les22 Flashcards Preview

Latijn > les22 > Flashcards

Flashcards in les22 Deck (37):
1

salutem dicere

+dat, groeten

2

ut

+coni, dat; opdat; om te; zodat

3

ne

+coni, dat niet; opdat niet; om niet te

4

odium

haat

5

ratio

rationis, v, rede; verstand

6

valere

gezond zijn; sterk zijn; gelden, valui

7

damnum

schade; nadeel

8

poena

straf; boete

9

poenas dare

gestraft worden

10

sinere

toelaten; toestaan; laten sivi, situs

11

praeter

+acc, behalve

12

labor

Laboris, werk; inspanning; moeite; leed

13

oportet

het is nodig; het behoort

14

curare

zich bekommeren om; zorgen voor; verzorgen; zorgen

15

sollicitudo

sollicitudinis, v, bezorgheid; zorg; ongerustheid

16

senectus

senectus, v, ouderdom

17

nefas

o, onrecht; zonde

18

adversus

+acc, tegen

19

sententia

mening; voorstel; wil

20

spatium

ruimte; tijdsruimte; tijd

21

quietus

rustig

22

ita

zo

23

sollicitare

ongerust maken; verontrusten

24

qualis?

hoedanig?; wat voor een?; wat voor?

25

miscere

mengen; verwarren; in de war sturen, miscui mixtus

26

modus

maat; wijze; manier

27

cupiditas

cupiditatis, v, begeerte; verlangen

28

tribunatus

us, tribunaat

29

mortuus

gestorven; dood

30

demum

bijw, pas

31

sentire

bemerken; voelen; merken, sensi sensus

32

perseverare

volharden; doorgaan; volhouden

33

nec

en niet; ook niet; maar niet

34

timere ne

+coni, vrezen dat

35

cum

+coni, toen; omdat

36

culpa

schuld

37

sero

bijw, laat; te laat