Week 2 Flashcards Preview

Strafprocesrecht > Week 2 > Flashcards

Flashcards in Week 2 Deck (17):
1

verdenking

-startpunt strafvordering 27 Sv
-voldoende dat een strafbaar feit is gepleegd om te spreken van verdenking (bij verdachte moet er sprake zijn van een persoon)

2

verdachte

-materieel = wanneer sprake is van redelijk vermoeden
-formeel = wanneer opvolging is gestart
-ontbreken van de een betekent niet dat de ander niet meer van toepassing is

3

legaliteit

- wet in formele zin (delegatie mogelijk)
- muilkorfarrest: geen strafvorderlijke bemoeienis v lagere wetgever
- relativering: art 3 pw (geen verdenking) en 141/142 sv (wel verdenking) vormen genoeg wettelijke basis voor inzet van bevoegdheden die geen, lichte of niet-stelselmatige inbreuk maken.
+ dit biedt politie de mogelijkheid om nieuwe opsporingsmethoden toe te passen ogv algemene wetgeving

4

IRT affaire en wet BOB 126a Sv

- vanwege gebrek aan normering en gebrekkige organisatie is er een nieuwe wet gekomen
- introductie proactieve opsporing (op basis van aanwijzingen in actie gaan)

5

opsporing

132a Sv
-onderzoek ivm strafbare feiten
-onder gezag van OvJ
-met als doel het nemen van strafvorderlijke beslissingen
+dus geen opsporing = geen bevoegdheid ovj

6

drie domeinen

-redelijk vermoeden dat een strafbaar feit is begaan (klassieke verdenking) 78 Sr
-redelijk vermoeden dat in georganiseerd verband bepaalde strafbare feiten worden beraamd of gepleegd (proactieve opsporing) 126a Sv
-aanwijzingen van terroristisch misdrijf 83 jo 83a Sr
+ lagere graad v vermoeden

7

opsporing vs toezicht

- doelbinding = bevoegdheden inzetten voor wat ze bedoeld zijn
- toezicht kan leiden tot constatering v strafbare feiten (HR geweer arrest - voortgezet toepassing)
+overtreding van wet waarop toezicht wordt uitgeoefend
+overtreding van andere wet dan waarop toezicht wordt uitgeoefend
-klassiek beeld is dat toezicht voor opsporing gaat
-repressieve controle valt niet onder opsporing

8

sfeercumulatie (zigeunerdames arrest)

-gebruik v controle bevoegdheden voor opsporingsdoeleinden is enkel toegestaan als het niet uitsluitend voor opsporingsdoeleinden is (detournement de pouvoir)
-risico: omzeiling v cautie en zwijgrecht als verdachte niet oprecht wordt behandeld (doorgaan met toezicht terwijl al sprake is van verdenking)

9

dynamische verkeerscontrole

-strafvorderlijke fishingexpeditions = opsporingsactiviteiten obv vage risicokenmerken zonder enige verdenking ter zake van enig strafbaar feit, waardoor info verzameld kan worden dat niet mogelijk zou zijn bij reguliere verkeerscontroles
-Hof zei: ddp want vordering inzage rijbewijs diende louter om het optreden, formeel het aanzien van verkeerscontrole te geven
-HR zei: doordat als eerst is gevraagd naar rijbewijs is er voldaan aan eis uit 160 WvW; er is dus sprake van toezicht. het feit dat hier ook opsporingsdoeleinden gelegen zijn betekent geen ddp want niet uitsluitend voor opsporingsdoeleinden.

10

verhoor v verdachte

29 Sv
- lid 1: pressieverbod en zwijgrecht
- lid 2: cautie
+mits verdachte
+mits verhoorsituatie
+ geen cautie kan bewijsuitsluiting betekenen tenzij verdachte niet is geschaad in zijn verdediging

11

rechtsbijstand

28 Sv (HR salduz)
-consultatierecht
-verhoorbijstand
+afstand is mogelijk indien dit uitdrukkelijk of stilzwijgend en ondubbelzinnig gebeurd

12

voortgezette toepassing van bevoegdheden van toezicht naar opsporing

geweer arrest

13

de vraag of er wel of geen sprake is van een verhoorsituatie is afhankelijk van
-verdachte
-vragen gericht op diens betrokkenheid bij strafbaar feit
+indien ja dan moet er cautie gegeven worden van verhoorsituatie

nalatige inspecteur

14

cautie moet gegeven worden aan verdachte. ic is uiting gedaan voordat man als verdachte werd aangemerkt dus cautie niet nodig

plastic boodschappentasje

15

vordering tot bewijs moet onder bevel van ovj. enkel uit eigen beweging geldt het als vrijwillige overhandiging niet als door opsporingsambtenaar wordt gevraagd of die het vrijwillig wil overhandigen. het heeft te maken met verantwoordelijkheid die de getuige dan draagt 126nd Sv

vordering gegevens

16

nieuwe opsporingsmethode toepassen obv algemene bevoegdheid ex 3 pw/141/2Sv als er beperkte inbreuk wordt gemaakt. inbreuk is afhankelijk van duur, intensiteit, frequentie, grootte van het beeld vd verdachte, integriteit en beheersbaarheid van opsporing.

stille sms
-specifiek wettelijke grondslag
-algemene wettelijke grondslag
+beperkte inbreuk (frequentie, intensiteit, duur, additionele inbreuk)
+risicoloos voor integriteit en beheersbaarheid van opsporing
+afstemming met hogere autoriteit of proces-verbaal dat zicht geeft op wijze van opsporing

17

recht op bijstand van raadsman bij politieverhoor. verdachte moet bij alle verhoren er op gewezen worden dat hij hier recht op heeft. vormverzuim hiervan ex 359a sv kan leiden tot bewijsuitsluiting. afstand doen van bijstand kan als het uitdrukkelijk/stilzwijgend en ondubbelzinnig gebeurd.

nieuwe salduz
-consultatierecht is voorafgaan aan het verhoor
-verhoorbijstand tijdens het verhoor