2. Mijn huis Flashcards Preview

Dutch - 图解小词典 > 2. Mijn huis > Flashcards

Flashcards in 2. Mijn huis Deck (44):
1

het huis

house

2

het balkon

balcony

3

het raam

window

4

de deur

door

5

het slot

lock

6

de sleutel

key

7

de garage

garage

8

de tuin

garden

9

het glas

glass

10

de slaapkamer

bedroom

11

de badkammer

bathroom

12

de wasmachine

washing machine

13

de trap

stairs

14

de keuken

kitchen

15

de airco

AC

16

de eetkamer

dinning room

17

de televisie

television

18

de afstandsbediening

remote control

19

de woonkamer

living room

20

ook

also

21

groot

big

22

klein

small

23

De woonkamer in jouw huis is groot, en de eetkamer is ook groot.

The living room in your house is big, and the dinning room is also big.

24

Dit huis is klein, en dat huis is ook klein.

This house is small, and that house is also small.

25

ik ben

I am 

26

jij bent

you are

27

hij is

he is

28

wij zijn

we are

29

jullie zijn

you are

30

zijn zijn

they are

31

zij is

she is

32

het is

it is

33

goed zo!

good!

34

huilen

cry

35

neuken

fucking

36

neuken in de keuken

fucking in the kitchen

37

pennis

pennis

38

varken

pig

39

varkentje

small pig, piggy

40

leuk

nice, cute

41

eierdopje

egg cup

42

ei

egg

43

zout

salt

44

blij

happy