3. Mijn familie Flashcards Preview

Dutch - 图解小词典 > 3. Mijn familie > Flashcards

Flashcards in 3. Mijn familie Deck (23):
1

de opa

grandpa

2

de oma

grandma

3

de oom

uncle

4

de tante

aunt

5

de papa

dad

6

de mama

mum

7

de oudere zus

the elder sister

8

de oudere broer

the elder brother

9

de jongere zus

the younger sister

10

het zusje

the younger sister

11

de jongere broer

the younger brother

12

het broertje

the younger brother

13

de dochter

the daughter

14

de zoon

the son

15

het kind

the childen

16

Hoeveel mensen zijn er in jouw familie?

How many people in your family?

17

Er zijn vier mensen in mijn familie: papa, mama, mijn broetje en ik.

My family has four people, dad, mum, my little brother and I.

18

de vader

father

19

de moeder

the mother

20

drie

three

21

de kinderen

the children

22

Eris is mijn schoondochter

Eris is my daughter-in-law

23

Eris is de schoonzus van Josine

Eris is Josine's sister-in-law