12. Mijn land en taal Flashcards Preview

Dutch - 图解小词典 > 12. Mijn land en taal > Flashcards

Flashcards in 12. Mijn land en taal Deck (23):
1

Rusland

Russia

2

de Rus

the Russian

3

Russisch

Russian (the language)

4

Duitsland

Germany

5

de Duitser

the German

6

Duits

German (the language)

7

Frankrijk

France

8

de Fransman

the French

9

Frans

French (the language)

10

China

China

11

de Chinees

the Chinese

12

Chinees

Chinese (the language)

13

Japan

Japan

14

de Japanner

the Japanese

15

Japans

Japanesede (the language)

16

De Verenigde Staten

the Unite State

17

de Amerikaan

the American

18

Engels

English (the language)

19

Mexico

Mexico

20

de Mexicaan

the Mexican

21

Spaans

Spanish

22

Uit welk land kom jij? Welke talen kun jij spreken?

What country are you from? What languages ​​can you speak?

23

Ik ben Chinees. Ik kan Chinees en Engels spreken.

I am Chinese. I can speak Chinese and English.