DMARD’s
Vanwege de bijwerkingen van langdurig gebruik van hoge doses corticosteroïden is gezocht naar alternatieven met immuunsuppressieve werking maar minder bijwerkingen.
Ze kunnen op verschillende manieren het immuunsysteem remmen:
Sommige grijpen in op het celdelingsproces, zoals:
Cyclofosfamide (alkylerend agens)
Azathioprine (purineantagonist)
Methotrexaat (foliumzuurantagonist)
Andere hebben een meer specifiek effect op immuuncellen, zoals:
Ciclosporine (remt T-celproliferatie)
Tacrolimus (remt calciumafhankelijke signaaltransductie in T-cellen)
Mycofenolaat (cytostatisch voor B- en T-cellen)
Azathioprine
Azathioprine is een inactief prodrug dat na omzetting in de lever een purine-analoog wordt. Het remt DNA-replicatie en daarmee de proliferatie van T-lymfocyten (zowel CD4+ als CD8+), inclusief alloreactieve T-cellen. Het wordt gebruikt bij:
Preventie van orgaanafstoting na transplantatie
Behandeling van auto-immuunziekten
Bijwerkingen
Doordat het werkt op snel delende cellen, kan azathioprine:
Het beenmerg onderdrukken → risico op leukopenie en trombocytopenie
Darmschade geven → mogelijk colitis
➡️ Daarom is strikte controle van bloedwaarden (leukocyten en trombocyten) essentieel tijdens behandeling.
Azathioprine is inactief totdat het door de lever wordt gemetaboliseerd en het duurt een paar weken om effectief te zijn. Bij patiënten met leverfalen is azathioprine daarom niet effectief.
mycofenolaatmofetil en cyclofosfamide
Mycofenolaatmofetil: selectief, veiliger bij langdurig gebruik, geschikt voor onderhoud.
Cyclofosfamide: krachtiger, breder cytotoxisch, nuttig bij ernstige ziekte of inductie.
Immuun-checkpoint-inhibitie
is een vorm van kankerimmunotherapie waarbij het natuurlijke “remmechanisme” van het immuunsysteem wordt uitgeschakeld. Tumorcellen maken namelijk gebruik van deze immuuncheckpoints om aan het immuunsysteem te ontsnappen. Door deze remmen te blokkeren, kan het immuunsysteem tumorcellen weer aanvallen.
Belangrijkste doelwitten:
CTLA-4: remt T-celactivatie in lymfoïde organen (vroege immuunrespons).
PD-1 op T-cellen en PD-L1 op tumorcellen: remmen T-celactiviteit in perifeer weefsel (latere respons).
Voorbeelden van geneesmiddelen:
Anti-CTLA-4: ipilimumab
Anti-PD-1: pembrolizumab, nivolumab
Anti-PD-L1: atezolizumab, durvalumab
Voordelen:
Grote doorbraak in kankerbehandeling
Effectief bij veel kankersoorten, als mono- of combinatietherapie
Werkt via activatie van lichaamseigen T-lymfocyten, risico op autoimmuunreacties