Week 5 Flashcards Preview

Strafprocesrecht > Week 5 > Flashcards

Flashcards in Week 5 Deck (19):
1

buitengerechtelijke afdoening (good cause, 6 evrm)

-bestuurlijke boete (niet ism 113 gw, criminal charge)
-transactie 74 Sr
-(on)voorwaardelijke sepot 167 Sv
-strafbeschikking (geldt ook als vervolging 257a Sv)

2

taak OM

-tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen 553 Sv
-vervolging
+onderscheid vervolging en verdere vervolging (RC onderzoek)
+haalbaarheidsaspecten en opportuniteitsbeginsel (positief/negatief)

3

art 12 procedure

beklag over vervolging mogelijk door rechtstreeks belanghebbende 12 Sv

4

verzet tegen strafbeschikking

-binnen 14 dagen, vormvrij, vanaf overhandiging/bekendheid bij verdachte
-schorst tenuitvoerlegging
-afstand verzet mogelijk door vrijwillige voldoening strafbeschikking of schriftelijk afstand te doen 257a

5

vervolging

-vaag begrip: voorleggen van de zaak ter beoordeling aan de rechter, oftewel dagvaarden vd verdachte
-anno 2017: rechter betrekken bij de zaak
+aanhangig maken vd zaak ter terechtzitting dmv dagvaarding 258 sv
+vorderen voorlopige hechtenis 63 sv
+vorderen onderzoek rc 181 sv
+uitvaardigen strafbeschikking 257a sv
-uitz hierop is dat incidentele betrokkenheid van rc hier niet ondervalt (machtiging etc)

6

verschil vervolging en verdere vervolging

-initiele beslissing is vervolging 167 sv
-beslissing om verder te vervolgen is afhankelijk van het feit of er eerder een vervolgingsbeslissing is genomen
-verdachte moet enkel op de hoogte gebracht worden van besluit om niet verder te vervolgen als er al eerder een vervolgingsbeslissing was genomen 243/46 sv

7

terugkomen vervolgingsbeslissing

-niet (verder) vervolgen ten voordele vd verdachte mag altijd. het is mogelijk om dagvaarding/strafbeschikking in te trekken zolang ottz niet is begonnen 266/255a
-wel (verder) vervolgen ten nadele vd verdachte mag zolang vertrouwensbeginsel niet is geschonden. op kennisgeving geen (verdere) vervolging terug te komen is slechts mogelijk igv nieuwe bezwaren of opdracht van hof 255/246 jo 12 sv

8

vervolgingsmonopolie

-ovj heeft alleenrecht om vervolgingsbeslissingen te nemen en een zaak bij de zittingsrechter aanhangig te maken
-slachtoffer heeft een kleine rol en kan bij klachtdelicten een strafzaak starten
-alleenrecht staat onder druk door punitief bestuursrecht. door boetebeschikking vervalt vervolgingsrecht, want boete geldt als kennisgeving van geen verdere vervolging duale handhaving geldt ook als vervolging.

9

opportuniteitsbeginsel

-geen verplichting maar bevoegdheid 167/242 sv
-positief opportuniteitsbeginsel
-apart moet gekeken worden naar haalbaarheid

10

grenzen aan vervolging

-capaciteit/beleid
-wettelijke beletselen
+jeugdige leeftijd
+ontbreken rechtsmacht
+ontbreken klacht
+ne bis in idem
+overlijden verdachte
+verjaring
+schorsing vervolging
-beginselen van gpo

11

criminal charge

-autonoom vervolgingsbegrip 6 evrm
-begint bij politieverhoor, want dan kan verdachte verwachten dat een strafvervolging gestart zal worden door OM
-redelijk termijn doelt op periode tussen politieverhoor en uitspraak vd rechter 6 evrm

12

controle vervolgingsbeslissing

-raadkamer gerechtshof = volle toetsing 12 sv
-raadkamer rechtbank nav bezwaarschrift dagvaarding = marginale toetsing 262 sv
-zittingsrechter = inhoudelijke toetsing aan vervolgingsbeletselen en beginsel gpo 359a sv
-minister van v en j 127 wet ro = aanwijzingen

13

afdoeningsmodaliteiten

-dagvaarding (vervolging)
-voeging ad informandum (vervolging)
-strafbeschikking (vervolging)
-(on)voorwaardelijke sepot
-transactie

14

ondanks mededeling parkeerwachter dat pas bij herhaling van overtreding overgegaan zou worden op proces-verbaal is ovj toch overgegaan op vervolging waardoor die in strijd zou hebben gehandeld met gpo: vertrouwensbeginsel echter niet-ontvankelijk want toezegging kan niet aan om toegerekend worden

parkeerwachter

15

verdachte werd vervolgd ogv 6 wvw en kon max 1 jr celstraf krijgen. ouders van slachtoffer waren hier niet tevreden mee en deden beklag 12 sv. hr oordeelde dat bij toetsing beklag zowel gekeken moet worden naar de vervolging als op grond van welk feit dit moet gebeuren

zeeuwse motorrijder

16

wanneer een vervolgingsbesluit onverenigbaar is met gpo (voornamelijk redelijke en billijke belangenafweging) kan zittingsrechter inhoudelijk toetsen en evt om niet-ontvankelijk verklaren (zware motiveringsplicht)

toetsing vervolgingsbeslissing door zittingsrechter

17

om kan ondanks sepot alsnog overgaan tot alsnog vervolgen als is voldaan aan deze 2 eisen
-ernstige zaak
-omstandigheid dat verdachte na ontvangst vd beslissing in het kader van strafzaak gesprekken moet hebben met psychiater, psycholoog, reclassering etc
de verdachte had om dan moeten navragen, dus geen schending van vertrouwen

vertrouwen na kennisgeving sepot (inhoudelijke vertrouwensbeginsel)

18

enkel in beperkte gevallen kan besluit om inhoudelijk getoetst worden
-vertrouwensbeginsel
-redelijke en billijke belangenafweging
evt niet-ontvankelijk verklaren ovj

checkpoint II

19

stappenplan checkpoint II

1. vertrouwensbeginsel
- heeft om bepaalde uitlating niet nagevolgd?
- gerechtvaardigd vertrouwen dat om niet gaat vervolgen?
2. zwaarder wegende belangen?
- om schending vertrouwensbeginsel te rechtvaardigen
1. redelijke en billijke belangenafweging
- geen redelijk handelend lid van om heeft kunnen afwegen dat door vervolging enig door strafvorderlijk beschermd doel gediend kan zijn (flutzaak)