Exercitium 9 Flashcards Preview

Tirocinium Latinum > Exercitium 9 > Flashcards

Flashcards in Exercitium 9 Deck (20):
1

In (acc.)

Naar (binnen) / In

2

Ad (acc.)

1. Naar (toe) / Tot
2. Bij

3

Ante (acc.)

Voor (plaats en tijd)

4

Apud (acc.)

Bij

5

Circum / Circa (acc.)

Rond / Rondom

6

Contra (acc.)

Tegen / Tegenover

7

Inter (acc.)

1. Tussen / Temidden van
2. Tijdens

8

Per (acc.)

1. Door ... heen
2. Gedurende
3. Door middel van

9

Post (acc.)

1. Achter (plaats)
2. Na (tijd)

10

Praeter (acc.)

1. Langs / Voorbij
2. Behalve

11

Propter (acc.)

Wegens / Om

12

Trans (acc.)

Aan de overzijde van / Over ... heen

13

In (abl.)

In / Op

14

A / Ab (abl.)

1. Van / Vandaan / Van de kant van ...
2. Door (bij het passivum alleen gebruikt bij levende wezens)

15

Cum (abl.)

Samen / Met

16

De (abl.)

1. Van ... af
2. Over / Aangaande

17

E / Ex (abl.)

Uit

18

Pro (abl.)

Voor

19

Sine (abl.)

Zonder

20

Sub (abl.)

Onder / Aan de voet van ...