A2 - B1 - Onregelmatige Werkwoorden Flashcards Preview

Nederlands Woorden > A2 - B1 - Onregelmatige Werkwoorden > Flashcards

Flashcards in A2 - B1 - Onregelmatige Werkwoorden Deck (34)
Loading flashcards...
1

infinitief: aanbieden

onvoltooid verleden tijd (simple past tense): bood aan voltooid deelwoord (past participle) aangeboden

2

infinitief: blijken

bleek is gebleken

3

infinitief: drijven

dreef gedreven

4

infinitief: genieten

genoot genoten

5

infinitief: lijken

leek geleken

6

infinitief: ontvangen

ontving ontvangen

7

infinitief: opvallen

viel op opgevallen

8

infinitief: slapen

sliep geslapen

9

infinitief: stijgen

steeg is gestegen

10

infinitief: trekken

trok getrokken

11

infinitief: breken

brak gebroken

12

infinitief: buigen

boog gebogen

13

infinitiefnederlands grijpen

greep

gegrepen

14

infinitiefnederlands (op)hangen

hing

gehangen

15

infinitiefnederlands:

schelden

schold

gescholden

16

verschijnen

verscheen / verschenen (is)

17

infinitiefnederlands verdwijnen

verdween

verdwenen

18

infinitiefnederlands schrikken

schrok

geschrokken

19

infinitiefnederlands slaan

sloeg

geslagen

20

infinitiefnederlands sterven

stierf

gestorven

21

infinitiefnederlands verbergen

verborg

verborgen

22

infinitiefnederlands schijnen

scheen

geschenen

23

infinitiefnederlands vriezen

vroor

gevroren

24

infinitiefnederlands waaien

woei;

waaide gewaaid

25

infinitiefnederlands zwijgen

zweeg

gezwegen

26

to prove
proved

bewijzen
bewees
bewezen

27

to lie
lied

liegen
loog
gelogen

28

to point
pointed

pointing

wijzen
wees / gewezen
wijzend

29

bidden
ik heb gebeden
ik bad...

to pray
i have prayed
i prayed...

30

climb

climbed

klimmen

klom

geklommen