TW25 A2 Flashcards Preview

Thematische woordenschat > TW25 A2 > Flashcards

Flashcards in TW25 A2 Deck (36):
1

een = …

'n

2

het = ...

't

3

… voor weer wordt het vandaag? -Het wordt koud!

Wat

4

Je resultaten waren niet goed, … betekent dat je niet geslaagd bent.

hetgeen / wat

5

Jamie is … die dat gezegd heeft.

degene

6

o.a. = … …

onder andere

7

Dat is onze leeraar niet, dat is … anders.

iemand

8

Ik hou van jou, en van … anders.

niemand

9

ik wil met geen van de twee op vakantie = ik wil met … van … op vakantie!

geen (van) beiden

10

dergelijk = …

zodanig

11

zoiets = iets …

dergelijks

12

Stenen gooien naar Margaux? … mag je niet doen!!

Zoiets

13

… mijn moeder … mijn vader houden van muziek.

Zowel (...) als (...)

14

Babs was een … … twee ziek.

(een) dag of (twee)

15

Ik ga met de fiets. Het is … mooi weer!

immers

16

Nico belt je … iets … vragen.

om (iets) te (vragen)

17

… ik studeer, betaalt mijn moeder alles.

Zolang

18

Je kunt een beurs krijgen op … … je goede punten haalt.

voorwaarde dat

19

als dat niet gebeurt = … …

zo niet

20

ook = tevens = …

eveneens

21

We hebben nog een oefening gemaakt, maar we hadden … kunnen stoppen.

evengoed

22

althans = …

tenminste

23

hoewel = ofschoon = …

alhoewel

24

maar = …

echter

25

… de regen ging de wedstrijd door.

Ondanks

26

en evenmin =

noch

27

... meer je studeert, … meer je weet.

Hoe (...) hoe (...) / Des te (...)

28

… we vertrekken, moet ik eerst nog even iets pakken.

Voordat

29

Ik zal wachten … je klaar bent.

totdat

30

… hij gegeten had, ging hij douchen en naar bed.

Nadat

31

Er wordt gezegd dat = ... ... ...

Naar het schijnt

32

Het jongetje keek … hij het niet begreep.

alsof

33

Zij heeft blond haar en bruine ogen, net … ik.

zoals

34

Ik ruim alles nu alvast op, … ik dat straks niet meer hoef te doen.

zodat

35

Anne is … ziek … ze vandaag niet naar de les kan komen.

zo (ziek) dat

36

De politie heeft de man meegenomen, … ze hem kunnen ondervragen.

zodat