TW23 A2 Flashcards Preview

Thematische woordenschat > TW23 A2 > Flashcards

Flashcards in TW23 A2 Deck (120)
Loading flashcards...
1

De labrador is een … hond.

soort

2

De dolfijn … tot de zoogdieren.

behoort

3

enzovoort = … …

et cetera

4

Het is … groot … dat je komt morgen. Je moet de speech geven!

van (groot) belang

5

Myriam … veel … aan mode. Ze wil elke dag shoppen!

hecht (veel) belang (aan)

6

De … bewoners van deze stad waren Chinezen, nu is dat niet meer zo.

oorspronkelijke

7

Vertel me alles in … ! Ik wil alles weten!

detail

8

Dirk en Pieter zijn broers. Ze … heel hard op elkaar!

lijken

9

Omdat de studenten snel hun concentratie verliezen, is het belangrijk om … te … tijdens de les.

af (te) wisselen

10

het maximum >

het minimum

11

Het is superkoud! Het is … 2 graden celcius.

hoogstens

12

hebben = …

bezitten

13

Ciska en Paul praten over de les. = Ciska en Paul … het … de les.

hebben (het) over

14

Mag ik dat fototoestel … ? Ik wil het graag hebben!

houden

15

De … van dit café had vroeger ook een restaurant.

eigenaar

16

mijn = .'.

m'n

17

omdat = daar = …

aangezien

18

Ik zeg dat … je … helpen.

om (je) te (helpen)

19

wegens = door = …

vanwege

20

… mijn nieuwe bril kan ik veel beter lezen!

Dankzij

21

omdat = …

doordat

22

Als … … de klimaatveranderingen, zijn er nu warme winters.

gevolg van

23

Ik reis altijd met de trein. Om … … heb ik mijn auto verkocht.

die reden

24

daarom = …

vandaar

25

de conclusie = …

het besluit

26

Hij voelde zich ziek en bleef … ook thuis.

dan

27

Dana deed het licht uit, … we niets meer zagen!

zodat

28

Ik ga vooraan zitten, … ik alles goed kan horen en zien.

opdat

29

daardoor = …

zodoende

30

Lies begon … te huilen. Zonder reden!

zomaar