woordjes D Flashcards Preview

Frans Woordschat Selor > woordjes D > Flashcards

Flashcards in woordjes D Deck (533)
Loading flashcards...
511

drame, le

het drama

512

drap, le

het laken

513

drapeau, le; les drapeaux

de vlag

514

draperie, la

het gordijn

515

dressoir, le

het buffet

516

droit, le

het recht (rechtspraak)

517

droits successoraux (m), les

de successierechten

518

drôle

(dat is) grappig

519

dû à

te wijten aan

520

du moins

tenminste (zo zegt hij)

521

duc, le

de hertog

522

duchesse, la

de hertogin

523

d'une part

enerzijds

524

duo, le

het duo

525

duquel, de laquelle, desquels,
desquelles; (pron. int.)

waarover

526

dur

hard (werken)

527

durable; durable

(een) duurzaam (effect)

528

durant

gedurende, tijdens, onder

529

durcir

hard worden (het brood is hard geworden)

530

durée, la

de duur (tijdspanne)

531

durer; duré

duren

532

dureté, la

de hardheid (van een materie)

533

dynamique; dynamique

(een) dynamisch (mens)