kunst Flashcards Preview

Parole > kunst > Flashcards

Flashcards in kunst Deck (237):
1

il dipinto

het schilderij

2

la fotografia (arte)

de fotografie

3

la foto

de foto

4

la galleria

de galerie

5

dipingere

schilderen R

6

l'artista

de kunstenaar

7

l'artista donna

de kunstenares

8

bianco e nero

Zwart wit

9

il disegno

de tekening

10

la cornice

de lijst

11

appendere

ophangen IR

12

il ritratto

het portret

13

il paesaggio

het landschap

14

astratto

abstract

15

il colore a olio

de olieverf

16

l'acquerello

de aquarel

17

il rullino

de film

18

la stampa (riproduzione)

de afdruk

19

l'arte moderna

de moderne kunst

20

il pennello

het penseel

21

artistico

artistiek

22

la natura morta

stilleven

23

il nudo

naakt

24

l' affersco

het fresco

25

la stampa

de prent

26

il disegnatore

de tekenaar

27

la pagina

de bladzijde

28

il libro

het boek

29

la letteratura

de literatuur

30

la storia

het verhaal

31

la poesia

het gedicht

32

la favola

het sprookje

33

la fiction

de fictie

34

leggere

lezen IR

35

il tascabile

de poket

36

l'autore

de auteur

37

in rima

rijmen

38

il classico

de klassieker

39

la traduzione

de vertaling

40

l' ebook

de ebook

41

la novella o la storia breve

de novelle

42

leggere superficialmente

vluchtig doorlezen IR

43

il romanzo

de roman

44

complicato

ingewikkeld

45

il genere

het genre

46

D chi e il tuo scrittore preferito

D wie is jouw favoriete schrijver

47

il teatro

het theater

48

l'attore

de acteur

49

l'attrice

de actrice

50

il pubblico

het publiek

51

l'atto

het bedrijf

52

l'opera teatrale

het toneelstuk

53

la platea

de stalles

54

il proiettore

de spotlight

55

il musical

de musical

56

drammatico

dramatich

57

assistere

bijwonen R

58

il varietaa

het variete

59

il sipario

het doek

60

la compagnia teatrale

de toneelgezelschap

61

l'ovazione

de staande ovatie

62

il regista

de regisseur

63

la regista

de regisseuse

64

il drammaturgo

de toneelschrijver

65

la drammaturga

de toneelschrijfster

66

la pausa

de pauze

67

applaudire

applaudisseren R

68

fare buuu

boe roepen riep geroepen

69

il ruolo principale

de hoofdrol

70

una grande offerta culturale

een groot cultureel aanbod

71

l'anfiteatro

het amfitheater

72

l'evento

het evenement

73

divertire il pubblico

vermaken R

74

applaudire

applaudisseren

75

bianco e nero

Zwart wit

76

artistico

artistiek

77

il disegnatore

de tekenaar

78

il museo

het museum

79

il visitatore

de bezoeker

80

la visitatrice

de bezoekster

81

la mostra o esposizione

het tentoonstelling

82

la vetrinetta

de vitrine

83

l'artigianato

de ambacht

84

la scultura

de beeldhouwwerk

85

il fossile

het fossiel

86

stare in fila

in de rij staan IR

87

dare uno sguardo

rondkijken

88

il capolavoro

het meesterwerk

89

il curatore

de conservator

90

la curatrice

de conservatrice

91

la sala di esposizione

de tentoonstellingszaal

92

la ceramica

de keramiek

93

il surrealismo

het surrealisme

94

il pezzo da collezione

het tentoongestelde stuk

95

il prezzo di ingresso

de toegangsprijs

96

la collezione

de collectie

97

l'audioguida

de audiogids

98

esaminare

onderzoeken IR

99

istruttivo

leerzaam

100

visitare

bezoeken

101

osservare

bekijken

102

la musica

de muziek

103

il musicista

de muzikant

104

la musicista

de muzikante

105

il reggae

de reggae

106

la techno

de techno

107

il pop

de pop

108

classica

klassiek

109

cantare

zingen IR

110

il gruppo musicale

de band

111

la nota

de noot

112

il cantante

de zanger

113

la cantante

de zangeres

114

l'orchestra

het orkest

115

lo strumento

het instrument

116

la chitarra

de gitaar

117

il violino

de viool

118

il pianoforte

de piano

119

il tamburo

de trommel

120

il disco

de grammofoonplat

121

il player da mp3

de mp3speler de discman

122

melodioso

melodieus

123

D Suoni uno strumento?

bespeel jij een instrument?

124

D quale bend ascolti piu volentieri?

welke bands hoor je graag?

125

D vieni al concerto con me ?

ge je met mij mee naar het concert?

126

la chiesa

de kerk

127

la chiesa antica

de oude kerk

128

la chiesa nuova

de nieuwe kerk

129

la fondazione

het ontstaan

130

la facciata anteriore

de gevel of de voorgevel

131

la facciata laterale

de zijgevel

132

la facciata posteriore

de achtergevel

133

la navata centrale

het middenschip

134

il coro

het koor

135

il transetto

het transept

136

la pianta

de plattegrond

137

il campanile o la torre

de toren

138

l'altare

het altaar

139

le navate laterali

de zijbeuken

140

Carmen mette la musica piu' bassa perche' ha mal di testa.

Carmen zet de muziek zacher want zij heeft hoofdpijn.

141

Mio fratello vuole andare al cinema perche' ci fanno un bel film.

Mijn broer wil naar de bioscoop want er draait een goede film.

142

Orchestra
Coro

Orkest
Koor

143

Restauro

Herstel

144

Il flashLa luce flashFare una foto col flash

De flitsDe flits.lichtFlitsen

145

Modellare

Modelleren

146

Raffigurare, rappresentare

Uitbeelden
Il quadro rappresenta...

147

La scena, il quadro

La sceneggiatura
Lo sceneggiatore

Het tafereel , De Scene
Het scenario

De scenarioschrijver

148

L interesse dei lettori

De aandacht van de lezers

149

L asta
Il battitore

De veiling
De veiling .meester

150

Collezionista

Verzamelaar

151

Mobili antichi (arredamento)
Design
Designer

Antiek meubilair (het)
Design
Ontwerper

152

Su commissione di

In opdracht van

153

Modellare

Plasmare

Boetseren

Botsen tegen (scontrarsi)

Kneden

154

Aprire la strada
Essere all avanguardia

Voor.oplopen

155

La tiratura

De oplage

156

Casa d asta

Het Veiling.huis

157

Immedesimarsi

Zich inleven

158

Rappresentare

Afbelden

Il pittore rappresenta la regina come...una donna che...

159

Film dell orrore

Griezel. Film

160

Raffigurazione , immagine

Afbelding

161

Ritrarre
Ritrarre un paesaggio

Una persona e' raffigurata come

Afbelden
Een landaschap afbelden

De koning wordt afgebeld als...een man die...

162

Rappresentare , raffigurare
L affresco
Rappresenta , raffigura
Il mito di odisseo

Uitbeelden

Het fresco
Beeldt
De mythe van Odysseus UIT

163

Impedire l ingresso , respingere

De ingang weigeren

164

L araldica
La contea

Het wapen
Het graaf.schap

165

L introduzione di un testo
Il contenuto

De inleiding van een tekst.
De inhoud.

166

Suonare uno strumento

Een instrument bespelen

167

Lo scenario

Het decor

168

Stroncare

Afmaken

169

Gli spettatori

De kijkers

170

L origine

De oorsprong

171

Che film danno stasera?

Welke film
Draaien
Vanavond?

172

C e' uno spettacolo Pomeridiano?

Is er
Een
Matinee voorstelling?

173

Vm 18
Film muto

Film voor boven de achttien
Stomme film

174

Interpretare il ruolo principale

De hoofdrol spelen

175

Un personaggio storico magnifico

Een geweldig historisch personage.

176

Una scena commovente

Een aandoenlijk tafereel
Het tafereel

177

Scusi,
E ' occupato questo posto?

Excuseer mij,
Is deze plaats
Bezet?

178

Svolgersi , essere ambientato

Zich afspelen

179

Trattare ampiamente di

Uitvoerig
Gaan over

180

Un libro avvincente
Una partira avvincente

Een boeiend boek
Een boeiende wedstrijd

181

E ' coi sottotitoli in inglese?

Is het met
engelse ondertitels?

182

L evento avra' luogo ...

Het evenement
Vind plaats in...

183

Lo spettacolo

De voorstelling

184

Faticoso, impegnativo

Ingespannen

185

Il cartone animato
Il libro illustrato

De tekenfilm
Het prentenboek

186

Il suo modo di pensare

Zijn manier van denken

187

Leggere per qualcuno
Leggere ad alta voce
Ad alta voce, forte

Voorlezen aan
Uitlezen
Hardop

188

Il museo
La vetrinetta

Het museum
De vitrine

189

L artigianato

De ambacht

190

L avvenimento avra' luogo...

het evenement vindt plaats in...

191

L esposizione
La collezione
Il pezzo

De tentoon.stelling
De collectie
Het stuk

192

Il direttore del museo

De conservator

193

La scultura

Het beeld.houw.werk

194

Visitare
Osservare / esaminare
Curiosare

Bezoeken
Onderzoeken
Rondkijken

195

Recitare
Immedesimarsi
Spontaneo
Fare fiasco

Acteren
Zich inleven
Spontaan
Floppen

196

Il pubblico
La platea
Applaudire

Het publiek
De stalle
Applaudisseren

197

Il suo ultimo folm e' stato un fiasco

Zijn laatste film is geflopt

200

La citazione
Citare

Het citaat
Citeren

201

Ceramica di delft

Delfts aarde.werk

202

Un film pauroso

Een enge film

203

Tenere una conferenza
Antologia

Een lezing geven of houden
Bloomlezing

204

(Libro) spesso o sottile

Dik of dun

205

Sfogliare

Doorbladeren

206

Rappresentare (teatro)
eseguire (musica)

Uitvoeren
Zij voeren
een toneelstuk / een ballet
uit

207

Una panoramica , una visione d insieme

Overzicht

208

Un quadro globale

Een globaal beeld

209

Pompei e' ben preservata

Pompeii is wel bewaard
Bewaren

210

La chiesa si trova nel vaticano

De kerk is in het Vaticaan gelegen

211

Una chiesa costruita in stile architettonico barocco

Een kerk
Opgetrokken in
Barok architectuur
Uit ruwe steen
Optrekken

213

Istruttivo

Leerzaam

214

Il costo del biglietto

De toegangs.prijs

215

Mettere a fuoco

Scherp stellen

216

Le vetrate

Kerk.raam

217

Recitare

Spelen

218

Essere ambientato

Spelen in
De comedie speelt in de 15ste eeuw.

219

Andare a finire
positivamente
Nel modo sbagliato
Nel migliore dei modi

Uitpakken
Positief
Verkeerd
Zo goed mogelijk

220

I lettori

De lezers
De aandacht vervangen

221

Un film del 1970 diretto da

Een dramafilm uit 1970
Geregisseerd door

222

Adattare per lo schermo iil libro xy

Verfilmen het boek

223

Quanto dura lo show?
Il numero del posto
Dove e' il bagno?

Hoe lang duurt de show?
Het plaats.nummer
Waar is het toilet?

224

Film
Di avventura
Horror
D amore
Poliziesco
Di guerra

Avonturen film
Griezel film
Lifdes film
Detective film
Oorlogs film

225

Film
Storico
Politico

Historische film
Politieke film

226

Documentario
Cartone animato

Documentaire
Teken.film

227

Film
NL
Lingua originale
Sortotitoli
Pubblicita'

(NL)
(OV) originele versie
Ontertitels
Reclames

228

Sala cinematografica
Fila
Poltrona

Zaal
Rij
Stoel

229

Suonare
Un aria
Una improvvisazione
Al piano

Een deuntje
Een improvisatie

Op de piano
Spelen

230

Accompagnare al pianoforte

Op de piano
Begeleiden

231

Un libro a fumetti
Supereroe

Een streep.boek
Super.held

232

Stroncare

Afkraken

233

Scena di sesso
Vulnerabile

Vrijscene
Kwetsbaar

234

Un film lento e noioso

Een trage en saaie film

235

Esibirsi, apparire (performace artistica)

Optreden

236

Modello, disegno (arti figurative)

Het patroon

De patroon , il patrono

237

Formato (fogli)

Formaat

238

Scarabocchiare

Gedachteloos tekenen
Krabbelen
Droedelen

239

Il cantante
La cantante

De zanger
De zangeres

240

Famoso in tutto il mondo

Wereld.beroemd