Eten en Drinken Flashcards Preview

Spaans - Intertaal Woordenschatwijzer > Eten en Drinken > Flashcards

Flashcards in Eten en Drinken Deck (75):
1

nemen

tomar

2

drinken

beber

3

ontbijt
ontbijten

el desayuno
desayunar

4

lunch
lunchen

el almuerzo
almorzar

5

diner
dineren

la cena
cenar

6

koken

cocinar

7

de keuken

la cocina

8

het recept

la receta

9

de oven

el horno

10

de pan

la olla, la cazuela

11

bakken, braden, frituren

freír

12

de braadpan

la sartén

13

de magnetron

el microondas

14

verwarmen, opwarmen

calentar

15

kruiden

sazonar

16

het kruid, de specerij

la especia, el condimento

17

het bord, het gerecht

el plato

18

het diepe/platte bord

el plato hondo/llano

19

het kopje

la taza

20

het glas

el vaso

21

het wijnglas

la copa

22

het bestek

el cubierto

23

het mes

el cuchillo

24

de vork

el tenedor

25

de lepel
de soeplepel
het theelepeltje

la cuchara
la cuchara sopera
la cucharilla

26

de fles

la botella

27

de kurkentrekker

el sacacorchos

28

de ober / serveerster

el/la camarero /-a

29

bestellen

pedir

30

de rekening

la cuenta

31

de fooi

la propina

32

Wat wilt u (eten/drinken)?

Qué desea?

33

Wat zal het zijn?

Qué le pongo?

34

Wat kunt u me/ons aanraden?

Qué me/nos puede recomendar?

35

Als voorgerecht/dessert kan ik u aanbevelen ....

De primero/postre le(s) recomiendo ....

36

Als hoofdgerecht wil ik ...

De segund quiero ...

37

Brengt u me ...

Me trae ....

38

Als voorgerecht ...

De primero ....

39

Brengt u me alstublieft een koffie met melk en de rekening?

Camarero, por favor. Me trae un café con leche y la cuenta?

40

volkorenbrood

el plan integral

41

het geroosterd brood

la tostada

42

het (belegde) broodje

el bocadillo

43

de pasta

la pasta

44

de volle/magere melk

la leche entera / desnatada

45

de boter

la mantequilla

46

de jam

la mermelada

47

het zachtgekookt ei

el huevo pasado por agua

48

het gebakken ei

el huevo frito

49

het roerei

el huevo revuelto

50

de ham
de gekookte ham
een plakje ham

el jamón
el jamón dulce / de York
la locha de jamón

51

het vlees
het gehakt

la carna
la carne picada

52

de steak, biefstuk

el bistec

53

de filet

el filete

54

de schelp- en schaaldieren

el marisco

55

de watermeloen

la sandía

56

de aardbei

la fresa / la frutilla

57

de groente

la verdura

58

de salade

la ensalada

59

de paprika

el pimiento

60

de komkommer

el pepino

61

de ui

la cebolla

62

de sla

la lechuga

63

de olijf

la aceituna / la oliva

64

de peper

la pimienta

65

het drankje

la bebida

66

het sap

el zumo / el jugo

67

de frisdrank

el refresco

68

de (niet) alcoholische drank

la bebida (no) alcohólica

69

de sherry

el jerez

70

de koffie, espresso
de zwarte koffie
de cafeïnevrije koffie
de koffie met een klein beetje melk

el café
el café solo
el café descafeinado
el (café) cortado

71

de (zwarte) thee

el té (negro)

72

de kruidenthee

la infusión

73

de chocolade

el chocolate

74

het ijs(je)

el helado

75

de taart

la tarta