boekhouden: ov1 Flashcards Preview

Economie - trimester 3 > boekhouden: ov1 > Flashcards

Flashcards in boekhouden: ov1 Deck (27)
Loading flashcards...
1

eigen vermogen

geld van de onderneming zelf

2

vreemd vermogen

geld dat niet van onderneming is -> moet terugbetaald worden

3

waarom is eigen vermogen is buffer voor vreemd vermogen?

hoe meer eigen vermogen, hoe meer vreemd vermogen je kan aantrekken + terugbetaling van vv

4

voorbeelden eigen vermogen

- overgedragen winst
- eigen inbreng
- aandeelhouder
- business angel

5

voordelen eigen vermogen

- moet niet direct terugbetaald worden

6

nadelen eigen vermogen

- niet fiscaal aftrekbaar (geen kost)
- inspraak mogelijk
- vergoeding afkomstig van winst

7

voordelen vreemd vermogen

- geen inspraak
- rente is fiscaal aftrekbaar

8

nadelen vreemd vermogen

- moet binnen termijn terugbetaald worden

9

voorbeelden vreemd vermogen

- lening bij bank
- betalingsuitstel van vrienden/familie
- leverancier
- uitstel belasting overheid

10

waaruit bestaat het kapitaal?

- eigen inbreng
- aandeelhouders
- inbreng business angel

11

start van onderneming
eigenschappen fase

- grote uitgaven
- weinig inkomsten
- groot risico

12

start van onderneming
soort investering + waarom

startinvestering
-> startende onderneming die geld nodig heeft om productie te kunnen starten

13

start van onderneming
soort financieringsbronnen

- BA ++ -> veel risico, grootste rendement uit haalbaar
- bank + -> risico mag niet te hoog zijn
- eigen inbreng ++ -> veel risico, weinig andere investeerders

14

start van onderneming
niet financieringsbronnen

- aandeelhouders -> te veel risico
- inhouden van winst -> onderneming moet nog winst maken door te groeien

15

aanzet tot groei
eigenschappen fase

- stijgend klantenbestand -> meet afzet
- groei EV -> je maakt winst
- stabieler -> groter klantenbestand, iets minder risico

16

aanzet tot groei
soort investering + waarom

uitbreidingsinvestering
-> als men wil groeien moet je uitbreiden

17

aanzet tot groei
soort financieringsbronnen

- aandeelhouders + -> minder risico, geld beleggen
- BA + -> er is nog wat marge om grote winst te maken
- bank ++ -> hoe minder risico, hoe liever bank het heeft
- eigen inbreng + -> meer financieringsbronnen mogelijk

18

aanzet tot groei
niet financieringsbronnen

- inhouden winst -> winst nog te klein

19

sterke groei
eigenschappen fase

- EV stijgt door winstinhouding
- risico daalt -> vast klantenbestand

20

sterke groei
soort investering

uitbreidingsinvestering

21

sterke groei
soort financieringsbronnen

- eigen inbreng +
- aandeelhouders ++
- lening bij bank ++
- winstinhouding ++

22

sterke groei
niet financieringsbronnen

- BA -> bedrijf te groot, weinig risico -> geen extreem grote winst mogelijk

23

volwassenheid
eigenschappen fase

- EV stijgt door winstinhouding
- risico daalt -> vast klantenbestand + veel ervaring

24

volwassenheid
soort investering

vervanginvesteringen -> vervangen van machines en gebouwen door slijtage

25

volwassenheid
soort financieringsbronnen

- eigen inbreng
- aandeelhouder +++
- lening bij bank +++
- inhouden van winst

26

volwassenheid
niet financieringsbronnen

- BA

27

evolutie bedrijf

1. start van onderneming
2. aanzet tot groei
3. sterke groei
4. volwassenheid