aanvankelijk
eerst
afnemen (nam af, h./is afgenomen)
dalen (klesat), minder worden
bieden (bood, h. geboden)
geven
brug (de) (~gen)
een bouwwerk dat de twee kanten van een rivier verbindt
delen (deelde, h. gedeeld)
verdelen, aan ieder een deel geven
t (mat.) dělení
v
1. dělit se o co s kým (o jídlo ap.), podělit se o co s kým, rozdělit se o co s kým
2. sdílet co s kým (názory ap.)
3. (mat.) dělit co čím (čísla ap.), vydělit co čím
eis (de) (~en)
de voorwaarde, iets wat moet gebeuren voordat er iets
anders kan gebeuren
požadavek (nárok ap.)eisen op iem./iets nároky na koho/co (pracovní ap.)systeemeisen m pl systémové požadavky
fietspad (de)
een smalle weg waarop alleen fietsers mogen rijden
flink
erg, zeer
po)řádný (výprask ap.
gezamenlijk
samen
adj 1. společný (úsilí ap.) 2. celkový (v součtu, úhrnu) adv 1. celkem, celkově (jako celek) 2. jednotně, společně (jednat ap.)
gracht (de) (~en)
een soort smalle, door mensen gemaakte rivier in of om een
stad
groeien (groeide, is gegroeid)
groter worden, toenemen, stijgen
halverwege
op de helft van
v půli, uprostřed (cesty ap.)
hek (het) (~ken)
een soort wand van bijv. hout of ijzer, die twee ruimtes
buiten van elkaar scheidt
plot
hospita (de) (~’s)
eigenares van een huis die kamers verhuurt aan studenten
domácí (majitelka), bytná
invoeren (voerde in, h. ingevoerd)
introduceren
krap
als iets krap is, is er weinig ruimte voor
close · narrow · cramped · skimpy
kruispunt (het) (~en)
de kruising, het punt waar twee lijnen, wegen enz. elkaar
snijden
křižovatka
lantaarnpaal (de) (-palen)
een paal langs de weg met bovenin een lamp
sloup pouličního osvětlení, kandelábr
links
iets wat links zit, zit aan de kant van je lichaam waar je hart
is
adj 1. levý (strana ap.) 2. levicový 3. levoruký adv nalevo (kde) phr van links zleva
noodpakket (het)
dingen die je nodig hebt als je in grote moeilijkheden komt
nood = nouze, tisen
ombouwen
de functie en de indeling (cleneni) van een gebouw veranderen
ontstaan (ontstond, is ontstaan)
beginnen, zich vormen
t vznik čeho
v
1. vzniknout
2. nastat (panika ap.)
pand (het) (~en)
het gebouw
budovain pand geven iets dát co jako zástavu
parkeerplaats (de) (~en)
een ruimte waar je je auto kunt parkeren
parkoviště