Vacantie Flashcards Preview

Parole > Vacantie > Flashcards

Flashcards in Vacantie Deck (256):
0

Quanto costa il collegamento internet wifi?

Wat kost draadloos internetten?

1

Dov'e' l' ufficio vvv?

Waar is het VVV kantoor?

2

Grazie per la sua ospitalita''!

Bedankt voor uw gastvrijheid!

3

Posso avere la mia chiave? Numero 2

Mag ik mijn sleutel hebben? Nummer 2

4

Possiamo mettere qui la roulotte?

Mogen wij hier de caravan neetzetten?

5

Ha idea di quanto verra a costare?

Hebt u een odee hoeveel het gaat kosten?

6

Un lucchetto x bici

Een fiets.slot

7

Possiamo passare la notte sul suo terreno?

Mogen wij op uw terrein overnachten?

8

Possiamo montare la tenda qui?

Mogen wij hier de tent opslaan?

9

C e' un difetto nel riscaldamento

Er is een defect aan de verwarming

10

Votrei un cuscino in piu'

Ik will graag een extra kussen

12

Quanto costa per posto? Per un adulto?

Wat is de prijs per plaats? Per volwassene?

13

Quanto devo pagare?

Hoeveel moet ik betalen?

14

Come si alza la sbarra?

Hoe gaat de slaag.boom omhoog?

15

Non sappiamo ancora quanto vi fermeremo

Wij weten nog niet hoe lang we blijven

16

Le docce qui funzionano a gettone?

Werken de douches hier op munt?

17

Fino a che ora e possibile rienyrare?

Tot hoe laat kunnen wij binnenkomen?

18

Accettate carte di credito

Accepteert u crediet.cards?

19

La biancheria

Het beddengoed

20

Vorrei il pernottamento e la colazione

Ik wil graag logies en ontbijt

31

C e in ricovero x bici?

Is er een fietsen.stalling?

32

Fare trekking
Incontaminato
Sicuro contro gli orsi

Trektochten
Ongerept
Beveiligd tegen beren

33

La richiesta di ferie, di visto

De visum, vakantieaanvraag

34

Valido

Geldig

35

Het consulaat

Il consolato

36

Il preparativo

De voorbereiding

37

Il visto, il modulo

Het visum, het formulier

38

Il passaporto

Het paspoort

39

La fotocopia

De kopie

40

Fare la valigia

De koffer pakken

41

L avviso x turisti

Het reis.advies

42

Il caso di necessita'/ emergenza

Het nood geval

43

L agenzia di viaggi

De reisbureau

44

L etichetta x valigia

Het kofferlabel
(Pronuncia)

45

La vaccinazione

De vaccinatie

46

L assicurazione da viaggio

De reisverzekering

47

Il prolungamento

De verlenging

48

Scacchi
Dama
Carte

Schakken
Dammen
Kaarten

49

La gita

Het uitje

50

Pienissimi

Stampenvol

51

Orario di punta

Het spitsuur

52

La deviazione

De omleiding

53

Viaggio d affari

Zakenreis

54

Ci arrivi (sei) in un attimo.

Je bent er ZO!

55

Perdersi/smarrirsi
Sparire

Verdwalen
Verdwijnen

56

Via coi bambini
Adatto ai bambini

Weg met de kids
Kind.vriendelijk

57

Riconosciuto come patrimonio della umanita'

Erkennen asl wereld.erfgoed

58

Soggiorno gratis

Gratis verblijf

59

Per conto proprio

Op eigen houtje

60

Uscire fuori

Op stap gaan

61

A piedi

Te voet

62

La louge piena di stile

De stijlvolle louge

63

Colazione a buffet

Ontbijt.buffet
Uitkiezen

64

Il vagone ristorante

De restauratie.wagen

65

Il cambio della valuta

Wat is de wisselkoers van de euro?

66

La tua richiesta per una proroga e' stata approvata?

Is jouw aanvraag voor verlenging al geod.gekeurd?

67

Treno diretto

Snel trein
Vervoert je non stop tussen grote steden

68

Macchina x il controllo dei bagagli

Bagage.controle - machine

69

Il cameriere sta consegnando il servizio in camera

De obert levert room service

70

Fare una tefefonata internazionale

Een intrrnationaal gesprek houden

71

Abbiamo trascorso le vacanze in un resort qui vicino

We hebben de vakantie van dit zomer doorgebracht OP een resort hier vlakbij

72

L aereo scende

Het vliegtuig daalt
Dalen
Verliezen hoogte

73

Fare il check in al bancone

Aan de balie inchecken

74

Un biglietto sola andata x arcore
Un biglietto andata e ritorno x roma

Een enkele reis Arcore, aub
Een retour Rome, aub

75

I cani sono, purche' legati al guinzaglio, ammessi.

Honden zijn, mits aangelijnd, toegestaan.
Toestaan ammettere all' entrata, tollerare, permettere

76

Garderen e dintorni

Garderen en omgeving

77

Riconosciuto come patrimonio dell umanita'

Erkend als wereld- erfgoed

78

L hotel

Het hotel

79

Fare il giro del mondo

Een wereld reis maken

80

La brochure

De brochure

81

Mezza pensione

Half pension

82

La gita

Het uitje

83

Il tappeto elastico
Il go kart
La bici da donna

De trampoline
De gokart of skelter
De damesfiets , herenfiets, kinderfiets

84

La prossima estate vado da solo!!

Volgend jaar ga ik zelf!!

85

Dichiarare

Aangeven

86

Ha qualcosa da dichiarare?

Heeft U iets aan te geven?

87

Equipaggiato.
Provvisto del necessario

Uitgerust, toegerust:
Geequipeerd : van het nodige voorzien (voorzien :aggettivo)

88

Chiedere informazioni
Telefonicamente
Per lettera
Via e mail

Informatie vragen
Telefonisch
Per brief
Via email

89

Provvedere al necessario
Procurarsi i viveri

Voorzien VAN het nodige,
Zich voorzien VAN de levensmiddelen

90

La tappa

De halte

91

Eccetto ciclisti e autorizzati

Met uitzondering van (MUV) fietsers en vergunning houders

92

Una esposizione (posizione)favorevole

Een gunstige ligging

93

La banda di distribuzione valige

De trasport.band

94

Evitare un pericolo

Ewn gevaar vermijden

95

Essere in vacanza
Andare in vacanza

Met vakantie zijn of gaan

96

Una gita di un giorno

Een dagje uit

97

La bici e' contro l'albero?
Si, la bici e' li' contro.

Staat de fiets tegen de boom?
Ja, hij staat ertegen.

98

Decollare
Atterrare

Opstijgen
Landen

99

Alzarsi con il gallo

Vroeg uit de veren zijn

100

La maschera sub

De duik.bril

101

Rimanere bloccato

Stranden

102

All' arrivo
Subito dopo l' arrivo
Dopo l' arrivo

Bij aankomst
Direct bij aankomst
Na aankomst

103

Campeggio

De kampeer.terrein

104

La tenda

De tent

105

La roulotte

De caravan

106

Il rimorchio

De aanhanger

107

Il sacco a pelo

De slaapzak

108

Spiacevole

Onaangenaaam

109

Il falo'

Het kamp.vuur
Het hout.blok

110

I fiammiferi
Le braci

De lucifers
Het smeulende vuur

111

La doccia

De duche

112

I servizi

De faciliteiten

113

La presa elettrica

De stop contact

114

La toilet chimica

De chemische toilet

115

Il picchetto

De hering

116

Il martello

De hamer

117

Accendere (fuoco)

Aanmaken

118

Alzare

Opzetten

119

Piantare la tenda

Zijn tent Opslaan

120

Tranquillo

Vredig

121

Il viaggio zaino in spalla
L ostello della gioventu

De reis met de rugzak

122

Il sacco a oelo

De slaap.zak

123

Il dormitorio

De slaapzaal

124

Il letto a castello

Het stepel.bed

125

I lenzuoli

Het bedden.laken

126

L alloggio

De onderkomen

127

Il turista collo zaino

De rugzak.toerist

128

Il bucato

Het wasgoed

129

Gli oggetti di valore

De kostbaar.heden

130

La gente del luogo

De lokale bevolking

131

Lo scarafaggio

De kakkerlak

132

Il giro dei pub

De kroegen.tocht

133

Trasportare (portare)

Dragen

134

Dare un passaggio

Een lift geven
"Split"

135

Girovagare

Rondtrekken

136

Deperibile

Bederfelijk

137

Liofilizzato

Gevriesdroogd

138

All aperto

Onder de vrije hemel

139

Sicuro contro gli orsi

Beveiligd tegen beren

140

Incontaminato

Ongerept

141

In avanscoperta

Op verkenning

142

Forare il biglietto (obliterare)

Het kaartje knippen

143

Avete uno sconto per
Famiglie?
Bambini? Anziani?
Gruppi?

Hebt U
Een korting voor
Gezinnen?
Kinderen? Senioren?
Groepen?
Hebt u kortingen?

144

Cerco il terminal per i voli nazionali/ inter

Ik zoek
De internationale terminal.
De terminal voor binnenlandse vluchten.

145

Oggetti smarriti

Gevonden voorwerpen

146

Aereo a reazione

Straal.vliegtuig

147

La stanchezza

De vermoeidheid

148

L avviso di maltempo e' passato

De waarschuwing voor
Extreem weer
Is voorbij.
Het ergste is voorbij.

149

Adattarsi

Zich
Gewend raken aan
Wennen aan
Aanpassen aan

150

Il camping e' troppo pantanoso

De camping is te drassig.

151

Il rallentamento
il ritardo

Vertraging

152

Un paesaggio brullo

Een ruw landschap

Pietra grezza

153

La torre inclinata di pisa

De scheve toren van pisa

154

Un sacco di gente

Een hoop mensen

155

Spegnere
Spengnersi

Doven

156

Atterraggio di emergenza

Nood.landing

157

Divertirsi

Vermaken
Hebben jullie je vermaakt?

158

Il turista
La turista

De turist
De turiste

159

Il passaporto
Il visto
La richiesya di visto

Het paspoort
Het visum
De visum.aanvraag

160

La sala
Il servizio in camera

De eetzaal
De roomservice

161

La colazione a buffet

Het ontbijt.buffet

162

L hotel a 5 stelle

Het
Vijf.sterren.hotel

163

La vista

Het uitzicht

164

Disturbare

Storen

165

La hall
Il portiere

De lobby
De portier

166

Il viaggio organizzato
Il gruppo
La guida
La bandiera
Il tour ooerator

De georganiseerde reis
De groep
De reisleider
De vlag
De touroperator

167

Il pullmann

De touring.car

168

Le attrazioni

De beziens.waardig.heden

169

Il la turista

De toerist

170

La cena

Het avondeten

171

Il giro

De tocht

172

L acconto

De aanbetaling

173

Il rimborso

De terug.betaling

174

In anticipo

Op voorhand

175

Essere incluso

Inbegrepen
Zijn

176

Itinerario

Het reis.plan

177

La cancellazione

De annulering

178

Affidabile , serio

Betrouwbaar

179

Il centro storico

Het oude stads.gedeelte

180

La lamentela

De klacht

181

Affidabile serio

Betrouwbaar

182

Avere fretta , affrettarsi

Zich haasten

183

La cancellazione

De annulering

184

Il centro storico

Het oude stads.gedeelte

185

La guida

De reisgids

186

L esperienza

De ervaring

187

Sporco

Vuil

188

La destinazione

De bestemming

189

L ostello

De jeugd.herberg

190

Il giro dei pub

De kroegen.tocht

191

La blatta

De kakkerlak

192

Girovagare

Rondtrekken

193

Il budget

Het budget

194

Il bucato

Het wasgoed

195

Indipendente

Onafhankelek

196

La popolazione locale

De lokale bevolking

197

Gli oggetti di valore

De kostbaar.heden

198

Il turista zaino in spalla

De rugzak.toerist

200

Perfetto compagno di viaggio

Perfekte reisgenoot

201

Viaggiare zaino in spalla

Back.packen

220

Stipulare un assicurazione di viaggio
Copertura dei costi medici

Reisverzekering afsluiten

Dekking van medische kosten

221

Alloggio
Ospitare

Onderkomen
Onderbrengen

222

Letto a castello

Het stapel.bed

223

Il prolungamento (rinnovo) della licenza

Dw verlenging
Van de
Vergunning

224

Campeggiare

Kamperen

225

Il terreno da campeggio

Het
Kampeerterrein

226

Il falo'

Het
Kamp.vuur

227

Accendere (fuoco)

Aanmaken

228

Fiammifero

De lucifer

229

Il sacco a pelo

De slaap.zak

230

La tenda

De tent

231

Montare (la tenda)

Opzetten

232

La doccia

De douche

233

La roulotte

De caravan

234

Scatoletta dei fiammiferi

Lucifers.doosje

235

Spiacevole

Onaangenaam

236

Tranquillo

Vredig

237

Tirare su (la tenda)

Opslaan

238

La brace

Het
Smeulende vuur

239

Il pezzo di legno

Het
Hout.blok

240

Il picchetto
Il martello

De haring
De hamer

241

La toilet chimica

Het
Chemische toilet (F)

242

La presa elettrixa

Het
Stopcontact

243

I servizi comuni

De faciliteiten

244

Pericoloso

Gevaarlijk

245

Pesante

Zwaar

246

Scarpe da trekking

Wandel.schoenen

247

Escursione

De trektocht

248

Lo zaino

De rugzak

249

Fare trekking

Wandelen

250

Portare (addosso)

Dragen

251

La carta igienica

Het
Toilet.papier

252

La vescica

De blaar

253

L avventura

Het
Avontuur

254

Il fungo

De padde.stoel

255

Incontaminato

Ongerept

256

Deperibile

Bederfelijk

257

Liofilizzato

Gevries.droogd

258

La guida turistica

De reis.leider

259

La natura selvaggia

De wildernis

260

La sopravvivenza

De overleving

261

A prova di orsi

Beveiligd
Tegen beren

262

All aperto

Onder de vrije hemel

263

La sanguisuga

De
Bloed.zuiger

264

L inquinamento

De vervuiling

Vervuilen
Vervuilende stof

265

Passare (il tempo)

Doorbrengen

266

Tutto e andato male
= ho avuto una serie di contrattempi

Alles
Zit
Tegen

Tegenzitten

267

Sperare nel bel tempo

Ik hoop op
Mooi weer

268

Ognissanti
Natale e capodanno
L ultimo dell anno
Le vacanza invernali : Carnevale
Pasqua

Allerheilingen
Kerstmis en nieuwjaar
Oudejaars.avond.
Krokusvakantie en carneval
Pasen

269

Per quanto stai via?

Hoelang
Blijf je weg?

270

L itinerario

Het reisplan

271

Adeguarsi a
Adattarsi a

Zich schikken naar

272

All aperto, sotto le stelle

In de openlucht, onder de sterren

273

Alloggio, rifugio, "sede"

Het Onderdak
Onderdak vinden

274

L allerta turisti rimane invarato
Il progetto e' invariato

De reisadvies /
Het plan
Is ongewijzigd

275

Una bottiglia di latte per il viaggio

Een vles melk voor onderweg

276

Il budget e' illimitato

Het budget
Is
Onbeperkt!

277

Siamo tutti in vacanza

Wij zijn
Op z'n allen
Op ons allen
Op vakantie

278

Prendere qualche giorno di vacanza

Snipperen

279

Asciugamano da spiaggia

Strand.handdoek

280

Lampadina tascabile

Zak.lantaarn

281

Il museo merita una visita

Het museum is
Een bezoek waard

282

Diretti verso sud

Richting het zuiden

283

Lontano dal mondo abitato

Ver van de bewoonde wereld

284

Soffrire il caldo

Last hebben van de warmte

285

Lasciare assen

Verlaten assen