Het Uiterlijk Flashcards Preview

Parole > Het Uiterlijk > Flashcards

Flashcards in Het Uiterlijk Deck (103):
0

L aspetto

Het uiterlijk

1

Grande/ piccolo
Bello/ brutto

Groot/klein
Leuk/lelijk

2

Bello (persona)

Knap

3

Simpatico

Aardig

4

Snello o sottile (cose)/ snello (persona) e bello/ in forma

Dun/ slank/ fit

5

Devi stare attento al tuo aspetto

Je moet OP je figuur Letten

6

Sciacquare

Spoelen
Met een conditionair

7

I nodi nei capelli
I ricci

Tagliare

De klitten
De krullen

Knippen

8

I capelli

Het haar
Kroeshaar
Kort haar

9

Un tipo
Trasandato, curato, strano

Een vent
Slordig, verzorgd, raar

10

Il segno particolare
Il colore della pelle

De kenmerk
De huidskleur

11

I tratti somatici
Le rughe

De gelaats.trekken
De rimpels

12

La cicatrice

Het litteken

13

La parrucca
L acconciatura

De pruik
De kapsel

14

Avere un aspetto (sembrare)
Sembrare
Assomigliare
Notarsi
Avere uno sguardo

Uitzien
Lijken
Lijken op
Opvallen
Kijken

15

Calvo

Kaal

16

Descrivere

Beschrijven

17

Mettersi (profumo, mascara)
Truccarsi
Il profumo

Opdoen
Opmaken
De parfum

18

Il complimenti
In forma
Snello e bello

Het compliment
Fit
Slank

19

Fico e disinvolto

Stoer en vlot

20

Un abito speciale per le sere d estate

Een speciale jurk voor zomeravonden

21

Attraente

Aantrekkelijk

22

Avere un aspetto

Tim sembra (come) appena uscito dal letto.
Tim sembra un cantante pop.

Eruitzien (alsof/als)

Tim ziet eruit aslof hij net uit bed komt.
Tim ziet eruit asl een popzanger.

23

Assomigliare a

Lijken op

24

Pallido.

Sembri molto pallido. Ti senti bene?

Bleek.

Je ziet zo bleej. Voel je je niet lekker?

25

Mio fratello e' 30 cm piu' alto di me.

Mijn broer is wel 30 cm groter dan ik.

26

Alto

Lang

27

Quanto sei alto?
L' altezza

Hoe groot / lang ben je?
De lengte

28

La postura

De houding

29

Peso 72 kili

Dimagrire

Ik weeg 72 kilo

Afvallen
Het dieet

30

Grossa pancia
Dita sottili

Een Dikke buik
Dunne vingers

31

Tagliare (i capelli)

Knippen

32

La barba
I baffi

De baard
De snor

33

Essere in disordine (spettinato) a causa di...

In de war zitten door...

Door de wind zitten mijn haar in de war.

34

Lo stile
Di buon gusto

De stijl

Stijlvol : smaakvol : erg fraai

35

Vestirsi secondo l' ultima moda

Zich kleden volgens de laatste mode.

36

Essere di moda

In de mode zijn

Korte rokjes zijn in de mode

37

A posto , ordinati (vestiti)

Net : keurig

Slordig

38

Flora si mostra sempre in modo disordinato

Flora ziet er altijd netjes uit.

39

Il trucco
Il rossetto
Lo smalto per unghie
Truccarsi

De make up
De lippenstift
De nagel.lak
Zich opmaken

40

Truccarsi
Sbavare

Opmaken
Uitlopen

41

Un batuffolo di cotone

Een stukje watten.

42

Un cottonfioc

Een wattenstaafje

43

Capelli a spazzola
Barba appena spuntata

Het stoppel.haar
De stoppel.baard

44

La treccia

De vlecht

45

Mi risulti "un volto noto"

Risultare, sembrare

Jij komt me bekend voor

Voorkomen
Vorkomen : essere frequente

46

Lavarsi i denti

Tanden poetsen

47

Avere un' espressijne
abbattuta
Seria
Preoccupata
Arrabbiata
Angosciata

Sip,
Serieus,
Zorgelijk
Boos
Benauwd
Kijken

48

La forfora

De roos

49

Tingere (capelli)

Kleuren

50

Il negozio da parrucchiere

De kapsalon

51

La depilazione

De ontharing
Met de was

52

Vorrei tsgliare i capelli

Ik wil graag mijn haar geknipt.

53

Manicure

Manicure
Pedicure
Massage

54

Attirare l attenzione

De aandacht trekken

55

Depilare
Radere
Fare la ceretta
Peloso, villoso

Ontharen
Zich scheren
Waxen : harsen
De benen harsen
Behaard

56

Il batuffolo di cotone

De prop watten

57

Decente

Fatsoenlijk
Behoorlijk

58

L aspetto

Het voorkomen
Statig
Jeugdig

59

Uno spilungone

Een lange slungel

60

Tatuaggio sopra il sedere

Aarse.gewei

61

Un ciuffo di capelli

Un batuffolo di cotone

Een pluk haar

Een pluk watten

62

Cotton fioc
Batuffolo di cotone

Watten.staafje

De Pluk watten

63

Acqua saponata

Het warme zeepsop

64

Ciuffo (cresta)

Het Kuifje

65

Sembrare

Lijken OP

Ze lijkt precies op haar vader
Zijn lijken op elkaar als druppels water

66

Lui sembra molto orgoglioso

Hij ziet er
Erg trots
Uit.

67

L astuccio per occhiali

Brillenkoker

68

Crema idratante

Vochtin.brengende creme

69

Lo chignon

De knot

70

Gli cadono i capelli

Zijn haren vallen uit.

71

Una bomboletta di lacca

Een bus haarlak

72

Punto nero
Foruncolo

Mee-eter
Puist
Vol puisten
Uitknijpen

73

Avere un atteggiamento
"riservato"
" duro" (mantenere la linea dura)

Zich
/ terughoudend = gereserveerd /

keihard
opstellen

74

Fare la faccia
Arrabbiata / Allegra

Una faccia impassibile
Una faccia di gesso

Een
vrolich / boos
gezicht
Zetten
Een stalen gezicht
Een strak gezicht

75

Essere in forte contrasto con la maggioranza dei presenti

Een scherp contrast
Vormen met
De overige aanwezigen

76

Occhi espressivi

Sprekende ogen

77

Portare
I capelli sciolti

De haar
Los
Dragen

78

Esibire

Pronken met je rijkdom, eigenlijk hoort dat niet.

79

Quanti anni le dai?

Hoe oud schat je haar?

80

Strabico

Scheel

81

L aspetto , la presenza

Het voorkomen

Hij heeft een
Jeugdig
Voorkomen

82

Avere un aspetto

Het voorkomen hebben = eruitzien

Lijken op = sembrare
Impersonale : schijnen, het schijnt dat

83

Le trecce
Arrivano fino a

De vlechten
Reiken tot

84

Prendere qualcuno per suo fratello

Iemand houden
Voor
Zijn broer

85

Portare gli occhiali

Een bril dragen
Opzetten
Afzetten
De brillen.koker
De montuur en de glazen

86

La descrizione

De beschrijving

87

Notarsi
Dimagrire

Opvallen
Afvallen

88

Le lentiggini
La lentigo

La voglia

De sproeten
De lever.vlek

De moeder.vlek

89

Gli occhiali
Montature
Lenti

Lenti a contatto

De bril
Montuur
Glazen

Contact lensen

90

Rosso di capelli

Roodhaarig

91

Corpulento

Lijvig
Gezet

92

Barba
Pizzetto

Lange korte Baard
Ring.baard
Sik (frank zappa)

93

Punto nero

Mee-eter

94

Operazioni di ch plastica

Esthetische operaties
Borst.operaties

95

Una doccia rinfrescante

Een verkwikkende douche

96

Morsetto per capelli

Haar.klem

Klem zitten = essere incastrato

97

Coda di cavallo

Paarden.start

Dragen

98

Ha capelli lunghi che porta in una cova

Hij heeft
Long haar
Dat hij in een parden.staart draagt

99

Con capelli svolazzanti

Met wapperende haren

100

Trovare bello , piacere

Vallen op donkere mannen

101

Crespo

Kroes
Kroes.haar

102

Gli occhiali
La montatura
Lenti rotonde o quadrare

De bril
De montuur
Ronde of vierkante glazen