dat onze mentale inhoud uit discrete elementen bestond - vergelijkbaar aan atomen in de natuur - waaruit de inhoud van ons bewustzijn was opgebouwd. Door mensen onder verschillende condities zo nauwkeurig mogelijk introspectie te laten plegen, wilde hij deze mentale elementen inventariseren.

30
Q

Wundt was kritisch over het uitgebreide gebruik van introspectie door Titchener omdat hij zelf serieuze bezwaren zag aan de methode en het doel dat Titchener ermee nastreefde. Op welke twee punten was Wundt kritisch over het gebruik van introspectie?

A

Ten eerste kon introspectief onderzoek van het bewustzijn niet leiden tot wat de mentale elementen zouden moeten zijn van de menselijke geest. Dergelijke elementen konden in de scheikunde en de fysica misschien aangetoond en afzonderlijk geobserveerd worden omdat zij echt bestonden; maar in de psychologie kon zo’n terminologie hoogstens metaforisch zijn, omdat mentale elementen verkregen via introspectie slechts een abstractie waren, en niet echt bestonden. De aard van bewuste ervaringen was immers nu juist dat ze onlosmakelijk met elkaar verbonden waren.

Het tweede bezwaar dat hij zag, was dat introspectie vaak retrospectief van aard was, omdat mensen werd gevraagd terug te blikken naar iets. Daardoor raakte de uitspraken van deelnemers vaak vertroebeld door het geheugen. Voor Wundt was dit een reden om introspectie alleen te gebruiken voor het achterhalen van heel eenvoudige ervaringen die direct tijdens het onderzoek werden verzameld. Titchener ging daar heel anders mee om en probeerde door langdurige innerlijke analyse juist ook complexe ervaringen te analyseren en tot hun samenstellende elementen terug te brengen.

31
Q

Het gebruik van introspectie, waar Wundt zelf dus eigenlijk al kritisch over was, werd in de loop der tijden steeds meer afgedaan als een onbetrouwbare, subjectieve onderzoeksmethode die beter vermeden moet worden. Zeker door de opkomst van het behaviorisme raakt de introspectie uit de gratie. Wordt tegenwoordig nog gebruik gemaakt van introspectie, of is dat inmiddels helemaal afgedankt als onbetrouwbare onderzoeksmethode? Geef een voorbeeld om uw antwoord mee te illustreren en bespreek ook hier weer het verschil met de opvattingen van Wundt.

A

Introspectie wordt tegenwoordig nog veelvuldig gebruikt. Bij het invullen van vragenlijsten, waar het overgrote deel van het psychologisch onderzoek op gebaseerd is, zijn respondenten voortdurend bezig met reflecteren op hun attitudes, eigenschappen, gedrag enzovoort. Zij plegen dus aan één stuk door introspectie.

Opmerkelijk is echter dat in weerwil van Wundt’s bezwaren, dit een puur retrospectief gebruik van introspectie betreft. Hierdoor raken antwoorden vertroebeld door het geheugen en zijn de resultaten van zulk onderzoek minder betrouwbaar. Methoden waarbij respondenten gevraagd wordt om heel direct in het moment te reflecteren op hun toestand - zoals een dagboekmethode als ESM Experience Sample Method - zijn wat dat betreft veel beter.

32
Q

Margaret Floy Washburn (1871-1939)

A

de eerste vrouw ooit die een doctoraat in de psychologie kreeg

33
Q

Experimentalisten en vrouwen

A
  • De experimentalisten begonnen hun activiteiten kort voor 1900, toen Titchener en andere
    experimentele psychologen teleurgesteld raakten in de koers van de APA. De nadruk lag op
    toegepaste onderwerpen, ten koste van experimentele wetenschap
  • Titchener bracht kleine groep wetenschappers samen, alleen op uitnodiging lid worden.
  • Experimentalisten sloten vrouwen uit
  • uitsluiting van vrouwen van deze elitegroep is zeer belemmerend geweest voor hun deelname aan en
    vorderingen in de experimentele psychologie.
34
Q

Christine Ladd-Franklin (1847-1930)

A

Durfde wel het uitsluiten van vrouwen bij experimentalisten ter discussie te stellen. veel aanzien had als wiskundige en onderzoeker van het zicht, maar ondanks haar wetenschappelijke verdienste niet uitgenodigd werd en ook nooit toegelaten werd

35
Q

Met welke barrières werden vrouwen in de tijd van Wundt en Titchener geconfronteerd, als zij een carrière in de experimentele psychologie ambieerden?

A

De belemmeringen waar vrouwen mee te maken krijgen in die tijd waren veelvoudig, niet alleen in Europa, maar vooral ook in Amerika. Om te beginnen waren er maar weinig universiteiten waar vrouwen studiepunten kregen toegekend voor de vakken die ze volgden. Ze mochten vaak wel lessen bijwonen, maar kregen er niet de beloning voor die nodig was om een diploma halen.

Toegang tot PhD-programma’s (promotie trajecten) was nog strenger geregeld. Meestal mochten vrouwen daar niet aan meedoen, en als ze al toegelaten werden, dan was dat niet aan een van de prestigieuze universiteiten, maar aan aparte colleges voor vrouwen.

Als ze al die hordes toch genomen hadden, en een PhD-titel hadden weten te bemachtigen, lagen de banen niet voor het oprapen. Ze kamen wederom niet in aanmerking voor prestigieuze universiteiten, maar moesten genoegen nemen met onderwijswerk op hogescholen waar de onderzoeksfaciliteiten zeer beperkt waren.

Ook wetenschappelijke genootschappen stonden vaak afwijzend tegenover vrouwen. In het boek wordt bijvoorbeeld uitgebreid gesproken over de Society of Experimental Psychologists - ook wel kortweg the Experimentalists genoemd - die werd opgericht door Titchener. In deze club waren per statuut geen vrouwen welkom, ook niet na herhaaldelijk aandringen van iemand als Christine Ladd-Franklin die een uitgelezen staat van dienst had in de academische wereld.

36
Q

Wat is er verbeterd sinds de tijd van Wundt en Titchener? En wat kan er nog verbeterd worden om te streven naar gelijkwaardigheid van man en vrouw in de academische wereld?

A

Van formele uitsluiting is gelukkig al heel lang geen sprake meer, maar dat wil niet zeggen dat daarmee het probleem is opgelost. In 1927, twee jaar na de dood van Titchener, werden vrouwen bijvoorbeeld formeel toegelaten tot de Society of Experimental Psychologists, maar vijftig jaar later waren er slechts vier vrouwen die ook daadwerkelijk het lidmaatschap hadden gekregen, en ook nu nog wordt de vereniging gedomineerd door mannen.

Die ontwikkeling kun je als voorbeeld nemen voor de academie in het algemeen. Vrouwen worden formeel gelijk behandeld, maar in de praktijk blijkt dat we nog een lange weg te gaan hebben. Volgens de cijfer lijkt het vooral een kwestie van carrière maken binnen de wetenschappelijke wereld. Aan het begin van deze eeuw was er bijvoorbeeld nog duidelijk sprake van ongelijkheid, maar we zijn nu in 2018 bijna zover dat op het niveau van promovendi en universitair docenten bijna de helft van de posities door vrouwen worden bekleed.

Bij de doorstroming naar hogere functies gaat het echter mis. Van de universitair hoofddocenten is slechts een kwart vrouw, en onder hoogleraren is dat nog veel minder. Kennelijk stromen mannen veel makkelijker door in de academie dan vrouwen. Nu is natuurlijk de vraag waar dat precies aan ligt. Vaak wordt daarbij verwezen naar het ouderschap. Dit wordt traditioneel meer geassocieerd met de vrouw, en in de meeste relaties is het nog altijd de vrouw die een stapje terug doet als er kinderen komen.

Dit is een patroon dat diep verankerd is in de samenleving, en op zichzelf niet eens kwalijk. Het gevolg is echter dat vrouwen relatief vaker in deeltijd werken, en in deeltijd bouw je een minder sterk CV op dan wanneer je voltijd werkt, en dat CV telt wel heel sterk mee bij het doorstromen naar hogere functies. Een heel concreet verbeterpunt dat dan ook genoemd wordt in het artikel in Oer, is dat bij beoordeling niet alleen naar het CV gekeken wordt, maar dat dit gewogen wordt naar rato van de aanstelling die men tot dan toe gehad heeft. Dan telt niet langer alleen de lengte van het CV, maar ook de tijd waarin dit is opgebouwd. Op die manier zouden vrouwen die in deeltijd werken, of gewerkt hebben, waarschijnlijk meer kans maken bij de doorstroming naar hogere functies.

37
Q

Oswald Külpe (1862-1915)

A

verkreeg zijn doctoraat bij Wundt in 1887
eigen psychologisch laboratorium op aan de universiteit van Würzburg, waar geëxperimenteerd
werd met relatief complexe mentale taken en het uitvragen van bewuste herinneringen aan
die taken

38
Q

Welke 2 soorten ervaringen uit de experimenten van Kulpe vond Wundt discutabel?

A
  • beeldloze gedachten: Na het associëren van woorden en het beoordelen van gewichten gaven de proefpersonen aan dat ze overgangstoestanden hadden ervaren die niet te beschrijven waren als identificeerbare sensaties of gevoelens.
  • gestuurde associatie
39
Q

Henry J. Watt (1879-1925) en Narziss Ach (1871-1946)

A

vormden een uitdaging voor de experimentele psychologie van Wundt
vroegen hun proefpersonen te associëren met
stimuluswoorden of te rekenen met getallen. De proefpersonen gaven correcte antwoorden
met verwaarloosbare verschillen in reactietijden. Bij het oproepen van hun ervaringen gaven
ze aan dat de instructies, nadat die aangehoord waren, geen verdere bewuste rol meer speelden bij het associëren

40
Q

mental sets

A

Ach schreef dat de instructies verschillende ▌mental sets tot stand brachten, die niet bewust doordrongen tot het associatieproces van de proefpersonen, maar
hen in een bepaalde richting leidde, al voor de experimenten begonnen.

41
Q

Op welke punt betwistte Oswald Külpe de positie van Wilhelm Wundt?

A

In zijn onderzoek naar associatieprocessen, waarbij hij nauwgezet de experimentele methode van Wundt volgde, ontdekte Oswald Külpe dat zijn deelnemers momenten van beeldloze gedachten (imageless thoughts) rapporteerden. Op zulke momenten waren zij zich wel bewust van hun eigen gedachteprocessen zoals associëren en beslissen, maar zonder dat daar een mentale inhoud aan vast zat. Ze rapporteerden eerder de transities in het proces zelf. Volgens Wundt kon dit niet, omdat dergelijke hogere mentale processen niet toegankelijk waren voor introspectie, maar uit de proeven van Külpe bleek dus anders.

Ook het onderzoek van Oswald Külpe naar gestuurde associatie bekritiseerde delen van de positie van Wundt. In deze experimenten liet hij deelnemers complexe, specifieke associatietaken uitvoeren om te zien of de complexiteit van de specifieke opdracht invloed had op de reactietijden van deelnemers. Volgens Wundt zou dat wel moeten want die ging er vanuit dat zo’n complexe taak werd opgelost door een serie van simpele reacties. Daarmee zou dus elke stap in die serie voor een verlenging van de reactietijd moeten zorgen. Dit bleek echter nauwelijks het geval. Dergelijke complexe mentale processen waren dus echt anders dan een serie van simpele mentale processen. Het was alsof de complexe taakstelling bij de deelnemers bij voorbaat al een andere ‘mentale set’ klaar zette om die taak mee uit te voeren. Dat zou namelijk verklaren waarom de complexe taak vervolgens vrijwel even snel werd uitgevoerd als een eenvoudiger taak, en waarom deelnemers rapporteerden dat zij tijdens de uitvoering nauwelijks een bewuste ervaring hadden van de complexiteit van de taakstelling.

42
Q

Hermann Ebbinghaus (1850-1909)

A

Hij meende dat de benodigde tijd samenhing met
eerder opgedane associaties, waardoor sommige stimuli al vertrouwd zijn, en andere niet. Om
het effect van vertrouwdheid tegen te gaan verzamelde hij een groot aantal stimuli die allemaal even onbekend waren, door ▌betekenisloze lettergrepen (nonsens syllables) te creëren. Leertijd is maat voor geheugen

43
Q

Vergeetcurve

A

a testte hij onder wisselende omstandigheden het onthouden
van het geleerde. Hij moest een lijst altijd opnieuw leren, maar had daar wel minder tijd voor
nodig. Ebbinghaus gebruikte deze winst in leertijd als een maat voor geheugen. Die winst
bleek af te nemen naarmate het tijdsverloop tussen twee pogingen langer was. Dat was niet
zo verrassend, maar wel dat de afname niet constant was, maar volgens een ▌vergeetcurve
verliep, waarbij het geheugen na de eerste poging meteen snel afnam, maar daarna bijna helemaal afvlakte. Ebbinghaus merkte op dat de vorm van zijn vergeetcurve een wiskundige
functie benaderde die leek op die in de wet van Fechner

44
Q

Met beide studies liet Oswald Kulpe dus zien dat de experimentele psychologie wel degelijk ook geschikt was om complexere mentale processen te bestuderen, en dat deze niet zomaar bestonden uit een aaneenschakeling van simpeler taakjes. Hoe zat dat met het onderzoek van Hermann Ebbinghaus?

A

Ook Hermann Ebbinghaus betwijfelde de stelling van Wundt dat hogere mentale processen onbereikbaar waren voor de experimentele psychologie, en deed een uitvoerige studie naar de werking van het geheugen.

Om te voorkomen dat de bekendheid met specifieke woorden zijn resultaten zou beïnvloeden ontwikkelde hij een enorme set van betekenisloze lettergrepen en voerde daarmee, met zichzelf als proefpersoon, een lange reeks geheugenoefeningen uit. Met deze methode deed hij allerlei ontdekkingen over de werking van het geheugen, maar de belangrijkste conclusie was waarschijnlijk de zogenaamde ‘vergeetcurve’, die de mathematische regelmatigheid van het verval in ons geheugen beschrijft.

Net als Oswald Külpe liet Hermann Ebbinghaus dus zien dat hogere mentale processen, zoals geheugen, wel degelijk onderzocht konden worden met de methode van de experimentele psychologie, zoals Wundt die voorstelde.

45
Q

Hoe denkt u dat de resultaten van Külpe en Ebbinghaus van invloed zijn geweest op de manier waarop de intellectuele erfenis van Wundt is ontvangen in de afgelopen eeuw?

A

Ook de resultaten van Külpe en Ebbinghaus zullen hebben bijgedragen aan het vertekende beeld dat we lang van het werk van Wundt gehad hebben. Wundt was zelf terughoudend in het gebruik van introspectie, en betwijfelde sterk of de experimentele psychologie toereikend was om de volle breedte en diepte van de menselijke ervaring te onderzoeken. Hij ontwierp juist de Völkerpsychologie (cultuurpsychologie) om die te onderzoeken.

Die twijfel en terughoudendheid werden in wezen door Külpe en Ebbinghaus aan de kant geveegd, waardoor de focus in de psychologie sterk kwam te liggen op het experimentele onderzoek en de cultuurpsychologie van Wundt in de vergetelheid raakte.

46
Q

Reputatie en nalatenschap van Wundt

A

Wundt bleef tot op hoge leeftijd actief. Hij bleef schrijven aan zijn Völkerpsychologie. Historici,
vooral in Engelstalige landen, waren Wundt over het algemeen niet gunstig gezind, deels omdat hij onterecht in verband werd gebracht met de structuralistische school van Titchener, die
niet goed aansloot bij de opkomende Amerikaanse beweging die uitliep op het behaviorisme.
Recent zijn ook de Engels sprekende historici zich beter gaan verdiepen in het werk van Wundt
en zien ze de betekenis van zijn werk. De huidige preoccupatie met cognitieve processen gaat
samen met een terugkerende belangstelling voor het gedachtegoed van Wundt. Hoewel de
experimentele methoden zijn veranderd, zou Wundt zich waarschijnlijk thuis voelen bij de
huidige cognitieve en klinisch psychologen. Er zijn goede redenen om aan te nemen dat
Wundts betekenis van blijvende waarde zal zijn.