H17: Sociale Psychologie Flashcards Preview

Psychologie M. Brysbaert > H17: Sociale Psychologie > Flashcards

Flashcards in H17: Sociale Psychologie Deck (211)
Loading flashcards...
1

Sociale psychologie

Sociale psychologie is de wetenschappelijke studie van de invloed van anderen op onze gedragingen (met inbegrip van onze gedachten en gevoelens)

2

Wat was 1 van de eerste grote vragen die sociaalpsychologen probeerden op te lossen.

Hoe de wreedheden in de concentratiekampen van de WOII (en elk andere oorlog) hadden kunnen ontstaan.

3

Waarom was dat 1 van de eerste vragen?

Veel sociaalpsychologen waren Joden die naar de VS gevlucht waren.

4

Wat was de eerste gedachten over hoe deze wreedheden konden ontstaan?

Aanvankelijk dachten psychologen dat de wreedheden te wijten waren aan een persoonlijkheidsstoornis bij de Duitse generaals en gevangenisbewakers.

5

Wie publiceerde het boek The Authoritarian Personality en wat stelden zij daarin?

Adorno et al.
zij stelden dat de Duitse opvoeding resulteerde in een autoritaire persoonlijkheid. Deze opvoeding bestond uit een strikte gehoorzaamheid aan de ouders gecombineerd met de verwerping van mensen die niet tot de eigen behoorde.

6

Welke 3 eigenschappen hadden een autoritaire persoonlijkheid?

- De aanvaarding van traditionele of conventionele waarden.

- Een bereidheid tot kritiekloze aanvaarding van autoriteitsfiguren

- Een neiging om agressief te reageren tegenover groepen die door de autoriteitsfiguren als bedreigend gezien worden

7

Hoe identificeren mensen met een autoritaire persoonlijkheid de wereld?

Als bedreigend en identificeren zich sterk met hun eigen groep om zich te beschermen.

8

Waarom had de theorie van Adorno et al een grote aantrekkingskracht?

Omdat ze suggereerde dat de uitspattingen van de WOII alleen bij sommige mensen voorkwamen (en dus niet bij ons!)

9

Waarom is volgens sociaalpsychologen de opvatting van Adorno verkeerd?

Geplaatst in dezelfde situatie als de Duitsers in de jaren 1930-1945 zou bijna iedereen zich op exact dezelfde manier gedragen, ongeacht of ze nou Amerikanen, Duitsers, Belgen of Nederlanders waren.

10

Conformisme

Bij conformisme voegen we ons gedrag naar dat van de groep waartoe we behoren (of willen behoren) zonder dat er sprake is van een directe oproep om dit te doen

11

Wie had de eerste experimentele evidentie voor conformisme?

Muzafer Sherif (1935)

12

Wat was het experimentele evidentie van Muzafer Sherif voor conformisme?

Hij gebruikte het autokinetische effect. Het feit dat een kleine, stilstaande lichtvlek in een donkere kamer na een tijdje lijkt te bewegen. Proefpersonen die de bewegingen beoordeelden, hadden de neiging om het licht in dezelfde richting te zien bewegen als de richting die persoon voor hen (medeplichtige van de proefleider) aangaf.

13

Wie toonde aan dat conformisme zich niet beperkte tot ambigue situaties?

Solomon Asch.

14

Door welke factoren gingen proefpersonen zich meer conformeren?

- Grootte van de groep
- Ambiguiteit van de situatie
- Mate van expertise die aan de groep toegeschreven werd

15

Welke factor doe de mate van conformisme dalen?

Aanwezigheid van deen dissident in de groep, die weerstand bood.

16

Welke 2 redenen lijken er te bestaan waarom mensen zich conformeren?

- Accuraatheid
- Aanvaarding van de groep.

17

Waarom conformeren mensen aan een groep?

Mensen willen over het algemeen juist zijn, maar voelen zich niet zeker of hun antwoord wel juist is. Dan letten ze op andere las gids voor hun gedrag (zeker wanneer anderen "experts" zijn)

Daarnaast, en dit is minstens even belangrijk) willen mensen erbij horen. Zich conformeren aan een groep is 1 manier om aanvaard te worden door de groep, net zoals afwijken van een groep krachten oproept om de verdwaalde weer bij de kudde te krijgen.

18

Waarom zijn mensen makkelijk beïnvloedbaar?

Omdat het voor ieder van ons het van vitaal belang is om tot een groep te behoren. Daarom zijn we makkelijk beïnvloedbaar door een groep en conformeren we ons meer dan we ons realiseren.

19

Wat heeft elke groep?

Sociale normen, of impliciete regels, die leden volgen. Veel van ons gedrag wordt gedicteerd door de normen van de groep waartoe we behoren. Dit is zelfs zij bij adolescenten, die vaak prat op gaan dat zij tegen de gevestigde waarden rebelleren, maar ondertussen wel de kleren, de spraak en de waarden van hun leeftijdsgenoten kopiëren

20

Wie is Stanley Milgram en wat vroeg hij zich af?

Een student van Asch.

Hij vroeg zich af of de sterke sociale invloeden die Asch vaststelde bij conformisme, zich ook voordeden bij gehoorzaamheid.

21

Gehoorzaamheid

Is een reactie op een bevel en de meest rechtstreekse vorm van sociale beïnvloeding.

22

Agentic shift

De proefpersonen geven de verantwoordelijkheid voor hun eigen acties op en werden uitvoerders van de proefleider (experiment van Milgram mbt toedoenen shocks). Volgens Milgram kwam dit niet door de eigenschap van de proefpersonen (blinde gehoorzaamheid) maar door de sociale omstandigheden.

23

Wat was de boodschap van Milgram mbt zijn experiment?

Dat men bij de verklaring van het menselijke gedrag niet altijd naar de persoonlijkheid van het individu moet kijken, maar ook naar de omstandigheden waaronder het gedrag plaatsvindt

24

Wat is een ander iets wat sociaal psychologen snel opviel?

Dat mensen zich anders gedragen als een anoniem lid van een groep dan wanneer ze alleen zijn.

25

Hoe gedragen groepen zich?

Groepen gedragen zich soms op een manier die geen enkel individueel lid in overweging zou nemen. Dit is bijv het geval bij bendes die tot geweld en antisociale daden overgaan, alsof de individuele leden hun normale zelfcontrole verloren hebben. Dit gebeurt ook bij hooligans en betogers in een groep bezittingen vernielen die ze normaliter met rust zouden laten.
Uiteraard kan een grote groep zich meer risico's permitteren dan een individu, maar het effect van het groepsgedrag lijkt toch verder te gaan

26

Deïndividuatie

We spreken van deïndividuatie als individuele mensen hun persoonlijke identiteit verliezen doordat ze een onderdeel zijn van een massa. Ze verliezen dan een deel hun verantwoordelijkheidsgevoel en van hun waarden. Ze doen mee met de andere, vooral als ze die bewonderen

27

Wat zijn kenmerkende voorbeelden van gedrag dat normaal geïnhibeerd wordt maar tot uiting kan komen in een groep?

- Plunderen
-Vandalisme
- Wraak nemen
- Lynchen
- Lichamelijke risico's nemen

28

Welke 3 factoren zijn er, volgens onderzoekers, nodig voor deïndividuatie?

- Verhoogde opwinding
- Anonimiteit
- Verminderde individuele verantwoordelijkheid

29

Wie en hoe werd het belang van de factoren voor deïndividuatie aangetoond?

Door Zimbardo

Door 2 groepen van universiteitsstudentes te laten deelnemen aan een groepsspel waarin elektrische shocks gegeven werden aan een "slachtoffer" (zoals Milgrams experiment). Het enige verschil tussen de 2 groepen was dat groep 1 hun gewone kleren aanhad en hun gezicht zichtbaar was en de 2e groep in een tenue, dat grote gelijkenissen vertoonde met de KKK; hun gezicht werd bedekt met een masker.

30

Wat heeft verder onderzoek naar deïndividuatie nog meer aangetoond?

Dat het niet altijd negatieve gevolgen heeft. Wanneer mensen in een groep opgaan, worden ze niet altijd gewelddadiger maar geven ze hun eigen normen op ten voordele van de groep. Als de groep gewelddadig wordt, dan zullen de leden eveneens gewelddadig worden (en in een ergere mate dan ze individueel zouden doen), maar als een groep te hulp snelt, dan zullen de individuen ook in grotere mate helpen dan ze alleen zouden doen (Postmes&Spears).
Als zodanig is zichzelf in een groep